Artikels – 13 april 2018
Posted by managing21 on april 13th, 2018
Amerikanen hebben minder vertrouwen in zelfrijdende auto’s
Twee dodelijke ongevallen met autonome en semi-autonome wagens heeft het vertrouwen van de Amerikaanse consument in de technologie gevoelig aangetast. Dat is de conclusie van een enquête van het bureau Morning Consult bij meer dan tweeduizend respondenten in de Verenigde Staten. De onderzoekers stelden vast dat eind maart van dit jaar 50 procent van de ondervraagden van mening was dat zelfrijdende auto’s minder veilig waren dan menselijke chauffeurs. In januari van dit jaar geloofde slechts 36 procent van de respondenten in een grotere onveiligheid van autonome wagens.
De twee enquêtes werden gescheiden door een ongeval midden maart in Tempe in de Amerikaanse staat Arizona, waar een zelfrijdende auto van Uber inreed op een vrouw die de straat overstak. De vrouw overleefde het ongeval niet. Later diezelfde maand crashte in Mountain View in de Amerikaanse staat Californië een semi-zelfrijdende wagen van Uber in de middenberm. Daarbij kwam de bestuurder om het leven. Die ongevallen hebben volgens de onderzoekers een duidelijke impact gehad op de visie van het publiek op de technologie. Eind maart was nog 27 procent van mening dat zelfrijdende wagens veiliger waren dan menselijke chauffeurs. Volgens 8 procent was er geen enkel verschil.
Jason Levine, executive director van het Center for Auto Safety, tonen beide incidenten dat veel consumenten zich niet gemakkelijk voelen om de controle over de auto aan de technologie over te dragen. “Er werd altijd gepropageerd dat de technologie een grotere veiligheid zou garanderen,” aldus Levine. “Wanneer men echter geconfronteerd wordt met het idee dat die ambities misschien toch niet zullen kunnen worden gerealiseerd, raakt de consument in twijfel en begint hij vragen te stellen. Amitai Bin-Nun, vice-president innovatieve mobiliteit bij Securing America’s Future Energy, zegt dat de mens in de toekomst wellicht een grotere vertrouwdheid met de technologie zal opbouwen.
“Daardoor zal de consument zich ook meer comfortabel voelen met het concept van de zelfrijdende auto,” zegt Bin-Nun. Hij wijst er ook op dat de twee ongevallen onterecht met elkaar worden gelinkt. In wezen is er immers sprake van twee verschillende concepten. Het publiek is echter niet geneigd om bij incidenten met die verschillen rekening te houden.
</p><p>
Digitale verslaving versterkt eenzaamheid en depressie
Een overdadig gebruik van de smartphone verschilt in wezen niets van een andere verslaving. Bovendien kan een verslaving aan sociale mediatechnologie een negatieve impact hebben op de sociale verbondenheid. Dat is de conclusie van een onderzoek van wetenschappers aan de San Francisco State University bij ruim honderddertig studenten. Respondenten die het meest intensief van hun smartphones gebruik maakten, bleken ook het meest frequent klachten over isolatie, eenzaamheid, depressies en angsten te formuleren. Er moet volgens de onderzoekers dan ook worden gestreefd naar een evenwicht dat nog wel het gebruik van technologie bevordert, zonder echter andere ervaringen te smoren.
“Het problematisch smartphonegebruik creëert in de hersenen neurologische verbindingen op een manier die vergelijkbaar zijn met de manier waarop een opioïdenverslaving gradueel wordt opgebouwd door patiënten die met geneesmiddelen de pijn proberen te verlichten,” benadrukken de onderzoekers Erik Peper en Richard Harvey, professoren volksgezondheid aan de San Francisco State University. De onderzoekers zeggen dat eenzaamheid in belangrijke mate wordt gecreëerd door omdat persoonlijke interactie wordt ingeruild tegen een vorm van communicatie waarin het onmogelijk is geworden om lichaamstaal en andere signalen te interpreteren.
De onderzoekers stelden dat de betrokken personen nagenoeg voortdurend multitasken, waarbij getracht wordt om studies te combineren met het gebruik van andere media, de consumptie van voeding of een deelname aan evenementen. “Deze constante activiteit laat aan lichaam en geest weinig tijd om te ontspannen en te herstellen,” zeggen de onderzoekers. “Dit gedrag resulteert dan ook vaak in semi-tasking, waarbij weliswaar meerdere taken tegelijkertijd worden uitgevoerd, maar elke opdracht aan kwaliteit inboet.” Peper en Harvey merken wel op bij die digitale verslaving niet met een beschuldigende vinger naar de gebruiker mag worden gewezen.
“De problemen zijn het gevolg van de ambities van de technologiebedrijven om hun winsten te verhogen,” aldus de onderzoekers. “Allerlei signalen op telefoons en computers zorgen ervoor dat de consument zich gedwongen voelt te reageren. Daarbij wordt gebruik gemaakt van dezelfde verbindingen die de mens evolutionair voor dreigend gevaar, zoals een aanval van een groot roofdier, moesten waarschuwen. De mechanismen die de mens ooit beschermden en lieten overleven, zorgen er nu voor dat de mens kan worden gegijzeld voor de meest triviale vormen van informatie.”
De onderzoekers benadrukken wel dat de consument zich kan trainen om zijn digitale verslaving te overwinnen.
</p><p>
Bedrijven krijgen niet langer eerbied voor hun ouderdom
In de Verenigde Staten hebben bedrijven een steeds kortere levensduur. Dat zegt onderzoek van wetenschappers aan de Indiana University, gebaseerd op een analyse van bijna 32.000 Amerikaanse beursgenoteerde bedrijven tussen het begin van de jaren zestig van de vorige eeuw en het midden van dit decennium. De onderzoekers stelden vast dat de kansen van de onderneming om langer dan vijf jaar te leven, tijdens die periode gevoelig zijn gedaald. Dat geldt ook voor leeftijdsgrenzen van tien, vijftien en twintig jaar. Volgens de wetenschappers zijn de visies over de levensduur van ondernemingen geëvolueerd naarmate de organisaties steeds meer een tijdelijk karakter kregen.
“Bedrijven die in de jaren zestig hun debuut op de beurs maakten, hadden 50 procent kans om meer dan twee decennia te overleven,” betogen de onderzoekers Rene Bakker en Matthew Josefy, professoren ondernemerschap aan de Universiteit van Indiana. “Tegen de jaren negentig daalde dat percentage tot 20 procent. Deze bedrijven hadden ook 80 procent kans om hun tiende verjaardag te kunnen vieren, maar na de eeuwwisseling viel dat cijfer terug tot 50 procent.” Volgens Bakker en Josefy lijkt de leeftijd van een onderneming niet meer dan een getal en suggereren dat ouderdom niet langer het succes van de organisatie kan voorspellen.
“Wij geloven dat deze trend een belangrijke verschuiving weerspiegelt in de visie op de genetica van de onderneming,” merken de onderzoekers op. “Kortstondige en tijdelijke organisaties, die snel een complexe taak volbrengen en vervolgens worden ontmanteld, kunnen in een breed scala van industrieën steeds vaker worden opgemerkt. In de vorige eeuw werden veel bedrijven geleid met de verwachting dat het eigendom aan de volgende generatie van de familie zou kunnen worden doorgegeven. Een groot deel van de geschiedenis van het Amerikaanse bedrijfsleven is rond deze familiale ondernemingen opgebouwd.”
“Bedoeling was dat de organisatie langer zou leven dan de oprichter en hem daarmee een gevoel van onsterfelijkheid zou bezorgen,” beklemtonen Bakker en Josefy. “Die concepten zijn op dit ogenblik grotendeels verdwenen. De klassieke managementtheorieën koppelden expertise, betrouwbaarheid en legitimiteit aan de leeftijd van de onderneming. Vandaag kan dat daarentegen in een aantal contexten negatieve connotaties roepen. Onder meer in de technische sector wordt een grote waarde gehecht aan vernieuwing en jeugdigheid. Het Amerikaanse bedrijf lijkt steeds meer een wegwerpproduct te worden, gelijklopend met het tijdelijke karakter van andere aspecten van onze maatschappij.
De onderzoekers vermoeden dat de afnemende levensduur van Amerikaanse bedrijven deels te wijten is aan actievere golf van fusies en overnames die de voorbije jaren kon worden opgemerkt. Tevens wordt echter gewezen op een cultuur die start-ups aanmoedigt. “We leven in een omgeving waarin het vrij eenvoudig is om een bedrijf te starten en weer te liquideren”, aldus Bakker. “Veel jonge bedrijven lijken organisatorische supernova’s, die een grotere schittering genieten, maar sneller sterven. Als een startup zijn gewenste doelstellingen heeft bereikt, kan de organisatie worden ontmanteld of omgebouwd in een andere entiteit met nieuwe doelen.”
“Terwijl de samenleving zich vaak zorgen maakt om bedrijven te laten falen, is het voor een onderneming soms beter te sterven en middelen vrij te maken, zodat nieuwe activiteiten kunnen worden opgezet,” zeggen de onderzoekers. “Het falen van een entiteit kan zelfs de voorloper zijn van het succes van een opvolger.”
</p><p>
Ook in literatuur heeft succes een vast patroon
In de literatuur loopt een auteur de grootste kans op een bestseller met werk dat als fictie, thriller of mysterie wordt gecatalogeerd, hoge initiële verkoopcijfers haalt en rond kerstmis wordt uitgebracht. Dat is de conclusie van een studie van wetenschappers van de Northeastern University, gebaseerd op bijna vijfentwintighonderd titels die tussen tien jaar geleden en twee jaar geleden in de New York Times Bestseller List werden opgenomen. De onderzoekers ontdekten dat algemene fictie en biografieën vaker de bestsellerlijst vaker maakten dan andere genres. Werken met een hogere initiële plaats op de lijst liepen ook meer kans om een langere vermelding te behouden.
“Het meest verrassende resultaat van de studie was dat een universeel patroon voor boekverkopen kon worden teruggevonden,” zegt onderzoeksleider Albert-László Barabási, professor netwerkwetenschappen aan de Northeastern University. “Alle hardcover-bestsellers, ongeacht hun genre, volgen een verkooptraject dat door dezelfde factoren wordt bepaald. Deze patronen maakte het ook mogelijk om op basis van de vroege verkoopcijfers een statistisch model te creëren dat het uiteindelijke succes van het boek kan voorspellen.” Het model werkt op basis van het totale publiek, de verkoopcijfers die de auteur al kon voorleggen en het tijdsverloop sinds de publicatie.
De onderzoekers stelden enerzijds vast dat fictie meer exemplaren verkocht dan nonfictie. Anderzijds moest worden geregistreerd dat nonfictie gemakkelijker hun bestseller-status behouden. Daarbij wordt verwezen naar het nonfictie-werk Unbroken van Laura Hillenbrand, dat zich meer dan tweehonderd weken op de bestsellerlijst kon handhaven. Geen enkel ander boek kon een beter resultaat voorleggen. De beste score van een fictiewerk werd gerealiseerd door The Help van Kathryn Stockett, dat ruim honderddertig weken een notering kon behouden, onder meer dankzij een bijzonder populaire verfilming van regisseur Tate Taylor.
Tevens moest worden vastgesteld dat schrijvers van fictie een grotere kans hebben om meerdere keren op de bestsellerlijst te verschijnen. Daarnaast bleek dat succesrijke boeken in de categorie romantiek meestal geschreven worden door vrouwelijke auteurs. De sectie nonfictie wordt daarentegen gedomineerd door mannelijke schrijvers. In de categorie fictie kan er daarentegen geen genderverschil worden geïdentificeerd. De onderzoekers melden wel dat het geïdentificeerde patroon wel kan worden verstoord door bijzondere factoren, zoals de prijs die aan een boek wordt toegekend, filmadapties of getuigenissen van de invloedrijke personen.
“Deze factoren kunnen het succes van het boek beïnvloeden, maar blijven relatief zeldzaam,” zegt professor Barabási nog.
</p><p>
Stereotypes houden Brits-Aziatische voetballers uit professionele circuit
Tussen de 3.700 professionele voetballers in Engeland en Wales, kunnen amper twaalf spelers van Brits-Aziatische origine worden geïdentificeerd. Nochtans vertegenwoordigt deze populatie 5 procent van de totale Britse bevolking. Dat blijkt uit een rapport van wtnschappers aan de Leeds Beckett University. Er moet volgens hen worden vastgesteld dat voetballers van Brits-Aziatische origine door de scouts van de professionele voetbalclubs nagenoeg compleet worden genegeerd. De scouts zouden in het algemeen van mening zijn dat Aziatische spelers alleen geïnteresseerd zouden zijn in niet-contactsporten zoals cricket of tegen het voetbal fysiek minder opgewassen zouden zijn.
Onderzoeksleider Dan Kilvington, professor media en cultuur aan de Leeds Beckett University, noemt de resultaten van de studie opmerkelijk. Er moet volgens hem immers worden vastgesteld dat in Groot-Brittannië mannen van Aziatische afkomst meer in het amateur-voetbal participeren dan hun blanke tegenhangers. Kilvington getuigt over een blanke coach bij een professionele club vertelde te vermoeden dat het probleem moet worden gezocht bij een algemene afkeer aan fysieke contacten. Dat was volgens de coach de reden waarom Aziaten uitblinken in cricket en squash, maar nagenoeg compleet afwezig blijken in contactsporten.
Uit een bevraging bij Brits-Aziatische amateur-voetballer bleek echter dat er algemeen gebrek aan interesse vanuit professionele clubs wordt gevoeld. Een van de spelers zegt op achttien jaar tijd geen enkele scout te hebben gezien. Er is volgens professor Kilvington dan ook duidelijk sprake van stereotypes die moeilijk uitgeroeid raken. “De Brits-Aziatische passie voor voetbal is gedurende generaties ondergronds gebleven,” aldus de wetenschapper. “Er is in de Brits-Aziatische een grote belangstelling voor de sport, maar uit de getuigenissen van de spelers blijkt dat een carrière vaak wordt geblokkeerd door de fysieke en culturele stereotypes die door de rekruteerders worden gehanteerd.”
“Omdat er zo weinig Brits-Aziatische spelers in het professioneel voetbal actief zijn en het contact tussen de professionele clubs en Aziatische organisaties nagenoeg onbestaande is gebleken, zijn de stereotypes nooit aangevallen,” zegt Dan Kilvington nog. “Bovendien moet wellicht ook nog worden gevreesd voor mythes over fysieke inferioriteit.” De wetenschapper wijst daarbij ook op het bestaan van louter Aziatische teams en competities, waardoor parallelle voetbalgemeenschappen zijn ontstaan. De Brits-Aziatische voetbalwereld is volgens Kilvington grotendeels onder de radar van de rekruteerders gebleven.
“Er kan een groot verschil worden opgemerkt met zwarte spelers, waar het stereotype van fysieke zwakheid niet van toepassing is,” aldus nog Kilvington. “Zwarte spelers vertegenwoordigen inmiddels één kwart van de totale populatie professionele voetballers in Groot-Brittannië.” Andere problemen voor de rekrutering van Brits-Aziatische voetballers zijn volgens de onderzoeker een gebrek aan coaches op basisniveau, terwijl de spelers ook geen rolmodel hebben. Tenslotte moet er volgens hem in het amateurvoetbal helaas ook afgerekend worden met het probleem van openlijk racisme.
</p><p>
Weinig mensen kunnen hun activiteitsgraad goed inschatten
De mens slaagt er moeilijk in om zijn fysieke activiteitsniveau correct in te schatten. Dat is de conclusie van een studie van wetenschappers aan de University of Southern California, die een groep van meer dan vijftienhonderd proefpersonen volgde in de Verenigde Staten, Groot-Brittannië en Nederland. De resultaten van de studie hebben volgens de onderzoekers ook consequenties voor het gezondheidsbeleid. Er wordt op gewezen dat fysieke activiteit als een cruciaal aspect van een gezond leven worden bestempeld, maar moeten de getuigenissen van het publiek over de eigen situatie met de nodige voorzichtigheid worden benaderd.
“Weinig mensen schatten hun activiteitsgraad correct in”, benadrukt hoofdonderzoeker Arie Kapteyn, professor sociaal onderzoek aan de University of Southern California. “Onder meer kon worden vastgesteld dat Amerikaanse respondenten van mening zijn fysiek even actief te zijn als hun Nederlandse of Engelse collega’s. Oudere mensen denken dat ze net zo actief zijn als jonge mensen. Wanneer echter naar de resultaten worden gekeken van de fitness-trackers waarmee de proefpersonen werden uitgerust, komt een heel ander beeld naar voor. In werkelijkheid zijn Amerikanen echter veel minder actief dan Europeanen en zijn ouderen minder actief dan jongeren.”
“Het onderzoek laat uitschijnen dat mensen in verschillende landen of in verschillende leeftijdsgroepen sterk uiteenlopende interpretaties van dezelfde enquêtevragen kunnen hebben,” zegt Kapteyn. De onderzoekers zeggen te vermoeden dat de verschillen in fitness-percepties worden veroorzaakt door culturele en ecologische verschillen. Daarbij wordt er onder meer op gewezen dat de Amerikaanse bevolking in grote mate afhankelijk is van het autovervoer, terwijl in Nederland verplaatsingen naar het werk of de winkel daarentegen frequent te voet of met de fiets worden gedaan.
De studie toonde dat Nederlanders en Engelsen iets meer geneigd waren om zichzelf in het midden van de activiteitsschaal te situeren, terwijl Amerikanen vaker aan de uitersten van spectrum waren terug te vinden en zichzelf bijzonder actief of nagenoeg inactief beoordeelden. Er wordt wel op gewezen dat de verschillen in werkelijk relatief beperkt blijven. “De fitness-trackers onthulden echter een aantal harde waarheden,” geeft professor Kapteyn nog aan. “Amerikanen waren veel minder actief dan Nederlanders en Engelsen. In het inactieve deel van het spectrum kunnen twee keer zoveel Amerikanen als Nederlanders of Britten worden teruggevonden.”
het Nederlands als het Engels. Het percentage Amerikanen in de inactieve categorie was zelfs bijna twee keer zo groot als het percentage Nederlandse deelnemers. Tevens toont de studie dat de activiteit met het ouder worden afneemt. Bij de Amerikaanse senioren zou 60 procent tot de inactieve groep moeten worden gerekend, tegenover respectievelijk 42 procent en 32 procent bij de Nederlanders en Engelsen. Er wordt wel opgemerkt dat in de verschillende leeftijdsgroepen ook afwijkende definities van activiteit worden gehanteerd. “De normen rond activiteit worden op basis van de omstandigheden, inclusief leeftijd, aangepast,” zeggen de onderzoekers nog.
</p><p>
Alibaba creëerde vorig jaar ruim 35 miljoen banen
Het Chinese ecommerce-concern Alibaba heeft met zijn uitdeinende retail-ecosysteem het voorbije jaar wereldwijd meer dan 36,8 miljoen banen gecreëerd. Dat staat in een rapport van de Renmin University of China over de activiteiten van de groep. Opgemerkt wordt dat ecommerce-platformen zoals Tmall en Taobao, die meer dan 500 miljoen consumenten bereiken, het voorbije jaar bij online retailers 14,05 miljoen arbeidsplaatsen heeft gecreëerd. De banencreatie liet daarbij de sterkste prestaties optekenen in de sectoren kleding en textiel, dagelijkse aankopen en huishoudelijke apparatuur.
Er wordt echter aan toegevoegd dat de succesvolle online retailservices van Alibaba ook een positieve impact hebben gehad op de vraag naar professionals in upstream en downstream sectoren zoals onderzoek en ontwikkeling, design, productie en logistiek. In totaal zouden in die sectoren 22,76 miljoen nieuwe banen zijn gecreëerd. De onderzoekers van de Renmin University wijzen er daarbij op dat op de wereldwijde economie door de verdere ontwikkeling van de ecommerce-markt steeds meer wordt gevraagd naar professionals die in staat zijn zakelijke modellen te herschikken en digitale technologieën combineren met offline retailvaardigheden.
De sterke groei van Alibaba kan volgens Mark Tanner, consulent bij het magazine Forbes, in eigen land een bijzonder grote impact hebben op het retaillandschap. Er moet volgens hem rekening mee worden gehouden dat op de Chinese retailmarkt uiteindelijk nagenoeg alleen Alibaba en dienst concurrent Tencent zullen overblijven. Hij wijst er daarbij op dat de Chinese retailmarkt weinig grote partijen heeft die de opkomst van de twee online groepen zouden kunnen blokkeren. In de Verenigde Staten vertegenwoordigden de honderd grootste retailers vorig jaar 40 procent van de totale retailmarkt, maar in China bleef dat aandeel beperkt tot amper 6,4 procent.
</p><p>
Nieuwsoverzicht
Het Japanse conglomeraat Softbank wil een mondiale voetbalcompetitie organiseren. Daarvoor heeft het concern aan de Federation Internationale of Football Associations (Fifa) een bod van 20 miljard euro gedaan. Dat heeft de Britse zakenkrant Financial Times gemeld – Het Nederlandse biotechbedrijf Mimetas heeft met een kapitaalronde een bedrag van 20,5 miljard dollar opgehaald. Het bedrijf maakt micro-organen voor wetenschappelijk onderzoek. Investeerders zijn Pilgrim Partners, Korys, Cathay Ventures en Ontwikkelijksmaatschappij Oost – Sportartikelenfabrikant Puma heeft tijdens het eerste kwartaal van dit jaar een omzet gerealiseerd van 1,1 miljard euro. Dat betekende een stijging met 12 procent tegenover dezelfde periode het jaar voordien. De bedrijfswinst liep van 70 miljoen euro naar 112 miljoen euro op.
Busbouwer Van Hool investeert 38,2 miljoen euro in een nieuwe busfabriek in Morristown in de Amerikaanse staat Tennessee. Een Amerikaanse vestiging biedt Van Hool de kans om in de Verenigde Staten in te spelen op aanbestedingen voor openbaar vervoer – Luierfabrikant Drylock investeert 200 miljoen euro in de bouw van de twee nieuwe fabrieken. Met de investering wil het concern blijven beantwoorden aan de toenemende vraag. De nieuwe fabrieken komen in Segovia in Spanje en Hradek in Tsjechië – Het luchtvaartconcern International Airlines Group (IAG), het moederbedrijf van onder meer British Airways en Iberia, overweegt een overnamebod te doen op prijsvechter Norwegian Air. Het concern heeft al een belang van 4,6 procent in de Noorse groep opgebouwd.
Het farmabedrijf Fagron heeft tijdens het eerste kwartaal van dit jaar een omzet gerealiseerd van 109,1 miljoen euro. Dat betekende nagenoeg een status-quo tegenover dezelfde periode vorig jaar. Zonder ongunstige wisselkoersen zou een groei met bijna 7 procent zijn gemeld – Winkelketen Carpetright gaat in Groot-Brittannië 92 winkels sluiten. Dat heeft de directie van het concern bekendgemaakt. Door de ingreep zouden ook driehonderd banen moeten worden geschrapt. De ingreep is noodzakelijk om het hoofd te bieden aan ongunstige marktevoluties – De Franse cosmeticagroep L’Oréal heeft tijdens het eerste kwartaal van dit jaar een omzet gerealiseerd van 6,8 miljard euro. Dat betekende een daling met 1 procent tegenover dezelfde periode vorig jaar. Op vergelijkbare basis was er echter sprake van een groei met 6,8 procent.
Het staalconcern ArcelorMittal zet zijn galvanisatielijnen in Flémalle bij Luik te koop, net zoals de productie-eenheid Ferblatil in Tilleur. Dat hebben de vakbonden gemeld. De ingreep is noodzakelijk voor een Europese goedkeuring van een overname die ArcelorMittal in Italië wil doen – De Duitse autogroep Volkswagen wordt voortaan geleid door de Oostenrijker Herbert Dries, tot nu toe verantwoordelijke voor het merk Volkswagen. Dat heeft het bedrijf gemeld. Dries, die ook voor BMW heeft gewerkt, wordt de opvolger van Matthias Müller – Het havenbedrijf North Sea Port heeft tijdens het eerste kwartaal van dit jaar 33 miljoen ton goederen verwerkt. Daarmee heeft het Belgisch-Nederlandse havenbedrijf een nieuw record geboekt. Tegenover dezelfde periode vorig jaar was er een groei met 3,2 miljoen ton.
Het Tsjechische bedrijf Avast, maker van beveiligingssoftware, werkt aan een beursgang. Het bedrijf wil minstens een kwart van zijn kapitaal op de beurs laten noteren. Daamee hoopt de Tsjechtische groep een bedrag van ongeveer 1 miljard dollar te kunnen ophalen – De Britse motorenfabrikant Rolls-Royce heeft zijn Duitse divisie L’Orange verkocht aan de Amerikaanse groep Woodward. Dat heeft Rolls-Royce gemeld. Met de transactie is een bedrag gemoeid van 700 miljoen euro. Bij L’Orange werken ongeveer duizend mensen – De Amerikaanse luchtvaartmaatschappij Delta Air Lines heeft tijdens het eerste kwartaal van dit jaar een omzet gerealiseerd van bijna 10 miljard dollar, tegenover 9,1 miljard dollar dezelfde periode vorig jaar. De winst daalde van 561 miljoen dollar naar 547 miljoen dollar.