managing21.be

Managing21: een blik op het heden en de toekomst van de economie.

Archive for the 'milieu' Category

Geluidsoverlast autoverkeer verhoogt stress en angst

Posted by managing21 on 3rd december 2024

Mensen die natuurgeluiden beluisteren ervaren minder stress en angst, maar die impact kan door de toevoeging van verkeerslawaai ongedaan worden gemaakt. Dat blijkt uit een studie van wetenschappers aan de University of the West of England en de Britse Bat Conservation Trust, gebaseerd op tests bij 68 proefpersonen die aan drie verschillende soundscapes van drie minuten werden blootgesteld.

“Uit eerdere studies is gebleken dat natuurgeluiden, zoals het gezang van vogels, een positieve impact kunnen hebben op de bloeddruk, de hartslag en de ademhalingsfrequentie van een individu, dat daarbij ook geregeld aangeeft minder stress en angst te ervaren”, merken de onderzoekers Paul Lintott en Lia Gilmour. “Anderzijds werd vastgesteld dat antropogene geluidslandschappen, zoals de geluidsoverlast van het wegverkeer of vliegtuigen, op verschillende manieren negatieve effecten op de gezondheid en het welzijn van de mens hebben.”

Een verlaging van de snelheid van het autoverkeer vermindert stress en angst. – Foto: Pixabay/Jean Martineau

Uit het onderzoek bleek dat de blootstelling aan een soundscape met natuurlijke geluiden bij de proefpersonen de niveaus van stress en angst verminderde. Tevens bleken de natuurgeluiden het herstel van de stemming na een stresserende situatie te verbeteren. “Maar de voordelen van een verbeterde stemming die door de blootstelling aan natuurgeluiden in de hand werden gewerkt, bleken te worden uitgehold wanneer aan het soundscape ook verkeersgeluiden werden toegevoegd”, betogen de ecologen Lintott en Gilmour.

“De laagste niveaus van stress en angst werden alleen genoteerd wanneer de proefpersonen uitsluitend natuurgeluiden te horen kregen”, zeggen de wetenschappers. “Wanneer de geluiden van een autoverkeer met een snelheid van 20 mijl per uur aan dat soundscape werden toegevoegd, bleek de positieve impact van de natuurgeluiden al gevoelig te verminderen. De hoogste niveaus van stress en angst die werden genoteerd, werden echter opgetekend wanneer aan het soundscape de geluiden van een autoverkeer met een snelheid van 40 mijl per uur werden toegevoegd.”

Aangepaste snelheid

Uit de studie kan volgens Lintott en Gilmour worden geconcludeerd dat een verlaging van de verkeerssnelheid in stedelijke gebieden de gezondheid en het welzijn van de mens op een positieve manier kan beïnvloeden. “Lagere snelheden hebben niet alleen een positieve impact op de verkeersveiligheid, maar zorgen ook voor een soundscape dat minder stress en angst teweeg brengt”, verduidelijken de ecologen.

“Het onderzoek toont aan dat het luisteren naar natuurlijke soundscapes stress en angst kan verminderen, maar dat antropogene geluiden, zoals het verkeerslawaai, deze potentiële positieve effecten kunnen ondermijnen”, stippen Lintott en Gilmour aan. “De verlaging van de verkeerssnelheid in steden kan daarom een ??belangrijke stap betekenen om meer mensen de positieve effecten van de natuur op hun gezondheid en welzijn te laten ervaren.”

“Het is dan ook belangrijk dat in de stedelijke gebieden groene ruimtes met een geschikte omvang, die voor het publiek toegankelijk zijn en voldoende groot zijn om populaties wilde dieren te ondersteunen, behouden blijven”, merken de wetenschappers nog op. “De studie steunt dan ook initiatieven die oproepen dat de stedelijke populatie robuustere, gezondere en zelfs wildere vormen van natuur, weg van menselijke verstoringen, kan ervaren”, geven de wetenschappers nog aan.

“De toegang tot groene ruimten neemt echter snel af naarmate steden groeien, waardoor de mogelijkheden voor mensen om de natuur te ervaren vermindert. Het is daarom essentieel dat een toekomstige stedelijke ontwikkeling en uitbreiding plaatsvindt met de voorziening van groene gebieden om voordelen voor de gezondheid en het welzijn van deze ruimten te maximaliseren.”

Meer over dit onderwerp:



Posted in gezondheid, milieu, Mobility, Stad | Reacties uitgeschakeld voor Geluidsoverlast autoverkeer verhoogt stress en angst

Aanvaringen tussen schepen en walvissen kunnen gemakkelijk worden verminderd

Posted by managing21 on 25th november 2024

Door amper 2,6 procent van het oceaanoppervlak veiliger te maken, kan het aantal aanvaringen tussen schepen en walvissen gevoelig worden verminderd. Dat blijkt uit een studie door wetenschappers van de British Antarctic Survey, gebaseerd op een analyse van 435.000 locaties over de hele wereld die op de reisroutes van walvissen liggen, gecombineerd met meer dan 35 miljard posities van 175.960 schepen. De wetenschappers stelden echter ook vast dat in bijna alle risicovolle gebieden preventieve maatregelen ontbreken.

Botsingen tussen walvissen en schepen kunnen voor de zeezoogdieren fataal zijn. Hoewel deskundigen zeggen dat veel aanvaringen tussen walvissen en schepen niet worden waargenomen en gerapporteerd – waardoor het moeilijk is om de omvang van het probleem in cijfers uit te drukken – suggereren sommige ramingen dat bij deze ongevallen er elk jaar tienduizenden dieren omkomen. De onderzoekers van de British Antarctic Survey zeggen echter niet alleen de hotspots met de grootste risico’s op aanvaringen te hebben geïdentificeerd, maar tevens te hebben vastgesteld dat in bijna al deze gebieden maatregelen ontbreken om dergelijke aanvaringen te beperken. 

Jaarlijks worden tienduizenden walvissen bij aanvaringen met schepen gedood. – Foto: Pixabay

“Dit is de eerste studie die dit probleem op een wereldwijde schaal bekijkt, waardoor wereldwijde patronen van de risico’s op aanvaringen met behulp van een extreem grote dataset van vier belangrijke walvissoorten – blauwe vinvis, vinvis, bultrug en potvis – kunnen worden geïdentificeerd”, benadrukte onderzoeksleider Jennifer Jackson, biologe bij de British Antarctic Survey. “Dit zijn vier soorten die wereldwijd zijn verspreid en zich over grote afstanden verspreiden.”

De studie – die op gegevens van 1960 tot 2020 beroep deed – toonde dat zeescheepvaart voorkomt in 91,5 procent van het totale bereik van deze walvissen, waardoor ze het risico lopen op botsingen. De onderzoekers waren ook in staat om hotspots – gedefinieerd als gebieden met het hoogste risico – te identificeren. Deze probleemgebieden bleken meestal geconcentreerd rond continentale kustlijnen. Het hoogste percentage gebieden met hoge risico’s situeerde zich  in de Indische Oceaan. Maar de onderzoekers wezen erop dat er ook hotspots werden gevonden in gebieden op open zee zoals de Azoren, tenminste voor blauwe vinvissen en potvissen.

De onderzoekers voegden eraan toe dat bijna 5 procent van de hotspots op drie van de vier onderzochte walvissoorten betrekking had en bijna 20 procent twee van de soorten. “Meer dan 95 procent van de hotspots voor alle onderzochte soorten werden gevonden in wateren van de exclusieve economische zones, wat wijst op het belang van een nationale regelgeving om dit risico wereldwijd te verminderen,” benadrukte Jackson.

Wanneer naar de beheersmaatregelen voor scheepsaanvaringen, zoals snelheidsbeperkende zones of veranderingen in scheepsroutes, bleek tussen de verschillende hotspots grote variaties in beschermingsniveaus. In het algemeen werden echter minder dan 7 procent van de hotspots voor één van de vier soorten door vrijwillige maatregelen gedekt, terwijl minder dan 1 procent van de betrokken gebieden door verplichte maatregelen werden beschermd.

Klimaatcrisis

“Toch zouden dergelijke ingrepen een grote impact kunnen hebben”, benadrukte Jackson. “Een volledige dekking van de hotspots zou immers kunnen worden bereikt door het beheer tot amper 2,6 procent van het oceaanoppervlak uit te breiden. Het vertragen van schepen vormt de meest effectieve manier om het risico op aanvaringen te verminderen.”

“Hoewel de dreiging van aanvaringen door de toenemende zeescheepvaart is opgelopen, kan de klimaatcrisis de situatie nog erger maken”, gaf Jackson nog aan. “Het afnemende pakijs in het Noordpoolgebied kan immers nieuwe handelsroutes openen en zou ertoe kunnen leiden dat walvispopulaties noordwaarts trekken.”

“Voor walvissen zijn de scheepvaartroutes het equivalent van snelwegen voor voetgangers”, betoogde Sally Hamilton, de directeur van de organisatie Orca, in een commentaar. “De scheepvaartindustrie heeft de kans om aanvaringen tussen schepen en walvissen in hun milieustrategie een centrale positie te geven. Dat kan door een samenwerking met natuurbeschermers en regeringen om veilige mariene ruimten te creëren. Hierdoor kunnen de rederijen helpen om de de schade van de industriële walvisjacht ongedaan te maken en de toekomstige gevolgen van scheepsaanvaringen te beperken.”

Volgens Freya Womersley, bioloog bij de Marine Biology Association, benadrukt het onderzoek dat aanvaringen tussen wilde dieren en schepen een wereldwijd probleem zijn en daarom ook een wereldwijd antwoord vereisen. “Het is bemoedigend te bemerken dat een gericht beheer van de scheepvaart – over een relatief klein oceaangebied – een volledige dekking van de hotspots kan bereiken, waardoor positieve resultaten voor het behoud van deze walvissoorten haalbaar worden,” zei ze.

Meer over dit onderwerp:

Posted in milieu, scheepvaart | Reacties uitgeschakeld voor Aanvaringen tussen schepen en walvissen kunnen gemakkelijk worden verminderd

Recyclage aantal cruciale mineralen moet sterk worden opgevoerd

Posted by managing21 on 19th november 2024

De recyclage van een groot aantal metalen die cruciaal zijn voor de duurzame energietransitie, blijft op een laag niveau. Bovendien blijkt er de voorbije jaren in de herwinning van deze materialen slechts een langzame vooruitgang te zijn genoteerd. Dat blijkt uit een rapport van het International Energy Agency (IEA).

Uit de cijfers blijkt dat vooral kobalt, lithium en nikkel slechts een minimaal recyclageniveau laten optekenen. Het voorbije jaar bleek immers amper 10,4 procent van de wereldwijde lithium-productie van recyclage afkomstig te zijn. Bij lithium en nikkel viel dat cijfer zelfs nog verder terug tot respectievelijk 2,9 procent en 1,4 procent.

Recyclage kan de vraag naar onder meer nieuwe lithium-ontginningen beperken. – Foto: Mineral Resources

Het internationaal energiebureau merkt daarbij op dat er zonder recyclage binnenkort bij een aantal essentiële minerale voorraden voor belangrijke tekorten zal moeten worden gevreesd. “Gebaseerd op de aangekondigde projecten, zal tegen 2035 amper 70 procent van de wereldwijde vraag naar koper kunnen worden ingevuld”, merkt het bureau op. Tevens wordt aangevoerd dat China bij de recyclage van batterijen een steeds grotere voorsprong opbouwt. 

“Naarmate elektrische voertuigen gebruikelijker worden, zal het potentieel van de recyclage van materialen uit oude batterijen en onderdelen bijzonder groot worden”, wordt in het rapport benadrukt. “Maar die potentiële mogelijkheden moeten ook worden benut.”

Het International Energy Agency gelooft dat de recyclage van batterijen tegen het midden van deze eeuw tussen 20 procent en 30 procent van de vraag naar lithium, nikkel en kobalt zou kunnen dekken. “Bovendien zou een grotere recyclage ook belangrijke economische en ecologische verbeteringen kunnen realiseren”, benadrukte het energiebureau. “Ook op het gebied van energiezekerheid zouden belangrijke vorderingen kunnen worden geboekt.”

Kobalt en lithium hebben door hun gebruik in autobatterijen en elektronica snel aan belang gewonnen voor de wereldeconomie. Koper en nikkel hebben tegelijkertijd ook belangrijke eigenschappen voor de verdere uitbouw van duurzame energietoepassingen. Bij koper liggen de recyclageniveaus momenteel al op 17,2 procent.

Regionale verschillen

Zowel koper als nikkel worden vooral rechtstreeks gerecycleerd uit fabrieken die schroot van deze metalen tijdens hun productieprocessen genereren. Hoewel dit schroot gemakkelijk kan worden gebruikt, blijkt de recyclage van deze materialen nog steeds minder succesvol dan voor andere producten. “De recyclageniveaus van deze twee materialen is sinds het midden van het voorbije decennium afgenomen”, beklemtoont het rapport.

“Er wordt weliswaar een groter beroep gedaan op herwonnen voorraden, maar dat blijkt niet voldoende om de toenemende behoefte voor de productie van nieuwe goederen in te vullen. Bij koper was er daarbij tussen het midden van het voorbije decennium en vorig jaar sprake van een daling van 37 procent tot 33 procent. Bij nikkel was er daarbij tijdens dezelfde periode een terugval van 35 procent tot 31 procent.” Aluminium vormt op deze dalende trend de enige uitzondering. Hier was er sprake van een lichte toename van 24 procent naar 26 procent.

Het rapport benadrukt nog dat de capaciteit voor wereldwijde recyclage van batterijen een snelle groei kent. Daarbij was er het voorbije jaar sprake van een groei met 50 procent. “China blijft de wereldleider op het gebied van de voorbehandeling en het materiaalherstel”, wordt er benadrukte. “Het land zal tot eind dit decennium in beide gebieden naar verwachting een marktaandeel van meer dan 70 procent behouden. China, dat al een dominante positie heeft bij de raffinage van kritieke mineralen, kondigde onlangs een nieuw staatsbedrijf aan dat zich toelegt op de recyclage en het hergebruik van afgedankte batterijen en andere materialen.”

Het internationaal energiebureau wijst er nog op dat de recyclage-capaciteit momenteel de beschikbare grondstoffen overtreft, maar voegt eraan toe dat dit beeld na 2030 drastisch zou kunnen veranderen. “Er verschijnen steeds meer installaties voor duurzame energietechnologie, terwijl bovendien ook steeds meer elektrische voertuigen het einde van hun levensduur zullen bereiken”, wordt er opgemerkt.

Er blijken echter grote regionale verschillen. “In China overstijgt de recyclage-capaciteit de aanvoer van binnenlandse grondstoffen”, wordt in het rapport aangevoerd. “In Europa en de Verenigde Staten zal de aangekondigde recyclage-capaciteit in 2040 slechts 30 procent van de grondstoffen aanleveren. In India zal op dat ogenblik zelfs slechts een capaciteit van amper 10 procent worden opgetekend.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in energie, grondstoffen, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Recyclage aantal cruciale mineralen moet sterk worden opgevoerd

Uitstoot van privéjets op vier jaar tijd met bijna 50 procent gestegen

Posted by managing21 on 12th november 2024

De uitstoot van koolstofdioxide door privéjets steeg met bijna 50 procent in vier jaar. Het fenomeen wordt aangedreven door een verschuiving in de reisgewoonten van de rijke bevolkingsgroepen na de pandemie, waaronder een groot aantal vluchten naar grote wereldwijde evenementen. Dat blijkt uit een studie van wetenschappers aan de Linnaeus University in Zweden, gebaseerd op een analyse van meer dan 25.000 vliegtuigen die tussen 2019 en 2023 werden ingezet.

De bevindingen onderstreepten de aanhoudende bloei van de sector van de privévliegtuigen, die door de uitbraak van de wereldwijde covid-pandemie in belangrijke mate aan populariteit wonnen. Rijke gebruikers schakelden daardoor immers over op het gebruik van privéjets om de wereldwijde lockdowns die de impact van de pandemie moesten beperken, te ontwijken.

Privévliegtuigen vormen de meest energie-intensieve sector van de luchtvaart. – Foto: Dassault Aviation

“De studie toont echter ook een fundamentele minachting voor klimaatverandering aan de top van de samenleving”, betoogde hoofdonderzoeker Stefan Gössling, professor economie aan de Linnaeus University. “Privévliegtuigen worden, ongeacht de klimaatimplicaties, in veel gevallen als taxi’s gebruikt. De bredere bevolking zal niet begrijpen waarom de gewone burger zijn uitstoot zou moeten verminderen als aan de top het goede voorbeeld niet wordt gegeven.”

De onderzoekers bestudeerden 18.655.789 privévluchten die tussen 2019 en 2023 door 25.993 geregistreerde privéjets werden uitgevoerd. Die vluchten vertegenwoordigen het overgrote deel van de activiteit van de sector. De onderzoekers berekenden dat de vluchten vorig jaar 15,6 miljoen ton koolstofdioxide aan directe emissies produceerden. Dat betekende een stijging met 46 procent ten opzichte van het cijfers die voor het jaar 2019 waren verzameld.

Deze privévliegtuigen vertegenwoordigen vorig jaar ongeveer 1,8 procent van de totale emissies van de commerciële luchtvaart vorig jaar. Daarbij wordt opgemerkt dat de World Cup voetbal in Qatar twee jaar geleden in totaal 1.846 vluchten van privéjets liet noteren. Het World Economic Forum in Zwitserland vorig jaar maakte van 660 privévliegtuigen gebruik. De klimaattop in de Verenigde Arabische Emiraten registreerde 291 vluchten. 

Privacy

De grootste individuele uitstoters produceerden met het gebruik van privéjets ruimschoots 500 keer meer koolstofdioxide dan de totale emissies van een gemiddelde wereldburger. “Veel rijke individuen zijn sinds het einde van de pandemie privéjets blijven gebruiken, aangetrokken door de privacy, persoonlijke service en het gemak”, verduidelijkte Gössling. “De toename van bedrijven die gedeeltelijk eigenaar van een vliegtuig zijn en de mogelijkheden om op de vluchten voor de herpositionering van de vliegtuigen – zogenaamde empty leg vluchten – zetels te reserveren, heeft de industrie ook betaalbaarder gemaakt.

Volgens gegevens van luchtvaartconsulent WingX werden er vorig jaar 5,1 miljoen privévluchten uitgevoerd. Dat is 15 procent meer dan vijf jaar geleden. Sommige sectoren van de industrie hebben geprobeerd duurzamer te worden, vooral door klanten de mogelijkheid aan te bieden om compensaties voor de ecologische voetafdruk voor hun vlucht te kopen of door het gebruik van duurzamere vliegtuigbrandstoffen.

Vliegtuigreizen vertegenwoordigen 3 procent van de wereldwijde emissies van koolstofdioxide. Daarmee vormt de sector niet de grootste bron van vervuiling, maar toch hebben milieugroepen opgeroepen om privéjets veel zwaarder te belasten. Brandstof die in de privéluchtvaart wordt gebruikt, is over het algemeen wereldwijd onbelast. Gössling riep op om de sector te reguleren, zodat de groei zou kunnen worden afgeremd. Hij dacht daarbij onder meer aan een verhoging van de landingsrechten, waardoor zowel kortere vluchten als passagiersvrije vluchten naar luchthavens met lagere kosten zouden kunnen worden ontmoedigd.

“Indien naast de emissies van koolstofdioxide ook de uitstoot van andere broeikasgassen in aanmerking zouden worden genomen, zouden de cijfers over de uitstoot van de privéluchtvaart waarschijnlijk nog twee of drie keer hoger liggen”, betoogde Felix Creutzig, onderzoeker bij het Mercator Research Institute on Global Commons and Climate Change in Berlijn. Creutzig riep op tot een betere regulering van de sector en benadrukte dat superrijke individuen rolmodellen zijn en dat hun keuzes, ook buiten hun individuele voetafdruk, een grote impact hebben.

Meer over dit onderwerp:

Posted in luchtvaart & ruimtevaart, milieu, Mobility | Reacties uitgeschakeld voor Uitstoot van privéjets op vier jaar tijd met bijna 50 procent gestegen

Wereldwijde ontbossing het voorbije jaar opnieuw toegenomen

Posted by managing21 on 11th oktober 2024

De vernietiging van wereldwijde bossen nam het voorbije jaar opnieuw toe. Het niveau van ontbossing lag daarbij zelfs hoger dan drie jaar geleden, toen honderdveertig landen beloofden om tegen het einde van dit decennium de vernietiging van bossen te stoppen. Dat blijkt uit een rapport van de onderzoeksgroep Climate Focus. De toenemende vernietiging van de bossen brengt volgens de onderzoekers de ambities om de klimaatcrisis te stoppen en het enorme verlies aan biodiversiteit nog verder buiten bereik.

Volgens het rapport werd het voorbije jaar bijna 6,4 miljoen hectare bos vernietigd. Daarbovenop werd nog een groter gebied – 62,6 miljoen hectare – door wegenbouw, houtkap en bosbranden gedegradeerd. De ontbossing kende het voorbije jaar pieken in Indonesië en Bolivia, gedreven door politieke veranderingen en aanhoudende vraag naar grondstoffen zoals rundvlees, soja, palmolie, papier en nikkel in rijke landen. 

De onderzoekers zeiden dat pogingen tot een vrijwillige vermindering van ontbossing niet werkten en benadrukten dat er een strenge regulering en meer financiering voor bosbescherming nodig waren. Wel wordt gewezen op een positieve ontwikkeling in Brazilië. Daar heeft de regering van president Luiz Inácio Lula da Silva tijdens het eerste jaar van zijn legislatuur de ontbossing van het Amazonegebied met 32 procent teruggebracht.

Het voorbije jaar verdween wereldwijd 6,4 miljoen hectare bosgebied. – Foto: Pixabay/Travis Brown

“Er moet helaas worden vastgesteld dat het probleem van de ontbossing sinds het begin van het decennium niet is verminderd”, benadrukt onderzoeksleider Ivan Palmegiani, ecoloog bij Climate Focus. “De situatie is daarentegen nog verergerd. We zijn nog maar zes jaar verwijderd van een cruciale wereldwijde deadline om ontbossing te stoppen, maar de bossen worden nog steeds in een alarmerend tempo gekapt, gedegradeerd en in brand gestoken. Het is nochtans mogelijk om van koers te veranderen, maar dan moet de aanpak van het probleem door alle landen als een prioriteit worden bestempeld. Daarvoor zullen echter ook de geïndustrialiseerde landen hun buitensporige consumptieniveaus moeten bijsturen en de landen met grote bosgebieden steunen.”

“Landen tonen onder gunstige omstandigheden vaak een sterke vooruitgang in de strijd tegen de ontbossing”, stippen de onderzoekers aan. “Maar wanneer de economische of politieke omstandigheden veranderen, kan ook het beleid een ommekeer tonen en neemt de vernietiging van bosgebieden opnieuw drastisch toe. Dat effect kan onder meer in Indonesië en Bolivia, waar de ontbossing sterk is toegenomen, worden opgemerkt. Om de wereldwijde doelstellingen voor bosbescherming te halen, moet bosbescherming immuun worden gemaakt voor politieke en economische grillen.”

De meeste landen steunden drie jaar geleden tijdens de klimaattop van de Verenigde Staten de afspraak om tegen het einde van dit decennium de ontbossing te stoppen. Het onderzoek van Climate Focus wees echter uit dat er onvoldoende vorderingen worden gemaakt. “De vernietiging van bosgebieden lag vorig jaar bijna 50 procent hoger dan het niveau dat een gestage vooruitgang naar het einde van de ontbossing zou vereisen.”

Grondstoffen

“Alleen al de ontbossing in Indonesië steeg op één jaar tijd met 57 procent”, betogen de onderzoekers. “Dit was grotendeels toe te schrijven aan de stijgende wereldwijde vraag naar grondstoffen zoals papier en gedolven metalen zoals nikkel. Maar het is ook duidelijk dat de Indonesische regering de voet van het gaspedaal heeft gehaald. Indonesië heeft tussen 2015 en 2017 en tussen 2020 en 2022 de grootste daling in ontbossing van alle tropische landen meegemaakt. We moeten dan ook hopen dat deze tegenslag slechts tijdelijk is.” Het voorbije jaar nam Indonesië de helft van de wereldwijde nikkelproductie voor zijn rekening. Nikkel is een metaal dat in veel groene technologieën wordt gebruikt. 

“Brazilië geeft wel een voorbeeld van positieve vooruitgang in de Amazone”, geven de onderzoekers aan. “Maar tegelijkertijd is de ontbossing van de Cerrado – de tropische savanne van het land – is op één jaar met 68 procent toegenomen.” Brazilië is bovendien ook geteisterd door bosbranden die door de klimaatcrisis waarschijnlijker en intenser worden. Het rapport concludeerde dat er de voorbije vijf jaar ongeveer 45 miljoen hectare is afgebrand.

Andere landen die op het gebied van ontbossing vooruitgang boekten, waren Australië, Colombia, Paraguay, Venezuela en Vietnam. Buiten de tropische regio’s registreerden gematigde bossen in Noord-Amerika en Latijns-Amerika de grootste absolute niveaus van ontbossing. De onderzoekers waarschuwden dat er financiering nodig was voor bosbescherming, de versterking van de landrechten van inheemse volkeren en de vermindering van de vraag naar grondstoffen die door ontbossing worden geproduceerd.

De Europese Unie wil de verkoop van producten die verband houden met ontbossing – zoals koffie, chocolade, leer en meubels – verbieden. Maar de Europese Commissie heeft echter voorgesteld de invoer van het verbod met een jaar uit te stellen. Dat zou het naar eigen zeggen moeten toelaten om het systeem geleidelijk in te voeren. Het uitstel werd ingegeven door protesten van landen zoals Australië, Brazilië, Indonesië en Ivoorkust. “Deze tegenwerking wordt grotendeels door politieke druk gedreven”, merken de onderzoekers op. “Dat is een jammerlijke zaak. We kunnen niet vertrouwen op vrijwillige inspanningen. Die hebben de voorbije tien jaar heel weinig vooruitgang geboekt.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in grondstoffen, landbouw, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Wereldwijde ontbossing het voorbije jaar opnieuw toegenomen

Filekredieten vormen efficiënt systeem voor aanpak verkeersopstoppingen

Posted by managing21 on 10th oktober 2024

Een systeem van congestie-credits kan het probleem van verkeersopstoppingen helpen aanpakken zonder voor de weggebruikers extra kosten te veroorzaken. Dat is de conclusie van een studie van wetenschappers aan de École Polytechnique Fédérale de Lausanne (EPFL) en de Eidgenössische Technische Hochschule Zürich (ETHZ).

“Verkeersopstoppingen tijdens de spitsuren vormen voor forenzen en stadsplanners een groot probleem”, benadrukt Kenan Zhang, professor menselijke mobiliteit aan de EPF Lausanne. “Wereldwijd wordt er in de verkeersfiles enorm veel tijd verspild. Uit een onderzoek is gebleken dat forenzen in de Verenigde Staten gemiddeld jaarlijks 99 uur aan files verliezen. In het Verenigd Koninkrijk loopt dat cijfer verder op tot gemiddeld 115 uur.”

Files wegen op verkeersgebruikers en stadsplanners. – Foto: Pixabay/Stefan Schweihofer

In de loop van de jaren hebben stadsplanners steeds meer geavanceerde computermodellen ontwikkeld om de verkeersvraag te voorspellen en beheren. Het systeem van de EPF Lausanne en de ETH Zürich beweert daarbij niet alleen een efficiënte oplossing voor het probleem te bieden, maar ook op een eerlijke manier kan worden geïmplementeerd, aangezien er voor de forenzen geen extra kosten worden veroorzaakt.

“Het verkeersmanagementsysteem, dat Carma werd gedoopt, werd speciaal ontworpen voor de congestie die wordt veroorzaakt door forenzen die tijdens de ochtendspits van de buitenwijken naar het stadscentrum rijden”, verduidelijkt Kenan Zhang. “Daarbij kunnen de forenzen een keuze tussen twee opties worden aangeboden. Bestuurders zouden kunnen opteren voor een langzame rijstrook met veel verkeer of van verworven credits gebruik kunnen maken om te bieden op een snelle rijstrook met minder wagens.”

“Het idee is dat forenzen hun credits zouden gebruiken wanneer ze bijzonder veel haast hebben”, benadrukt Zhang. “Aan het einde van elke dag zouden de verzamelde credits van forenzen die op de snelle rijstrook rijden, worden herverdeeld over alle chauffeurs die op het Carma-systeem zijn geabonneerd.”

“In de conventionele verkeersmodellen voor het spitsuur wordt verondersteld dat iedereen haast heeft om op hetzelfde moment op kantoor aan te komen”, zegt Zhang. “Maar dit hoeft niet met de realiteit overeen te komen. Forenzen zouden op bepaalde dagen immers minder haast kunnen hebben. Dit vertegenwoordigt een betere weerspiegeling van de realiteit en garandeert dat het Carma-systeem op de lange tijd kan functioneren. Forenzen zouden onder meer kunnen opteren om hun credits te verzamelen voor dagen waarop ze dreigen te laat op het werk te verschijnen.”

Eerlijk

Zhang wijst erop dat de carma-credits geen commerciële waarde hebben. “Dit betekent dat het systeem geen discriminatie vormt tegenover mensen met een lager inkomen”, betoogt de wetenschapper. “Veel systemen voor verkeersbeheer die tegenwoordig in de steden worden gebruikt, zijn immers gebaseerd op een tol die tijdens de spitsuren door duurdere tarieven wordt gekenmerkt, terwijl tijdens dalperiodes lagere prijzen worden aangerekend.”

“Mensen met een grotere financiële draagkracht kunnen het zich daardoor veroorloven om hoge toltarieven te betalen om te voorkomen dat ze in de file staan. Forenzen met een lager inkomen zullen daarentegen eerder of later moeten vertrekken om de files te vermijden. Dit type van systemen heeft geen eerlijke basis.”

De wetenschapper wijst er bovendien op dat het carma-systeem geen persoonlijke gegevens van de gebruiker verzamelt. “De huidige systemen voor verkeersbeheer vertrouwen op gegevens die over het woon-werkverkeer van de bevolking worden verzameld”, beklemtoont Zhang. “Die data worden gebruikt voor de uitwerking van een tolschema dat de verkeersdrukte tijdens de spitsuren moet kunnen verminderen. Dergelijke gegevens zijn daarentegen niet noodzakelijk om het carma-systeem te laten functioneren.”

“Onze resultaten zijn wiskundig bewezen en tonen aan dat het carma-systeem de verkeersstromen even goed kan verbeteren als betaalsystemen”, werpt Zhang op. “Onze aanpak is bovendien eerlijk en vertrouwt niet op persoonlijke gegevens.” In een volgende fase willen de onderzoekers het carma-systeem in de praktijk uitproberen, terwijl ook naar een verdere verfijning van de herverdeling van de credits zou worden gezocht.

Meer over dit onderwerp:

Posted in automotive, milieu, Mobility | Reacties uitgeschakeld voor Filekredieten vormen efficiënt systeem voor aanpak verkeersopstoppingen

Zwitserland bouwt spoorlijnen om tot zonnecentrales

Posted by managing21 on 10th oktober 2024

In het Zwitserse kanton Neuchâtel wordt op een spoorlijn een batterij zonnepanelen geïnstalleerd. Dat heeft het Zwitserse Office Fédéral des Transports (OFT) aangekondigd. Aan het bedrijf Sun-ways werd een vergunning verleend om aan het station van Buttes over een afstand van honderd meter 48 zonnepanelen te installeren. Het project wordt de eerste Zwitserse verwijderbare zonnecentrale die op een spoorlijn kan worden geplaatst.

Het Zwitserse bedrijf Sun-ways wil op de spoorlijn tussen Neuchâtel en Val-de-Travers een experimentele zonnecentrale met een vermogen van 18 kilowatt installeren. De centrale bestaat uit 48 panelen met elk een vermogen van 380 watt. De installatie van de centrale vergt een investering van 621.800 euro. De opgewekte elektriciteit zal op het lokale stroomnet worden geïnjecteerd. De bouw van de centrale gebeurt in samenwerking met het lokale elektriciteitsbedrijf Viteos en DG-Rail, een bedrijf dat gespecialiseerd is in elektrische installaties voor spoorwegen.

Ongeveer de helft van het wereldwijde spoorwegnet zou met zonnepanelen kunnen worden uitgerust. – Foto: Sun-ways

Sun-ways had al langer een aanvraag voor het project lopen. In de zomer van vorig jaar had het Office Fédéral des Transports de aanvraag nog afgewezen. Het dossier omvatte volgens het Zwitserse transportbureau te weinig technische referenties over de plannen. Sindsdien heeft het bedrijf echter rapporten van de Haute Ecole d’Ingénierie et de Gestion du Canton de Vaud en het Zwitserse bedrijf Geste Engineering, specialist in grootschalige spoorwegprojecten. Bedoeling was aan te tonen dat het systeem perfect compatibel is met de veiligheidscriteria van het Zwitserse transportbureau.

Sun-ways wijst erop dat het project een perfect antwoord kan bieden voor een aantal problemen waarmee zonnekracht wordt geconfronteerd. De installatie van zonnecentrales in de Alpen wordt met een aantal controverses geconfronteerd. Er is immers bij diverse belangengroepen verzet gerezen tegen de installatie van de zonnecentrales, die volgens hen het alpenlandschap zouden verstoren. In juni van dit jaar hadden de Club Alpine Suisse en de organisatie Mountain Wilderness nog beroep aangetekend tegen een vergunning voor de bouw van een grootschalige zonnecentrale in Oberwil.

“De technologie van Sun-ways zou een relevant antwoord op die problemen kunnen bieden en kan helpen om de noodzakelijke toename van de elektriciteitsproductie door zonnekracht kunnen opleveren”, benadrukken woordvoerders van het bedrijf. “De toepassing maakt immers gebruik van een ongebruikte ruimte zonder het treinverkeer of het onderhoud en de inspectie van de spoorinfrastructuur te verstoren.”

Sun-ways verduidelijkte dat de zonnepanelen handmatig of mechanisch kunnen worden geïnstalleerd met behulp van een spoorwegmachine die speciaal is ontworpen door Scheuchzer, een expert in spoorwegonderhoud. De machine zou tot duizend vierkante meter zonnepanelen kunnen installeren. Bovendien is de zonnecentrale verwijderbaar om eventuele onderhoudswerkzaamheden mogelijk te maken.

De vergunning van het Zwitserse transportbureau is wel onderworpen aan verschillende technische voorwaarden. Onder meer zullen bij het pilootproject een aantal tests en metingen moeten worden uitgevoerd. Dit moet ervoor zorgen dat er geen schadelijke gevolgen voor de spoorweginfrastructuur zullen zijn.

Uitdagingen

“Iedere spoorweg zou met zonnepanelen moeten worden uitgerust”, benadrukt Joseph Scuderi, chief executive van Sun-ways. “De energiesector hoefde niet overtuigd te worden van het idee. Bij de spoorwegbedrijven waren meer twijfels, want de meeste installaties van zonnepanelen zijn niet zo eenvoudig te verwijderen en terug te plaatsen. Er wordt aan het spoor immers doorlopend gewerkt, terwijl er elke vier tot vijf jaar een grote onderhoudsbeurt wordt gepland. De zonnepanelen moeten dus gemakkelijk kunnen worden verwijderd en opnieuw geplaatst.”

Sun-ways ontwikkelde een technologie die het verwijderen en plaatsen van de zonnepanelen vergemakkelijkt. Daarbij kreeg de onderneming de ondersteuning van het bedrijf Scheuchzer, dat een machine heeft ontwikkeld om die manoeuvres gemakkelijk uit te voeren. 

Het Zwitserse spoorwegnet heeft een totale lengte van 5.317 kilometer. Wanneer die afstand volledig met zonnepanelen zou worden uitgerust, zou jaarlijks één terawattuur zonnekracht per jaar kunnen worden geproduceerd. Sunways heeft al uitbreidingsplannen naar Duitsland, Oostenrijk en Italië. “Er liggen wereldwijd meer dan één miljoen kilometer spoorlijnen”, benadrukte Baptiste Danichert, voorzitter van Sun-ways. “Wij zijn ervan overtuigd dat 50 procent van dat wereldwijde spoornet met ons systeem zou kunnen worden uitgerust.”

De spoorwegfederatie International Union of Railways (UIC) noemt het initiatief interessant, maar benadrukt wel dat er nog een aantal uitdagingen moeten worden aangepakt. Daarbij wordt gewag gemaakt van een mogelijk hoger risico op brand in de groenstroken langs de spoorlijnen. Het harde oppervlak van de zonnepanelen zou bovendien mogelijk voor extra geluidsoverlast kunnen zorgen. Verder zou de lichtreflectie van de panelen de treinbestuurders kunnen hinderen.

Sun-ways zegt echter dat zijn zonnepanelen de opgeworpen problemen kunnen vermijden. Het bedrijf benadrukt onder meer dat ze panelen zwart zijn gekeurd en zijn uitgerust met een reflectiefilter, zodat hinder voor de machinisten is uitgesloten. Verder wordt erop gewezen dat de treinen achteraan kunnen worden voorzien van ronde borstels, die vuil op het oppervlak van de panelen kunnen verwijderen. Ook de vorming van ijs en sneeuw op de panelen zou kunnen worden aangepakt.

Meer over dit onderwerp:

Posted in energie, milieu, Mobility | Reacties uitgeschakeld voor Zwitserland bouwt spoorlijnen om tot zonnecentrales

Diesel met groter gehalte biomassa kan uitstoot transport verminderen

Posted by managing21 on 5th oktober 2024

Diesel met hogere gehaltes biomassa kunnen de uitstoot van de transportsector gevoelig verminderen. Knelpunten die deze hogere gehaltes biomassa belemmeren, kunnen bovendien grotendeels worden opgelost. Dat is de conclusie van een rapport van wetenschappers bij het Amerikaanse National Renewable Energy Laboratory (NREL), op basis van een analyse over sojabonenolie, de meest voorkomende grondstof die in de Verenigde Staten wordt gebruikt om duurzame brandstof te maken.

“Momenteel wordt bij biobrandstoffen de traditionele petroleum slechts met een beperkt volume aan biomassa aangelengd”, benadrukt onderzoeksleider Robert McCormick, brandstofexpert aan het National Renewable Energy Laboratory. “Meestal is er slechts sprake van 5 procent tot 20 procent biomassa. Toch blijkt het mogelijk om beduidend hogere percentages biomassa aan de fossiele petroleum toe te voegen.”

Een overstap naar het gebruik van hogere percentages biomassa zou de uitstoot van het volume broeikasgassen door de transportsector gevoelig kunnen verminderen. Dat geldt zowel voor biodiesel als voor hernieuwbare diesel. Biodiesel is een zuurstofverbinding die wordt vervaardigd op basis van vetten, oliën en smeermiddelen. Hernieuwbare diesel wordt met dezelfde grondstoffen gemaakt, maar wordt verwerkt tot een koolwaterstof die chemisch vergelijkbaar is met diesel op basis van fossiele petroleum.

Biobrandstoffen kunnen onder meer op basis van palmolie worden geproduceerd. – Foto: Pixabay/Bishnu Sarangi

“Het verbaast me dat er elk jaar duizenden artikelen over biodiesel worden gepubliceerd, maar bijna niemand kijkt naar mengsels waarin meer dan 20 procent biomassa is verwerkt”, voert Robert McCormick aan. “Er is ook geen gedetailleerd inzicht in de eigenschappen van biodiesel met meer dan 20 procent biomassa.

Om zijn ecologische voetafdruk te verkleinen, hoopt de transportsector massaal op elektrisch vervoer te kunnen overschakelen. Maar voor een aantal activiteiten zullen naar verwachting vloeibare brandstoffen nodig blijven. Dat geldt onder meer voor zware vrachtwagens die grotere afstanden moeten afleggen, terreinvoertuigen, schepen en commerciële vliegtuigen. Hier blijkt elektrificatie slechts voor lichtere exemplaren mogelijk. Er zal daarbij van brandstoffen met een lage netto uitstoot van broeikasgassen, zoals biodiesel en hernieuwbare diesel, gebruik gemaakt moeten worden. Bovendien moeten deze brandstoffen compatibel zijn met de bestaande motortypes.

Problematische veranderingen

Het gebruik van biodiesel en hernieuwbare diesel zal naar verwachting de uitstoot van broeikasgassen door het transport met 40 procent tot 86 procent – afhankelijk van de gebruikte grondstof – verminderen in vergelijking met fossiele diesel. “Wanneer meer dan 50 procent biodiesel aan een fossiele brandstof wordt toegevoegd, dreigen de eigenschappen van het mengsel drastisch te veranderen, waardoor aanzienlijke problemen kunnen ontstaan”, verduidelijkt McCormick. “Wanneer de toevoeging daarentegen onder de grens van 50 procent blijft, vormen de verschillen geen grote uitdaging.”

Maar ook voor de problematische veranderingen in de karakteristieken van de brandstof kunnen volgens McCormick oplossingen worden gevonden. “Onder meer moet ervoor gezorgd worden dat de diesel tijdens de wintermaanden een andere samenstelling krijgt”, merkt hij op. “Dit moet ervoor zorgen dat het stollingspunt, de temperatuur waarbij zich in de vloeistof vlokken beginnen te vormen, onder de verwachte omgevingstemperatuur ligt. Deze vlokken kunnen een verstopping van de brandstoffilter veroorzaken, waardoor de motor niet meer kan werken. Door dit probleem is het gebruik van 100 procent biodiesel in gebieden met koudere winters problematisch.”

“Dit probleem kan echter worden opgelost door het mengniveau te verlagen of door een toevoeging van producten die een lager stollingspunt kennen”, voert McCormick aan. Er wordt aan toegevoegd dat ook de impact van andere eigenschappen van de brandstof – zoals dichtheid, oxidatiestabiliteit of watergehalte – moeten worden bekeken om een superieure biodiesel te kunnen produceren.

Meer over dit onderwerp:

Posted in milieu, Mobility | Reacties uitgeschakeld voor Diesel met groter gehalte biomassa kan uitstoot transport verminderen

Tewerkstelling in hernieuwbare energie toont nieuwe recordgroei

Posted by managing21 on 5th oktober 2024

De sector van de hernieuwbare energie heeft het voorbije jaar wereldwijd 2,5 miljoen nieuwe banen gecreëerd. Dat is een nieuw record. In China werd de grootste groei opgetekend. Dat blijkt uit een rapport van het International Renewable Energy Agency (Irena) en de International Labour Organization (ILO).

Eind vorig jaar vertegenwoordigde de sector van de hernieuwbare energie wereldwijd 16,2 miljoen arbeidsplaatsen. Dat betekende een stijging met 18 procent tegenover het jaar voordien. “Maar de sector vertoont wereldwijd een bijzonder ongelijkmatig beeld”, benadrukte Francesco La Camera, directeur-generaal van Irena. “In China werken 7,4 miljoen mensen in de sector van de hernieuwbare energie. Daarmee vertegenwoordigt het Aziatische land 46 procent van de wereldwijde tewerkstelling in de sector.”

Zonnekracht is binnen de sector van de hernieuwbare energie de grootste werkgever. – Foto: Iberdrola

In de Europese Unie biedt hernieuwbare energie werk aan 1,8 miljoen mensen, gevolgd door Brazilië (1,56 miljoen mensen). In de Verenigde Staten en India zijn bijna één miljoen mensen in de sector actief. “Daarentegen bood de hernieuwbare energie in Afrika, ondanks een immens potentieel aan hulpbronnen, vorig jaar slecht aan 324.000 mensen werk.

“De energietransitie en de sociaaleconomische voordelen van deze evolutie zouden niet tot één of twee regio’s beperkt mogen blijven”, benadrukte Francesco La Camera nog. “Als we allemaal onze gezamenlijke belofte willen nakomen om de capaciteit voor hernieuwbare energie tegen eind dit decennium te verdrievoudigen, moet de wereld inspanningen doen om gemarginaliseerde regio’s te ondersteunen bij het aanpakken van barrières die hun transitie in de weg staan.” Het doel om de capaciteit voor hernieuwbare energie tegen 2030 te verdrievoudigen, werd vorig jaar vastgesteld tijdens de klimaatbesprekingen van de Verenigde Naties in Dubai.

Zonnekracht

Het rapport merkte nog op dat zonnekracht in de industrie van de hernieuwbare energie met 7,2 miljoen banen de grootste werkgever is. In China zijn 4,6 miljoen mensen actief met de productie en installatie van zonnepanelen. Vloeibare biobrandstoffen bieden werk aan 2,8 miljoen mensen. Een derde van die arbeidsplaatsen zijn in Brazilië terug te vinden. Waterkracht vertegenwoordigde vorig jaar 2,3 miljoen banen. Dat weerspiegelde een daling met 200.000 arbeidsplaatsen tegenover het jaar voordien. In de windenergie werden tenslotte 1,5 miljoen banen geregistreerd. China had in deze tewerkstelling een aandeel van 52 procent, gevolgd door Europa met 21 procent.

“Om te kunnen voldoen aan de groeiende vraag van de energietransitie naar diverse vaardigheden en talenten, moet het beleid maatregelen nemen om een grotere diversiteit aan medewerkers te kunnen rekruteren en een sterkere gendergelijkheid te bereiken”, merkt La Camera op. “Vrouwen vertegenwoordigen in de hernieuwbare energie nog altijd maar 32 procent van de totale beroepsbevolking. De gendergelijkheid blijft in de sector dan ook nog altijd veraf, zelfs terwijl het totale aantal banen blijft stijgen. Het is essentieel dat onderwijs en training leiden tot diverse arbeidsmogelijkheden voor vrouwen, jongeren en leden van minderheden en kansarme groepen.”

“Investeren in onderwijs, vaardigheden en training kan helpen om alle werknemers uit de industrie van de fossiele brandstoffen om te scholen, genderproblemen en andere ongelijkheden aan te pakken en de beroepsbevolking voor te bereiden op nieuwe functies in duurzame energie”, betoogde Gilbert Houngbo, directeur-generaal van de International Labour Organization. “Indien we werknemers willen uitrusten met de kennis en vaardigheden die ze nodig hebben om te garanderen dat de energietransitie rechtvaardig en duurzaam is, moeten ze ook toegang krijgen tot fatsoenlijke banen.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in energie, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Tewerkstelling in hernieuwbare energie toont nieuwe recordgroei

Pistachenoten helpen Spaanse landbouw klimaatverandering overleven

Posted by managing21 on 3rd oktober 2024

In Spanje leggen steeds meer landbouwers zich toe op de teelt van pistachenoten. Met deze verschuiving probeert de Spaanse landbouwsector zich volgens experts aan de klimaatverandering, die in het Zuid-Europese land tot een steeds meer frequente en intense droogte leidt, aan te passen.

In Spanje blijken landbouwers steeds vaker van traditionele teelten zoals granen of druiven op alternatieven zoals pistachenoten aan te passen. “Twintig jaar geleden bestond onze oogst uit druiven en granen, net zoals bij de vorige generaties”, betoogde Miguel Angel Garcia, eigenaar van een boerderij in Manzanares in de centrale regio Castilla-La Mancha. “Maar die oogsten bleken niet meer rendabel. Als wij niet van teelt waren veranderd, hadden wij niet langer van onze boerderij kunnen leven.”

Spanje produceert inmiddels 9.000 ton pistachenoten per jaar. – Foto: Pixabay

Garcia koos er in 2007 voor om op de teelt van de pistachenoten over te schakelen. “Pistache is een lucratiever gewas, dat bovendien beter tegen de droogtes is bestand”, getuigde hij nog. Spanje is door die overstap inmiddels een van de grootste producenten van pistachenoten in de wereld geworden. Alleen de Verenigde Staten, Iran en Turkije kunnen een grotere oogst melden.

Pistachebomen zijn oorspronkelijk afkomstig uit het Midden-Oosten en zijn bijzonder geschikt voor het klimaat van Spanje en doorstaan ??hete, droge zomers en koude winters. Het areaal pistachenoten in Spanje beslaat inmiddels een oppervlakte van 79.000 hectare. Dat betekende bijna een vervijfvoudiging op zeven jaar tijd. De teelt is vooral geconcentreerd in regio’s zoals Castilla-La Mancha, Extremadura en Andalusië, ondanks de problemen van waterschaarste, die door de klimaatverandering nog worden verergerd.

Mario Gonzalez-Mohino, directeur van de sectororganisatie Pistacho Pro, zijn pistachenoten – die oorspronkelijk uit woestijngebieden komen – aan het veranderende klimaat in Spanje goed aangepast. “Met onophoudelijke nieuwe warmterecords wordt de veerkracht van het gewas steeds waardevoller”, benadrukte hij. Spanje produceert momenteel bijna 9.000 ton pistachenoten per jaar. Er worden echter volop nieuwe bomen geplant. Het duurt minstens zeven jaar voor die bomen hun eerste oogst opbrengen. De productie zal in de toekomst dan ook sterk toenemen.

De coöperatie Pistamancha, die meer dan vijftig telers vertegenwoordigt, investeert in nieuwe infrastructuur voor het sorteren, pellen en drogen van de pistachenoten. Daarmee wil de sector reageren op de sterke vraag op de markt. Uiteindelijk hoopt de coöperatie één miljoen kilogram per jaar te kunnen verwerken. “Ondanks de sterke groei van de sector heerst er weinig bekommernis over een mogelijke overproductie”, merken experts op. “De binnenlandse vraag ligt nog steeds hoger dan het aanbod. De verkoop van pistachenoten in Spanje steunt nog steeds vooral op import.”

Toenemende populariteit

Pistachenoten worden meestal gegeten als snacks, maar worden ook veel gebruikt bij de productie van taarten, snoep, ijs en cosmetica. Verder is het product een belangrijk ingrediënt van de keuken in het Midden-Oosten. De vrucht geniet wereldwijd een toenemende populariteit. 

Uit een trendanalyse van Google blijkt dat het aantal zoekopdrachten naar pistachenoten sinds 2019 met 60 procent is gestegen. Het trendplatform Tastewise geeft bovendien aan dat het aantal gesprekken over pistachenoten het voorbije jaar met 10 procent is toegenomen. Tegelijkertijd werd een groei van 15 procent gemeld bij de interesse in pistachenoten als ingrediënt. “Dit biedt voor fabrikanten, restauranthouders en kruideniers nieuwe opportuniteiten”, merken de experts op.

Mensen eten al minstens 300.000 jaar pistachenoten. De noten bevatten gezonde vetten, vezels en antioxidanten. Ook herbergen de noten essentiële voedingsstoffen die bijdragen tot gewichtsverlies en darmgezondheid. Lenny Chase, chief executive van het drankmerk CPG Rasa, betoogde daarbij dat de pistachenoten een groot potentieel hebben om gezondere producten te creëren. “Merken kunnen een sterk verhaal opbouwen over hun producten die op pistachenoten zijn gebaseerd”, beklemtoonde hij. “Daarbij kunnen consumenten best worden geïnformeerd over de specifieke gezondheidsvoordelen van pistachenoten.”

De Verenigde Staten zijn wereldwijd de grootste producent van pistachenoten. Het land vertegenwoordigde vorig jaar 54 procent van de wereldwijde productie, gevolgd door Turkije (27 procent) en Iran (14 procent). Naast Spanje zijn verder ook Syrië en Griekenland belangrijke producenten van pistachenoten.

Meer over dit onderwerp:

Posted in gezondheid, landbouw, milieu, voeding & horeca | Reacties uitgeschakeld voor Pistachenoten helpen Spaanse landbouw klimaatverandering overleven