managing21.be

Managing21: een blik op het heden en de toekomst van de economie.

Archive for the 'milieu' Category

Scheepvaartsector keurt systeem voor heffing op emissies goed

Posted by managing21 on 14th april 2025

Lidstaten van de International Maritime Organisation (IMO) hebben zich achter de invoering van een wereldwijde heffing op de uitstoot van koolstofdioxide in de scheepvaart. Door die overeenkomst zullen schepen vanaf 2028 van minder vervuilende brandstoffen gebruik maken. Indien ze aan die vereisten niet voldoen, riskeren de betrokken rederijen financiële sancties. De maatregel voor een heffing op de uitstoot van de schepen moet tijdens een vergadering van de International Maritime Organisation in oktober van dit jaar formeel worden aangenomen.

Een meerderheid van de leden – 63 staten – van de scheepvaartorganisatie schaarden zich achter de invoering van een heffing. Onder meer de Europese Unie, Brazilië, China, India en Japan schaarden zich achter het plan. Zestien lidstaten – waaronder de grote olieproducenten Saoedi-Arabië, Rusland en de Verenigde Arabische Emiraten – stemden tegen. De eilandstaten in de Stille Oceaan onthielden zich van stemming, omdat ze de voorstellen onvoldoende achtten om de doelstellingen voor de reductie van de emissies te halen. 

De Verenigde Staten namen niet deel aan de stemming. Dat was te wijten aan een aantal beslissingen van de Amerikaanse president Donald Trump om een reeks maatregelen voor de bescherming van het leefmilieu terug te schroeven. Dat had onder meer gevolgen voor de uitstootlimieten van de energiecentrales, de normen voor de uitlaatemissies en de bescherming van waterwegen.

De overeenkomst moet leiden tot een mechanisme dat in 2050 een klimaatneutrale scheepvaart kan garanderen. Partijen die niet aan de richtlijnen voldoen, zullen jaarlijks moeten betalen voor elke ton emissies die de gestelde doelen overschrijdt. De International Maritime Organization benadrukte dat de opgehaalde fondsen zullen worden gebruikt om milieuvriendelijke technologieën in de sector te belonen en ontwikkelingslanden bij de overstap naar emissiearme scheepvaart financieel te ondersteunen.

De eilandstaten in de Stille Oceaan en het Caribisch gebied, die bijzonder kwetsbaar zijn voor de gevolgen van klimaatverandering, steunden een ambitieuzere universele emissieheffing op het maritiem transport. “We kunnen geen uitkomst steunen die niet in overeenstemming is met de overeengekomen strategie”, zei Manasseh Maelanga, minister van infrastructuurontwikkeling van de Salomonseilanden, een van de leden die zich bij de stemming hadden onthouden. Ook andere partijen gaven toe dat de ambities niet het verhoopte niveau hadden bereikt, maar wel sterker waren dan de maatregelen die in Europa momenteel al gelden.

Baanbrekend

Volgens de International Maritime Organization is de scheepvaart verantwoordelijk voor bijna 3 procent van de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen. “Dit is een baanbrekend moment voor de scheepvaartsector”, benadrukte Mark Lutes, adviseur natuur bij het World Wildlife Fund. “Dit zou een kentering moeten betekenen voor de uitstoot van broeikasgassen door de wereldwijde scheepvaart. “Een aantal belangrijke aspecten van deze overeenkomst schieten echter tekort en dreigen de transitie te verstoren.”

De International Chamber of Shipping – die de reders en exploitanten vertegenwoordigt – stelde in een commentaar tevreden te zijn dat overheden de noodzaak hebben ingezien om investeringen in emissievrije brandstoffen te stimuleren en te ondersteunen. Tegelijkertijd uitte de organisatie haar bezorgdheid dat het initiatief mogelijk nog niet ver genoeg gaat om de nodige zekerheid te bieden. Wel werd opgemerkt dat de overeenkomst een kader vormt waarop kan worden verder gebouwd.

Constance Dijkstra, beleidsmanager bij de belangengroep Transport & Environment, beklemtoonde dat een overstap naar biobrandstoffen niet de oplossing was. Ze beschreef de massaproductie van dergelijke energie als een bijzonder zorgwekkende ontwikkeling voor de wereldwijde ontbossing.

De lidstaten van de International Maritime Organization kwamen ook overeen om in de noordoostelijke Atlantische Oceaan een controlegebied te creëren. Dat initiatief moet het gebruik van de meest vervuilende scheepsbrandstoffen langs de kusten van West-Europa, IJsland en Groenland beperken.

Meer over dit onderwerp:

Posted in Blogroll, milieu, scheepvaart | Reacties uitgeschakeld voor Scheepvaartsector keurt systeem voor heffing op emissies goed

Heropstart steenkoolcentrales Verenigde Staten heeft geen enkele zin

Posted by managing21 on 14th april 2025

In de Verenigde Staten heeft president Donald Trump vier decreten uitgevaardigd om de ontginning en het verbruik van steenkool nieuw leven in te blazen. Experts waarschuwen echter dat ook die bemoeienissen van de Amerikaanse overheid de sector geen toekomst meer kunnen bieden. De ontginning van steenkool is volgens hen immers niet alleen schadelijk voor het leefmilieu en de menselijke gezondheid, maar vertegenwoordigt ook een achterhaalde en onrendabele industrie.

“Het is economisch gezien niet langer zinvol om steenkoolcentrales te onderhouden of te bouwen”, werpen verschillende experts op. “Het streven van Donald Trump naar een heropleving van de productie en het gebruik van steenkool in de Verenigde Staten is vergezocht en wellicht nutteloos.”

De nieuwe decreten van Trump geeft het Amerikaanse ministerie van binnenlandse zaken de opdracht om miljoenen hectaren openbare terreinen voor de ontginning van steenkool beschikbaar te maken. Het Amerikaanse ministerie van energie kreeg bovendien de opdracht om te onderzoeken of steenkool gebruikt kan worden om elektriciteit te leveren aan datacenters, die door de ontwikkeling van kunstmatige intelligentie een grote behoefte aan energie zullen hebben.

“Maar er is weinig kans dat de Verenigde Staten opnieuw sterk afhankelijk van steenkool zullen worden”, betoogde Ryna Cui, onderzoeksdirecteur van het Center for Global Sustainability aan de University of Maryland. “De infrastructuur van de energiesector is niet meer op steenkool afgesteld. Bovendien zal steenkool niet kunnen optornen tegen opkomende technologieën. In de Verenigde Staten wordt steenkool voornamelijk gebruikt voor de opwekking van elektriciteit, maar de capaciteit voor elektriciteitscentrales op basis van steenkool de voorbije decennia echter afgenomen.”

“In 2011 vertegenwoordigde steenkool nog meer dan 40 procent van de totale Amerikaanse elektriciteitsopwekking”, benadrukte Cui. “In 2016 was dat percentage tot ongeveer 16 procent gedaald. De belangrijkste oorzaak van de daling van het steenkoolgebruik is de economische concurrentie met goedkopere en schonere brandstoffen, zoals aardgas en hernieuwbare energiebronnen. Steenkoolcentrales zijn economisch niet langer rendabel en de decreten van Donald Trump zullen niets veranderen aan de fundamentele onderliggende marktdynamiek. Aardgas en hernieuwbare energiebronnen zijn kosteneffeciënter geworden dan steenkool.”

De meeste Amerikaanse steenkoolcentrales zijn aan het einde van hun levensduur en het is economisch gezien weinig zinvol om deze sites te blijven exploiteren. De bouw van nieuwe steenkoolcentrales gaat gepaard met hoge economische en financiële risico’s. De installaties zouden tientallen jaren in bedrijf moeten blijven, maar dat heeft de markt tot nu toe vermeden. De typische levensduur van een steenkoolcentrale is ongeveer veertig tot zestig jaar, maar het is heel onduidelijk dat de decreten van Trump lang van kracht zullen blijven. “De decreten zouden de levensduur van de bestaande steenkoolcentrales enigszins kunnen verlengen en de productie de volgende jaren kunnen opvoeren, maar het is onwaarschijnlijk dat er nieuwe infrastructuur zal worden gebouwd”, opperde Cui.

Meest vervuilende brandstofbron

Zonder nieuwe investeringen in centrales in de Verenigde Staten zal volgens de experts de binnenlandse vraag naar steenkool waarschijnlijk blijven dalen. “De bestaande Amerikaanse steenkoolcentrales zijn immers verouderd en er zouden aanzienlijke investeringen moeten worden gedaan om de installaties operationeel te houden”, gaf Cui aan. “Waarom zouden de Verenigde Staten in de 21ste eeuw willen investeren in een brandstofbron uit de 19de eeuw? Deze maatregelen zijn om verschillende redenen compleet onlogisch.”

Steenkool is niet alleen de meest vervuilende brandstofbron, maar ook het delven van het product blijft een gevaarlijke activiteit. “Steenkool is dan ook schadelijk voor zowel de menselijke gezondheid als het leefmilieu”, stipte Cui aan. “De zware ecologische voetafdruk en de bedreiging voor de menselijke gezondheid zijn al een aantal redenen waarom steenkool als energiebron wereldwijd wordt afgebouwd. In 2024 werd het Verenigd Koninkrijk de eerste grote economie die steenkool de rug toekeerde. Toen sloot dat land immers zijn laatste steenkoolcentrale.”

“De regering van Donald Trump kan nutsbedrijven niet dwingen om vuilere, duurdere brandstoffen te kopen terwijl ze die producten niet willen”, voerde Rob Jackson, milieuwetenschapper aan Stanford University en voorzitter van het Global Carbon Project, aan. “Ook een stortvloed aan decreten zal de steenkoolindustrie niet redden.”

Ook het Institute for Energy Economics and Financial Analysis stelde dat het heropenen van gesloten steenkoolcentrales economisch niet langer haalbaar zou zijn. “De decreten van Trump zouden de sluiting van steenkoolcentrales kunnen vertragen en de herstart van 102 recent gesloten sites kunnen aanmoedigen”, merkt het intsituut op. “Het is echter waarschijnlijk dat slechts enkele centrales zullen worden heropgestart. Naarmate de steenkoolcentrales ouder worden, stijgen immers ook hun onderhoudskosten. Dit verhoogt op zijn beurt de opwekkingskosten.”

Het instituut stelde verder dat Trump met de decreten bovendien de realiteit negeert dat veel operationele centrales onder hun maximale capaciteit draaien. De Amerikaanse steenkoolcentrales vertegenwoordigen iminder dan 20 procent van de elektriciteitsproductie in de Verenigde Staten, tegenover 50 procent bij het begin van deze eeuw. De bestaande centrales leveren ongeveer 40 procent van de tijd elektriciteit aan het net.

Het rapport merkte op dat de meeste nutsbedrijven inmiddels op goedkopere en efficiëntere methoden voor elektriciteitsopwekking – waaronder zonnekracht, windenergie en batterijen – zijn overgestapt. “Het investeren van belastinggeld in de heropening van steenkoolcentrales met onbepaalde onderhoudsbehoeften en onvoorspelbare toekomstige prestaties is – economisch of anderszins gezien – geen goed idee.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in energie, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Heropstart steenkoolcentrales Verenigde Staten heeft geen enkele zin

Elektrische voertuigen niet altijd zegen voor emissies en klimaat

Posted by managing21 on 10th april 2025

De overstap naar elektrische voertuigen zal de uitstoot van koolstofdioxide niet verminderen, tenzij landen hun elektriciteitsnetten duurzamer maken. Dat blijkt uit een studie van wetenschappers aan de University of Auckland in Nieuw-Zeeland en de University of Xiamen in China, gebaseerd op data die gedurende vijftien jaar in zesentwintig landen werden verzameld.

“Het heeft weinig zin om een elektrische wagen te kopen als het voertuig wordt opgeladen met elektriciteit die door fossiele brandstoffen wordt opgewekt”, werpen de onderzoekers op. “Sterker nog, wanneer naar de uitstoot van koolstofdioxide wordt gekeken, kan een elektrische auto meer kwaad dan goed doen.”

Uit het onderzoek bleek dat een intensiever gebruik van elektrische wagens in verband gebracht diende te worden met een hogere uitstoot van koolstofdioxide. “Er is een duidelijke reden voor deze verrassende vaststelling”, betogen de onderzoekers Stephen Poletti en Simon Tao. “In een aantal landen worden elektrische auto’s immers nog steeds aangedreven door elektriciteit die wordt opgewekt door de verbranding van fossiele brandstoffen zoals steenkool of olie. Er kon door de adoptie van elektrische voertuigen dan ook wereldwijd geen significante vermindering van de uitstoot van koolstofdioxide worden vastgesteld.”

“Het tegendeel moest zelfs worden vastgesteld”, beklemtonen Poletti en Tao. “De adoptie van elektrische voertuigen bleek aan een toename van de uitstoot van koolstofdioxide worden gekoppeld. Deze bevinding lijkt contra-intuïtief, want ze ondermijnt de conventionele opvatting dat elektrische auto’s tot een reductie van de emissies van koolstofdioxide bijdragen. Onze analyse maakt dan ook duidelijk dat de milieuvoordelen van elektrische auto’s afhankelijk zijn van de types energiebronnen die bij de opwekking van elektriciteit in een land worden gebruikt.”

“Wanneer elektrische auto’s worden opgeladen met elektriciteit uit steenkoolcentrales, kunnen ze indirect bijdragen aan hogere emissies dan moderne wagens op benzine of diesel”, zeggen de wetenschappers. “Dat geldt vooral wanneer naar de volledige levenscyclus, van productie tot afvalverwerking, wordt gekeken.”

Het onderzoek suggereert dat de adoptie van elektrische voertuigen pas zal bijdragen aan de vermindering van de emissies van koolstofdioxide wanneer het wereldwijde aandeel van hernieuwbare bronnen in de opwekking van elektriciteit ongeveer 48 procent heeft bereikt. Hernieuwbare energie – vooral opgewekt uit wind, zon en water – vertegenwoordigde in 2023 echter slechts iets meer dan 30 procent van de totale wereldwijde opwekking van elektriciteit. “Er moet dus nog een lange weg worden afgelegd”, stippen de wetenschappers aan. “Elektrische voertuigen worden vaak gezien als een wondermiddel tegen klimaatverandering, maar deze resultaten tonen dat dit niet het geval is als de gebruikte elektriciteit geen duurzaam karakter heeft.”

Niet in isolatie

“Het onderzoek bewijst dat de decarbonisatie van het transport niet in isolatie kan gebeuren”, werpen Poletti en Tao op. “Elektrische voertuigen zijn slechts zo duurzaam als het elektriciteitsnet waarop ze worden aangesloten. Het overheidsbeleid zou dan ook gericht moeten worden op de versterking van de acceptatie en integratie van hernieuwbare energiebronnen zoals zonnekracht en waterenergie. Dit kan worden bereikt door ambitieuze doelstellingen voor hernieuwbare energie te stellen en adequate subsidies, zoals fiscale voordelen, aan producenten en consumenten van hernieuwbare energie te verstrekken.”

De onderzoekers beklemtonen dat investeringen in intellectuele netwerken en transmissienetwerken de efficiëntie en betrouwbaarheid van de levering van hernieuwbare energie kunnen verhogen. “Het beleid zou gemeenschapsgerichte projecten voor hernieuwbare energie moeten ondersteunen, wat de publieke acceptatie van installaties voor hernieuwbare energie kan vergroten”, betogen Poletti en Tao.

Verder stellen de onderzoekers dat ook de afschaffing van subsidies voor fossiele brandstoffen en het implementeren van heffingen op de uitstoot van koolstofdioxide de ontwikkeling van hernieuwbare energie zou kunnen stimuleren. “De acceptatie van elektrische voertuigen kan landen helpen om hun klimaatdoelstelling te halen, op voorwaarde dat voor de aandrijving van die vloot op duurama elektriciteit beroep wordt gedaan”, beklemtonen Poletti en Tao nog.

Uit het onderzoek bleek verder dat ook economische groei, innovatie op het gebied van duurzame technologieën, het gebruik van hernieuwbare energie en de bevolkingsdichtheid een impact op de emissies kunnen hebben. “Economische groei verhoogt de emissies, terwijl innovatie op het gebied van milieuvriendelijke technologie en bevolkingsdichtheid – in de vorm van compactere steden – kan helpen de uitstoot te verlagen. Het gebruik van hernieuwbare energie bleek het belangrijkste emissie-verlagende effect te hebben.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in automotive, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Elektrische voertuigen niet altijd zegen voor emissies en klimaat

Inheemse groepen krijgen grotere controle over Chileense lithium-productie

Posted by managing21 on 8th april 2025

In Chili willen inheemse gemeenschappen een grotere inspraak in de exploitatie van de omvangrijke lithium-voorraden van de Atacamawoestijn. Daarover werden gesprekken aangeknoopt met een joint-venture van de bedrijven Codelco en Sociedad Química y Minera (SQM). Dat hebben de twee ondernemingen aangekondigd. De Atacamawoestijn omvat een kwart van de wereldwijde lithium-reserves.

Het Chileense staatsbedrijf Codelco, de grootste koperproducent van de wereld, heeft met Sociedad Química y Minera een overeenkomst gesloten rond de winning van lithium in de Atacamawoestijn, een zoutvlakte die zich uitstrekt over een van de droogste gebieden in de wereld. Door de overeenkomst zal de Chileense overheid een aandeel krijgen in de productie van lithium, een metaal dat cruciaal is voor de batterijen van elektrische voertuigen.

De gesprekken met de Lickanantay, de inheemse gemeenschappen die in het Atacamagebied wonen, werden in maart opgestart en zouden tegen het einde van dit jaar moeten worden afgerond. Bedoeling zou zijn om een model te creëren dat de Lickanantay een actieve rol geeft in de nieuwe onderneming. De Lickanantay merken daarbij op dat ervoor gezorgd moet worden dat Codelco en SQM zich bij de winning van het lithium aan hun ecologische beloftes houden. Daarbij wordt vooral gewezen naar de beloftes om het waterverbruik te beperken.

“De bedoeling is dat niet alleen de bedrijven mogen beslissen wat er op het grondgebied van de lokale gemeenschappen mag gebeuren”, beklemtoonde Sergio Cubillos, leider van de gemeenschap van Peine. De betrokkenheid van inheemse groepen zou mogelijk tot duurdere milieunormen kunnen leiden, waardoor een negatieve impact op de winst zou moeten worden gevreesd. Anderzijds zou de samenwerking wel een grotere aantrekkingskracht kunnen hebben op wereldwijde klanten, die zich immers steeds meer op ethische mijnbouw richten om aan de eisen van aandeelhouders te voldoen en protesten te helpen voorkomen.

De mijnbouwsector kijkt naar de milieuprotesten die twee jaar geleden in Panama oprezen, waarna de lokale overheid besliste om de kopermijn First Quantum Minerals te sluiten. “De bedrijven hebben zich gerealiseerd dat een onderbreking van de productie duidelijk een schadelijk effect heeft”, beklemtoonde Yermin Basques, leider van de Toconao-gemeenschap.

Basques zegt te streven naar een regelmatige dialoog met de leiding van de ondernemingen. “Hiermee kunnen we deelnemen aan de discussie over de werking van het technologische extractieproces, de bescherming van de watervoorziening en een ontwikkeling van een ontginning met een minimale impact op het leefmilieu”, gaf Basques aan. “Daarentegen is het niet de bedoeling in het bestuur van de ondernemingen te zetelen, aangezien de lokale gemeenschappen in de zakelijke beslissingen geen stem willen hebben.”

Basques voegt eraan toe dat de dialoog met Codelco en SQM soms gespannen was, maar zegt wel dat de twee partijen nu een manier hebben gevonden om samen te werken. “Dat is gedeeltelijk te danken aan het feit dat de bedrijven de noodzaak van steun van de gemeenschap erkenden, nadat vorig jaar de logistiek van SQM door protesten in de war was geschopt. We hebben specifieke kennis van het grondgebied en de lokale watervoorraden. Bovendien hebben wij de macht om de zoutvlakte te sluiten indien dat noodzakelijk zou blijken.”

In de joint venture heeft Codelco een belang van 50 procent plus één aandeel. Een voorstel voor de uitbating van de lithium-voorraden werd door de joint venture aan de Atacama Indigenous Council (CPA), die achttien gemeenschappen omvat, voorgelegd. In de loop van de volgende twee of drie maanden zal verder aan een definitief voorstel worden gewerkt.

Verkiezingen

De joint venture wil de productie de volgende vijfendertig jaar met 33 procent verhogen. Het project vormt onderdeel van een belangrijke verschuiving in de Chileense lithium-productie, nadat de linkse president Gabriel Boric plannen aankondigde om over te stappen naar een model waarbij de productie door de staat zou worden gestuurd en de inheemse rechten als een prioriteit worden beschouwd. Een aantal leiders van de lokale gemeenschappen streven naar een snelle overeenkomst met de joint venture. De ambtsperiode van Boric loopt immers nog tot maart volgend jaar en gevreesd wordt dat een eventuele opvolger zou kunnen kiezen voor een andere strategie, waarin de belangen van de inheemse bevolking mogelijk minder prioriteit zouden krijgen. 

Boric kan zich geen kandidaat stellen voor een tweede opeenvolgende ambtstermijn als Chileens president. De meeste presidentskandidaten van de oppositiepartijen moeten hun standpunt over de lithium-winning nog naar voren brengen. De conservatieve politica Evelyn Matthei, één van de kanshebbers op een verkiezingsoverwinning, beklemtoonde de ontwikkeling van de mijnbouw te steunen, de lithium-productie van Chili te willen stimuleren en ernaar te streven om de volledige bevolking, inclusief de inheemse inheemse gemeenschappen, van de opbrengsten van de sector te willen laten profiteren.

Chili heeft de grootste bewezen lithium-reserves van de wereld en is na Australië ook de grootste producent van het mineraal. “In Canada en Australië nemen inheemse groepen soms een belangrijke rol in het milieubeheer, maar in Latijns-Amerika zijn dergelijke praktijken zeldzaam”, zeggen experts.

Maar een samenwerking biedt de bedrijven volgens anderen ook een aantal voordelen. “Dialoog biedt SQM een gemakkelijker pad om zijn activiteiten voort te zetten”, merkt  Seth Goldstein, een analist bij Morningstar Research Services, op. “Vele aandeelhouders en klanten – zoals de Europese autofabrikanten – zullen immers wellicht positief op de overeenkomst met de inheemse groepen reageren.” SQM heeft in de regio al een aantal sociale projecten gerealiseerd, zoals de installatie van zonnepanelen, het aanbieden van tandheelkundige zorgen en het verstrekken van landbouwtrainingen.

Meer over dit onderwerp:

Posted in automotive, grondstoffen, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Inheemse groepen krijgen grotere controle over Chileense lithium-productie

Luchthavens verlagen uitstoot koolstofdioxide met meer dan 1 miljoen ton

Posted by managing21 on 7th april 2025

Luchthavens die bij de Airports Council International (ACI) zijn aangesloten, hebben het voorbije jaar hun uitstoot van koolstofdioxide wereldwijd met meer dan één miljoen ton verminderd tegenover het jaar voordien. Daarbij blijken nu ook vijftien luchthavens het hoogste categorie van duurzaamheid – niveau vijf – hebben bereikt.

Het programma Airport Carbon Accreditation van de Airports Council International – dat de uitstoot van de luchthavens wil helpen verminderen – omvat inmiddels 558 luchthavens, verdeeld over 87 landen. Daarbij wordt opgemerkt dat deze luchthavens op één jaar tijd hun uitstoot van koolstofdioxide met 1.037.292 ton koolstofdioxide hebben verminderd tegenover het jaar voordien. Dat vertegenwoordigde een daling met 14,8 procent. Daarbij bleken 70 luchthavens voor het eerst aan het programma deel te nemen, terwijl 132 locaties naar een hoger niveau van het emissiebeheer konden doorgroeien.

Verder bleek dat 51,5 procent van alle vliegtuigpassagiers in de wereld op zijn reis passeerde langs een luchthaven die aan het programma Airport Carbon Accreditation deelneemt. Tevens bleken vijftien luchthavens inmiddels het hoogste niveau van duurzaamheid te hebben bereikt. Dit betekent dat de uitstoot van koolstofdioxide tot nul werd geleid bij de activiteiten die de luchthavenbeheerders onder controle hebben, gekoppeld aan een engagement voor een volledige decarbonisatie tegen het midden van de eeuw.

“Nu de wetenschap geen twijfel meer laat bestaan ??over het feit dat de opwarming van de aarde versnelt en dat klimaatactie een topprioriteit moet blijven, is het verheugend om te kunnen vaststellen dat het verminderen van de emissies van koolstofdioxide echt is ingebed in luchthavenbeheer over de hele wereld”, voert Olivier Jankovec, directeur-generaal van ACI Europe, aan. “Voor het vijftiende jaar op rij heeft Airport Carbon Accreditation de resultaten van het voorgaande jaar overtroffen, met een indrukwekkende groei van de deelname in alle regio’s en substantiële besparingen aan de uitstoot van koolstofdioxide.”

Dit was ook de eerste volledige rapportageperiode waarbij de meest duurzame luchthavens binnen de Airport Carbon Accreditation toegang tot niveau vijf zouden kunnen krijgen. “Dit toont een stapsgewijze verandering in leiderschap op klimaatgebied”, beklemtoont Jankovec. Deze luchthavens moeten niet alleen de emissies onder eigen controle elimineren, maar moeten ook actief overgaan tot inspanningen die de opwarming van de aarde tegengaan. Dit betekent dat ze moeten deelnemen aan initiatieven die de klimaatverandering tegengaan.

Meer over dit onderwerp:

Posted in luchtvaart & ruimtevaart, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Luchthavens verlagen uitstoot koolstofdioxide met meer dan 1 miljoen ton

Luchtvaartindustrie moet inspanningen klimaatdoelstellingen versnellen

Posted by managing21 on 5th april 2025

De luchtvaartsector doet onvoldoende moeite om tegen het midden van deze eeuw klimaatneutraal te opereren. Dat heeft Willie Walsh, directeur-generaal van de International Air Transport Association (IATA), gezegd. Luchtvaartmaatschappijen kwamen in 2021 overeen om tegen het midden van deze eeuw klimaatneutraal te worden. Dat zou vooral gebaseerd zijn op een geleidelijke overstap naar duurzame vliegtuigbrandstoffen. Sindsdien blijkt de sector volgens Walsh echter verdeeld te zijn geraakt, waarbij de luchtvaartmaatschappijen blijken te botsen met luchthavens, fabrikanten, luchtverkeersleiders en energiebedrijven.

Willie Walsh benadrukte daarbij dat de luchtvaartmaatschappijen zich steeds meer zorgen maken over de onevenwichtige last die bij de klimaatambities van de sector moet worden gedragen. “De andere partijen nemen hun verantwoordelijkheid niet op”, betoogde Walsh. “Ze lopen achter op de plannen en bewegen zich in de verkeerde richting. Iedereen zegt toegewijd te zijn aan de klimaatdoelstellingen, maar daarbij blijkt dat men de luchtvaartmaatschappijen de rekening wil laten betalen. Dat is compleet onacceptabel.”

Walsh maakte eerder al gewag van een toenemende druk om de klimaatdoelstellingen van de luchtvaartsector opnieuw te beoordelen. Dit markeert een verandering in toon ten opzichte van een bijeenkomst van de sectororganisatie amper tien jaar geleden. Toen had Walsh nog opgemerkt dat klimaatneutraliteit voor de sector niet optioneel, maar existentieel was. Volgens hem was daarover binnen de luchtvaartsector ook een fundamentele consensus.

“We zullen de klimaatambities tegen het midden van deze eeuw opnieuw moeten evalueren”, benadrukte Walsh. “Er blijkt immers dat de luchtvaartmaatschappijen niet kunnen rekenen op de steun die ze nodig hebben. Er moet worden vastgesteld dat de toplui van de luchtvaartmaatschappijen zich steeds meer zorgen maken over de toenemende inspanningen die van de industrie worden verwacht. Dit zal de kosten voor de sector nog veel hoger opdrijven dan de niveaus die tot nu toe in het vooruitzicht werden gesteld.”

De volgende test zou de jaarlijkse bijeenkomst van IATA in juni van dit jaar in de Indiase stad Delhi kunnen zijn. “Het is niet onze bedoeling om de doelstelling formeel te herbekijken”, stipte Walsh aan. “Maar het zou me niet verbazen dat de organisatie boodschappen van luchtvaartmaatschappijen zou krijgen om de toezeggingen nog eens te bekijken. Er was immers vertrokken vanuit de veronderstelling dat alle partijen hun bijdrage tot de inspanningen zouden leveren. Maar dat blijkt niet het geval.”

Brandstofproducenten

Walsh verwierp ook een tussentijdse doelstelling van de overheden om door het gebruik van koolstofarme brandstoffen de uitstoot tegen het einde van dit decennium met 5 procent te verminderen. De IATA is een tegenstander van tussentijdse doelstellingen, aangezien er slechts voldoende synthetische fuel beschikbaar om in 1 procent van de huidige brandstofbehoefte te voorzien.

Walsh wees daarbij met een beschuldigende vinger naar de brandstofproducenten, die volgens hem de oorzaak van het probleem zijn. “Deze bedrijven hun hun eigen beloftes voor de levering van duurzame brandstoffen genegeerd”, beklemtoonde hij. “Deze ondernemingen moeten dringend hun inspanningen opvoeren.” Hij voegde eraan toe dat luchtvaartmaatschappijen dit jaar 3,8 miljard dollar door de overheidsverplichtingen en de bredere beloftes voor de beperking van de emissies extra aan brandstof zouden uitgeven 

De luchtvaartmaatschappijen zouden volgens Walsh ook de balans opmaken van vertragingen in de levering van nieuwe vliegtuigen. “Het zou dwaas zijn om deze problemen niet te signaleren en dwaas om te geloven dat de sector op het goede spoor zit,” zei hij. Partijen die de luchtvaartindustrie in de Europese Unie en de Verenigde Staten vertegenwoordigen, beklemtoonden dat fabrikanten zich blijven inzetten om efficiënte nieuwe vliegtuigen te leveren, maar moeten afrekenen met aanhoudende problemen met de toeleveringsketen.”

Daarnaast haalde Walsh ook uit naar de luchthavens, die er ook na twee decennia niet in zijn gelukt een hervorming van het luchtruim in Europa te realiseren. ACI Europe, de sectororganisatie van de Europese luchthavens vertegenwoordigt, ontkende die aantijgingen. “De luchthavens leveren meer dan een eerlijke bijdrage tot de klimaatambities van de luchtvaart”, merkte een woordvoerder van ACI Europe op. “De IATA probeert in deze problematiek zijn verantwoordelijkheid af te schuiven.”

Civil Air Navigation Services Organization (Canso), de sectororganisatie van de luchtverkeersleiders, wees erop zich sterk in te zetten voor een klimaatneutrale sector en een grotere efficiëntie van hun luchtruim, waardoor de vliegtuigen minder brandstof zouden verbruiken. Walsh stelde echter niet geïnteresseerd te zijn in wederzijdse beschuldigingen, maar voerde aan dat de hele sector zich op het gebied van klimaatactie goed bewust moest zijn van de stand van zaken.

Meer over dit onderwerp:

Posted in luchtvaart & ruimtevaart, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Luchtvaartindustrie moet inspanningen klimaatdoelstellingen versnellen

Nieuwe steenkoolcapaciteit op laagste niveau in twintig jaar

Posted by managing21 on 4th april 2025

Het voorbije jaar heeft steenkool 44 gigawatt capaciteit aan de wereldwijde de wereldwijde elektriciteitsproductie toegevoegd. Dat is het laagste niveau in twee decennia. Dat blijkt uit een rapport van de Global Energy Monitor en het International Energy Agency (EIA). Wel wordt opgemerkt dat het gebruik van steenkool voor de opwekking van energie in China en India nog steeds toeneemt.

Steenkool vertegenwoordigt iets meer dan een derde van de wereldwijde elektriciteitsproductie. De geleidelijke afbouw van de fossiele brandstof als energiebron is fundamenteel om de klimaatdoelstellingen te halen. “Vorig jaar toonde een voorbode van het lot van de steenkoolontginning”, merkte Christine Shearer, projectmanager bij de Global Energy Monitor. “De transitie naar duurzame energie draait immers op volle toeren.”

Er wordt echter opgemerkt het wereldwijde steenkoolalaam vorig jaar netto nog steeds een verdere groei liet optekenen. Er werd immers nog altijd meer capaciteit geïntroduceerd dan dat er productiesites werden gesloten. “China begon vorig jaar met de bouw van een recordaantal steenkoolcentrales”, benadrukte Shearer. “In India werd vorig jaar bovendien eveneens een recordaantal nieuwe projecten voor de opwekking van elektriciteit door steenkool voorgesteld. Er moet nog altijd verder worden gewerkt aan de uitfasering van elektriciteit op basis van steenkool, zoals de Klimaatakkoorden van Parijs hebben aangegeven.”

Volgens ramingen van het International Energy Agency zal de wereldwijde vraag naar steenkool tussen 2024 en 2027 een stabilisering laten optekenen. “Daarbij zal het afnemende gebruik in de ontwikkelde landen grotendeels worden gecompenseerd door een verdere groei in opkomende economieën”, merken de analisten op. Er wordt aan toegevoegd dat de elektriciteitssector in China één derde van het wereldwijde verbruik van steenkool voor zijn rekening neemt. Een overstap van China naar duurzame bronnen is volgens de experts dan ook cruciaal voor de transitie van de wereldwijde energiesector.

Hoewel de bouw van steenkoolcentrales in China vorig jaar recordhoogtes bereikte, bleek het aantal nieuwe vergunningen sterk te zijn gedaald tegenover de cijfers die twee jaar voordien werden gemeld. Ook in Zuidoost-Azië, waar steenkool opkomende economieën zoals Indonesië van elektriciteit heeft voorzien, zijn de nieuwe voorstellen voor de fossiele brandstof afgenomen. “Dat is het resultaat van verschillende deals en beloften in Indonesië, Maleisië, de Filipijnen en Vietnam om het gebruik van steenkool geleidelijk af te bouwen”, wordt in het rapport aangevoerd.

Decarbonisatie

Er wordt wel gewaarschuwd voor de negatieve impact van de rijke economieën zoals Japan en Zuid-Korea. “Deze landen promoten dubieuze technologieën om de steenkoolproductie te decarboniseren”, voeren de onderzoekers aan. “Deze technologie zijn bijzonder duur en leveren ook niet voldoende emissie-reducties op om de klimaatdoelstellingen te realiseren.”

Daarbij wordt vooral gewezen naar het toevoegen van ammoniak bij de verbranding van steenkool. “Het gedeeltelijk vervangen van steenkool door ammoniak, kan de emissies van een elektriciteitscentrale verminderen”, wordt er opgemerkt. “Het emissieprofiel van ammoniak is echter afhankelijk van de manier waarop het product is geproduceerd. Maar zelfs het gebruik van ammoniak met lage emissies produceert nog steeds meer koolstofdioxide dan veel andere technologieën voor energieopwekking.

De onderzoekers wezen ook op de onzekerheid over de toezeggingen voor de afbouw van het gebruik van steenkool in de Verenigde Staten nadat Donald Trump opnieuw tot president van het land werd verkozen. Anderzijds wordt erop gewezen dat er tijdens de eerste ambtstermijn van Trump meer steenkool centrales werden gesloten dan onder zijn voorganger Barack Obama of zijn opvolger Joe Biden. “De eerste termijn van Trump bewijst hoe moeilijk het is om de afnemende economische haalbaarheid van steenkoolenergie in de Verenigde Staten tegen te gaan”, stippen de onderzoekers aan. “Daarbij moet ook gewezen worden naar de hoge leeftijd van de Amerikaanse steenkoolcentrales.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in energie, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Nieuwe steenkoolcapaciteit op laagste niveau in twintig jaar

Batterijrecyclage leidt tot epidemie loodvergiftiging in Bangladesh

Posted by managing21 on 3rd april 2025

In Bangladesh vertonen 35 miljoen kinderen in hun lichaam gevaarlijk hoge niveaus van lood. Dat vertegenwoordigt ongeveer 60 procent van de volledige populatie jongeren van het Zuid-Aziatische land. Dit vormt een ernstige bedreiging voor de Bengaalse nationale volksgezondheid. Daarbij wordt in belangrijke mate gewezen naar de recyclage van batterijen voor elektrische wagens, die in Bangladesh een belangrijke industrie is geworden.

Hoge loodniveaus in het bloed kunnen bijzonder zware gevolgen voor de gezondheid hebben. Omwonenden van een voormalige fabriek voor de recyclage van batterijen in het dorp Kathgora, in de buurt van de stad Savar, merken op dat de activiteiten op de site de fruitoogsten heeft vernietigd. Tevens wordt gewag gemaakt van dode koeien. Maar vooral bij jongeren eist de loodvergiftiging een zware tol.

Medische tests toonden aan dat in het bloed van vele Bengaalse jongeren twee keer zoveel lood werd aangetroffen dan de maximumgrens die door de World Health Organisation (WHO) wordt toegelaten. Kinderen die worden blootgesteld aan gevaarlijke hoeveelheden lood, lopen het risico op een verminderde intelligentie en cognitieve prestatie, bloedarmoede, groeiachterstand en levenslange neurologische aandoeningen.

Loodvergiftiging is in Bangladesh geen nieuw fenomeen en heeft talrijke oorzaken. Onder meer wordt gewezen naar het wijdverbreide en voortdurende gebruik, ondanks een verbod van de overheid, van het zware metaal in verf. Ook wordt lood gebruikt om de kleur en de waargenomen kwaliteit van kurkumapoeder te verbeteren. Veel gezondheidsproblemen worden echter ook toegeschreven aan de informele fabrieken voor de recyclage van batterijen, die in het hele land zijn opgerezen ??als reactie op de stijgende vraag.

Riksja’s

De milieugroep Pure Earth vermoedt dat in Bangladesh ruim driehonderd informele fabrieken voor de recyclage van lood operationeel zijn. De World Bank maakt echter gewag van 1.100 sites. “De afbraak van de oude batterijen gebeurt in open lucht”, verduidelijken woordvoerders van Pure Earth. “Bij het smelten van het lood komen giftige dampen en toxisch water vrij. Die vervuilen de lucht, de bodem en het grondwater.

Ook corruptie vormt een onderdeel van de problematiek. Daarbij wordt door slachtoffers gewezen naar een fabriek voor batterijrecyclage in het dorp Fulbaria, ten noorden van de hoofdstad Dhaka. Door klachten van omwonenden besliste een lokale rechter om de fabriek, eigendom van een Chinees bedrijf, te sluiten. Maar uiteindelijk werd die beslissing door het hooggerechtshof ongedaan gemaakt. Volgens de slachtoffers heeft het bedrijf de autoriteiten omgekocht.

De informele recyclage van batterijen vormt in Bangladesh een bloeiende industrie. Dat wordt in belangrijke mate gelinkt aan de massale elektrificatie van de riksja’s, die voorheen door pedalen moesten worden aangedreven. Bangladesh telt meer dan vier miljoen riksja’s. De autoriteiten schatten dat de markt voor het uitrusten van al deze riksja’s met elektromotoren en batterijen een waarde van ongeveer 870 miljoen dollar heeft.

“Dat is de keerzijde van de overstap naar het elektrisch vervoer”, beklemtoonde Maya Vandenant, verantwoordelijke gezondheid bij het kinderfonds Unicef Bangladesh, waar een strategie wordt uitgewerkt om de industrie met een strengere regelgeving en belastingvoordelen te saneren. “De meeste mensen zijn zich niet bewust van de gevaren. De gevolgen van loodvergiftiging voor de nationale volksgezondheid zal naar verwachting de economie van het land met 6,9 procent afremmen.”

Woordvoerders van het Bengaalse ministerie van volksgezondheid waarschuwen dat het land het zich niet kon veroorloven de omvang van het probleem te negeren. “Indien er niet wordt ingegrepen, zal de groep slachtoffers de volgende twee jaar mogelijk verdrievoudigen of verviervoudigen”, merken zij op.

Meer over dit onderwerp:

Posted in automotive, energie, gezondheid, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Batterijrecyclage leidt tot epidemie loodvergiftiging in Bangladesh

Panamakanaal reserveert slots voor schepen met lage emissies

Posted by managing21 on 27th maart 2025

Het Panamakanaal gaat bijzondere slots reserveren voor schepen met een lage uitstoot van broeikasgassen. Dat heeft de Panal Canal Authority, de beheerder van de strategische waterweg, aangekondigd. De nieuwe regeling wordt in de eerste week van oktober dit jaar van kracht. Volgens de beheerder sluit het programma aan bij de ontwikkelingen in de sector. Er wordt aan toegevoegd dat de maatregel de klanten moet stimuleren om verder aan de decarbonisatie van hun activiteiten te werken.

Vanaf 5 oktober 2025 zal het Panamakanaal de eerste fase van een wekelijkse NetZero Slot voor Neopanamax-schepen implementeren. Volgens de Panama Canal Authority zal deze slot worden aangeboden met een wedstrijd die dertig dagen voor de transitdatum wordt gehouden, in plaats van het huidige veilingprogramma voor slots. Het zal echter worden toegewezen aan schepen die zijn uitgerust met motoren die brandstof gebruiken met een koolstofintensiteit – van extractie tot verbranding – van minder dan 75 gram koolstofdioxide per megajoule.

“Door investeringen te stimuleren in schepen die gebruik kunnen maken van koolstofarme brandstoffen en energiezuinige technologieën, erkennen en belonen we onze klanten die de transitie naar een duurzamere toekomst leiden”, beklemtoonde Ilya Espino de Marotta, verantwoordelijke duurzaamheid bij de Panama Canal Authority. “Deze stap sluit aan bij andere initiatieven die worden ontwikkeld vanuit de ambities van de Panal Canal Authority om een bijdrage te leveren aan de wereldwijde doelstellingen rond de efficiëntie van maritieme operaties en tegelijkertijd de ecologische voetafdruk van zijn activiteiten te verkleinen.”

Gegarandeerde transittijd

Met het initiatief NetZero Slot bevestigt het Panamakanaal zijn engagement tegenover de bevordering van een milieuvriendelijker en duurzamer maritiem transport. De maatregel moet de gebruikers van de waterweg bovendien helpen om tegen het midden van deze eeuw klimaatneutraal te opereren. De rederijen die in het project stappen krijgen de mogelijkheid om de transitdatum binnen de aangeboden week te kiezen. De schepen kunnen bovendien genieten van een gegarandeerde transittijd van maximum vierentwintig uur.

De Panal Canal Authority hoopt dat zijn inspanningen op het gebied van duurzaamheid verder zullen worden ondersteund door de ontwikkeling van regionale infrastructuur en logistiek die een gestage vooruitgang naar wereldwijde doelstellingen op het gebied van decarbonisatie mogelijk maken. Een tweede fase, die volgend jaar zou worden doorgevoerd, zal op een latere datum worden aangekondigd.

De regering van Panama blijft volhouden niet met de Verenigde Staten te zullen onderhandelen over de exploitatie van het kanaal. De Amerikaanse president Donald Trump heeft aangekondigd de controle over het Panamakanaal te zullen overnemen. Volgens Trump wordt de waterweg door China gecontroleerd en moeten Amerikaanse schepen voor een doorvaart te veel betalen. De regering van Panama beklemtoonde de soevereiniteit van het kanaal en ontkende de Amerikaanse betichtingen over een Chinese overheersing.

Meer over dit onderwerp:

Posted in milieu, scheepvaart, transport & logistiek | Reacties uitgeschakeld voor Panamakanaal reserveert slots voor schepen met lage emissies

Luchtvaart moet duurzame doelstellingen mogelijk bijstellen

Posted by managing21 on 25th maart 2025

De doelstellingen van de luchtvaart om tegen het midden van deze eeuw een klimaatneutrale industrie te worden, zijn mogelijk in gevaar. Dat heeft Guillaume Faury, chief executive van de Europese vliegtuigbouwer Airbus gezegd. Maar hij waarschuwde wel dat duurzaamheid voor de luchtvaartsector een absolute doelstelling blijft.

Airbus heeft onlangs aangekondigd zijn plannen om commerciële vliegtuigen op waterstof en elektrisch aangedreven luchttaxi’s (evtols) te bouwen, uit te stellen. Guillaume Faury gaf tijdens de jaarlijkse Airbus Summit toe dat het doel van de wereldwijde luchtvaartindustrie om de uitstoot van koolstofdioxide tegen 2050 te elimineren, mogelijk in het gedrang zou kunnen komen. “Ik denk niet dat we er verkeerd aan doen om tegen het midden van deze eeuw een klimaatneutrale industrie na te streven”, beklemtoonde Faury. “Misschien kost het wat meer tijd, maar laten we niet verlegen zijn in de ambitie.”

Net zoals andere fabrikanten heeft Airbus geïnvesteerd in alternatieven voor traditionele vliegtuigbrandstoffen. Daarbij wordt onder meer gemikt op waterstof, dat volgens de Europese vliegtuigbouwer als brandstof zou kunnen worden gebruikt om aangepaste gasturbines aan te drijven, met behulp van brandstofcellen zou kunnen worden omgezet in elektrische energie of zelfs zou kunnen worden gebruikt om duurzame of synthetische vliegtuigbrandstof te produceren.

Maar Airbus heeft in februari zijn programma ZeroE teruggeschroefd. Dat project heeft sinds 2020 voor de ontwikkeling gezorgd van vier vliegtuigen die door waterstof werden aangedreven. Plannen om deze aandrijfsystemen op een aangepaste Airbus A380 te testen, zijn naar verluidt geschrapt. Volgens Franse vakbonden kan de geplande eerste vlucht van Airbus met een commercieel model op waterstof – dat oorspronkelijk voor 2035 was aangekondigd – mogelijk vijf tot tien jaar worden uitgesteld.

Faury benadrukte dat Airbus in staat is om met het project ZeroE realistische vliegtuigen te bouwen, maar wees erop dat hierbij ook realistisch moet worden omgesprongen. “Zonder een geschikt regelgevingskader en een duurzame waterstofproductie zijn deze vliegtuigen nog niet levensvatbaar”, waarschuwde hij. Hij merkte daarbij op dat Airbus niet met een Concorde op waterstof wil worden geconfronteerd. Hij verwees daarbij naar het kortstondige tijdperk van het supersonische Brits-Franse passagiersvliegtuig Concorde, dat nooit de gestelde verwachtingen heeft kunnen inlossen. Airbus brak in januari ook de ontwikkeling van zijn volledig elektrische luchttaxi CityAirbus NextGen af.

Financieel en zakelijk risico

Faury benadrukte verder dat het volgende narrowbody-vliegtuig van Airbus eerder evolutionair dan revolutionair zal zijn. “We zijn er absoluut van overtuigd dat duurzame energie een oplossing is voor de toekomst van de luchtvaart, maar er moet nog wel meer werk worden verzet”, beklemtoonde hij.

De veranderende prioriteiten van Airbus weerspiegelen ook een aantal stromingen in de luchtvaartindustrie, die waterstof misschien niet meer als de definitieve oplossing voor een duurzame toekomst van de sector bestempelt. In een rapport melden een aantal Europese luchtvaartbedrijven in februari dat vliegtuigen op waterstof tegen het midden van deze eeuw de helft van de vloot voor intra-Europese vluchten zouden vertegenwoordigen. In 2021 was nog vooropgesteld dat deze vloot voor 100 procent door waterstof zou worden aangedreven.

Julie Kitcher, directeur duurzaamheid bij Airbus, beklemtoonde echter dat het dwaas zou zijn als de Europese vliegtuigfabrikant zijn duurzaamheidsinitiatieven zou opgeven. “Klimaatverandering is zowel een financieel als een zakelijk risico”, verduidelijkte Kitcher. “Daarom blijft een klimaatneutrale luchtvaart voor Airbus de uiteindelijke doelstelling. Onze partners en ook de beleidsmakers hebben daarover brede toezeggingen gedaan. De technologie biedt bovendien ook de nodige innovatie om deze duurzame doelstelling na te streven.”

Airbus kondigde tevens een driejarig partnerschap aan met de Solar Impulse Foundation. Daarbij zal Airbus zijn technologie ter beschikking stellen om een aantal dringende klimaatgebonden uitdagingen te bestuderen. Solar Impulse zal daarbij met ingenieurs van Airbus samenwerken om een vliegtuig met een dubbele romp, aangedreven door waterstof, te bouwen. Bedoeling is om dat toestel in 2028 de eerste non-stop vlucht rond de wereld op waterstof te laten uitvoeren.

Airbus gaf verder aan met Europese landen te onderhandelen over nieuwe orders op het gebied van defensie en ruimtevaart. Europa verhoogt immers zijn budgetten voor deze sectoren. Onder meer tonen de Europese landen een grote interesse in ruimtevaartactiva, gedeeltelijk om het satellietnetwerk Starlink van Elon Musk te vervangen.

Christian Scherer, hoofd van de afdeling burgerluchtvaart bij Airbus, merkte verder op dat heffingen op producten uit de luchtvaart en ruimtevaart weliswaar mogelijk voor de industrie schadelijk zouden zijn, maar het is volgens hem nog te vroeg om te beoordelen op welke manier de laatste ontwikkelingen rond de internationale handelsspanningen zich verder zouden ontwikkelen.

Meer over dit onderwerp:

Posted in luchtvaart & ruimtevaart, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Luchtvaart moet duurzame doelstellingen mogelijk bijstellen