De Franse automobielindustrie vreest voor zijn voortbestaan
Posted by managing21 on december 15th, 2024
De Franse autosector verkeert in crisis, verzwakt door een trage economie, concurrentie uit China en de overgang naar elektrische voertuigen die door de Europese Commissie wordt ondersteund. Bij de autoproducenten en hun toeleveranciers dreigen steeds meer ontslagen. Een aantal experts zegt door de recente ontwikkelingen steeds meer voor het voortbestaan van de Franse automobielindustrie te vrezen.
In Duitsland hebben de autofabrikanten en hun toeleveranciers al een aantal activiteiten moeten terugschroeven en vestigingen sluiten. Maar ook in Frankrijk kondigde het metaalbedrijf Eramet eind oktober aan zijn project rond de recyclage van batterijen – naar eigen zeggen in afwachting van een solide en duurzaam bedrijfsmodel in Europa – op te schorten. Begin november bevestigde de Franse bandenfabrikant Michelin eveneens de sluiting van twee fabrieken en het verlies van 1.200 banen.
De voorbije lente al moest MA France, fabrikant van apparatuur en onderaannemer van Stellantis, zijn fabriek in Aulnay-sous-Bois sluiten. Het bedrijf, dat eigenaar was van de laatste actieve autofabriek in de regio Seine-Saint-Denis, had tevergeefs aan Stellantis – zijn belangrijkste klant – een prijsverhoging van 12 procent gevraagd om de stijgende productiekosten te compenseren.
Net zoals de fabriek van MA France-fabriek in Aulnay-sous-bois, zijn veel producenten van apparatuur afhankelijk van orders van Stellantis. Na een aantal recordkwartalen is de doelstelling voor de operationele marge van de autogroep voor het lopende jaar – meestal in dubbelcijferige getallen – echter herzien naar een niveau tussen 5,5 procent en 7 procent. Daarbij verwijst Stellantis onder meer naar de verslechterende dynamiek in de wereldwijde automobielsector. “Kostenbesparing is een cruciaal probleem voor de hele industrie, vooral in het licht van agressieve aanbiedingen van Chinese concurrenten”, benadrukte Stellantis.
Platforme Automobile
Om concurrerend te blijven, heeft de Franse overheid voor de autosector bijna 5 miljard euro gereserveerd. Dat budget kadert in het programma France 2030, om onderzoek en ontwikkeling te ondersteunen, maar ook de industrialisatie van voertuigen en hun componenten in Frankrijk. Een rapport van onderzoek van het tijdschrift L’Automobile toonde dat in september dit jaar in Frankrijk nog vijftien automodellen werden geproduceerd. Inmiddels dreigt echter de fabriek van Stellantis in Poissy te sluiten. In de fabriek in Rennes maken de werknemers zich zorgen over het feit dat alleen nog de productie van het model C5 Aircross SUV van Citroën op het programma stond.
Plateforme Automobile (PFA), de Franse sectororganisatie voor de automobielindustrie, benadrukte dat de Franse autosector zichzelf opnieuw moet uitvinden door te investeren in elektrische voertuigen en oplossingen moet zoeken voor de stijgende energieprijzen en de productielasten, die weliswaar een dalende trend vertonen, maar hoger blijven dan het gemiddelde van de eurozone.
“Sommige fabrikanten en leveranciers van apparatuur kondigen sluitingen van locaties aan, omdat de autoverkoop sinds het begin van het jaar is vertraagd”, beklemtoonden woordvoerders van Platforme Automobile. “In 2017 produceerde de autosector in Europa nog 21 miljoen exemplaren. In 2023 viel dat volume echter al onder de grens van 18 miljoen exemplaren. Er zijn ook geen vooruitzichten op groei. Men moet erkennen dat de automobielindustrie de ernstigste crisis in zijn geschiedenis doormaakt”.
Voor Denis Bréant, bestuurslid van de metaalvakbond bij de Confédération Générale du Travail (CGT), zijn de argumenten rond concurrentie uit Azië en de overstap naar elektrische auto’s die door autofabrikanten worden aangevoerd om de crisis in de autosector te verklaren, slechts gedeeltelijk geldig. “De elektrische e-C3 van Citroën wordt in Slowakije geproduceerd en Renault zal de productie van het type Clio 6 in zijn fabriek in het Turkse Bursa centraliseren”, merkt hij op.
“Renault en Stellantis verplaatsen hun activiteiten al sinds de jaren negentig naar landen met goedkopere productiekosten”, vervolgt Bréant. “Destijds konden elektrische auto’s en de concurrentie uit Azië niet als voorwendsel worden gebruikt. Tegenwoordig wordt echter alles gebruikt als excuus om te profiteren van miljarden euro’s aan overheidssubsidies en om steeds hogere marges te kunnen behalen.”
Elektrisch rijden
Begin december kondigde de Franse regering aan dat de ecologische bonus voor de aankoop van een elektrisch voertuig zou worden verlaagd van 7.000 euro naar maximaal 4.000 euro. Volgens Aliou Sow, secretaris-generaal van de Fédération Nationale de l’Automobile (FNA), zal die beslissing de vooruitzichten voor de sector nog verder verslechteren. “Fabrikanten moeten het volume van elektrische voertuigen verhogen om te voldoen aan de eisen van de Europese Unie (EU), ook al is de wereldwijde context niet gunstig”, benadrukte hij.
Plateforme Automobile wijst op zijn beurt op het gebrek aan concurrentievermogen van Frankrijk op de markt voor elektrische voertuigen. “Europa heeft te kampen met een veel hogere inflatie dan China”, verduidelijkt Sow. “De nieuwe modellen die door Franse fabrikanten worden geproduceerd, zijn duurder dan elk type dat door Chinese producenten worden verkocht. Men moet de feiten onder ogen zien. Op de markt voor elektrische voertuigen loopt China een aantal jaren voor op Frankrijk en Duitsland. De deadlines die de Europese Unie tussen nu en 2035 stelt, zullen daarom voor de sector geen geschenk zijn.”
Teresa Ribera, Europees commissaris voor de duurzame traditie, heeft echter gewaarschuwd dat het verbod op de verkoop van auto’s met verbrandingsmotoren niet zal worden uitgesteld. “Ik denk dat de nationale en Europese autoriteiten een historische fout maken”, geeft Sow aan. “De autoriteiten zouden de fabrikanten moeten toelaten om zich te concentreren op voertuigen die een hybride energievorm of synthetische brandstof gebruiken, in plaats van te blijven aandringen op elektrische technologie, zonder daarbij de nodige financiële steun aan te bieden. Het zijn tenslotte de klanten die een markt aansturen. Het is niet een parlement dat een industriële strategie kan bepalen.”
In 2023 hadden elektrische wagens in de verkoop van nieuwe auto’s in Frankrijk een aandeel van 16 procent. Dat cijfer liep tijdens de eerste tien maanden van dit jaar tot 17 procent op. Daarmee ligt het Franse percentage 1,5 punt hoger dan het Europese niveau. Tegelijkertijd moet volgens experts echter worden vastgesteld dat de markt voor occasiewagens met verbrandingsmotoren een sterke bloei kent.
“Nu de koopkracht van de consument daalt, is de aankoop van een elektrische wagen, die nog steeds niet erg betaalbaar is, bij velen geen prioriteiten,” benadrukt Denis Bréant. “De automobielindustrie staat op een keerpunt. De hele sector zou ten onder kunnen gaan. Het lijkt weinig te hebben om voertuigen te produceren wanneer er geen fabrikanten van apparatuur meer beschikbaar zijn.”
Meer over dit onderwerp:
- Honda en Lexus halen hoogste waarde op Amerikaanse occasiemarkt
- Elon Musk mag in beroep gaan tegen schrapping extra bonus
- Productie hybride supercar bij Aston Martin start met vier jaar uitstel
- Toyota investeert 922 miljoen dollar in geavanceerde lakfabriek in Kentucky
- Stellantis zal emissieregels Europese Unie kunnen volgen
