managing21.be

Managing21: een blik op het heden en de toekomst van de economie.

Archive for the 'milieu' Category

Moderne steden worden vooral door verticale groei gekenmerkt

Posted by managing21 on 8th augustus 2024

Moderne steden groeien vooral in de hoogte. Een horizontale uitbreiding blijft veel beperkter. Dat blijkt uit een onderzoek van wetenschappers aan de University of New Hampshire, gebaseerd op een analyse van de groei van meer dan vijftienhonderd steden over de hele wereld over een periode van dertig jaar.

Het onderzoek, gebaseerd op satellietbeelden, wijst erop dat de voorbije decennia grote aantallen mensen van het platteland naar de stad zijn verhuisd. Eerdere studies hebben tevens aangetoond dat steden doorgaans beginnen als dorpen die groter worden naarmate er nieuwe gebouwen worden neergezet. Daardoor krijgen deze nederzettingen steeds grotere grondoppervlakken en breiden ze hun grenzen uit. In de moderne tijd daarentegen heeft de stadsbevolking geleerd hogere gebouwen te plannen. Hierdoor groeien deze steden vooral naar boven.

Vooral Chinese steden hebben de voorbije decennia een sterke verticale groei getoond. – Foto: Pixabay/Herbert Bieser

“Terwijl opwaartse expansie historisch gezien beperkt was tot een handvol megasteden zoals New York en Tokio, is de wereldwijde ontwikkeling van hoogbouw de voorbije decennia aanzienlijk uitgebreid”, merken de onderzoekers op. “De snelheid waarmee steden naar buiten uitbreiden is over het algemeen sinds de jaren negentig vertraagd, terwijl de snelheid van de verticale groei toeneemt. Deze vaststellingen konden op alle continenten worden gedaan, maar vooral in Azië kon die trend sterk worden opgemerkt.”

De onderzoekers ontdekten dat de groei van de stad de voorbije decennia, zoals verwacht, een parallel verloop liet optekenen met de lokale economische ontwikkeling. Tevens werd vastgesteld dat de meeste onderzochte steden een transitie kenden, waarbij er van een horizontale groei naar een verticale groei werd overgestapt. Uiteindelijk werd over het hele onderzoek gemiddeld een grotere verticale dan horizontale groei gemeld.

De evolutie naar een verticale ontwikkeling kende vooral in grote metropolen met meer dan vijf miljoen inwoners een versnelling. In de jaren negentig van de voorbije eeuw werd slechts 7 procent van de oppervlakte van deze steden door hoogbouw ingenomen. Dat cijfer was tijdens het eerste decennium van deze eeuw opgelopen tot 9 procent, maar kende het voorbije decennium nog een verdere opstoot tot 28 procent.

“Momenteel woont wereldwijd al meer dan 56 procent van alle mensen in steden”, zeggen de wetenschappers nog. Tegen het midden van de eeuw zal dat cijfer volgens berekeningen van de World Bank tot 70 procent zijn opgelopen. Hogere gebouwen leiden echter tot een grotere bevolkingsdichtheid. Dit zal een aanzienlijke impact hebben op diverse uitdagingen, zoals de planning van openbare diensten en de strijd tegen de klimaatverandering, waarmee de stedelijke omgeving wordt geconfronteerd.”

China

“De wereldwijde stedelijke bevolking heeft sinds het begin van de jaren negentig van de voorbije eeuw nagenoeg een verdubbeling gekend”, beklemtoont onderzoeksleider Steve Frolking, emeritus hoogleraar aardwetenschappen aan de University of New Hampshire. “Dit leidt tot een behoefte aan meer transport en infrastructuur. De manier waarop steden groeien, heeft invloed op hun uitstoot van broeikasgassen, de vraag naar gespecialiseerde materialen en heeft zelfs impact op het stedelijke klimaat, waardoor microklimaten – lokale atmosferische omstandigheden die verschillen van de omliggende gebieden – ontstaan.”

“Sinds de jaren negentig van de voorbije eeuw zijn steden, vooral in snel ontwikkelende regio’s, van een horizontale groei met laagbouw overgestapt naar een verticale groei met hoogbouw”, voeren de onderzoekers aan. “Vooral Chinese metropolen zijn een voorbeeld van het stedelijk ontwerp dat door de economische ontwikkeling wordt beïnvloed. Tussen 2003 en 2014 werd er in de Chinese steden 100 miljard vierkante voet aan residentieel vastgoed gebouwd. Om dit in perspectief te plaatsen kan worden opgemerkt dat in 2018 het totale commerciële vastgoed in de Verenigde Staten een oppervlakte van 96 miljard vierkante voet besloeg.”

De onderzoekers merken nog op dat deze evoluties op het gebied van duurzaamheid in de toekomst belangrijke positieve en negatieve implicaties zullen hebben. “Dichtbevolkte gebieden met hogere gebouwen kunnen onder meer helpen om meer oppervlaktes te behouden voor de natuur, terwijl ook het totale aanbod aan beloopbaar gebied kan worden uitgebreid. De constructie van hoge gebouwen kan echter zware niveaus koolstofdioxide uitstoten en hogere energiebehoeften hebben.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in milieu, Stad | Reacties uitgeschakeld voor Moderne steden worden vooral door verticale groei gekenmerkt

Economische verliezen door natuurrampen lopen op

Posted by managing21 on 8th augustus 2024

Economische verliezen door natuurrampen bereikten tijdens de eerste helft van dit jaar een niveau van 120 miljard dollar. Dat betekende een daling met 32 miljard dollar tegenover dezelfde periode vorig jaar, maar tegenover het gemiddelde van de voorbije tien jaar liep die economische schade wel met 31 procent op. Dat blijkt uit een rapport van de Zwitserse herverzekeraar Swiss Re. Opgemerkt wordt dat de eerste helft van vorig jaar wel werd gekenmerkt door de zware aardbeving in Turkije en Syrië.

Swiss Re merkte daarbij op dat bij natuurrampen tijdens de eerste helft van dit jaar 60 miljard dollar aan verliezen door verzekeraars waren gedekt. Dat betekende een status-quo tegenover dezelfde periode vorig jaar. Tegenover het gemiddelde van de voorbije tien jaar was er echter sprake van een toename met 62 procent. Er werd aan toegevoegd dat 70 procent van die verzekerde verliezen gelinkt was aan onweersbuien. Met een schadekost van 42 procent lag dat verlies 87 procent boven het gemiddelde van de voorbije tien jaar.

Rampen die door de mens werden veroorzaakt leiden tot een verlies van 5 miljard dollar, tegenover 6 miljard dollar dezelfde periode vorig jaar. – Foto: Pixabay/Markus Distelrath

Slechts één keer leverde de eerste jaarhelft een groter gedekt verlies door onweersbuien op dan de eerste zes maanden van dit jaar. De schade door onweersbuien bleek vooral geconcentreerd in de Verenigde Staten. “De jongste jaren zijn zware onweersbuien een belangrijke oorzaak geworden van een aanzienlijke toename van verzekerde verliezen”, betoogt Balz Grollimund, hoofd catastrofe-risicobeheer bij Swiss Re. “Dit moet worden toegeschreven aan de groeiende bevolking en de hogere vastgoedwaarden in stedelijke gebieden. Maar bovendien zijn de verzekerde eigendommen kwetsbaarder voor hagelschade. Die verliezen zullen in de toekomst wellicht verder oplopen.”

De duurste natuurramp die tijdens de eerste helft van dit jaar werd opgetekend, was de aardbeving die op nieuwjaarsdag in Japan werd geregistreerd. Met een kracht van 7,5 punten op de schaal van Richter trof die aardbeving de westkust van Japan, nabij het schiereiland Noto. Talrijke gebouwen stortten in en duizenden mensen zaten wekenlang zonder stroom of zuiver water. Meer dan tweehonderd mensen kwamen om het leven. De geschatte totale verliezen van de aardbeving bedroegen ongeveer 10 miljard dollar. Daarbij was er sprake van ongeveer 2 miljard dollar aan verzekerde verliezen.

Jérôme Jean Haegeli, hoofdeconoom van Swiss Re, merkt op dat de oplopende financiële verliezen aan een combinatie van factoren moet worden toegeschreven. “Daarbij moet ook gekeken worden naar de inflatie, die de bouwkosten heeft doen toenemen”, verduidelijkte Haegeli. “Met de verdere economische ontwikkeling zullen ook de risico’s op financieel verliezen toenemen.”

“Daarom is het van vitaal belang om te investeren in beschermende maatregelen, zoals de beveiliging van kwetsbare gemeenschappen tegen overstromingen of de verbetering van bouwvoorschriften om woningen tegen zware hagelbuien te beschermen”, beklemtoonde Haegeli nog. Swiss Re wees wel op een opmerkelijke factor die tijdens de eerste helft van dit jaar kon worden waargenomen. “Er moest immers gewag gemaakt worden aan een hogere frequentie van kleinere tot middelgrote rampen”, werpt de herverzekeraar op.

Onverzekerbaar

Recent gaf Swiss Re nog aan dat de verzekeringssector de impact van recente natuurrampen in Europa aanzienlijk heeft onderschat. Daarbij werd gewezen op onder meer de aardbeving in Turkije, overstromingen in Duitsland en hagelbuien in Italië. “Er moest vastgesteld worden dat de reële schade tussen 10 procent en 20 procent hoger lag dan door een aantal modellen was ingeschat.”

De onderschatting van de kosten van extreme weersomstandigheden moeten volgens Swiss Re als een sectorbreed probleem worden bestempeld. Die problemen zijn volgens de herverzekeraar te wijten aan ontoereikende gegevens over de actuele blootstelling. “De toenemende frequentie en intensiteit van extreme weersomstandigheden, veroorzaakt door de opwarming van de aarde, hebben de kosten voor de verzekeraars en herverzekeraars doen oplopen”, voert Swiss Re aan.

De Zwitserse herverzekeraar wees er verder nog op dat sommige regio’s onverzekerbaar dreigen te worden en dat in 2023 al voor het vierde jaar op rij meer dan 100 miljard dollar aan verzekerde verliezen door natuurrampen moest worden geregistreerd. “Huiseigenaren worden wereldwijd geconfronteerd met hogere verzekeringspremies of ervaren problemen om een dekking te krijgen”, verduidelijkt Swiss Re.

“Dit leidt tot discussies over de mate waarin een overheidsingrijpen nodig is om de kosten van klimaatverandering voor consumenten te beperken. Bepaalde risicovolle gebieden zijn nagenoeg onverzekerbaar geworden. Een tussenkomst van de overheid is hier nuttig en noodzakelijk.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in milieu | Reacties uitgeschakeld voor Economische verliezen door natuurrampen lopen op

Radioactiviteit moet neushoorns tegen stropers beschermen

Posted by managing21 on 8th augustus 2024

Radioactiviteit is een interessant hulpmiddel om de illegale jacht op neushoorns tegen te gaan. Dat zeggen wetenschappers van het Rhisotope Project, een Zuid-Afrikaanse organisatie die zich toelegt op de bescherming van neushoorns. De strategie van de organisatie bestaat erin om een radioactieve bron in de hoorns van de dieren in te brengen. Dit zal volgens het Rhisotope Project stropers afschrikken.

“Radioactieve hoorns zijn voor consumenten minder aantrekkelijk”, benadrukt James Larkin, professor stralingskunde aan de University of Witwatersrand in Johannesburg (Zuid-Afrika). “Hierdoor wordt de rhinoceros voor stropers ook een minder interessant doelwit. Bovendien zouden de bestraalde voorraden bij het transport in de havens met de bestaande technologieën voor stralingsdetectie kunnen worden geïdentificeerd. Dit maakt het gemakkelijker om de hoorns bij internationale trafieken te onderscheppen.”

Vorig jaar werden in Zuid-Afrika bijna vijfhonderd neushoorns door stropers gedood. – Foto: Pixabay/Uwe Günther

Het Rhisotope Project werd twee jaar geleden gelanceerd. In samenwerking met Jordan Hillis, een specialist nucleaire techniek aan de Texas A&M University, lanceerde Larkin daarbij een onderzoek naar het niveau van radioactief materiaal dat voor een neushoorn veilig zou zijn. “Het was onze eerste prioriteit te verifiëren dat de injectie van de isotopen op een veilige manier kon gebeuren”, beklemtoonde Hillis. “Uiteraard mocht de gezondheid van het dier nooit in gevaar worden gebracht, terwijl ook de unieke kenmerken van de hoorn intact moesten blijven.” 

Nadat de veiligheidstests met succes konden worden afgesloten, werd beslist om twintig zwarte en witte neushoorns in The Rhino Orphanage in de Zuid-Afrikaanse provincie Limpopo met de isotopen te injecteren. Deze dieren zullen de volgende periode specifiek worden gevolgd.

Neushoorns zijn megaherbivoren die het landschap mee helpen vormgeven. De rhinoceros is dan ook cruciaal voor zijn ecosysteem. Ook de zwarte markt, die de stroperij aanwakkert, heeft een grote impact op de samenleving. “Het beperken van de stroperij biedt dan ook aan de menselijke samenleving ondersteuning”, voeren de wetenschappers aan. De handel in wilde dieren is een van de belangrijkste elementen van de georganiseerde misdaad, samen met wapens, drugs en mensenhandel. Vaak gaan deze illegale praktijken zelfs met elkaar gepaard.”

Goud of cocaïne

“Een hoorn van de rhinoceros is op de zwarte markt het meest waardevolle product en evenaart daarbij de prijs van goud en cocaïne”, benadrukt Jessica Babich, antropoloog en operationeel directeur van het Rhisotope Project. “Wanneer we die handel kunnen verstoren, zal er hopelijk een aanzienlijke impact kunnen worden gemeten op de criminaliteit en de zwarte markt. Een neushoorn die in Zuid-Afrika wordt gestroopt, heeft effect op elke burger in de wereld. Iedereen ervaart immers de negatieve consequenties van de werking van de illegale economie.”

In Zuid-Afrika leven ongeveer 15.000 neushoorns. Vorig jaar werden in het land volgens cijfers van de overheid 499 dieren door stropers gedood. Dat betekende een stijging met 11 procent tegenover het jaar voordien. De stroperij gebeurde meestal in officiële natuurreservaten. De toediening van radioactieve stoffen is een alternatief voor andere methodes die werden toegepast om stropers te ontmoedigen.

“Die methodes, zoals het vergiftigen of afsnijden van de hoorns, hebben echter weinig resultaat opgeleverd”, getuigt Arrie Van Deventer, oprichter van het The Rhino Orphanage. Het radioactieve materiaal blijft minstens vijf jaar in de hoorns opspoorbaar. Dat vertegenwoordigt volgen Larkin een belangrijke kostenbesparing tegenover operaties waarbij de hoorns worden afgesneden en die elke achttien maanden moeten worden herhaald.

In de toekomst is het volgens Babich de bedoeling dat het project deze methode commercialiseert om neushoorns ook in reservaten of op privéterrein te beschermen. Verder hoopt men de technologie ook bij andere populaire doelwitten van de stropers, zoals schubdieren, te kunnen repliceren. Maar het Rhisotope Project wil nog een aantal andere projecten opzetten. Onder meer zullen daarbij vrouwelijke hygiëneproducten worden verstrekt aan schoolgaande meisjes. Verder zullen op scholen tuinen worden aangelegd om verse voeding te kunnen aanbieden, terwijl ook watervoorziening voor lokale gemeenschappen wordt verzorgd.

Meer over dit onderwerp:

Posted in milieu | Reacties uitgeschakeld voor Radioactiviteit moet neushoorns tegen stropers beschermen

Nissan gebruikt witte lak om auto’s koel te houden

Posted by managing21 on 8th augustus 2024

De Japanse autobouwer Nissan heeft een afkoelende witte verf, die warmte reflecteert, ontwikkeld. De verf is in staat om de buitenkant van een auto met 12 graden Celsius af te koelen. In het interieur van de wagen zou een afkoeling met 5 graden Celsius worden geboden. Dat heeft Nissan bekendgemaakt. De ontwikkeling vormt onderdeel van een inspanning die het bedrijf – net zoals de auto-industrie in het algemeen – doet om de efficiëntie van auto’s te verhogen te midden van toenemende zorgen over duurzaamheid in een opwarmend klimaat.

Nissan wil met de nieuwe ontwikkeling een oplossing zoeken voor de onvermijdelijke hitte die gewoonlijk gepaard gaat met het parkeren van een auto in de hete zon, zodat ook het gebruik van de airconditioning zou kunnen worden verminderd. “Mijn droom is om koelere auto’s te creëren zonder energie te verbruiken,” motiveerde Susumu Miura, manager van het laboratorium geavanceerde materialen in het Nissan Research Center, het onderzoek. “Dit is vooral belangrijk in het tijdperk van de elektrische voertuigen, waar de belasting van de airconditioning tijdens de zomer een aanzienlijke impact kan hebben op de laadstatus van de batterij.”

De toepassing met de koelende lakken wordt uitgetest op de luchthaven Haneda in Tokio. – Foto: Nissan

Nissan introduceerde de verf, die zes keer dikker is als de typische autolak, in november vorig jaar op de Tokyo International Air Terminal op Haneda Airport. In samenwerking met het energietechnologie-bedrijf Radi-Cool bracht Nissan zijn koelende verf aan op de voertuigen van de luchthavenservice. Er werd daarbij een proefproject van twaalf maanden aangekondigd. Miura hoopt dat Nissan de ontwikkeling ook bij commerciële voertuigen zal toepassen.

De technologie van koelende verf is door de drang naar klimaatbewuste voertuigen steeds aantrekkelijker geworden. Ook Toyota experimenteert met verf die de temperatuur binnenin de wagen kan verlagen. Drie jaar geleden introduceerde een team van ingenieurs van de Purdue University de witste witte verf van de wereld, waarbij meer dan 98 procent van het zonlicht kan worden gereflecteerd. Een jaar later ontwikkelde datzelfde team een ??dunnere versie van de verf die vliegtuigen, auto’s en spaceshuttles kan coaten.

De sleutel tot de efficiëntie van de koelende verf van Nissan wordt door twee onderdelen aangereikt. In eerste instantie heeft de verf de eigenschap om nabij-infrarood licht, dat er normaal voor zorgt dat normale verf warmte absorbeert, te reflecteren. Daarnaast worden ook elektromagnetische golven gecreëerd om de warmte af te weren. “De toepassing heeft licht van verschillende golflengtes gecombineerd”, verklaarde Shu Yang, professor materiaalkunde aan de University of Pennsylvania, de werking van de verf.

“De verf van Nissan kan worden vergeleken met zonnebrandcrème, die ultraviolette stralen zowel absorbeert als reflecteert”, werpt Shu Yang op. “Zelfs de materialen in de verf vertonen overeenkomsten met zonnebrandcrème, zoals titaniumoxide, de basisverbinding in een groot aantal koeltechnologieën die warmte reflecteren. Hoewel de lak een witte kleur heeft, is dat niet het gevolg van een pigment dat aan de verf is toegevoegd, maar wel het resultaat van de structurele delen die worden gebruikt om de verf zelf te maken.”

Onbekende factoren

Hoewel meer autofabrikanten reflecterende witte verf als koeloplossing introduceren, blijven er nog veel onbeantwoorde vragen over de manier waarop de technologie in de toekomst kan worden verbeterd. “Milieubewuste chauffeurs zullen hierdoor voorlopig steeds voor een witte auto moeten kiezen”, betoogde Shu Yang. “De koelende verf blijft immers altijd wit. De actieve bestanddelen van de lak hebben immers een optimale grootte om licht en warmte te reflecteren. Maar uiteindelijk zal wellicht gepoogd worden een efficiënte doorschijnende verf te ontwikkelen om kleurrijke pigmenten te coaten.”

Maar Shu Yang merkt op dat hierbij nog met veel onbekende factoren moet worden rekening gehouden. “Zelfs na de ontwikkeling van koelende verf zijn er nog steeds te veel wetenschappelijke onbekenden over de manier waarop bepaalde kleuren warmte reflecteren en absorberen. Hoewel de algemene wetenschappelijke regel te kennen geeft dat warmte door lichte kleuren wordt gereflecteerd en door donkeren kleuren geabsorbeerd, moeten er nog steeds anomalieën, zoals het dieppaarse aubergine, worden vastgesteld.”

Critici waarschuwen echter dat zelfs technologische ontdekkingen en verbeteringen aan deze technologieën slechts een beperkt aantal oplossingen voor de klimaatverandering bieden. De realisatie van verbindingen zoals bariumsulfaat, vereist immers mijnbouw en extractie, wat hogere emissies van koolstofdioxide oplevert.

Jeremy Munday, hoogleraar elektrotechniek aan de University of California, betoogde dat het verven van auto’s met reflecterende witte lakken slechts een druppel op een gloeiende plaat betekent in de strijd tegen de impact van broeikasgassen die in de atmosfeer worden gepompt en daar worden vastgehouden. “Dit is voor het klimaatprobleem absoluut geen oplossing op de lange termijn”, betoogde Munday. “Op korte termijn kan wel gewag worden gemaakt van een toepassing die het probleem kan helpen beperken en onder controle te krijgen.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in automotive, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Nissan gebruikt witte lak om auto’s koel te houden

Royal Mail richt zich voortaan op recyclage e-waste

Posted by managing21 on 7th augustus 2024

In het Verenigd Koninkrijk boort de Royal Mint, producent van de nationale muntstukken, een nieuwe bron aan voor de winning van goud. Om zijn goudvoorraden aan te vullen, heeft het Britse staatsbedrijf immers beslist om elektronisch afval (e-waste) te verwerken. Daarvoor werd in Llantrisant, in het zuiden van Wales, een grote industriële fabriek opgetrokken. In de installaties van die fabriek zal het goud uit oude printplaten van computers en andere elektronische apparatuur te halen. 

Elektronisch afval – van oude telefoons en computers tot televisietoestellen – vormt een snelgroeiend probleem. Uit cijfers van de Verenigde Naties blijkt dat twee jaar geleden in totaal 62 miljoen ton elektronisch afval werd weggegooid. Volgens ramingen zal de berg elektronisch afval tegen het einde van dit decennium nog worden verdrievoudigd.

Jaarlijks wordt meer dan 60 miljoen ton elektronisch afval weggegooid. – Foto: Pixabay

In Llantrisant worden ingezamelde stapels printplaten verhit om de verschillende componenten te verwijderen. Vervolgens wordt de reeks losgemaakte spoelen, condensatoren, pinnen en transistoren op een transportband gezeefd, gesorteerd, gesneden en in blokken gesneden. Daarbij worden alle onderdelen met goud geselecteerd en vervolgens naar een chemische installatie op de site afgevoerd. Daarna wordt het goud in een chemische oplossing gegoten. Nadat die oplossing wordt gefilterd, blijft een gouden poeder over. Tenslotte wordt dat poeder in een oven verhit, waardoor goudklompen worden gevormd.”

“De Royal Mint richt zich in Llantrisant op stedelijke mijnbouw”, werpt Inga Doak, hoofd duurzaamheid van het Britse staatsbedrijf, op. “We recupereren een afvalproduct dat door de maatschappij wordt geproduceerd. Uit dat restproduct wordt vervolgens het goud gehaald om opnieuw te kunnen worden verwerkt.” Doak merkt daarbij op dat de economie steeds meer de waarde van deze eindige grondstof begint op te merken.

“De traditionele processen voor de winning van goud zijn bijzonder energie-intensief”, verduidelijkt Leighton John, operationeel directeur van de Royal Mint. “Daarbij wordt beroep gedaan op extreem giftige chemicaliën die slechts één keer kunnen worden gebruikt. Bij die processen wordt ook gebruikgemaakt van smelters die bijzonder veel energie consumeren. Bij het nieuwe procédé verloopt het chemisch proces echter bij kamertemperatuur. Daarvoor is slechts weinig energie nodig, terwijl de gebruikte chemische producten kunnen worden gerecupereerd. Het goud kan bovendien snel worden gewonnen.”

Grote aanvoer

De Royal Mail kan voor het nieuwe productieproces op de aanvoer van grote voorraden rekenen. Volgens een rapport van de Verenigde Naties is het Verenigd Koninkrijk per hoofd van de bevolking na Noorwegen de grootste producent van technologie-afval ter wereld. “Het is de bedoeling om jaarlijks meer dan 4.000 ton elektronisch afval te verwerken”, zegt Leighton John. “Traditioneel wordt dit afval naar het buitenland verscheept, maar die export is nu niet langer noodzakelijk. Daardoor wordt ook een aanzienlijk financieel verlies vermeden.” Vierduizend ton e-waste zou tot 450 kilogram goud moeten opleveren. Die voorraad heeft aan de huidige tarieven een waarde van 27 miljoen pond. 

Deze verschuiving naar de afvalsector betekent een grote verandering voor de Royal Mint, die al meer dan duizend jaar de officiële muntfabrikant van het Verenigd Koninkrijk is. Maar nu het gebruik van contant geld afneemt, vormt e-waste voor het overheidsbedrijf een nieuwe manier om inkomsten te genereren en arbeidsplaatsen te redden. “We dienden onze activiteiten te diversifiëren”, verduidelijkt Anne Jessopp, chief executive van de Royal Mint. “Aangezien er nu minder mensen nodig zijn om munten te maken, was het eigenlijk een ideale gelegenheid om medewerkers naar de verwerking van e-waste over te plaatsen. Op die manier konden we de tewerkstelling van de betrokkenen redden.” 

Het goud wordt in eerste instantie gebruikt voor de vervaardiging van sieraden. In een later stadium zullen de gewonnen voorraden ook worden gebruikt voor de productie van herdenkingsmunten. De Royal Mint zoekt ook naar mogelijkheden voor de andere materialen – waaronder aluminium, koper, tin en staal – die uit de printplaten worden gehaald. De printplaten zelf zouden mogelijk kunnen worden vermalen en in de bouwindustrie gebruikt.

Meer over dit onderwerp:

Posted in grondstoffen, industrie, Jewellery, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Royal Mail richt zich voortaan op recyclage e-waste

Groene landelijke ring kan stedelijk hitte-eiland temperen

Posted by managing21 on 7th augustus 2024

Een groene ring rondom een stad heeft het potentieel om het effect van het stedelijk hitte-eiland te verminderen. De operatie zou de temperaturen in het stadscentrum met meer dan een halve graad Celsius kunnen afkoelen. Dat blijkt uit een onderzoek van wetenschappers aan de School of Architecture van de Southeast University in Nanjing (China), gebaseerd op een analyse van de temperaturen die gedurende twintig jaar in dertig Chinese steden werden opgetekend.

De klimaatverandering zorgt over de hele wereld voor meer frequente en intense hittegolven, maar de impact op de steden is nog zwaarder. Dat heeft te maken met het urban heat effect, dat de warmte in stedelijke gebieden vasthoudt. Hierdoor worden de stadscentra warmer dan het omringende buitengebied. De studie van de Chinese wetenschappers stelde vast dat een ring van landelijke zones rond een agglomeratie de stedelijke temperatuur kan verlagen.

Parken kunnen helpen om stadskernen af te koelen. – Foto: Pixabay/Zsolt Tóth

Een buffer die minstens de helft van de breedte van de stad beslaat, kan het grootste verkoelende effect hebben. “Om de landbedekking te optimaliseren en de intensiteit van de stedelijke hitte-eilanden te verminderen, is het aangewezen om stukken landelijk gebied samen te voegen, rond de stad meer bosgebied aan te leggen en misschien minder, maar wel grotere meren te creëren”, merkt onderzoeksleider Miao Yang, docente stedenbouw aan de Southeast University, op. 

“Eerdere inspanningen om het effect van het urban heat island aan te pakken, hebben zich vooral gericht op strategieën die oplossingen binnen de stadsgrenzen zoeken”, verduidelijkt. “Aangezien stedelijk land echter vaak beperkt is, moet naar andere oplossingen worden gezocht. Daarbij blijkt dat veranderingen in het landgebruik buiten het bebouwde gebied een groot verschil kan maken voor de temperaturen in het stadscentrum.”

Stedelijke hittekoepel

De temperaturen in steden liggen consequent hoger dan in het omliggende platteland. Dat heeft te maken met de neiging van de stedelijke infrastructuur om warmte vast te houden. Dicht op elkaar gepakte gebouwen en oppervlakken die warmte absorberen, zoals beton, verhogen het risico op de creatie van een urban heat island. Ook menselijke activiteiten, zoals verplaatsingen met de auto, dragen bij tot de vorming van deze stedelijke hitte-eilanden. In Londen liggen de temperaturen tijdens de zomer overdag 3 graden Celsius hoger dan op het omliggende landelijk gebied. Tijdens de nacht loopt dat verschil op tot 5 graden Celsius.

Natuurlijke landschappen, zoals bomen of waterpartijen, kunnen daarentegen de omgevingstemperaturen door schaduw en waterverdamping verlagen. De toevoeging van meer groene ruimtes in een stad kan tot een afkoeling leiden, maar aangetoond is dat die effecten zonder een significante en goed verdeelde dekking over het algemeen beperkt zijn. “Stedelijk gebied lijkt vaak te kostbaar en beperkt om strategieën voor de beheersing van de temperaturen te ontwikkelen”, stippen de onderzoekers aan.

Hogere temperaturen in steden leiden tot de vorming van een hittekoepel, die in oppervlakte ongeveer twee keer zo groot is als het bebouwde stadsgebied. Door die koepel circuleert warmere en koudere lucht. Vanuit het landelijk gebied binnen die koepel stroomt koelere lucht naar het stadscentrum, terwijl de warmere lucht vanuit het bebouwde gebied naar de rand van de koepel drijft om afgekoeld te worden.

De onderzoekers geven nog aan dat stedelijke hitte-eilanden ook het effect van de hittegolven, die door de klimaatverandering frequenter en intensiever worden, verergeren. Dat kan de gezondheid van de wereldwijde stadsbevolking, die op ongeveer 4,5 miljard mensen wordt geschat, ondermijnen. “Stadsbewoners worden door het effect van het urban heat island tijdens de zomer vatbaarder voor hitte-gerelateerde ziektes en overlijdens”, merken de wetenschappers op.

In de steden is vegetatie vaak schaars, maar is in het buitengebied meestal overvloediger aanwezig. De onderzoekers merken op dat de locatie en het type van rurale landbedekking de temperatuur in de stad kunnen beïnvloeden. Daarbij blijkt dat de omvang en de fragmentatie van deze rurale de meest cruciale factoren vormen en elk het potentieel hebben om de temperaturen in de stad met 0,5 graden Celsius te verlagen. Opgemerkt wordt dat grotere, minder gefragmenteerde stukken landelijk land een groter verkoelend effect hebben. Een optimale combinatie van de twee factoren kan de temperatuur in de stad dan ook met 1 graad Celsius doen dalen.

De wetenschappers stelden verder vast dat de beste verkoelende effecten afkomstig zijn van een landelijke ring die zich binnen een straal van 10 kilometer tot 15 kilometer van de stadsgrens bevindt. Dit gebied bevindt zich binnen de hittekoepel, wat betekent dat de luchtstroom en warmte-uitwisseling op deze afstanden het meest effectief zijn.

De studie richtte zich op Chinese metropolen met een oppervlakte van meer dan 200 vierkante kilometer en één groot stadscentrum. Hoewel de meeste geselecteerde steden – waaronder Shanghai, Wuhan en Chengdu – een subtropisch moessonklimaat kennen, gelden de conclusies van de studie volgens de onderzoekers ook voor andere klimaatzones.

Meer over dit onderwerp:

Posted in gezondheid, milieu, Stad | Reacties uitgeschakeld voor Groene landelijke ring kan stedelijk hitte-eiland temperen

Moratorium op diepzeemijnbouw blijft een verre droom

Posted by managing21 on 5th augustus 2024

Het is opnieuw niet gelukt om een aanzet tot een mogelijk internationaal moratorium op diepzeemijnbouw te geven. Gesprekken over de controversiële praktijk tijdens de algemene vergadering van de International Seabed Authority (ISA) in Kingston (Jamaica) hebben immers geen vergelijk opgeleverd. Meer dan dertig landen – waaronder Frankrijk, Canada, Chili, Brazilië en het Verenigd Koninkrijk – hadden tot een moratorium op diepzeemijnbouw opgeroepen. Maar uiteindelijk werd een ontwerpmaatregel terzake opnieuw ingetrokken.

Mijnbouw op de zeebodem moet leiden tot de verzameling van mineralen die essentieel zijn voor de duurzame transitie. Tegenstanders waarschuwen echter dat deze activiteit mogelijk zware ecologische kosten zou kunnen veroorzaken. Maar tot nu toe zijn zij er niet in gelukt om de International Seabed Authority, die 168 leden telt, te bewegen een debat over een reglementering of beperking van de activiteit op te starten.

Op de besprekingen in Kingston werd door een aantal partijen opgeroepen tot een dialoog over de ontwikkeling van een beleid dat zou moeten leiden tot een bescherming en het behoud van het mariene milieu. Diverse delegaties – van China tot Saoedi-Arabië en een groep Afrikaanse landen – betoogden echter dat het ontwerp niet duidelijk genoeg was en dat de algemene vergadering van de International Seabed Authority niet geschikt was als forum om een ??besluit te nemen over de bescherming van mariene habitats. Daarvoor was volgens hen de bestuursraad van de organisatie, die uit zesendertig landen bestaat, bevoegd.

Het leven op de oceaanbodem kan door diepzeemijnbouw zwaar worden belast. – Foto: Pixabay/Dennis Peterson

“We zijn enigszins teleurgesteld”, erkende Salvador Vega Telias, de vertegenwoordiger van Chili. Nochtans benadrukte hij te geloven door een meerderheid van de lidstaten gesteund te zijn, maar hij stelde alsnog voor om de discussie tot juli volgend jaar uit te stellen. Maar ook dat voorstel werd afgewimpeld.

Bij diepzeemijnbouw in internationale wateren wordt op de oceaanbodem gezocht naar mineralen zoals nikkel, kobalt en koper, die cruciaal zijn voor de uitrusting van de hernieuwbare energie. Onder de ??United Nations Convention on the Law of the Sea (Unclos) is de International Seabed Authority verantwoordelijk voor zowel de bescherming van de zeebodem in gebieden buiten de nationale jurisdicties als voor het toezicht op de exploratie of exploitatie van hulpbronnen in deze zones.

Tot nu toe is de diepzeemijnbouw nog niet verder dan een experimentele en verkennende fase geraakt. De bestuursraad van de International Seabed Authority, die vooralsnog alleen exploratie-contracten verstrekt, stelt al meer dan tien jaar regels voor commerciële exploitatie op. Gestreefd wordt om volgend jaar een code voor de diepzeemijnbouw te kunnen aannemen. Milieugroepen en wetenschappers waarschuwen echter dat diepzeemijnbouw mariene habitats kan beschadigen en een bedreiging kunnen vormen voor een aantal soorten waarover relatief weinig is geweten, maar die mogelijk wel belangrijk zijn voor de voedselketen.

Bovendien is er volgens de critici een risico dat de capaciteit van de oceaan voor de opslag van koolstofdioxide die door menselijke activiteiten wordt geproduceerd, zou kunnen worden verstoord. Het lawaai van de mijnactiviteit zou bovendien een negatieve impact kunnen hebben op walvissen die zich in de buurt zouden ophouden.

Noodzaak

Ondanks die dreiging hebben verscheidene landen echter al verkennende contracten opgesteld en tests uitgevoerd. Nauru, een kleine eilandnatie in de Stille Oceaan, heeft al een exploitatie-aanvraag ingediend, zelfs bij afwezigheid van den mijnbouwcode. The Metals Company (TMC), een grote industriële groep uit Canada, werkt met zijn lokale dochter Nauru Ocean Resources (Nori) aan met plannen om in de Clarion-Clipperton Fracture Zone in de Stille Oceaan mineraalrijke polymetallische knollen te oogsten. 

De regering van Nauru werkt namens Nori aan een aanvraag voor de start van commerciële mijnbouw, die bij de International Seabed Authority moet worden ingediend. “De verantwoorde ontwikkeling van diepzee-mineralen is voor Nauru en andere kleine eilandstaten in ontwikkeling niet alleen een kans om hun economie te ondersteunen”, gaf David Adeang, president van Nauru, aan. “Het is voor die landen noodzakelijk om in een snel veranderende wereld te kunnen overleven.”

“Het verzet tegen diepzeemijnbouw – zowel bij het publiek als in de politiek – heeft een absolute piek bereikt”, merkt Louisa Casson, campagnevoerder bij de milieuvereniging Greenpeace, op. “Nu de dreiging van een reële exploitatievergunning steeds meer dichterbij komt, moeten lidstaten bij de International Seabed Authority meer druk uitoefenen om dat verzet in een moratorium om te zetten.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in grondstoffen, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Moratorium op diepzeemijnbouw blijft een verre droom

Roemenië werkt na dijkbreuk aan natuurherstel in Donaudelta

Posted by managing21 on 2nd augustus 2024

De Donaudelta in Roemenië dreigt het decor van een strijd tussen de natuur en de landbouw te worden. Dat zeggen experts van het World Wildlife Fund (WWF). Opgemerkt wordt dat een dijkbreuk vorig jaar in de delta een natuurgebied opnieuw heeft hersteld, maar de getroffen landbouwers eisen dat de overstroomde gronden opnieuw zouden worden drooggelegd.

De buurt van het dorp Mahmudia in Roemenië werd vorig jaar door een dijkbreuk getroffen. Delen van de Donaudelta, die ooit waren drooggelegd om nieuwe landbouwgronden te creëren, werden daardoor opnieuw overstroomd. Dat leidde tot de creatie van een groot meer, dat zich al snel ontwikkelde tot een paradijs van biodiversiteit, die door de eerdere drooglegging zwaar onder druk was geraakt. Onder meer grote populaties pelikanen, eenden en meeuwen hebben zich inmiddels opnieuw in het gebied gevestigd.

Na de dijkbreuk zijn in de regio van Mahmudia opnieuw grote aantallen pelikanen opgemerkt. – Foto: Pixabay/Andrei Prodan

Delen van de Donaudelta werden in de jaren tachtig van de voorbije eeuw tot landbouwgrond omgevormd. Nicolae Ceausescu, de toenmalige communistische dictator van Roemenië, liet daarbij de rietlanden in het gebied platbranden, terwijl moerassen werden drooggelegd. “Sinds de dijkbreuk van vorig jaar heeft het gebied zijn karakter van vier decennia herwonnen”, gaf Ion Serpescu, burgemeester van Mahmudia, in een reactie aan. “Vele inwoners van Mahmudia waren dan ook bijzonder tevreden dat de dijk was doorgebroken.”

Serpescu wees erop dat Mahmudia na de dijkbreuk opnieuw vissers en toeristen heeft kunnen aantrekken. De overstroming heeft de gemeente dan ook economisch een grote dienst bewezen. “Om al die bezoekers te kunnen huisvesten, zijn er op twee jaar In Mahmudia meer dan vijftien pensions gebouwd”, betoogt de burgemeester. “De heropbouw van de dijk zou bovendien een bedrag tussen 20 miljoen euro en 30 miljoen euro kosten. Het heeft weinig zin om het meer opnieuw leeg te laten lopen. Het is best om de huidige toestand te bewaren.”

Gunstig advies

Mahmudia telt tweeduizend inwoners. Een groot deel van de populatie hoopt dat de Roemeense regering het behoud van het meer zal steunen. Een commissie van experts heeft al een gunstig advies uitgebracht over het ecologische herstel van de delta. Mircea Fechet, Roemeens minister van leefmilieu, merkte tijdens een bezoek aan het gebied in juni van dit jaar dat de natuur de schade van de indamming van de Donau al aan het herstellen is. “De delta heeft niets anders gedaan dan zijn eigen land terug te winnen”, betoogde de minister.

Niet iedereen blijkt het echter met die visie eens te zijn. Onder meer de lokale zakenman Emanuel Dobronauteanu heeft een klacht tegen de plaatselijke autoriteiten neergelegd. Daarbij eiste hij een schadevergoeding omdat 730 hectare aan tarwe, maïs, zonnebloemen en alfalfa door de overstromingen verloren was gegaan. Dobronauteanu merkte daarbij op een eerlijke compensatie te willen. Een aanbod voor een schadevergoeding van 2 miljoen lei (402.000 euro) was volgens de ondernemer onvoldoende. Maar ook Dobronauteanu gaf aan niet helemaal tegen het natuurherstel te zijn, op voorwaarde dat hij voldoende gecompenseerd zou worden.

De dijkbreuk wordt door de lokale autoriteiten toegeschreven aan een reeks constructiefouten. “De overstroming was dan ook helemaal geen verrassing”, merkt de Roemeense bioloog Dragos Balea, coördinator van de programma’s van het World Wildlife Fund in de regio, op. Al in 2012 lanceerde Roemenië een project om de beschadigde ecosystemen van de Donaudelta. Daarbij werd gerekend op financiële hulp van de Europese Unie.

Milieuactivisten betogen dat de overstroming het herstelproces zou versnellen. “Aquatische ecosystemen herstellen zich veel sneller dan bossen,” benadrukte Dragos Balea. “Wanneer men een aquatisch ecosysteem met rust laat, zal het in een periode van tien tot vijftien jaar meer dan 70 procent van zijn oorspronkelijke biodiversiteit herstellen. Er kunnen daarbij al bemoedigende signalen worden opgemerkt. Er verschijnen in het gebied steeds meer diersoorten die zich vroeger in de delta ophielden, maar na de drooglegging verdwenen.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in milieu, toerisme | Reacties uitgeschakeld voor Roemenië werkt na dijkbreuk aan natuurherstel in Donaudelta

Extreem hoge temperaturen bedreiging voor Spaans toerisme

Posted by managing21 on 1st augustus 2024

Extreem hoge temperaturen kunnen in Spanje een risico worden voor het toerisme. De stijgende temperaturen en steeds meer frequente hittegolven treffen immers de populairste kustbestemmingen van het land. Dat heeft Héctor Tejero, expert klimaatactie bij het Spaanse ministerie van volksgezondheid, gezegd. 

Héctor Tejero wees erop dat de fysieke gevolgen van de klimaatverandering steeds duidelijker worden. Dat heeft het Spaanse ministerie volgens hem al aangezet om gesprekken op te starten met de Britse ambassade in Madrid, waarbij van gedachten werd gewisseld over de voorlichting van kwetsbare toeristen, die moeten weten op welke manier ze met de hitte moeten omgaan. Tejero voegde eraan toe dat de klimaatverandering mogelijk in de toekomst uit een aantal Spaanse regio’s zou kunnen verdwijnen.

“Dat risico is reëel”, benadrukte Tejero. “De grote Spaanse kustbestemmingen, die van het toerisme het meest afhankelijk zijn, zijn locaties waar de waar de impact van klimaatverandering het grootst zal zijn. Vooral de kust van de Middellandse Zee zou zwaar kunnen worden getroffen. Er is een duidelijk risico dat de zones waar het meeste toerisme aanwezig is, minder leefbaar worden door een groter aantal hittegolven en veel warmere nachten minder leefbaar zou worden. Dergelijke omstandigheden zouden toeristen kunnen ontmoedigen of de kosten voor airconditioning in de hotels kunnen opdrijven.”

Vooral strandbestemmingen kunnen door de klimaatverandering onder grote druk komen. – Pixabay/Michelle Raponi

“Ik zou zeggen dat toerisme een van de vele sectoren is die de klimaatverandering zou kunnen worden getroffen,” zei Tejero. “Afgezien van het feit dat het toerisme in bepaalde gebieden spanningen veroorzaakt, zal de sector zich ook moeten aanpassen aan de toekomstige klimatologische realiteit. Daarom moet de toeristische sector worden aangepast. Mogelijk zal de sector aan een inkrimping moeten denken, maar ook moet gepoogd worden om de effecten van klimaatverandering te verzachten. Spanje is in de Europese Unie het land dat het meest door de klimaatverandering zou kunnen worden geraakt. Dat gaat op korte termijn ook niet veranderen.”

Spanje ontving vorig jaar een recordaantal van 85,1 miljoen internationale bezoekers. Tegenover het jaar voordien was er daarbij sprake van een toename met 19 procent. Bekommernissen over het overtoerisme heeft in Spanje de voorbije maanden in het hele land tot grote protestacties geleid. Op de Canarische Eilanden klaagt de bevolking dat de aanwezigheid van zoveel toeristen het watertekort verergert, terwijl activisten op de Balearen een limiet nastreven op het aantal wagens dat met de veerboot op het eiland wordt toegelaten.

Informeren

Een rapport van de Spaanse overheid voorspelde acht jaar geleden al dat de klimaatverandering de Spaanse toeristische industrie drastisch zou kunnen doen verschuiven. Daarbij werd onder meer gewezen op een mogelijke erosie van de stranden en een overspoeling van de transportsystemen. Maar ook werd gewag gemaakt van watertekorten op het hoogtepunt van het toeristische seizoen, terwijl skigebieden gedwongen zouden kunnen worden om hun activiteiten te stoppen. Verder werd opgemerkt dat de toestroom van toeristen uit Noord-Europa tegen 2080 met 20 procent zou kunnen dalen tegenover het niveau dat twintig jaar geleden werd opgetekend. De stijgende temperaturen zouden toeristen uit Noord-Europa immers kunnen aanzetten om hun vakanties in eigen land door te brengen.

Tejero waarschuwt wel dat hittegolven en hoge temperaturen vooral gevaarlijk zijn voor toeristen die niet weten op welke manier met die dreiging moet worden omgesprongen. “Samen met de Britse ambassade wordt nagedacht over manieren om de bezoekers veel meer bewust te maken van de klimaatcrisis en hen deskundig advies te verstrekken, zodat ze zichzelf beter kunnen beschermen”, benadrukte Tejero. “Toeristen zijn duidelijk niet aangepast aan de lokale temperaturen, waardoor ze in de hitte grotere risico’s lopen.”

“Bezoekers hebben de neiging om zich te ontspannen en gevaren minder ernstig te nemen”, gaf Tejero nog aan. “Daarbij is het vooral belangrijk om tussen het middaguur en vier uur in de namiddag uit de zon te blijven. Dat kan men ook uit het gedrag van de lokale bevolking leren. Vorig jaar overleden in Spanje al een aantal toeristen aan de gevolgen van een hitteberoerte. De slachtoffers waren meestal vijftigplussers of zestigplussers die midden in de zomer in de hitte gingen wandelen. Toeristen moeten onthouden dat ze iets meer kwetsbaard zijn dan de lokale bevolking. Dat betekent dat ze zich nog strikter aan de aanbevelingen over hydratatie en het mijden van de zon moeten houden.”

Tejero wijst erop dat de risico’s voor de toeristen al duidelijk zijn geworden in andere delen van Zuid-Europa die met extreme hitte worstelen. Vooral Griekenland bleek daarbij een gevaarlijke regio. Recente epidemiologische studies hebben volgens Tejero aangetoond dat ongeveer 3.000 sterfgevallen per jaar in Spanje aan de hitte te wijten zijn. Bovendien zouden hittegolven verantwoordelijk zijn voor een toename van de opnames in spoedafdelingen van de Spaanse ziekenhuizen met 10 procent. Verder waarschuwde Tejero dat hogere temperaturen ook zouden leiden tot een toename van een aantal ziektes, waaronder de Krim-Congokoorts, die door teken wordt verspreid.

Meer over dit onderwerp:

 

Posted in gezondheid, milieu, toerisme | Reacties uitgeschakeld voor Extreem hoge temperaturen bedreiging voor Spaans toerisme

Eerste Europese feederdienst op duurzame methanol opgestart

Posted by managing21 on 30th juli 2024

Rederij X-Press Feeders uit Singapore heeft in Europa de eerste milieuvriendelijke feederdienst, waarbij gebruik gemaakt wordt van duurzame methanol, opgestart. Gehoopt wordt dat de inzet van methanol de zware ecologische voetafdruk van de scheepvaart zal kunnen beperken. De eerste routes verbinden Antwerpen-Zeebrugge en Rotterdam met Klaipeda in Litouwen en Riga in Letland. Ook de Finse hoofdstad Helsinki is in het vaarschema opgenomen.

Voor de verbinding wordt in eerste instantie beroep gedaan op de Eco-Maestro, een containerschip van 13.675 ton. De Eco-Maestro, die meer dan twaalfhonderd standaard-containers kan vervoeren, is één van de weinige schepen in de wereld die zowel op duurzame bio-methanol als op normale brandstof, die een grotere vervuiling veroorzaakt, kan varen. X-Press Feeders zet daarmee naar eigen zeggen als eerste een Europees netwerk van routes op waarbij de dienst wordt verzekerd door schepen die door methanol worden aangedreven.

De Eco-Maestro verzorgt de eerste duurzame feederdienst in de Europese scheepvaart. – Foto: X-Press Feeders

De Eco-Maestro werd in China gebouwd en is uitgerust met de jongste generatie motoren, die kunnen worden aangedreven door methanol, een duurzame brandstof die wordt geproduceerd op basis van afgebroken organisch materiaal. “De methanol die de Eco-Maestro zal gebruiken, zal ongeveer 65 procent minder koolstofdioxide uitstoten dan normale brandstof”, benadrukte Francis Goh, operationeel directeur van X-Press Feeders.

De wereldwijde scheepvaart, die over het algemeen door diesel en andere bunkerbrandstoffen wordt aangedreven, vertegenwoordigde volgens het International Energy Agency twee jaar geleden ongeveer 2 procent van de wereldwijde emissies van koolstofdioxide. Volgens de nieuwe richtlijnen van de International Maritime Organization moeten de emissies van de scheepvaart tegen eind dit decennium met ten minste 40 procent worden verminderd en tegen het midden van deze eeuw tot nul worden herleid.

Containervervoer

Momenteel telt de wereld 29 schepen die op methanol kunnen varen. Tegen het einde van dit jaar zou dat aantal worden verdubbeld. Vooral bij het containervervoer heeft de scheepvaart daarbij al een beweging naar een aandrijving door methanol gemaakt. X-Press Feeders wil in totaal een vloot van veertien methanol-schepen inzetten op de routes van Rotterdam en Antwerpen naar Finland en de Baltische staten. Deze zogenaamde feederschepen spelen een belangrijke rol in de logistieke toeleveringsketen, omdat ze containers vervoeren tussen kleinere locaties en grotere havens zoals Rotterdam en Antwerpen.

X-Press Feeders zegt Rotterdam als draaischijf van de nieuwe dienst te hebben gekozen omdat de Nederlandse stad de grootste haven van Europa heeft en ook de nodige infrastructuur kan aanbieden voor het bunkeren van groene methanol. De rederij uit Singapore speelt met het nieuwe initiatief in op de beslissing van de Europese Unie om dit jaar ook voor de scheepvaart een systeem voor emissiehandel in te voeren. X-Press Feeders maakt daarbij gebruik van methanol die een erkenning van de International Sustainability and Carbon Certification (ISCC) kan voorleggen. 

“Deze nieuwe service markeert een belangrijke mijlpaal in de duurzame scheepvaart in Europa”, beklemtoonde Francis Goh nog. “Bedrijven in de regio kunnen immers voortaan beschikken over een regulier gepland netwerk dat het transport van goederen kan regelen op een manier die het leefmilieu minder zwaar belast. “Hierdoor zal het voor die bedrijven ook gemakkelijker worden om hun doelstellingen op het gebied van duurzaamheid te halen.”

Goh stelde nog dat X-Press Feeders bewust heeft gekozen om de activiteiten in eerste instantie in Noord-Europa op te starten. “We hebben gemerkt dat klanten in dit deel van Europa voor initiatieven op het gebied van duurzame verzending het meest ontvankelijk bleken”, verduidelijkte hij. “In een volgend stadium zal X-Press Feeders het netwerk, naarmate er meer methanol-schepen zullen worden geleverd, verder over heel Europa uitrollen.” X-Press Feeders zou na de zomer een tweede methanol-schip in dienst nemen.

Meer over dit onderwerp:

Posted in milieu, scheepvaart, transport & logistiek | Reacties uitgeschakeld voor Eerste Europese feederdienst op duurzame methanol opgestart