managing21.be

Managing21: een blik op het heden en de toekomst van de economie.

Oorlog in Iran kan 30 miljoen mensen in armoede storten

Posted by managing21 on mei 8th, 2026

De oorlog tussen de Verenigde Staten, Israël en Iran kan meer dan 30 miljoen mensen wereldwijd in armoede doen belanden. Dat heeft Alexander De Croo, het hoofd van het United Nations Development Programme (UNDP) gezegd. De Croo maakte daarbij gewag van een ontwikkeling in omgekeerde richting.

Volgens Alexander De Croo zijn samenlevingen en lokale economieën in tientallen jaren opgebouwd, maar kunnen ze in enkele weken oorlog zwaar worden beschadigd. “We hebben na zes weken oorlog een studie uitgevoerd en vastgesteld dat, zelfs als het conflict toen zou stoppen, 32 miljoen mensen in 160 landen in een kwetsbare positie terecht zouden komen,” beklemtoonde De Croo.

De oorlog heeft geleid tot de sluiting van de Straat van Hormuz, een cruciale vaarroute waar in vredestijd ongeveer een vijfde van de wereldwijde trafieken van gas en olie passeren. De Golfstaten spelen daarnaast een belangrijke rol in de productie van olieproducten en grondstoffen die nodig zijn voor kunstmest. Tekorten en stijgende prijzen hebben landen in Afrika en Azië ertoe aangezet maatregelen te nemen zoals brandstofrantsoenering en kortere werkweken om het energieverbruik te beperken. Andere landen hebben belastingen op brandstof verlaagd om consumenten te ontzien.

Volgens het United Nations Development Programme zullen vooral landen in Afrikaanse Sub-Sahara en delen van Azië – waaronder Bangladesh en Cambodja – zwaar worden getroffen. Ook kleine eilandstaten in ontwikkeling lopen grote risico’s. “De hoge energiekosten en het tekort aan kunstmest zullen de komende maanden enorme gevolgen hebben voor de bevolking van deze landen,” wierp De Croo op. Hij waarschuwde bovendien voor politieke instabiliteit en een afname van geldtransfers uit het buitenland. Veel arbeidsmigranten in de Golfregio sturen namelijk geld naar hun families in hun thuisland.

Om te voorkomen dat armoede verder toeneemt, zal er volgens de organisatie ongeveer 6 miljard dollar aan subsidies moeten worden voorzien om de meest kwetsbare groepen te ondersteunen voor de aanschaf van voedsel en energie, die vaak hoge prijsniveaus bereiken. Volgens De Croo wordt daarover al overleg gevoerd binnen het Internationaal Monetair Fonds (IMF) en de Wereldbank. “Misschien lijkt 6 miljard dollar veel geld, maar de oorlog kostte 9 miljard dollar per week,” aldus De Croo.

De crisis doet zich voor op een moment waarop de internationale ontwikkelingshulp historisch laag staat. Vorig jaar daalde die met meer dan 23 procent, vooral door besparingen van grote donorlanden onder leiding van de Verenigde Staten.

Posted in handel | Reacties uitgeschakeld voor Oorlog in Iran kan 30 miljoen mensen in armoede storten

Airbnb waarschuwt voor negatieve impact oorlog in Iran

Posted by managing21 on mei 8th, 2026

De reissector moet rekening houden met een negatieve invloed van de oorlog in Iran. Dat heeft het toeristisch platform Airbnb gezegd bij de presentatie van de resultaten over het eerste kwartaal. Airbnb waarschuwde daarbij voor toenemende annuleringen in delen van Europa, het Midden-Oosten, Afrika en Azië.

Het reisplatform meldde over het eerste kwartaal van dit jaar een omzet van 2,68 miljard dollar. Dat cijfer lag 18 procent hoger dan dezelfde periode vorig jaar. De nettowinst steeg van 154 miljoen dollar naar 160 miljoen dollar.

Voor het lopende kwartaal gaf Airbnb een optimistische vooruitblik. Het bedrijf verwacht een omzet tussen 3,54 miljard dollar en 3,60 miljard dollar. Ook verhoogde Airbnb zijn prognose voor de jaarlijkse omzetgroei. Terwijl eerder gewag werd gemaakt van een stijging met 12 procent, wordt nu een groei tussen 10 procent en 15 procent verwacht.

Net als andere bedrijven in de reisindustrie en luchtvaartsector ondervindt Airbnb gevolgen van het conflict in Iran. De oorlog heeft geleid tot hogere olieprijzen, geannuleerde vluchten en bredere onzekerheid in de regio. Volgens het bedrijf zal dit in het tweede kwartaal naar verwachting een negatieve impact van ongeveer één procentpunt hebben op het aantal geboekte overnachtingen en zitplaatsen.

In een brief aan zijn aandeelhouders stelde Airbnb vertrouwen te houden, ondanks de moeilijke marktomstandigheden, in een verdere groei. Daarbij verwees het bedrijf naar eerdere verstoringen, zoals de handelsspanningen van vorig jaar, die in sommige Noord-Amerikaanse regio’s tot zwakkere vraag leidden, maar elders juist extra reizen stimuleerden.

Voetbal

Airbnb meldde dat de oorlog in het Midden-Oosten heeft geleid tot licht verhoogde aantallen annuleringen in Europa, het Midden-Oosten, Afrika en Azië-Pacific. Volgens het bedrijf blijft de wereldwijde spreiding van accommodaties echter een belangrijk voordeel. “Wij beschikken over miljoenen woningen wereldwijd, in alle prijsklassen”, benadrukte Airbnb. “Dat is iets wat de meeste reisbedrijven niet kunnen evenaren.”

De bruto boekingswaarde – een maatstaf die inkomsten van verhuurders, servicekosten, schoonmaakkosten en belastingen omvat – bereikte tijdens het eerste kwartaal van dit jaar een niveau van 29,2 miljard dollar. Dat betekende een stijging met 19 procent tegenover dezelfde periode vorig jaar. Het aantal geboekte overnachtingen en zitplaatsen nam met 9 procent toe tot 156,2 miljoen. Airbnb rapporteerde daarnaast de sterkste groei van nieuwe gebruikers sinds 2022, mede dankzij uitbreiding in markten als Brazilië, Japan en India.

Het bedrijf bereidt zich inmiddels voor op een druk zomerseizoen rond het Wereldkampioenschap Voetbal, dat deze zomer plaatsvindt in zestien steden in Canada, Mexico en de Verenigde Staten. Airbnb verwacht tijdens het toernooi het hoogste aantal gasten ooit voor een evenement te ontvangen. Sinds oktober hebben zich volgens het bedrijf al meer dan 100.000 nieuwe accommodaties op het platform aangesloten .

Eerder dit jaar profiteerde Airbnb ook van de Olympische en Paralympische Winterspelen in Milaan en Cortina, die volgens het bedrijf ongeveer 200.000 gasten aantrokken. Het aanbod van accommodaties in de betrokken regio’s steeg daarbij met bijna een derde.

Ook andere bedrijven uit de toeristische sector – waaronder Expedia, Booking en Marriott International – wijzen op verstoringen door het conflict in Iran.

Posted in toerisme | Reacties uitgeschakeld voor Airbnb waarschuwt voor negatieve impact oorlog in Iran

Rheinmetall start met productie van kruisraketten

Posted by managing21 on mei 8th, 2026

De Duitse wapenfabrikant Rheinmetall wil mogelijk nog dit jaar beginnen met de productie van kruisraketten en andere langeafstandswapens. De wapens zijn bedoeld voor Duitsland en diens bondgenoten. Daarmee speelt het Duitse defensieconcern in op de groeiende Europese behoefte aan militaire capaciteiten om Rusland af te schrikken.

Rheinmetall maakte bekend dat zijn nieuwe joint venture met de Nederlandse defensie-startup Destinus, vorige maand aangekondigd, eind dit jaar of begin 2027 met de productie moet starten. De samenwerking, onder de naam Rheinmetall Destinus Strike Systems, gaat kruisraketten en ballistische raketartillerie produceren. Volgens het bedrijf is het doel om te voldoen aan de vraag vanuit Duitsland en internationale klanten.

Destinus, dat vijf jaar geleden werd opgericht opgericht, meldde onlangs dat een testvlucht van zijn nieuwe langeafstandswapen, de Ruta Block 2, succesvol was verlopen. Met een opgegeven bereik van 700 kilometer of meer heeft het systeem een kortere reikwijdte dan bijvoorbeeld de Amerikaanse Tomahawk-kruisraketten, die vanaf land of zee kunnen worden ingezet.

Die wapens zouden dit jaar door de Verenigde Staten in Duitsland worden gestationeerd. De Amerikaanse president Donald Trump trok heeft het plan, dat door zijn voorganger Joe Biden werd goedgekeurd, recent echter weer ingetrokken. Dat programma was bedoeld om Europa de mogelijkheid te geven doelen diep in Rusland te kunnen raken.

De koerswijziging vanuit de Verenigde Staten heeft Duitsland en andere Europese landen ertoe aangezet om sneller alternatieve oplossingen te zoeken en de ontwikkeling van eigen precisiewapens voor lange afstand te versnellen. Destinus levert al kruisraketten aan Oekraïne. Het Russische ministerie van Defensie plaatste het bedrijf vorige maand op een lijst van mogelijke doelwitten vanwege zijn rol bij de bewapening van Kiev.

Orderboek op recordniveau

Voor Rheinmetall betekent de joint venture de eerste stap in de productie van kruisraketten. Daarmee begeeft het concern zich op een markt waarin het Europese defensiebedrijf MBDA momenteel dominant is. Rheinmetall – traditioneel producent van tanks, artillerie en munitie – breidt zijn activiteiten de jongste jaren sterk uit. Het concern profiteert daarbij van de stijgende defensie-uitgaven in Europa.

Rheinmetall boekte tijdens het eerste kwartaal van dit jaar een omzet van 1,94 miljard euro. Dat betekende een stijging met 7,7 procent tegenover dezelfde periode vorig jaar. De operationele winst steeg van 191 miljoen euro naar 224 miljoen euro.

Het bedrijf verwacht dat het aantal orders tijdens het tweede kwartaal van dit jaar zal toenemen. Over het hele jaar verwacht Rheinmetall een omzetgroei tussen 40 procent en 45 procent. Daarmee zou de omzet stijgen van ongeveer 10 miljard euro vorig jaar naar meer dan 14 miljard euro dit jaar. Armin Papperger, topman van Rheinmetall, verklaarde dat het bedrijf goed op koers ligt om zijn ambitieuze jaardoelstellingen te behalen.

Het orderboek van Rheinmetall bereikte op een einde van het eerste kwartaal van dit jaar een recordniveau van 73 miljard euro, tegenover 56 miljard euro dezelfde periode vorig jaar. In dat bedrag is ook 5,5 miljard euro opgenomen van de nieuwe marinedivisie, die eerder dit jaar werd opgericht na de afronding van de overname van scheepswerf Naval Vessels Lürssen uit Bremen.

Posted in industrie | Reacties uitgeschakeld voor Rheinmetall start met productie van kruisraketten

DNA van gesmokkelde schubdieren toont hotspots illegale handel

Posted by managing21 on mei 8th, 2026

Kleine hoeveelheden DNA kunnen helpen om handelsroutes en hotspots van illegale handel in wilde dieren bloot te leggen. Dat blijkt uit een studie van onderzoekers van de Université de Toulouse en het Institut de Recherche pour le Développement.

Schubdieren behoren tot de meest verhandelde diersoorten ter wereld en waren de afgelopen jaren goed voor bijna een derde van alle geregistreerde internationale inbeslagnames van illegale handel in wilde dieren. In veel regio’s worden hun vlees en schubben gebruikt voor consumptie en traditionele geneeskunde. Genetische gegevens kunnen helpen om de herkomst van gesmokkelde dieren vast te stellen, maar het verkrijgen van bruikbaar DNA van schubdieren is vaak lastig.

De onderzoekers maakten gebruik van een zogeheten gene-capture method, waarmee genetische informatie kon worden gehaald uit sterk aangetaste monsters. In totaal werd DNA geanalyseerd van meer dan 700 monsters van drie verschillende soorten dieren. De monsters waren afkomstig uit museumcollecties, veldonderzoek, bushmeat-markten en internationale inbeslagnames.

Met genetische gegevens van exemplaren waarvan de herkomst bekend was, stelden de onderzoekers een genomische referentiekaart samen. Daarmee konden zij de vermoedelijke oorsprong van de gesmokkelde schubdieren bepalen. Uit de analyse kwamen verschillende hotspots voor illegale vangsten naar voren, waaronder het zuidwesten van Kameroen, Myanmar en meerdere locaties verspreid over Afrika.

Daarnaast bracht het genetisch onderzoek belangrijke smokkelroutes in kaart, onder meer over de grenzen van China en tussen Indonesische eilanden. Volgens de onderzoekers tonen de resultaten ook aan dat dezelfde wilde populaties zowel voor binnenlandse als internationale handel worden geëxploiteerd, wat wijst op een sterk verweven handelsketen.

Groot potentieel

De onderzoekers stellen dat de methode een groot potentieel heeft voor het opsporen van illegale handel in wilde dieren, al blijft de beschikbaarheid van genetisch materiaal beperkt. Zij pleiten daarom voor een uitgebreidere internationale DNA-database van verhandelde diersoorten, ondersteund door gestandaardiseerde protocollen en een betere wereldwijde gegevensuitwisseling tussen opsporingsauthoriteiten en onderzoekinstituten.

De onderzoekers Philippe Gaubert en Sean Heighton verduidelijken dat de combinatie van historisch museum­materiaal met nieuw verzamelde monsters uit het veld en uit inbeslagnames heeft geholpen om hiaten in geografische gegevens op te vullen en de nauwkeurigheid van de herkomstbepaling te vergroten. Volgens de wetenschapper maakt deze methode het mogelijk om gesmokkelde schubdieren met grote precisie terug te leiden naar hun geografische oorsprong, soms tot op enkele kilometers nauwkeurig. Dat zou natuurbeschermers en opsporingsdiensten in staat stellen gerichter op te treden tegen stroperij en illegale handelsnetwerken.

De onderzoekers ontwikkelden daarnaast één gene-capturekit die toepasbaar is op alle acht bekende schubdiersoorten, inclusief beschadigde museumstalen. Volgens het onderzoek maakt dit een genetische opsporing toegankelijker en praktischer voor natuurbescherming en forensisch onderzoek. De wetenschappers benadrukken tot slot dat de binnenlandse handel in schubdieren vaak lokaal georganiseerd is, maar gebruikmaakt van dezelfde herkomstgebieden als de internationale smokkel. Dat wijst volgens hen op één verbonden toeleveringsketen, in plaats van afzonderlijke markten.

Posted in milieu | Reacties uitgeschakeld voor DNA van gesmokkelde schubdieren toont hotspots illegale handel

Toyota zet sterker in op elektrische voertuigen

Posted by managing21 on mei 7th, 2026

De Japanse autobouwer Toyota voert de productie en verkoop van elektrische voertuigen op, terwijl andere autofabrikanten hun ambitieuze doelstellingen voor de sector juist terugschroeven. Daarmee lijkt de Japanse autobouwer, jarenlang bekend als pionier op het gebied van hybride voertuigen, zich nadrukkelijker te richten op de groeiende concurrentiedruk van elektrische auto’s, met name uit China.

In de eerste drie maanden van 2026 verdubbelde Toyota zijn wereldwijde verkoop van elektrische voertuigen tot een recordaantal van 79.002 stuks vergeleken met dezelfde periode vorig jaar. Dankzij de introductie van zeven nieuwe modellen bestaat het elektrische aanbod van Toyota inmiddels uit negentien voertuigen. Volgens Masahiro Akita, analist bij Bernstein, markeert 2026 mogelijk het begin van een bredere omschakeling van Toyota naar volledig elektrische mobiliteit.

De strategische koerswijziging komt op een moment dat stijgende brandstofprijzen, mede als gevolg van het conflict in het Midden-Oosten, de belangstelling van consumenten voor elektrische voertuigen opnieuw aanwakkeren. Concurrenten zoals Volkswagen en Renault profiteren eveneens van die ontwikkeling.

Toyota breidt zijn aanbod elektrische wagens vooral in de Verenigde Staten uit, ondanks een bredere terughoudendheid in de sector. Fabrikanten zoals Stellantis, Honda en Ford hebben hun plannen voor elektrische vervoer gedeeltelijk teruggeschroefd nadat de Amerikaanse regering fiscale voordelen voor elektrische voertuigen had afgeschaft. Nissan besloot onlangs een geplande investering van 500 miljoen dollar in twee elektrische modellen voor een fabriek in Mississippi te annuleren.

Toyota koos daarentegen voor een uitbreiding en kondigde in maart een investering van 800 miljoen dollar aan in zijn fabriek in Kentucky, waar een tweede elektrisch model voor de Amerikaanse markt geproduceerd zal worden. Hoewel Toyota de verkoop van zijn elektrische modellen sterk ziet groeien, blijven de aantallen relatief beperkt vergeleken met de concurrentie. De verkoopvolumes van elektrische wagens bij Toyota bedragen ongeveer een vijfde van die van Tesla en minder dan de helft van Volkswagen. Daartegenover staat dat Toyota vorig jaar wereldwijd 4,4 miljoen hybride voertuigen verkocht. De Toyota Prius, die in 1997 werd geïntroduceerd, geldt als de eerste in massa geproduceerde hybride auto.

Volgens Yukie Tomoshige, analist bij het marktonderzoeksbureau Jato Dynamics, betekent de recente verkoopsgroei niet dat Toyota de achterstand op concurrenten volledig heeft ingehaald. Andere analisten menen echter dat het concern goed gepositioneerd is om dichter bij zijn doelstelling van 3,5 miljoen verkochte elektrische voertuigen tegen 2030 te komen.

Multi pathway strategy

Toyota houdt al jaren vast aan een zogenoemde multi pathway strategy, waarbij verschillende aandrijftechnologieën naast elkaar worden ontwikkeld, waaronder elektrische voertuigen, plugin hybrides, waterstofauto’s, hybrides en traditionele verbrandingsmotoren. Critici zagen die strategie lange tijd vooral als een manier om hybride voertuigen centraal te blijven stellen, terwijl elektrische modellen slechts in beperkte aantallen werden geproduceerd om aan regelgeving te voldoen.

De druk om het aandeel elektrische voertuigen snel te verhogen is momenteel het grootst in het Verenigd Koninkrijk en de Europese Unie. In die markten waren elektrische voertuigen en plugin hybrides in de eerste twee maanden van dit jaar goed voor bijna 16 procent van Toyota’s verkopen. Daarmee lijkt het bedrijf dicht bij de emissiedoelen te komen zonder emissierechten van concurrenten zoals Tesla te hoeven aankopen.

In China volgt Toyota inmiddels een local-for-local strategy. Het concern heeft immers onderzoek en ontwikkeling meer lokaal georganiseerd en werkt intensiever samen met Chinese leveranciers en partners. Een voorbeeld daarvan is de bZ3, die werd ontwikkeld in samenwerking met Byd en specifiek is gericht op Chinese consumenten. De verkoop van Toyota’s elektrische voertuigen in China verdrievoudigde in het eerste kwartaal tot 22.000 stuks, maar blijft bescheiden in vergelijking met lokale concurrenten.

Ook in Japan groeit de markt voor elektrische wagens mede dankzij hogere overheidssubsidies. De maximale subsidie per elektrische auto werd begin dit jaar verhoogd van 400.000 yen naar 1,3 miljoen yen. De Toyota bZ4X was in de zes maanden tot maart het best verkochte elektrische model van Japan.

Toyota zelf wilde over de ontwikkelingen geen commentaar geven.

Posted in automotive | Reacties uitgeschakeld voor Toyota zet sterker in op elektrische voertuigen

Vroege investeringen in klimaat en gezondheid creëren belangrijke rendementen

Posted by managing21 on mei 7th, 2026

Vroege investeringen in maatregelen tegen de gezondheidsrisico’s van klimaatverandering leveren grote economische en maatschappelijke voordelen op, vooral in landen met een laag of middelmatig inkomen. Dat blijkt uit een nieuwe studie van het World Resources Institute en de Rockefeller Foundation, gebaseerd op een analyse van 46 projecten in veertig landen in de Afrikaanse Sub-Sahara, Latijns-Amerika, het Caribisch gebied, Azië en het Midden-Oosten. 

Volgens het rapport levert elke geïnvesteerde dollar in systemen zoals vroegtijdige waarschuwingen, ziektebewaking en publieke voorlichting tussen 4 dollar en 68 dollar aan economische en gezondheidsvoordelen op. In sommige gevallen lagen de opbrengsten nog aanzienlijk hoger.

De studie onderstreept de groeiende impact van klimaatverandering op de volksgezondheid. Hittegolven worden heviger en overstromingen en stormen komen vaker voor. Daardoor verspreiden ziekten zoals malaria, dengue en cholera zich sneller, terwijl kwetsbare gezondheidszorgsystemen verder onder druk komen te staan.

Volgens prognoses kunnen ontwikkelingslanden zonder betere voorbereiding tegen 2050 te maken krijgen met bijna 16 miljoen extra sterfgevallen en economische verliezen van meer dan 20 biljoen dollar. Toch ontbreekt het in veel landen nog aan een structurele integratie van klimaatgegevens in het gezondheidsbeleid. Uit de analyse blijkt dat geïntegreerde maatregelen rond klimaat en gezondheid overheden, ziekenhuizen en lokale gemeenschappen helpen sneller en effectiever te reageren op gezondheidsdreigingen.

Voor een land met 25 miljoen inwoners zouden de jaarlijkse kosten voor een volledig pakket aan klimaat-gezondheidsmaatregelen ongeveer 18 miljoen dollar bedragen. Dat staat gelijk met 72 dollarcent per inwoner. Afzonderlijke maatregelen kosten naar schatting tussen 1,4 miljoen en 5,9 miljoen dollar per jaar. 

Hoog rendement

Enkele projecten sprongen eruit vanwege hun hoge rendement. Investeringen in de versterking van gezondheidsvoorzieningen in Jamaica leverden volgens de studie 168 dollar op voor elke geïnvesteerde dollar. In St. Lucia liep dat op tot 317 dollar. Systemen voor hittewaarschuwingen in Indiase steden genereerden gemiddeld ongeveer 50 dollar aan voordelen per geïnvesteerde dollar.

Ani Dasgupta, chief executive van het World Resources Institute, noemde gezondheid het meest menselijke gezicht van klimaatverandering. Volgens hem worden vooral kinderen en arme gemeenschappen zwaar getroffen, terwijl tijdige investeringen levens kunnen redden en aanzienlijke economische voordelen opleveren. Ook Naveen Rao, klimaatspecialist bij de Rockefeller Foundation, stelde dat de klimaatcrisis tegelijkertijd een gezondheidscrisis is. Hij pleitte voor een snelle opschaling van bewezen oplossingen om kwetsbare bevolkingsgroepen beter te beschermen.

Celeste Saulo, secretaris-generaal van de World Meteorological Organization, benadrukte dat de noodzakelijke wetenschappelijke kennis en technologie al beschikbaar zijn. Volgens haar moeten investeringen in maatregelen rond klimaat en gezondheid niet worden gezien als een last, maar als kosteneffectieve keuzes die toekomstige crises kunnen voorkomen.

Tegelijkertijd wijzen de onderzoekers op blijvende financieringsproblemen. Gezondheidsinstanties beschikken vaak niet over voldoende middelen om dergelijke systemen op te zetten, terwijl meteorologische diensten ondersteuning missen voor de noodzakelijke samenwerking tussen verschillende sectoren. Volgens de onderzoekers tonen de gegevens aan dat preventieve maatregelen niet alleen levens redden, maar ook grote economische voordelen opleveren. Beleidsmakers en internationale donoren staan daarmee voor een duidelijke keuze. Nu relatief beperkt investeren biedt immers de mogelijkheid om in de toekomst veel hogere kosten te vermijden.

Posted in gezondheid, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Vroege investeringen in klimaat en gezondheid creëren belangrijke rendementen

Sipri betwist aangegeven defensiebudgetten lidstaten Navo

Posted by managing21 on mei 7th, 2026

Het Stockholm International Peace Research Institute (Sipri) betwist de bewering van de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie (Navo) dat vorig jaar alle 32 lidstaten van de militaire alliantie de norm van 2 procent van het bruto binnenlands product voor defensie-uitgaven hebben gehaald. Volgens de denktank bereikten in werkelijkheid slechts 23 lidstaten die drempel daadwerkelijk.

De Navo schatte vorig jaar dat al haar leden aan de doelstelling voldeden, maar volgens Sipri bestaat er twijfel over de gehanteerde berekeningsmethode. Onderzoeker Jade Guiberteau Ricard stelde tegenover Euractiv dat de lidstaten van de Navo een sterke politieke prikkel hebben om hun inzet voor het bondgenootschap te benadrukken, mogelijk via opgeblazen cijfers, mede door de onzekerheid over de Amerikaanse steun aan de alliantie.

Als voorbeeld noemt het vredesinstituut Italië. Het Sipri berekende dat Rome vorig jaar ongeveer 41,1 miljard euro aan defensie uitgaf. Dat is dicht bij het Navo-cijfer van 41,7 miljard euro. Volgens Sipri is echter het bedrag aan overige uitgaven – dat volgens de Navo-definitie meetelt, maar volgens het Sipri niet als defensie-uitgave geldt – sinds 2022 is gestegen en in 2025 een niveau van 5,6 miljard euro heeft bereikt.

De Navo stelde afgelopen zomer – onder druk van de Amerikaanse president Donald Trump – een nieuwe uitgavendoelstelling voor 2035 vast. Tegen dat ogenblik zouden de lidstaten 5 procent van hun bruto binnenlands product aan defensie moeten besteden. Daarvan moet 3,5 procent naar kernuitgaven voor defensie gaan en 1,5 procent naar bredere veiligheidsgerelateerde investeringen.

Het Sipri uit zorgen over het ontbreken van een duidelijke definitie van welke uitgaven precies meetellen voor die aanvullende 1,5 procent. Die categorie omvat momenteel investeringen in onder meer bescherming van kritieke infrastructuur, netwerkbeveiliging, civiele paraatheid, innovatie en versterking van de defensie-industrie.

Transparantie

Volgens Ricard kan de vervaging tussen militaire en veiligheidsgerelateerde uitgaven leiden tot een creatieve boekhouding en tot het herclassificeren van eerder niet-militaire uitgaven als defensie-uitgaven om politieke doelstellingen te halen. Zonder duidelijke specificatie bestaat volgens haar het risico dat militaire uitgaven worden overschat, wat transparantie en publieke controle bemoeilijkt.

Het Sipri schat dat de Navo vorig jaar in totaal 1.351 miljard euro aan defensie uitgaf. Europese bondgenoten, inclusief Turkije, waren samen goed voor 477,7 miljard euro. De militaire uitgaven in Europa zijn daarmee verdubbeld ten opzichte van tien jaar geleden, na een jaarlijkse stijging van 14 procent.

Binnen Europa voerden Polen en Letland de ranglijst qua defensie-uitgaven als percentage van het bruto binnenland product, met respectievelijk 4,5 procent en 3,6 procent, aan. Duitsland gaf met 97,5 miljard euro in absolute termen het meeste uit. Spanje, dat herhaaldelijk bekritiseerd werd door Donald Trump vanwege zijn beperkte defensie-uitgaven, verdubbelde zijn budget tot 34,4 miljard euro.

De Verenigde Staten, ondanks een daling van de defensie-uitgaven met 7 procent, investeerden 815,2 miljard euro in defensie. Daarmee namen zij ongeveer een derde van de wereldwijde militaire uitgaven voor hun rekening.

Posted in industrie | Reacties uitgeschakeld voor Sipri betwist aangegeven defensiebudgetten lidstaten Navo

BMW handhaaft verwachtingen voor lopende jaar

Posted by managing21 on mei 7th, 2026

De Duitse autobouwer BMW heeft zijn financiële verwachtingen voor 2026 bevestigd en lijkt zich weinig zorgen te maken over de dreiging van hogere Amerikaanse invoerheffingen onder president Donald Trump. Hoewel de winst in het eerste kwartaal met ongeveer 25 procent daalde, presteerde de Duitse autofabrikant beter dan analisten hadden verwacht.

De winstmarges van BMW staan al onder druk van de huidige Amerikaanse importheffingen. Tegelijkertijd staat het concern onder druk door hevige concurrentie in China, de grootste afzonderlijke markt voor het merk. Onlangs kondigde Trump aan dat hij de invoerheffing op Europese auto’s mogelijk wil verhogen van 15 procent naar 25 procent. Dat zorgde voor onrust binnen de Duitse automobielindustrie, die al kampt met miljarden euro’s aan extra kosten door de bestaande handelsmaatregelen.

Oliver Zipse, topman van de BMW Group, noemde de aangekondigde verhoging vooral een onderhandelingstactiek om de Europese Unie ertoe te bewegen afspraken uit een handelsdeal na te komen. Volgens hem bestaat er binnen de Amerikaanse regering steun voor een compensatieregeling voor autofabrikanten die zowel voertuigen importeren naar de Verenigde Staten als exporteren vanuit Amerikaanse fabrieken.

BMW rapporteerde over het eerste kwartaal een operationele winst 2,35 miljard euro, tegenover 3,1 miljard euro dezelfde periode vorig jaar. De omzet daalde met 8,1 procent tot 31 miljard euro, terwijl de nettowinst terugviel tot 1,67 miljard euro. De operationele winstmarge in de autobusiness, een belangrijke maatstaf voor de prestaties van de onderneming, kwam uit op 5 procent. Dat is lager dan de 6,9 procent die een jaar geleden werd opgetekend. BMW handhaafde zijn prognose voor het hele jaar en verwacht nog steeds een operationele marge tussen 4 procent en 6 procent.

Kostenbesparingen

Volgens het bedrijf drukten importheffingen de winstmarge in het eerste kwartaal met 1,25 procentpunt. Daarbij gaat het niet alleen om Amerikaanse invoerrechten, maar ook om Europese heffingen elektrische auto’s die in China zijn geproduceerd en die onder meer de Mini-modellen van BMW treffen.

In China daalde het aantal leveringen van BMW tijdens het eerste kwartaal van dit jaar met 10 procent. De totale Chinese automarkt kromp in dezelfde periode met 17,5 procent. BMW leverde tijdens de eerste drie maanden van dit jaar wereldwijd 565.780 voertuigen af. Dat betekende een daling van 3,5 procent ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar.

Net als andere autofabrikanten probeert BMW de stijgende kosten op te vangen met besparingen. Het concern vermijdt vooralsnog gedwongen ontslagen en richt zich vooral op efficiëntere productieprocessen en lagere investeringen. In het eerste kwartaal verminderde BMW de kapitaaluitgaven met bijna 39 procent tot 1,72 miljard euro. Ook de uitgaven aan onderzoek en ontwikkeling gingen met ruim 11 procent omlaag. Walter Merti, financieel directeur van de BMW Group, verwacht een verbetering in de tweede helft van het jaar, mede dankzij de introductie van de nieuwe elektrische voertuiglijn Neue Klasse. 

Binnen de onderneming staat een bestuurswissel op stapel. Milan Nedeljkovic, tot nu toe productieleider van de BMW Group, neemt later deze maand de leiding over van Zipse, die bijna zeven jaar chief executive van het concern is geweest.

Posted in automotive | Reacties uitgeschakeld voor BMW handhaaft verwachtingen voor lopende jaar

Lidstaten OESO bereiken kantelpunt in afbouw fossiele stroomproductie

Posted by managing21 on mei 5th, 2026

De elektriciteitsopwekking uit fossiele brandstoffen in de 38 lidstaten van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) is met 19 procent gedaald ten opzichte van het historische piekniveau. Volgens recente cijfers wijst dit op een structurele verschuiving in de energievoorziening van ontwikkelde economieën, waarbij hernieuwbare energiebronnen de rol van fossiele brandstoffen in toenemende mate overnemen.

Opvallend is dat de daling niet het gevolg is van een lagere elektriciteitsvraag. Het totale stroomverbruik bleef tijdens de energietransitie stijgen, wat betekent dat windenergie en zonnekracht niet alleen het verlies aan fossiele productie compenseerden, maar ook voorzagen in extra vraag.

Steenkool kende de sterkste terugval. De stroomproductie uit steenkool daalde tussen 2007 en 2023 van 3.854 terawattuur naar 1.865 terawattuur. Dat betekende een afname van 52 procent. In dezelfde periode nam de productie uit windenergie en zonnekracht elfvoudig toe. Samen voegden deze bronnen 1.723 terawattuur aan extra elektriciteitsopwekking toe. Daarmee compenseren ze 87 procent van de terugval in steenkoolproductie.

De uitstoot van de elektriciteitssector nam mee af. De koolstofintensiteit van elektriciteit in de Oeso daalde tussen 2007 en 2023 van 479 gram per kilowattuur naar 341 gram. De totale uitstoot van de sector verminderde in die periode met 28 procent.

Zonnekracht

Zonnekracht is wereldwijd de snelst groeiende elektriciteitsbron. In 2025 steeg de mondiale productie met 30 procent tegenover het jaar voordien. Zonnekracht dekte daarbij 75 procent van de wereldwijde groei in elektriciteitsvraag. De kosten zijn daarbij sterk gedaald. Waar zonnekracht in 2010 nog aanzienlijk duurder was dan fossiele alternatieven, behoort zij inmiddels tot de goedkoopste vormen van nieuwe elektriciteitsopwekking.

De snelle groei van zonnekracht vergroot tegelijk het belang van energieopslag. Omdat zonnepanelen alleen overdag energie produceren, is opslag nodig om vraag en aanbod beter op elkaar af te stemmen. De prijzen van batterijen zijn de afgelopen tien jaar fors gedaald. Dit maakt grootschalige opslagprojecten economisch aantrekkelijker. Wereldwijd bereikte de inzet van energieopslag in 2025 een recordniveau.

Kernenergie blijft ondertussen een belangrijke aanvullende rol spelen. Anders dan windenergie en zonnekracht levert de nucleaire productie continu stroom, met een zeer lage uitstoot van koolstofdioxide over de volledige levenscyclus. In landen zoals Frankrijk vormt kernenergie nog steeds de ruggengraat van de elektriciteitsvoorziening. Tegelijk beperken hoge kosten en lange bouwtijden de uitbreiding van nieuwe kerncentrales.

De investeringsstromen bevestigen de omslag in de energiesector. Wereldwijde investeringen in duurzame energie bereikten in 2025 een record van 2,3 biljoen dollar. Dat bedrag ligt voor het tweede jaar op rij hoger dan investeringen in fossiele brandstoffen. Investeringen in fossiele energievoorziening daalden daarentegen, terwijl zowel Europa als de Verenigde Staten een verdere groei in investeringen in hernieuwbare energie noteerden.

Volgens analisten onderstrepen de cijfers dat de energietransitie in ontwikkelde economieën een structureel karakter heeft gekregen en dat hernieuwbare energie niet langer slechts een aanvulling vormt, maar steeds nadrukkelijker de basis van de elektriciteitsvoorziening wordt.

Posted in energie | Reacties uitgeschakeld voor Lidstaten OESO bereiken kantelpunt in afbouw fossiele stroomproductie

Praag meest winstgevende Europese markt voor luxevastgoed

Posted by managing21 on mei 2nd, 2026

Praag voerde vorig jaar de Europese markt voor luxevastgoed aan, terwijl Londen de grootste daling liet zien. Tokio domineerde wereldwijd met een stijging van bijna 60 procent. Dat blijkt uit een rapport van het bureau Knight Frank, waarin de vastgoedprijzen in honderd steden over de hele wereld werden geanalyseerd.

De huizenprijzen stijgen in heel Europa. Dat geldt ook voor luxe woningen. De prijzen van luxevastgoed bewegen in Europese steden duidelijk omhoog. In meer dan de helft van de ongeveer vijftig Europese steden die door Knight Frank worden gevolgd, lag de jaarlijkse prijsstijging in 2025 boven de 3 procent.

Het rapport van Knight Frank maakt duidelijk dat Praag in Europese de sterkste groei liet optekenen. De prijzen stegen in de Tsjechische hoofdstad vorig jaar met 14,6 procent. Ook in enkele andere Europese locaties waren de stijgingen aanzienlijk. Het Franse Méribel eindigde met een stijging van 9 procent in de Europese rangschikking op een tweede plaats, gevolgd door het Portugese Porto (8,5 procent) en het Spaanse Marbella (8,1 procent). Het Franse skioord Courchevel 1850 liet eveneens een stevige stijging van 6,9 procent noteren.

In Italië gingen Florence (6,7 procent) en het Comomeer (6,5 procent) omhoog. In Zwitserland steeg Gstaad met 5,5 procent, net als Rome in Italië. Quinta do Lago in Portugal noteerde een stijging met 5,2 procent. De top tien Europese steden in de index hebben een duidelijk patroon. Er kan immers worden vastgesteld dat skigebieden in de Alpen, Portugese golfresorts en aantrekkelijke culturele steden de lijst domineren.

Niet alle Europese steden kenden echter een groei. Londen noteerde de scherpste daling. In de Britse hoofdstad kenden de prijzen van luxevastgoed het voorbije jaar een daling met 4,7 procent. Volgens het rapport verschuift de situatie in Londen door veranderingen in belastingregels voor vermogende inwoners. Daardoor dalen budgetten en kiezen sommige geïnteresseerden vaker voor de huur van een woning. Ook Ibiza, Jersey en Lausanne lieten lichte dalingen – tussen 1 procent en 2 procent – zien.

Vele andere Europese hoofdsteden lieten daarentegen een groei optekenen. In Madrid stegen de prijzen met 5 procent, gevolgd door Oslo (4,2 procent) en Berlijn (3,4 procent). De groei was gematigder in Lissabon (2,7 procent), Dublin (2,3 procent), Wenen (1,3 procent), Parijs (1,3 procent) en Boekarest (0,4 procent). Stockholm daalde licht met 0,7 procent, terwijl Edinburgh stabiel bleef.

Steden die zich richten op lifestyle of een resortlocatie zijn, blijken de duidelijke winnaars in Europa. Skigebieden in de Alpen en zonbestemmingen rond de Middellandse Zee domineren de bovenkant van de ranglijsten. Ook Italiaanse steden vallen op als groep. Grote financiële centra laten een ander beeld zien. Londen, Stockholm, Parijs en Milaan blijven duidelijk achter in vergelijking met de resortmarkten.

Tokyo mondiale uitschieter

Tokyo springt eruit als de mondiale uitschieter. De prijzen van luxevastgoed in de Japanse hoofdstad stegen in 2025 met 58,5 procent. In het rapport wordt gesteld dat de markt voor nieuwbouw-appartementen in Tokyo is gestimuleerd door schaarste, lage rentevoeten en sterke vraag vanuit de regio Asia-Pacific. Dubai staat op de tweede plaats met een stijging van 25,1 procent, al werden de cijfers verzameld voor de uitbraak van de oorlog in Iran. Manilla en Seoel behoren eveneens tot de top vijf, met stijgingen van telkens ongeveer 15 procent tot 20 procent. Praag maakt de top vijf compleet.

“In veel markten is luxueus residentieel vastgoed losgekoppeld geraakt van de bredere woningsector, ondersteund door de sterke groei van vermogensvorming,” benadrukt onderzoeksleider Liam Bailey. “Hoewel reguliere markten nog steeds blootstaan aan bredere economische druk, helpt het tempo waarin vermogen wordt gecreëerd de vraag naar luxe vastgoed veerkrachtiger te houden, zelfs in een periode van recente volatiliteit in de rentekosten.”

In het Chinese Guangzhou werd de grootste daling geregistreerd. Daar werd luxevastgoed het voorbije jaar 12,2 procent goedkoper. Sterke dalingen werden ook opgetekend in Shenzhen (7,2 procent), Shanghai (5 procent) en Peking (4,9 procent). Dit wijst volgens Bailey op een brede vertraging in Chinese steden. In Canada noteerden Toronto en Vancouver elk dalingen van ongeveer 7 procent.



Posted in Stad, vastgoed | Reacties uitgeschakeld voor Praag meest winstgevende Europese markt voor luxevastgoed