managing21.be

Managing21: een blik op het heden en de toekomst van de economie.

Duurzame economie realiseerde voorbije decennium rendement van 198 procent

Posted by managing21 on juli 11th, 2024

Ondernemingen uit de duurzame economie hebben de voorbije tien jaar een totaal marktrendement van 198 procent laten optekenen. Alleen de technologiesector kon een beter cijfer melden. Dat blijkt uit een rapport van de London Stock Exchange Group. De duurzame economie – die zijn inkomsten genereert uit hernieuwbare energie en mijnbouw en de verwerking van kritieke mineralen – heeft volgens het rapport een marktkapitalisatie van 7,2 biljoen dollar. De sector kon daarbij het voorbije decennium een jaarlijkse groei van 14 procent gemeld. Wel wordt gewaarschuwd dat handelsspanningen en tarieven de duurzame energiesector in de toekomst zouden kunnen afremmen.

Het rapport wijst erop dat de waarde van de duurzame economie aanzienlijk sneller is gegroeid dan de bredere markt. De marktkapitalisatie van de duurzame economie heeft het voorbije decennium een jaarlijkse groei van 13,8 procent gemeld, terwijl op de totale aandelenmarkt een gemiddelde stijging van 8,3 procent werd genoteerd. Indien duurzaamheid op zichzelf als een industriële sector zou worden bestempeld, zou hij naar omvang wereldwijd op de vierde plaats staan. De inkomsten uit de duurzame economieën lieten bovendien het voorbije decennium een jaarlijkse gemiddelde groei met 7,6 procent registreren, tegenover een gemiddelde van 5,3 procent voor de bredere markt.

De duurzame economie heeft inmiddels een marktwaarde van 7,2 biljoen dollar. – Foto: Pixabay/Mino Park

“Hoewel de duurzame economie op de lange termijn beter heeft gepresteerd, moet er worden genoteerd dat de prestaties van de sector sinds het begin van dit decennium door een sterke volatiliteit werd gekenmerkt”, merken de onderzoekers op in een commentaar op de studie. “Dat fenomeen is gedreven door een combinatie van factoren, waaronder verstoringen in de toeleveringsketen, kosteninflatie, hogere rentetarieven, geopolitieke fragmentatie en duurzame protectionisme. Na een snelle marktgroei in 2020 en 2021 liet de marktkapitalisatie van de duurzame economie in 2022 een aanzienlijke vertraging optekenen. De markt herstelde zich en liet vorig jaar opnieuw betere prestaties optekenen. De sector vertegenwoordigt nu 8,6 procent van het wereldwijde marktkapitaal. Daarmee bleef de duurzame economie net onder het record dat in 2021 werd gerealiseerd.”

Verder wordt opgemerkt dat binnen de duurzame economie de industrie van het energiebeheer de voorbije vijf jaar de best presterende sector was. De activiteit kon daarbij een jaarlijkse groei van 17 procent melden, gedreven door de kostenefficiëntie van de oplossingen voor energie-efficiëntie. Hernieuwbare en alternatieve energieën – die kunnen worden omschreven als het meest zichtbare gebied van de circulaire economie en een aandachtsgebied voor veel duurzame thematische beleggingsproducten – door druk op de winstgevendheid recent ondermaats heeft gepresteerd, ondanks de sterke cijfers voor de installatie van hernieuwbare energieën.

Digitale technologieën

Een van de belangrijkste potentiële stimulansen voor de prestaties van de duurzame economie is volgens het rapport de groei van digitale technologieën, waarbij vooral verwezen wordt naar kunstmatige intelligentie en datacenters. “Dit moet worden gelinkt aan de inspanningen van grote technologiebedrijven om hun ecologische voetafdruk te verkleinen”, wordt er opgemerkt. “Het elektriciteitsverbruik van de datacenters kende tussen 2005 en 2022 nagenoeg een vervijfvoudiging en zal tegen 2026 alweer bijna een verdubbeling laten optekenen.”

“Verschillende grote technologiebedrijven hebben recent acties ondernomen om de uitstoot van dit groeiende energieverbruik aan te pakken”, wordt in het rapport benadrukt. “Amazon is de grootste inkoper van hernieuwbare energie geworden, gevolgd door Meta, Microsoft en Google. De technologiebedrijven investeren verder ook in een aantal oplossingen, zoals kernfusie en waterstof, om hun ecologische impact te verminderen.”

De onderzoekers merken verder nog op dat vele economische sectoren in duurzaamheid investeren. “In ongeveer een derde van de sectoren vertegenwoordigen duurzame activiteiten meer dan 10 procent van de totale waarde”, wordt er aangevoerd. “De autosector staat daarbij met een score van 42 procent op de eerste plaats. Die prestatie wordt gedragen door de productie van elektrische voertuigen en batterijen. Op de tweede plaats volgt de nutssector (33 procent), waarbij vooral hernieuwbare energie de belangrijkste duurzame activiteit bleek. Daarna volgen de bouwindustrie (23 procent), chemie (23 procent), chemie (14 procent), industriële goederen en diensten (14 procent), technologie (11 procent), vastgoed (10 procent) en basisvoorzieningen (10 procent).

Het rapport wijst erop dat de duurzame economie in het algemeen op rooskleurige vooruitzichten kan rekenen, maar waarschuwt dat er een aantal hinderpalen zijn die de aanhoudende groei van de aandelen en het tempo van de energietransitie zouden kunnen afremmen. “Er moet daarbij onder meer gewezen worden naar handelstarieven die de uitrol van duurzame energietechnologieën kunnen vertragen”, beklemtoonde Jaakko Kooroshy, bij de London Stock Exchange Group verantwoordelijk voor duurzaam beleggingsonderzoek. “Stimuleringsmaatregelen van de Europese Unie en de Verenigde Staten voor de productie van duurzame energie in eigen land zullen de groei ondersteunen, maar de heffingen op elektrische voertuigen uit China kunnen de doelstellingen op het gebied van duurzame energie ondermijnen en tot grotere handelsconflicten leiden.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in milieu, technologie | Reacties uitgeschakeld voor Duurzame economie realiseerde voorbije decennium rendement van 198 procent

Uitbouw digitale economie gaat ten koste van leefmilieu

Posted by managing21 on juli 11th, 2024

De uitbouw van de digitale economie gaat ten koste van het leefmilieu. Die waarschuwing staat in een rapport van United Nations Conference on Trade and Development (Unctad). Daarbij wordt onder meer gewezen naar de gigantische datacenters, die enorme hoeveelheden water en energie verbruiken. Er moeten volgens de organisatie dan ook duurzame strategieën worden ontwikkeld om de toenemende gevolgen van de digitalisering – vooral in ontwikkelingslanden – tegen te gaan.

De digitalisering wakkert de wereldwijde economische groei aan, maar de gevolgen voor het leefmilieu worden steeds ernstiger”, werpt Antonio Guterres, secretaris-generaal van de Verenigde Naties, op. “De digitalisering gaat razendsnel en verandert levens en bestaansmiddelen. Tegelijkertijd dreigt een ongereguleerde digitalisering mensen achter te laten en de problemen voor het leefmilieu en het klimaat te verergeren.” Guterres waarschuwde dat de toegenomen afhankelijkheid van digitale hulpmiddelen een directe impact heeft op het milieu, omdat ze grondstoffen uitputten, water en energie verbruiken, luchtvervuiling veroorzaken en afval genereren. “Dit probleem wordt nog versterkt door opkomende technologieën zoals kunstmatige intelligentie”, gaf Guterres aan.

Datacenters vormen een belangrijke factor in de klimaatverandering. – Foto: Pixabay/Brian Penny

Er zijn slechts beperkte data beschikbaar over de impact van de artificiële intelligentie op het leefmilieu. Rebeca Grynspan, secretaris-generaal van de Unctad, richtte zich tot de grootste technologiebedrijven van de wereld om in de strijd tegen de negatieve gevolgen van de digitalisering het voortouw te nemen en daarbij door gestandaardiseerde gegevens te produceren. 

Google meldde onlangs dat zijn uitstoot van broeikasgassen de voorbije vijf jaar met 48 procent is gestegen. Die stijging wordt vooral toegeschreven aan de energievoorziening van de datacenters die de activiteiten op het gebied van artificiële intelligentie ondersteunen. Ook in het laatste duurzaamheidsrapport van Microsoft werd gemeld dat het bedrijf vorig jaar 29 procent meer broeikasgassen had uitgestoten dan in het begin van dit decennium. Google en Microsoft hebben elk beloofd om aan het eind van dit decennium klimaat te zullen opereren..

De Amerikaanse investeringsbank Goldman Sachs kondigde eveneens recent aan dat de belofte van generatieve artificiële intelligentie de grote technologiebedrijven ertoe aanzet om de volgende jaren naar schatting 1 biljoen dollar – onder meer in datacenters, chips en andere infrastructuur – te investeren. Maar deze uitgaven hebben tot nu toe weinig opgeleverd. Er rijzen dan ook vragen of deze grote uitgaven ooit zullen renderen in termen van voordelen en rendementen.”

Bitcoin

Shamika Sirimanne, bij de Unctad directeur voor technologie en logistiek, wierp op dat de vraag waarvoor artificiële intelligentie moet worden gebruikt – voor het algemeen belang of voor zoekmachines, marketing of het verkopen van t-shirts – nog niet is gesteld. “Maar voordat het te laat is, moet dat gesprek wel worden aangegaan.”

In het rapport van Unctad staan enkele voorbeelden vermeld van de gevolgen die de digitale economie voor het leefmilieu heeft. Onder meer wordt opgemerkt dat industrieën van informatie en communicatie begin dit decennium een uitstoot tussen 0,69 gigaton en 1,6 gigaton koolstofdioxide veroorzaakte. Dat vertegenwoordigt tussen 1,5 procent tot 3,2 procent van de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen, wat overeenkomt met de emissies van het luchtvervoer of de scheepvaart. Nog wordt aangegeven dat voor de productie van een computer van 2 kilogram ongeveer 800 kilogram grondstoffen nodig zijn. Verder wordt nog benadrukt dat de vraag naar kritieke mineralen zoals grafiet, lithium en kobalt tegen het midden van deze eeuw met 500 procent zou kunnen stijgen.

Datacenters verbruikten twee jaar geleden 460 terawattuur elektriciteit, maar dat zal naar verwachting over twee jaar verdubbeld zijn. Nog volgens het rapport is het elektriciteitsverbruik van datacenters in Ierland tussen 2015 en 2022 meer dan verviervoudigd en nu 18 procent vertegenwoordigt van het totale elektriciteitsverbruik van het land. Dat cijfer zou tegen volgens ramingen tegen 2031 kunnen stijgen tot 28 procent. Het wereldwijde energieverbruik voor het delven van bitcoin, de meest prominente cryptomunt is tussen 2015 en 2023 ongeveer 34 keer verhoogd en bedraagt naar schatting 121 terawattuur.

“Dat volume ligt hoger dan het totale verbruik van landen zoals België en Finland”, verduidelijkte Grynspan. “Dit kan niet als een marginaal verschijnsel worden beschouwd. De digitalisering is een welkome en noodzakelijke motor voor wereldwijde economische groei, maar we moeten die ontwikkeling op een inclusieve en duurzame manier aanpakken. Omdat de snelle digitalisering de bezorgdheid over het leefmilieu doet toenemen, is het nu dringender dan ooit om het juiste beleid te kiezen, zodat de ecologische impact van die activiteiten optimaal kunnen worden beheerd.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in milieu, technologie | Reacties uitgeschakeld voor Uitbouw digitale economie gaat ten koste van leefmilieu

Investeringen lidstaten Navo stimuleren de klimaatverandering

Posted by managing21 on juli 11th, 2024

De lidstaten van de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie (Navo) hebben het voorbije jaar in totaal 1,34 biljoen dollar geïnvesteerd. Dat betekent een stijging met 126 miljard dollar tegenover het jaar voorzien. Dat is de conclusie van een rapport van de organisaties Transnational Institute, Tipping Point North South en Stop Wapenhandel. De onderzoekers waarschuwen daarbij dat deze militaire budgetten een negatieve impact hebben op het klimaat. Gezamenlijk zouden de lidstaten van de militaire alliantie het voorbije jaar 233 miljoen ton broeikasgassen hebben geproduceerd. Daarmee is de Navo een grotere vervuiler dan een aantal landen.

“Het onderzoek toont dat militaire uitgaven de uitstoot van broeikasgassen verhogen, cruciale financiering voor de klimaatactie afleiden en zorgen voor een consolidatie van een wapenhandel die instabiliteit voedt”, wordt in het rapport aangevoerd. “Militaire uitgaven hebben de neiging om veel energie te verbruiken. Vliegtuigen verbruiken enorme hoeveelheden fossiele brandstoffen, net zoals militaire bases en logistieke centra. Militair materieel moet bovendien regelmatig worden bediend en onderhouden om gevechtsklaar te blijven. Dat alles brengt vervuiling met zich mee. Die vervuiling ligt zelfs hoger dan de broeikasgassen die door landen zoals Colombia of Qatar worden uitgestoten.”

De militaire alliantie Nato heeft het voorbije jaar 233 miljoen ton broeikasgassen geproduceerd. – Foto: Nato

“Tegen het einde van dit decennium moeten we de uitstoot radicaal verminderen”, zegt Nick Buxton. “Maar de grootste investering die wereldwijd – zeker in de Navo – moet worden geleverd – in een beperking van de militaire uitgaven, die de milieuproblemen vaak nog verergeren. De Navo telt 32 lidstaten. Daarmee verzamelt het militaire bondgenootschap amper 16 procent van alle landen in de wereld. Vorig jaar waren die lidstaten echter gezamenlijk 55 procent van de totale militaire uitgaven ter wereld. De Verenigde Staten alleen nemen meer dan tweederde van de uitgaven van het bondgenootschap voor hun rekening.”

Klimaatakkoorden

De toegenomen militaire uitgaven van de lidstaten van de Navo zullen nog eens 31 miljoen ton broeikasgassen in de atmosfeer brengen. Dat vertegenwoordigt een stijging van ongeveer 15 procent. Dat is het equivalent van de uitstoot van 6,7 miljoen auto’s. De Verenigde Staten – wiens leger al de grootste institutionele producent van broeikasgassen in de wereld is – waren met een militaire budgetverhoging van 55 miljard dollar verantwoordelijk voor het grootste deel van de stijging, gevolgd door Polen (16 miljard dollar), het Verenigd Koninkrijk (10,9 miljard dollar) en Duitsland (10,7 miljard dollar).

“Indien alleen al de stijging van de militaire uitgaven van de Navo zou worden omgebogen naar een positieve klimaatactie, zou de minimale klimaatfinanciering voor ontwikkelingslanden, zoals voorgesteld tijdens de klimaatonderhandelingen van de Verenigde Naties dit jaar, volledig kunnen worden gedekt”, wordt in het rapport opgemerkt. “Alle strijdkrachten in de wereld produceren minstens 5,5 procent van alle vervuiling die de aarde opwarmt. Dat is meer dan de totale ecologische voetafdruk van Japan.”

Het Intergovernmental Panel on Climate Change van de Verenigde Naties zegt dat de wereld de uitstoot tegen eind dit decennium met 43 procent moet verminderen om de ambitieuzere doelen van de Klimaatakkoorden van Parijs te halen. Om dat doel te bereiken moet de militaire uitstoot volgens de onderzoekers jaarlijks met minstens 5 procent worden verminderd. “Maar de lidstaten van de Navo gaan de verkeerde kant op”, merken de onderzoekers op. “De alliantie heeft vorig jaar een blijvende toezegging gedaan om ten minste 2 procent van hun nationale budgetten in hun leger te investeren. Verwacht wordt dat tweederde van de lidstaten die doelstelling dit jaar zal halen of overtreffen, tegenover slechts zes landen drie jaar geleden.”

Veiligheid

Defensiespecialisten noemen die investeringen noodzakelijk voor de veiligheid. Maar de onderzoekers werpen op dat deze inspanningen een tol eisen van de maatschappij door de opwarming van de aarde te stimuleren en financiële middelen van klimaatfinanciering af te leiden. Indien alle leden de doelstelling van 2 procent halen, zullen ze over vier jaar evenveel extra broeikasgassen veroorzaken als de jaarlijkse productie van Rusland. De extra militaire middelen – naar schatting 2,57 miljard dollar – zouden volgens schattingen van het United Nations Environment Programme (Unep) voldoende zijn om de kosten voor klimaataanpassing van landen met een laag en middelmatig inkomen gedurende zeven jaar te dekken.

“De echte begunstigden van de oplopende defensie-uitgaven zijn de wapenfabrikanten, die van de militaire alliantie een aantal beloftes voor investeringen heeft ontvangen”, merken de onderzoekers op. “De groei van de militaire budgetten wordt niet altijd onmiddellijk in de inkomsten en winsten van wapenfabrikanten weerspiegeld, want de productie en aankoop van het materieel kan vele jaren in beslag nemen. Het voorbije jaar nam de orderportefeuille van de tien grootste wapenfabrikanten van de wereld – waaronder Lockheed Martin, RTX Corporation en Northrop Grumman, gemiddeld met meer dan 13 procent toe. Dat is een indicatie voor de aankomende recordwinsten van de sector.”

“Er wordt nog opgemerkt dat er wel enkele milieubeschermende maatregelen werden genomen om de vervuiling door de wapenindustrie in te dammen, maar vooral in de Verenigde Staten en Europa worden deze regels steeds vaker terzijde geschoven wanneer ze worden bestempeld als een belemmering voor het verhogen van de productie”, geven de onderzoekers nog aan. De Navo heeft beloofd om tegen het midden van deze eeuw klimaatneutraal te opereren. “Toch is het vergroenen van de militaire operaties geen goede optie”, wordt er nog aangevoerd. “Er bestaat geen realistische alternatieve energiebron die tegen het midden van deze eeuw fossiele brandstoffen op grote schaal kan vervangen. Het verhogen van de defensie-uitgaven creëert ook een meer gemilitariseerde wereld in een tijd waarin meer samenwerking en vrede nodig is.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in milieu, politiek, technologie | Reacties uitgeschakeld voor Investeringen lidstaten Navo stimuleren de klimaatverandering

Kwart muziekproducenten werkt met kunstmatige intelligentie

Posted by managing21 on juli 10th, 2024

Een kwart van de muziekproducenten maakt voor zijn werk inmiddels gebruik van kunstmatige intelligentie, hoewel een aanzienlijke meerderheid – uit angst om de creatieve controle te verliezen – tekenen van weerstand tegen de technologie vertoont. Dat blijkt uit een onderzoek van de muziekdienst Tracklib, leverancier van gelicentieerde samples die bij muziekproductie kunnen worden gebruikt, gebaseerd op een enquête bij 1.107 muziekproducenten.

Uit het onderzoek bleek dat 25 procent van de respondenten inmiddels bij de muziekproductie op kunstmatige intelligentie beroep doet. Daarbij zegt 73,9 procent van de betrokkenen de technologie vooral om instrumenten uit een song te isoleren. Andere toepassingen blijken minder populair, want nog 45,5 procent geeft aan kunstmatige intelligentie te gebruiken voor EQ Plugins bij het masteren en mixen, terwijl 21,2 procent de technologie gebruikt voor het genereren van elementen die bij de productie in de songs kunnen worden gebruikt. Amper 3 procent zet artificiële intelligentie in om volledige songs te creëren.

De meeste muziekproducenten zien voorlopig weinig meerwaarde in artificiële intelligentie. – Foto: Pixabay

De resultaten van de enquête maken echter duidelijk dat driekwart van de muziekproducers in hun werk geen gebruik van artificiële intelligentie maken. In die groep maakt 82,2 procent daarbij gewag van artistieke en creatieve redenen, waarbij vaak wordt opgemerkt dat de technologie het moeilijker maakt om aan de muziek een persoonlijk cachet te geven.

Verder verwijst 34,5 procent van de ondervraagden naar kwaliteitsredenen, waarbij wordt aangevoerd dat muziek met kunstmatige intelligentie niet goed genoeg is. Voor 14,3 procent zijn de kosten van de technologie een reden om van het gebruik van kunstmatige intelligentie af te zien. Tenslotte zegt 10,2 procent dat het gebruik van de technologie mogelijk tot bekommernissen over auteursrechten zou kunnen leiden.

Percepties

Er blijkt volgens de onderzoekers ook een grote kloof tussen de perceptie van de verschillende toepassingen van de technologie. De studie bracht daarbij aan het licht dat generatieve kunstmatige intelligentie, die rechtstreeks songs geheel of gedeeltelijk creëert, vaak met een negatief beeld moet afrekenen. Minder dan 10 procent van de respondenten wil voor die activiteit op de technologie beroep doen.

Ondersteunende kunstmatige intelligentie, die voor het creatieproces van muziek een aantal hulpelementen kan aanbrengen, krijgt meer positieve reacties. Hier zou bijna 50 procent van de producers in de technologie een meerwaarde zien. Opmerkelijk is daarbij dat vooral de jongere respondenten zich over de generatieve kunstmatige intelligentie negatief uitspraken. De oudere ondervraagden hadden daarentegen het vaakst een negatieve mening over ondersteunende kunstmatige intelligentie.

Verder wordt opgemerkt dat er in het algemeen slechts een lage bereidheid blijkt om voor technologie met kunstmatige intelligentie te betalen. Bijna driekwart van de gebruikers blijkt alleen uit gratis toepassingen te putten. “De grootste bereidheid om te betalen bleek bij beginnende producenten, hoewel ook daar een sterke weerstand bleek tegen het betalen van een aanzienlijke prijs voor programma’s met artificiële intelligentie”, verduidelijken de onderzoekers. “Slechts weinig betrokkenen blijken bereid om voor de toepassingen minstens 25 dollar per maand te betalen.”

In het algemeen stelde 70 procent van de respondenten te verwachten dat kunstmatige intelligentie in de toekomst een grote of enorme impact zal hebben op de muziekproductie, terwijl 29 procent zei ‘enige impact te verwachten. Slechts 1 procent gaf aan geen enkele impact van de technologie te voorzien. Ondanks de schijnbare weerstand van een meerderheid van de producenten tegen toepassingen met kunstmatige intelligentie, gaf Tracklib aan in de toekomst een voortdurende adoptie van de technologie te verwachten.

Opgemerkt wordt dat de inzet van artificiële intelligentie in de muzieksector zich nog in een bijzonder vroeg stadium bevindt, waarbij vooral early adopters de mogelijkheden van de toepassingen uittest.

Meer over dit onderwerp:



Posted in media & cultuur | Reacties uitgeschakeld voor Kwart muziekproducenten werkt met kunstmatige intelligentie

Chinees-Europese spanningen wegen op verkopen autobouwer Porsche

Posted by managing21 on juli 10th, 2024

De Duitse autobouwer Porsche heeft tijdens de eerste zes maanden van dit jaar wereldwijd 155.945 wagens verkocht. Dat betekende een daling met 7 procent tegenover dezelfde periode vorig jaar. De terugval moet vooral worden toegeschreven aan de Chinese markt, waar de verkopen tegenover de eerste helft van vorig jaar met 33 procent achteruit gingen. China vertegenwoordigt bijna 20 procent van de wereldwijde leveringen van Porsche, waardoor de Duitse fabrikant bijzonder gevoelig is voor de spanningen in de handel tussen het Aziatische land en de Europese Unie.

Porsche heeft dit jaar een belangrijke golf van productlanceringen gepland. “Met de Cayenne, Panamera, Macan, Taycan en 911 moderniseert de sportwagenfabrikant momenteel vijf van zijn zes modelseries”, beklemtoont de Duitse autofabrikant. “De daarmee gepaard gaande transities zijn complex en leiden tijdelijk tot hiaten in het aanbod in individuele markten en modelseries. Toch heeft Porsche het voorbije half jaar bewezen robuust te zijn.”

Porsche heeft tijdens de eerste zes maanden van dit jaar 155.945 wagens verkocht. – Foto: Porsche

“Met het krachtigste modellengamma uit de geschiedenis van het bedrijf geeft Porsche een duidelijk signaal af”, beklemtoonde Detlev von Platen, directeur sales en marketing bij de Duitse autofabrikant. “Onze klanten kunnen op ons vertrouwen. Zelfs in een wereldwijd uitdagende marktomgeving levert Porsche inspirerende sportwagens met unieke prestaties, veel innovaties en een hoge mate van individualisering. We konden tijdens de eerste helft van dit jaar opnieuw vertrouwen op een zeer evenwichtige structuur in onze verkoopregio’s en konden we uitdagingen op individuele markten compenseren. Dit geeft ons stabiliteit en bevestigt dat we onze strategie consequent zullen blijven nastreven van waardegerichte verkopen in de toekomst.”

Europese groei

In Europa, met uitzondering van Duitsland, leverde Porsche in de eerste helft van het jaar 38.611 voertuigen af. Dat betekende een stijging met 6 procent tegenover dezelfde periode vorig jaar. Op zijn Duitse thuismarkt realiseerde de autobouwer een groei met 22 procent tot 20.811 verkochte exemplaren. In China leverde de sportwagenfabrikant 29.551 voertuigen af. Dat vertegenwoordigde een inkrimping met 33 procent tegenover dezelfde periode vorig jaar. “De belangrijkste redenen voor de terugval zijn nog steeds de aanhoudend gespannen economische situatie op de Chinese markt en de focus op waardegerichte verkopen”, wordt er opgemerkt.

In Noord-Amerika leverde Porsche 39.558 voertuigen aan zijn klanten. Dat weerspiegelde een daling met 6 procent. “Na douane-gerelateerde vertragingen bij de levering van een aantal automodellen tijdens de eerste drie maanden van dit jaar kon de regio de achterstand merkbaar inhalen en de sterkste kwartaalprestaties neerzetten”, verduidelijkte de autobouwer. In de overzeese en opkomende markten werden 27.414 voertuigen aan klanten overgedragen. Hier is er sprake van een daling met 2 procent.

De Cayenne was tijdens de eerste helft van dit jaar bij Porsche het meest populaire model. De verkoop liep met 16 procent op tot 54.587 exemplaren. Bij het suv-model Macan was er daarentegen sprake van een daling met 16 procent tot 39.167 eenheden. “Die achteruitgang moet worden toegeschreven aan de modelwisseling die in veel markten werd doorgevoerd”, beklemtoont von Platen. “De nieuwe, volledig elektrische generatie van het model noteerde een zeer aangename orderinstroom. De eerste exemplaren zullen tijdens de tweede helft van het jaar aan klanten worden overgedragen.”

Porsche wijst er op dat het iconische model 911 bij de klanten een grote populariteit blijft behouden. In totaal werden er van het model 28.212 exemplaren verkocht. Dat vertegenwoordigde een stijging met 8 procent tegenover de eerste helft van vorig jaar. Anderzijds moest ook voor de modellen Panamera en Taycan een daling van de verkoop melden. “Ook deze terugval door de huidige modelwijziging worden verklaard”, merkt Porsche op. Bij de Panamera was er sprake van een terugval met 25 procent tegenover de eerste zes maanden van vorig jaar, terwijl bij de Taycan een achteruitgang met 51 procent tot 8.838 eenheden werd gemeld. Van de modellen 718 Boxster en 718 Cayman werden 11.886 leveringen gerealiseerd. Dat komt overeen met een groei van 8 procent.

“Dit jaar zal Porsche de meest krachtige productportfolio uit zijn geschiedenis aan de klanten kunnen voorleggen”, geeft Detlev von Platen ligt. “We zullen ons op de drie aandrijfsystemen – volledig elektrische voertuigen, efficiënte plugin-hybrides en verbrandingsmotoren – blijven concentreren”, zegt Detlev von Platen. “Met deze triade is Porsche ervan overtuigd goed gepositioneerd te zijn voor de toekomst, waarbij aan de klanten – ongeacht de voorkeuren en ontwikkelingen in de afzonderlijke regio’s van de wereld – een aantrekkelijk aanbod kan worden gepresenteerd.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in automotive, Mobility | Reacties uitgeschakeld voor Chinees-Europese spanningen wegen op verkopen autobouwer Porsche

Spanning in Rode Zee weegt op inkomsten Suezkanaal

Posted by managing21 on juli 10th, 2024

Tijdens de eerste drie kwartalen van zijn lopende boekjaar heeft het Suez Kanaal 5,6 miljard dollar inkomsten geboekt. Dat betekende een daling met 7,4 procent tegenover dezelfde periode vorig boekjaar. Dit blijkt uit een rapport van de Centrale Bank van Egypte. Deze vermindering viel samen met de aanhoudende scheepvaartcrisis in de Rode Zee. Daar moest immers rekening worden gehouden met aanvallen van de Houthi-strijders op commerciële schepen die banden hadden met Israël, Groot-Brittannië en de Verenigde Staten. De aanvallen worden een vergelding genoemd voor het geweld dat Israël in Gaza heeft veroorzaakt.

De aanvallen zijn gericht op vrachtschepen en worden uitgevoerd met raketten en drones, die boven de Rode Zee, de Arabische Zee en de Indische Oceaan worden uitgevoerd. Tijdens het eerste kwartaal van dit jaar werden nog 959,3 miljoen dollar inkomsten geboekt. Dat betekende een daling met 57,2 procent tegenover dezelfde periode vorig jaar. Er werd tijdens de eerste drie kwartalen van het boekjaar 945 miljoen ton door het Suezkanaal vervoerd. Dat betekende een terugval met 15,6 procent tegenover de eerste negen maanden van vorig boekjaar. De trafieken vielen met 11,5 procent terug. In totaal registreerde het Suezkanaal vorig boekjaar nog 9,4 miljard dollar inkomsten, tegenover een omzet van 7 miljard dollar het boekjaar voordien.

De dreiging van piraterij zet de trafieken in het Suezkanaal onder druk. – Foto: Suez Canal Authority

Het Suezkanaal heeft voor de wereldwijde handel een enorme betekenis. Het kanaal is immers een van de meest cruciale handelsroutes die de scheepvaart kan gebruiken en vormt de kortste maritieme route tussen Europa en Azië. Het Suezkanaal vergemakkelijkt essentiële internationale handelsstromen. Ongeveer 12 procent van de wereldwijde handelstrafieken passeren door het Suezkanaal. De route is een cruciaal traject voor het internationale vervoer van olie en gas.

Uitwijken

Door de dreiging van de aanvallen hebben vele rederijen hun schepen verplicht om een omleiding rond het Suezkanaal te volgen. Die omweg zorgt ervoor dat de schepen tussen Azië en Europa veertien dagen langer onderweg zijn. Analisten wijzen erop dat het conflict in het gebied van de Rode Zee in december vorig jaar is geëscaleerd, waardoor steeds meer zeevracht een passage door het Suezkanaal vermeed en voor een omweg rond de Kaap de Goede Hoop op het zuidelijkste punt van het Afrikaanse continent opteerde.

Opgemerkt wordt dat Operation Atalanta van de European Union Naval Force (Eunafvor), een missie van de Europese Unie om de piraterij en gewapende overvallen op schepen voor de kust van Somalië te bestrijden, de commerciële scheepvaart heeft geadviseerd om ten minste 150 zeemijl ten oosten van de traditionele verkeersroutes te varen om aanvallen van drones te voorkomen. “De aanbeveling volgde op een incident waarbij een drone het schip MSC Orion eind april ten zuidoosten van het eiland Socotra aanviel”, wordt er opgemerkt. “Dit betekent dat aanvallen kunnen plaatsvinden tot op 800 zeemijl verwijderd van gebieden in Jemen die door de Houthi’s worden gecontroleerd.”

“De Houthi’s hebben het vermogen en de middelen om hun aanvallen op de commerciële scheepvaart uit te breiden”, werpen de analisten op. “De voorbije maanden hebben incidenten gewezen op een uitbreiding van het operationele gebied van de Houthi’s naar de Indische Oceaan.” Daarbij krijgen de Houthi’s de steun van het Iraanse oorlogsschip Shaid Mahdavi, dat ballistische raketten kan lanceren en gewapende drones en helikopters kan vervoeren van de acties om de acties van de Houthi’s te ondersteunen. “De geallieerde marine strijdkrachten kunnen moeite ervaren om de commerciële scheepvaart zo ver in de Indische Oceaan te beschermen,” wordt er opgemerkt. “Om de dreiging efficiënter te kunnen bestrijden, zouden die strijdkrachten hun aanwezigheid in de regio moeten opvoeren.”

Meer over dit onderwerp:



Posted in scheepvaart, transport & logistiek | Reacties uitgeschakeld voor Spanning in Rode Zee weegt op inkomsten Suezkanaal

In Europa leeft nu 12,5 procent van de bevolking in mogelijk overstromingsgebied

Posted by managing21 on juli 9th, 2024

In Europa leeft 12,5 procent van de totale bevolking in een gebied dat door mogelijke overstromingen zou kunnen worden getroffen. In die risicogebieden is bovendien ook kritieke infrastructuur aanwezig. Dat is de conclusie van een rapport van het European Environmental Agency (EEA) over de impact van de klimaatverandering op de gehele watercyclus. De onderzoekers merken op dat hevige stormen de voorbije veertig jaar in Europa 5.582 slachtoffers heeft geëist. Er wordt aan toegevoegd dat het gevaar op verdere zware overstromingen op een hoog niveau blijft.

“Ongeveer 15 procent van de industriële faciliteiten in Europa bevindt zich in mogelijke uiterwaarden”, legt Aleksandra Kazmierczak, expert klimaat en gezondheid bij het European Environmental Agency. “Infrastructuur zoals waterzuiveringsinstallaties bevindt zich verder stroomafwaarts. Meer dan een derde daarvan in Europa bevindt zich op uiterwaarden.” Er wordt aan toegevoegd dat ook 11 procent van de Europese ziekenhuizen in risicogebieden is gesitueerd.

Overstromingsgebieden omvatten ook kritieke infrastructuur. – Foto: Pixabay/Patrick Behn

Omdat ze de concentratie van verontreinigende stoffen verhogen, vormen droogte en hittegolven voor de waterkwaliteit tevens een belangrijke bedreiging. “Deze cumulatieve gebeurtenissen vormen een probleem voor de toegang tot water voor de bevolking en beïnvloeden bovendien de koelsystemen van kerncentrales en de landbouw”, waarschuwt Kazmierczak. “Twee jaar geleden hebben we bijvoorbeeld, vooral in Zuid-Afrika, een daling gezien in de productie van maïs en olijfolie. De verliezen als gevolg van droogte in de landbouw, de watervoorziening en energiesector worden geschat op ongeveer 9 miljard euro per jaar.”

Complex problemen

“Europa is jammerlijk genoeg niet voorbereid op de toekomst”, zegt benadrukt Višnar Malinovská, onderdirecteur van het Directorate-General for Climate Action van de Europese Commissie, die daarbij gewag maakte van een complex probleem, dat een aantal systemische oplossingen nodig heeft. Daarbij merkt het rapport op dat Europa over de middelen beschikt die nodig zijn om de problemen nu te bestrijden.

“Er is alvast één maatregel die gemakkelijk kan worden doorgedrukt”, wordt in het rapport aangevoerd. “In gebieden die door klimaatgerelateerde gebeurtenissen, zoals overstromingen, gevaar lopen, zouden nieuwe ontwikkelingen moeten worden vermeden. Daarnaast kan ook gegrepen worden naar een aantal oplossingen die door de natuur zijn geïnspireerd. Onder meer kunnen daarbij bomen worden geplant of kan andere begroeiing worden gebruikt om regenwater vast te houden, maar ook zou gekozen kunnen worden om behandeld water te hergebruiken.”

Daarnaast pleit het rapport voor een grotere rol voor de technologie, onder meer in de vorm van een groter toezicht en de uitbouw van systemen voor vroegtijdige waarschuwing. “Zonder snelle en systematische actie om de maatschappelijke veerkracht te vergroten, zullen de gevolgen voor de gezondheid van het veranderende klimaat door overstromingen, droogtes en verminderde waterkwaliteit verergeren”, wordt in het rapport naar voor gebracht.

“Onze samenleving is sterk blootgesteld aan klimaatrisico’s zoals overstromingen, waterschaarste en slechte waterkwaliteit”, merkt Višnar Malinovská op. “Hoewel de bedreigde gebieden vaak over waterkeringen beschikken, kunnen de veiligheidsniveau grote verschillen laten optekenen. Overstromingen leiden niet alleen tot sterfgevallen en verwondingen, maar veroorzaken ook stress, wat vaak resulteert in posttraumatische stressstoornis en langere gevolgen voor de geestelijke gezondheid, zoals depressies, voor de getroffen bevolking. Overstromingen kunnen ook vervuiling veroorzaken. Naar schatting 650.000 gecombineerde riooloverstortingen in heel Europa verslechteren de waterkwaliteit als gevolg van hevige regenval.”

Malinovská wijst er verder op dat nu ook al 30 procent van de bevolking in Zuid-Europa met een permanente waterschaarste wordt geconfronteerd. “Dat kan leiden tot rantsoenering en andere mogelijke beperkingen, die in sommige regio’s al van kracht zijn”, merkt ze op. “Indien de voorraden opdrogen, moet met onvermijdelijke prijsstijgingen rekening worden gehouden. Al die problemen kunnen van invloed zijn op het vermogen van armere of grotere huishoudens om in hun hygiëne-behoeften te voorzien.”

“Bovendien bevorderen langdurige periodes van droog en warm weer de verspreiding van bosbranden”, beklemtoont Malinovská. “Dat is opnieuw vooral het geval in Zuid-Europa, maar in toenemende mate ook in andere regio’s. Bosbranden brengen niet alleen het directe gezondheidsrisico van het vuur met zich mee, want de blootstelling aan de schadelijke chemicaliën in de rook van natuurbranden heeft zowel acute als langdurige gevolgen voor de gezondheid.”

“De kwaliteit van het drinkwater en het zwemwater, hoewel over het algemeen zeer goed, loopt eveneens gevaar. Stijgende temperaturen van de lucht en het water bevorderen de groei van ziekteverwekkers, waardoor het risico op overdraagbare ziekten toeneemt. Een laag waterdebiet tijdens droge periodes kan resulteren in hogere concentraties van verontreinigende stoffen en farmaceutische producten, waardoor een dure afvalwaterzuivering nodig zal zijn. Bovendien kan de bloei van cyanobacteriën in voedselrijke wateren tijdens droge en warme periodes de waterkwaliteit in gevaar brengen.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in milieu | Reacties uitgeschakeld voor In Europa leeft nu 12,5 procent van de bevolking in mogelijk overstromingsgebied

Japanse regering maakt pas nu einde aan het diskette-tijdperk

Posted by managing21 on juli 9th, 2024

In Japan heeft de overheid eind vorige maand definitief afscheid genomen van de floppy-disks. Dat heeft Taro Kono, Japans minister van digitale zaken, gemeld. Tot vorige maand werd aan burgers nog steeds gevraagd om bij hun communicatie met de overheid van de verouderde floppy-disks gebruik te maken. Meer dan duizend procedures bij de Japanse administraties vereisten het gebruik van de technologie, die elders in de wereld al tijdens het laatste decennium van de voorbije eeuw al grotendeels in onbruik waren geraakt.

Taro Kono had drie jaren geleden aangekondigd inspanningen te zullen doen om het gebruik van de diskettes ook in Japan af te schaffen. Die strijd kon volgens de minister nu worden afgesloten. Kono heeft zich tot doel gesteld om verouderde technologie te elimineren en kondigde eerder ook al aan dat het faxtoestel uit de administratie zou verdwijnen. Japan was ooit een technologische grootmacht, maar is de voorbije jaren in de wereldwijde digitale transformatie achter gebleven. Dat moet volgens analisten worden toegeschreven aan een diepe Japanse weerstand tegen verandering. Daarbij blijkt de Japanse werkplek vaak nog altijd een faxtoestel te verkiezen boven het gebruik van email. Eerdere plannen om deze machines uit overheidsgebouwen te verwijderen, dienden wegens tegenwerking te worden geschrapt.

De diskette behoort in de meeste landen al lang tot het verleden. – Foto: Pixabay/Peter Olexa

De diskettes kwamen in de jaren zeventig van de voorbije eeuw op de markt. De technologie vertegenwoordigde ooit een onderdeel van de computer, maar raakten tijdens de jaren negentig in onbruik toen er efficiëntere opslag-oplossingen – zoals flashdrives en cloudopslag – werden uitgevonden. Een diskette van drieënhalve inch kon maximaal 1,44 megabyte aan gegevens bevatten. Er zouden meer dan 22.000 diskettes nodig zijn om dezelfde opslagcapaciteit te genereren als een ??geheugenstick, die immers 32 gigabyte informatie kan bevatten. Daardoor leek de diskette, samen met de cassette, naar het technologie-museum te zullen verdwijnen. Een studie van onderzoeker YouGov stelde vast dat zes jaar geleden in het Verenigd Koninkrijk twee derde van de kinderen tussen zes en achttien jaar zelfs niet meer wist wat een floppy-disk was.

Digital Agency

Maar dat was niet het geval in Japan. Hoewel het Aziatische land bekend staat om zijn grote producenten van consumentenelektronica, robots en enkele van de snelste breedbandnetwerken ter wereld, is blijft Japan ook verknocht aan diskettes en andere oude technologieën zoals faxmachines en contant geld. Sony was de allerlaatste fabrikant die nog floppy-disks op de markt bracht. Het Japanse concern beëindigde de productie van de diskette echter al dertien jaar geleden.

Om de digitalisering van de bureaucratie te stimuleren, heeft de Japanse regering bijna drie jaar geleden een Digital Agency gelanceerd. Het blijkt echter in Japan niet eenvoudig om gewoontes te veranderen. Opgemerkt wordt dat veel Japanse bedrijven nog steeds eisen dat officiële documenten met hanko, uitgesneden persoonlijke stempels, worden bekrachtigd. De Japanse regering doet inspanningen om de hanko geleidelijk af te schaffen, maar vindt het moeilijk om gebruikers op modernere alternatieven te laten overstappen. In Japan zette ook de laatste aanbieder van semafoon-diensten pas vijf jaar geleden zijn activiteiten stop. In Japan maakt 81 procent van de bedrijven voor zijn betalingen aan andere ondernemingen nog steeds gebruik van papieren cheques. Ook verscheidene Japanse banken maken nog altijd van diskettes gebruik.

Er wordt trouwens ook buiten Japan nog steeds van floppy disks gebruik gemaakt. De borduurindustrie en luchtvaartsector doen immers eveneens nog altijd beroep op de diskette. Dat was tot voor kort ook nog het geval bij het nucleaire arsenaal van de Verenigde Staten. Minister Koto stelt daarbij dat de diskettes ook een aantal voordelen bieden in vergelijking met modernere alternatieven. “Met de diskettes was er geen enkel risico om gehakt te worden”, beklemtoonde Koto. “Nu moeten we veel voorzichtiger zijn met de beveiliging van gegevens.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in technologie | Reacties uitgeschakeld voor Japanse regering maakt pas nu einde aan het diskette-tijdperk

Europees spoorvervoer blijft nog altijd bijzonder gefragmenteerd

Posted by managing21 on juli 9th, 2024

De inspanningen van de lidstaten van de Europese Unie om de regelgeving voor het spoorvervoer te harmoniseren, kennen een traag en ongelijkmatig verloop. Dit heeft geleid tot grensoverschrijdende onverenigbaarheden die het gebruik van het spoor belemmeren. Dat is de conclusie van een rapport van het European Railway Agency (ERA). De resultaten van het rapport worden bevestigd door een onderzoek van de milieugroep Greenpeace, die slechts weinig grensoverschrijdende spoorverbindingen tussen grote Europese steden kon terugvinden.

“Europese landen bouwden historisch gezien hun eigen spoorwegnetwerken en kozen uitrusting en normen die vaak niet compatibel waren met de treinen en sporen van hun buren”, werpen de onderzoekers op. “Als gevolg hiervan is het spoorwegsysteem van het Europese continent nu losgekoppeld en gefragmenteerd. De Europese Unie probeert dit probeert op te lossen en ontwikkelt een aantal technische specificaties voor interoperabiliteit. Een implementatie van deze geharmoniseerde regels zouden een ononderbroken grensoverschrijdend verkeer op het Europese spoorwegsysteem moeten garanderen. De invoering van deze interoperabiliteit verloopt echter traag en ongelijkmatig. Regelgeving blijkt vaak niet aanvaard te kunnen worden, omdat de lidstaten van de Europese Unie verzoeken tot afwijking van de regelgeving blijven indienen.”

Landsgrenzen vormen voor een geïntegreerd Europese treinvervoer belangrijke barrières. – Foto: Pixabay/Erich Westendarp

“Een van de grote probleemzones voor het spoorvervoer is de fragmentatie in nationale systemen”, merkt Josef Doppelbauer, directeur bij het European Railway Agency, op. “Dit draagt bij tot het relatief lage modale aandeel van het spoor in het grensoverschrijdend vervoer. Een belangrijk aandachtspunt is het European Rail Traffic Management System (ERTMS), dat één enkel systeem voor de signalisatie en de snelheidscontrole tot stand moet brengten. Dit is van cruciaal belang voor de interoperabiliteit van het spoorwegnet in de Europese Unie.

“Bij de creatie van een veiliger, zuiniger en interoperabeler netwerk moeten we onmiddellijk prioriteit geven aan de harmonisatie van de operationele regels van dit management-systeem”, merkt Enno Wiebe, directeur-generaal van de Union des Industries Ferroviaires Européennes (Unife). “We zullen met het European Railway Agency nauw samenwerken om deze doelstelling te helpen bereiken.” Uit het rapport van het Europese spoorwegbureau blijkt dat de invoering van dit systeem traag en onder de lidstaten ongelijkmatig is verlopen. Het controlesysteem is op het Europese spoorwegnet momenteel ingezet op een totaal traject van 13.700 kilometer. Dat blijft ver verwijderd van de doelstellingen die door de Europese Unie werden vastgelegd en waarbij is bepaald dat eind dit decennium 57.000 kilometer met de technologie zou zijn uitgerust.

Het rapport wijst naar de hoge kosten als belangrijkste reden voor de vertraging. Maar Wiebe benadrukte dat ook vertragingen in de inzet van het management-systeem aanzienlijke financiële gevolgen heeft. “Uit eerder onderzoek dit jaar bleek dat te veel verschillen in de werking en technologie van het controlesysteem van land tot land een impact hebben op de kosten”, waarschuwde hij.

De Europese Unie heeft successen geboekt met het opschonen van nationale regels op andere terreinen van de spoorwegsector. “Als onderdeel van een voortdurende inspanning is het aantal regels met betrekking tot de goedkeuring van locomotieven en rijtuigen al aanzienlijk verminderd. Recente hervormingen maken het voor treinfabrikanten bovendien mogelijk om bij de European Railway Agency een enkele vergunning aan te vragen om hun locomotieven of wagons in alle lidstaten van de Europese Unie te mogen laten rijden.

Greenpeace

Uit een rapport van milieugroepering Greenpeace, gebaseerd op een analyse van 990 routes tussen 45 grote Europese steden, blijkt dat slechts 12 procent van deze verbindingen door een rechtstreekse treinverbinding worden bediend. Nog eens 31 procent zouden een directe verbinding kunnen bieden door gebruik te maken van bestaande sporen, maar die routes blijken momenteel niet bediend te worden. “Het opstarten van rechtstreekse treinen overdag of met nachttreinen met een maximale reistijd van achttien uur op deze laatste categorie routes, zou relatief eenvoudig zijn en zou het aantal rechtstreekse treinverbindingen tussen grote Europese steden meer dan verdrievoudigen”, stippen de onderzoekers aan.

Uit de analyse blijkt ook dat er bijna zes keer zoveel rechtstreekse vliegverbindingen (990) zijn tussen de steden dan rechtstreekse treinverbindingen. Opgemerkt wordt dat 69 procent van deze routes worden bediend door rechtstreekse vluchten. “Dit toont aan dat de Europese transportinfrastructuur mensen nog steeds aanmoedigt om te vliegen in plaats van de trein te nemen, hoewel de luchtvaart voor het leefmilieu veel schadelijker is”, merkt Herwig Schuster, campagneleider transport bij Greenpeace Centraal-Europa, op. “Jarenlang heeft Europa de rode loper uitgerold voor klimaatschadelijke vliegreizen en deze overladen met belastingvoordelen, terwijl treinen en spoorweginfrastructuur wegkwijnden.”

“Momenteel hebben we te maken met enorme gaten in ons spoornetwerk en een aanzienlijk onbenut potentieel voor rechtstreekse treinen, voornamelijk als gevolg van misplaatste mobiliteits-uitgaven”, geeft Schuster nog aan. “Het is tijd dat de Europese regeringen en de Europese Unie deze historische wanverhouding corrigeren door de connectiviteit en het comfort van treinen te verbeteren en een einde te maken aan de oneerlijke voordelen van de luchtvaartindustrie. Europeanen verdienen toegang tot  een duurzaam, efficiënt, comfortabel en betaalbaar openbaar vervoer dat een meerwaarde betekent voor de consument en de planeet.”

Greenpeace merkt nog op dat geen enkele stad uit het onderzoek haar potentieel voor rechtstreekse treindiensten volledig.  “Zelfs in Wenen, de stad met de meeste rechtstreekse spoorverbindingen (17), rijden rechtstreekse treinen op slechts 59 procent van de mogelijke routes”, verduidelijken de onderzoekers. “Op basis van bestaande sporen en dienstregelingen is er vanuit Wenen potentieel voor twaalf extra rechtstreekse treinverbindingen.” Na Wenen zijn de steden met de beste rechtstreekse treinverbindingen München (15 verbindingen, met een potentieel voor 14 extra verbindingen), Berlijn (14 verbindingen, met een potentieel voor 14 extra verbindingen), Zürich (13 verbindingen, men een potentieel voor 15 extra verbindingen) en Parijs (13 verbindingen, met een potentieel voor 16 extra verbindingen). De zes steden met de slechtste rechtstreekse treinverbinding zijn Athene, Lissabon, Pristina, Sarajevo, Skopje en Tallinn. Deze locaties hebben geen enkele rechtstreekse treinverbinding met een andere grote Europese stad.

“De Europese Unie verkeert al jaren in een politieke impasse over de uitbreiding van directe spoorverbindingen en de promotie van een overstap van luchtvaart en autoverkeer naar klimaatvriendelijke treinreizen”, zegt Greenpeace nog. “Hoewel de Europese Commissie tweeënhalf jaar geleden vijftien nieuwe grensoverschrijdende projecten aankondigde als onderdeel van zijn jongste spoorwegplannen, is dit aantal sindsdien teruggebracht tot slechts tien trajecten. Er is bovendien nog geen enkel nieuw traject uitgevoerd.” Er wordt nog opgemerkt dat er begin deze eeuw wekelijks nog 1.257 grensoverschrijdende nachttreinen voor passagiers werden geteld, maar eind vorig decennium was dat aantal gedaald tot 445 routes. 

Greenpeace zegt de Europese Unie en zijn lidstaten op te roepen om de ontwikkeling van rechtstreekse treindiensten te ondersteunen door middel van investeringen in infrastructuur, een betere samenwerking tussen spoorwegmaatschappijen en rechtstreekse treinen te verplichten op verbindingen die nog niet commercieel levensvatbaar zijn. 

Meer over dit onderwerp:

Posted in Mobility | Reacties uitgeschakeld voor Europees spoorvervoer blijft nog altijd bijzonder gefragmenteerd

Cyanobacteriën vormen basis van duurzame bouwmaterialen

Posted by managing21 on juli 9th, 2024

Het is mogelijk om op basis van cyanobacteriën biogene bouwmaterialen te vervaardigen. Dat blijkt uit een onderzoek van wetenschappers aan het Fraunhofer Institute for Ceramic Technologies and Systems (IKTS) en het Fraunhofer Institute for Electron Beam and Plasma Technology (FEP). De onderzoekers merken op dat de bacteriën zich vermenigvuldigen zich in een voedingsoplossing, aangedreven door fotosynthese. Wanneer aggregaten en vulstoffen zoals zand, basalt of hernieuwbare grondstoffen worden toegevoegd, worden rotsachtige solide structuren geproduceerd. In tegenstelling tot de traditionele betonproductie genereert dit proces geen koolstofdioxide, wat schadelijk is voor het milieu. In plaats daarvan wordt de koolstofdioxide gebonden in het materiaal zelf.

“De bouwindustrie heeft een belangrijk probleem”, voeren de onderzoekers aan. “Cement – het hoofdbestanddeel van beton en misschien wel het meest gebruikte bouwmateriaal van deze tijd – is slecht voor het klimaat. De uitstoot van koolstofdioxide bij de productie van cement is erg hoog. Volgens het Duitse Umweltbundesamt (UBA) was de cementproductie in 2018 alleen al in Duitsland verantwoordelijk voor de uitstoot van ongeveer 20 miljoen ton koolstofdioxide. Dat komt overeen met ongeveer 10 procent van alle industriële emissies. Het is echter mogelijk om met een milieuvriendelijke, biologisch geïnduceerde methode biogene bouwmaterialen te produceren. Niet alleen stoot het proces zelf geen koolstofdioxide uit, maar het schadelijke gas wordt gebruikt voor het proces zelf en vervolgens gebonden in het materiaal.”

De huidige bouwsector heeft een bijzonder grote ecologische voetafdruk. – Foto: Pixabay/Dimitris Vetsikas

De kern van de nieuwe methode wordt door cyanobacteriën, voorheen bekend als blauwalgen, gevormd. Deze bacterieculturen zijn in staat tot fotosynthese. Als licht, vocht en temperatuur op elkaar inwerken, vormen ze structuren die bekend staan als stromatolieten van kalksteen. Deze rotsachtige biogene structuren bestaan al 3,5 miljard jaar in de natuur, wat getuigt van de veerkracht en duurzaamheid van dit biologische proces. Net als toen wordt koolstofdioxide uit de atmosfeer gevangen als onderdeel van het mineralisatieproces en vervolgens gebonden in het biogene gesteente. De Duitse wetenschappers, onder leiding van Matthias Ahlhelm en Ulla König zijn er met hun project BioCarboBeton nu in gelukt om dit natuurlijke proces met een technologische methode na te bootsen.

Verschillende toepassingen

“In de eerste stap om biomassa te produceren, worden de lichtgevoelige cyanobacteriën gekweekt in een voedingsoplossing”, werpen de onderzoekers op. “De intensiteit en kleur van de gebruikte lichtbron beïnvloeden de bacteriële fotosynthese en het metabolisme. Om ervoor te zorgen dat de bacteriële oplossing een mineralisatie kan ondergaan om stromatoliet-achtige structuren te produceren, worden calciumbronnen zoals calciumchloride toegevoegd. Vervolgens wordt een mengsel van hydrogels en verschillende vulstoffen, zoals diverse soorten zand, gecreëerd. Extra koolstofdioxide wordt toegevoegd om het proces te ondersteunen.”

Het bacteriële mengsel wordt geroerd tot het punt van homogeniteit en krijgt dan structuur door het over te brengen in bijvoorbeeld mallen. De mallen moeten bij voorkeur doorzichtig zijn,  zodat de processen van bacteriële stofwisseling en fotosynthese door kunnen gaan. De daaropvolgende mineralisatie leidt tot de uiteindelijke stolling. Het bacteriële mengsel kan ook worden gevormd door spuiten, schuimen, extrusie of additieve vervaardiging, waardoor het de vorm krijgt waarin de laatste stadia van mineralisatie plaatsvinden.

Als alternatief kunnen ook poreuze substraten worden gemaakt en vervolgens met de cyanobacterie-cultuur worden behandeld. “De vaste structuur die zich ontwikkelt, is tijdens het proces nog steeds poreus, zodat er licht naar binnen valt en de koolstofdioxide-fixatie wordt aangestuurd door de mineralisatie van kalksteen”, verduidelijkt Ahlhelm. “We kunnen het proces stoppen door het licht en vocht te verwijderen of de temperatuur te veranderen. Op dat moment sterven alle bacteriën gewoon af. Het resultaat is een vast product op basis van biogeen calciumcarbonaat en vulstoffen dat onder meer als baksteen kan worden gebruikt. De biogebaseerde bouwmaterialen die van cyanobacteriën zijn gemaakt, bevatten geen giftige stoffen.”

Een van de doelen van het project BioCarboBeton is het bepalen van de mogelijke eigenschappen van de biogene materialen die kunnen worden geproduceerd en het opschalen van de processen. De onderzoekers denken daarbij al na over een circulair procesontwerp. De koolstofdioxide zou onder meer afkomstig kunnen zijn van industriële afvalgassen. Basalt en mijnafval zouden gebruikt kunnen worden als calciumbron, maar dat geldt ook voor melkresten van zuivelbedrijven. Naast zand kunnen ook bouwafval of hernieuwbare bronnen als vulmiddel worden gebruikt.

De Duitse wetenschappers merken op dat de technologie voor verschillende toepassingen kan worden gebruikt. “Dankzij de gerichte selectie van vulstoffen en het beheer van de parameters kunnen producten worden gemaakt voor een groot aantal verschillende toepassingen”, werpen de onderzoekers op. “Potentiële toepassingen zijn onder meer  isolatiemateriaal, baksteen, bekistingsvulling en zelfs mortel of stucwerk dat uithardt of verhardt nadat het is aangebracht.”

De uiteindelijke bedoeling van BioCarboBeton is om fabrikanten in staat te stellen de milieuvriendelijke bouwmaterialen op biologische basis in de benodigde volumes, snel en kosteneffectief te produceren. Ahlhelm en König zeggen absoluut in het proces te geloven. “Onze methode laat het enorme potentieel zien dat door de biologisatie-technologie kan worden ontsloten. In het algemeen biedt BioCarboBeton een kans om een grote stap te zetten in de richting van een circulaire economie in de bouwsector en daarbuiten.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in grondstoffen, immobiliën & constructie, milieu, Stad | Reacties uitgeschakeld voor Cyanobacteriën vormen basis van duurzame bouwmaterialen