Wereldwijd internet weerspiegelt nog steeds belangrijke digitale kloof
Posted by managing21 on november 19th, 2025
De wereldwijde online populatie is in 2025 met meer dan 240 miljoen mensen gegroeid. Dat blijkt uit een rapport van de Internationale Telecommunicatie Unie (ITU). De nieuwe schattingen bevestigen volgens de auteurs een voortdurende toename van digitale connectiviteit, maar wijzen ook op kwaliteitsverschillen die bepalen in hoeverre gebruikers van het internetgebruik profiteren.
Wereldwijd maken momenteel naar schatting 6 miljard mensen – ongeveer drie kwart van de wereldbevolking – gebruik van het internet, tegenover 5,8 miljard personen vorig jaar. Toch blijven nog steeds 2,2 miljard mensen offline, tegenover 2,3 miljard individuen vorig jaar. De bevindingen onderstrepen volgens de onderzoekers het belang van digitale infrastructuur, betaalbare diensten en scholing om ervoor te zorgen dat iedereen daadwerkelijk kan profiteren van nieuwe technologieën zoals kunstmatige intelligentie.
“In een wereld waarin digitale technologieën essentieel zijn voor het dagelijks leven, moet iedereen de mogelijkheid hebben om online te zijn,” beklemtoonde Doreen Bogdan-Martin, secretaris-generaal van de Internationale Telecommunicatie Unie (ITU). “Dit rapport toont dat de digitale kloof wordt bepaald door snelheid, betrouwbaarheid, betaalbaarheid en vaardigheden. Dit zijn factoren die met prioriteit moeten worden aangepakt om een universele connectiviteit te realiseren.”
In het rapport wordt verder aangevoerd dat momenteel ongeveer 3 miljard 5G-abonnementen actief zijn. Dat is ongeveer een derde van alle mobiele breedband-abonnementen. Er wordt aan toegevoegd dat 5G-netwerken inmiddels naar schatting 55 procent van de wereldbevolking dekken. Dit duidt op een sterke vooruitgang in geavanceerde mobiele technologieën. De dekking blijft echter ongelijk verdeeld, want 84 procent van de inwoners van landen met een hoog inkomen heeft toegang tot een 5G-netwerk, tegenover slechts 4 procent in naties met een laag inkomen.
Netwerken van de derde en vierde generatie zijn inmiddels voor het grootste deel van de wereldbevolking beschikbaar zijn, zijn deze technologieën minder geschikt om gelijke tred te houden met nieuwe digitale toepassingen. Schattingen in het rapport tonen bovendien grote verschillen in gebruiksintensiteit, een indicator voor de kwaliteitskloof. Een gemiddelde gebruiker in een land met een hoog inkomen genereert inmiddels bijna acht keer zoveel mobiele data als een gebruiker in een natie met een laag inkomen.
Essentiële diensten
In het rapport wordt benadrukt dat betaalbaarheid en digitale vaardigheden essentieel blijven voor het realiseren van een universele en betekenisvolle connectiviteit, waarbij altijd en overal een garantie wordt geboden op een toegang tot internet met hoogwaardige dienstverlening, tegen betaalbare kosten. Wereldwijd is de mediaanprijs van een mobiel breedbandpakket gedaald, maar de toegang blijft onbetaalbaar in ongeveer 60 procent van de landen met een laag of middelmatig inkomen. De resultaten van de studie suggereren dat de meeste internetgebruikers over basisvaardigheden beschikken, terwijl meer geavanceerde vaardigheden – zoals online veiligheid, probleemoplossing en digitale contentcreatie – zich trager ontwikkelen.
“Betrouwbare data vormen de basis van effectief digitaal beleid en van onze gedeelde visie om de wereld te verbinden,” zegt Cosmas Luckyson Zavazava, directeur van het Telecommunication Development Bureau van de International Telecommunication Union. “Het verwezenlijken van die visie vergt volgehouden en doelgerichte inspanningen in infrastructuur, digitale vaardigheden en datasystemen. Door samen te werken en middelen in te zetten waar de noden het grootst zijn, kunnen we ervoor zorgen dat niemand wordt buitengesloten en dat iedereen volledig en veilig profiteert van de kansen van het digitale tijdperk.”
In het rapport wordt ook een grotere verduidelijking geschetst over de wereldwijde digitale kloof. Opgemerkt wordt dat de digitale ontwikkeling sterk blijft samenhangen met economische ontwikkeling, gender en locatie. Onder meer wordt aangevoerd dat 94 procent van de inwoners van landen met een hoog inkomen van het internet gebruik maakt, tegenover slechts 23 procent in naties met een laag inkomen. Daarnaast werd vastgesteld dat 96 procent van de offline bevolking in landen met een laag of middelmatig inkomen woont.
Verder blijkt dat 77 procent van de mannen online is, tegenover 71 procent van de mannen. Ook werd opgemerkt dat 85 procent van de stedelijke bevolking online is, tegenover 58 procent van de bewoners van rurale gebieden. Tenslotte stipt het rapport aan dat in de leeftijdscategorie tussen vijftien en vierentwintig jaar 82 procent online is, tegenover een gemiddelde van 72 procent bij de rest van de bevolking.