managing21.be

Managing21: een blik op het heden en de toekomst van de economie.

Archive for the 'automotive' Category

Elektrische voertuigen niet altijd zegen voor emissies en klimaat

Posted by managing21 on 10th april 2025

De overstap naar elektrische voertuigen zal de uitstoot van koolstofdioxide niet verminderen, tenzij landen hun elektriciteitsnetten duurzamer maken. Dat blijkt uit een studie van wetenschappers aan de University of Auckland in Nieuw-Zeeland en de University of Xiamen in China, gebaseerd op data die gedurende vijftien jaar in zesentwintig landen werden verzameld.

“Het heeft weinig zin om een elektrische wagen te kopen als het voertuig wordt opgeladen met elektriciteit die door fossiele brandstoffen wordt opgewekt”, werpen de onderzoekers op. “Sterker nog, wanneer naar de uitstoot van koolstofdioxide wordt gekeken, kan een elektrische auto meer kwaad dan goed doen.”

Uit het onderzoek bleek dat een intensiever gebruik van elektrische wagens in verband gebracht diende te worden met een hogere uitstoot van koolstofdioxide. “Er is een duidelijke reden voor deze verrassende vaststelling”, betogen de onderzoekers Stephen Poletti en Simon Tao. “In een aantal landen worden elektrische auto’s immers nog steeds aangedreven door elektriciteit die wordt opgewekt door de verbranding van fossiele brandstoffen zoals steenkool of olie. Er kon door de adoptie van elektrische voertuigen dan ook wereldwijd geen significante vermindering van de uitstoot van koolstofdioxide worden vastgesteld.”

“Het tegendeel moest zelfs worden vastgesteld”, beklemtonen Poletti en Tao. “De adoptie van elektrische voertuigen bleek aan een toename van de uitstoot van koolstofdioxide worden gekoppeld. Deze bevinding lijkt contra-intuïtief, want ze ondermijnt de conventionele opvatting dat elektrische auto’s tot een reductie van de emissies van koolstofdioxide bijdragen. Onze analyse maakt dan ook duidelijk dat de milieuvoordelen van elektrische auto’s afhankelijk zijn van de types energiebronnen die bij de opwekking van elektriciteit in een land worden gebruikt.”

“Wanneer elektrische auto’s worden opgeladen met elektriciteit uit steenkoolcentrales, kunnen ze indirect bijdragen aan hogere emissies dan moderne wagens op benzine of diesel”, zeggen de wetenschappers. “Dat geldt vooral wanneer naar de volledige levenscyclus, van productie tot afvalverwerking, wordt gekeken.”

Het onderzoek suggereert dat de adoptie van elektrische voertuigen pas zal bijdragen aan de vermindering van de emissies van koolstofdioxide wanneer het wereldwijde aandeel van hernieuwbare bronnen in de opwekking van elektriciteit ongeveer 48 procent heeft bereikt. Hernieuwbare energie – vooral opgewekt uit wind, zon en water – vertegenwoordigde in 2023 echter slechts iets meer dan 30 procent van de totale wereldwijde opwekking van elektriciteit. “Er moet dus nog een lange weg worden afgelegd”, stippen de wetenschappers aan. “Elektrische voertuigen worden vaak gezien als een wondermiddel tegen klimaatverandering, maar deze resultaten tonen dat dit niet het geval is als de gebruikte elektriciteit geen duurzaam karakter heeft.”

Niet in isolatie

“Het onderzoek bewijst dat de decarbonisatie van het transport niet in isolatie kan gebeuren”, werpen Poletti en Tao op. “Elektrische voertuigen zijn slechts zo duurzaam als het elektriciteitsnet waarop ze worden aangesloten. Het overheidsbeleid zou dan ook gericht moeten worden op de versterking van de acceptatie en integratie van hernieuwbare energiebronnen zoals zonnekracht en waterenergie. Dit kan worden bereikt door ambitieuze doelstellingen voor hernieuwbare energie te stellen en adequate subsidies, zoals fiscale voordelen, aan producenten en consumenten van hernieuwbare energie te verstrekken.”

De onderzoekers beklemtonen dat investeringen in intellectuele netwerken en transmissienetwerken de efficiëntie en betrouwbaarheid van de levering van hernieuwbare energie kunnen verhogen. “Het beleid zou gemeenschapsgerichte projecten voor hernieuwbare energie moeten ondersteunen, wat de publieke acceptatie van installaties voor hernieuwbare energie kan vergroten”, betogen Poletti en Tao.

Verder stellen de onderzoekers dat ook de afschaffing van subsidies voor fossiele brandstoffen en het implementeren van heffingen op de uitstoot van koolstofdioxide de ontwikkeling van hernieuwbare energie zou kunnen stimuleren. “De acceptatie van elektrische voertuigen kan landen helpen om hun klimaatdoelstelling te halen, op voorwaarde dat voor de aandrijving van die vloot op duurama elektriciteit beroep wordt gedaan”, beklemtonen Poletti en Tao nog.

Uit het onderzoek bleek verder dat ook economische groei, innovatie op het gebied van duurzame technologieën, het gebruik van hernieuwbare energie en de bevolkingsdichtheid een impact op de emissies kunnen hebben. “Economische groei verhoogt de emissies, terwijl innovatie op het gebied van milieuvriendelijke technologie en bevolkingsdichtheid – in de vorm van compactere steden – kan helpen de uitstoot te verlagen. Het gebruik van hernieuwbare energie bleek het belangrijkste emissie-verlagende effect te hebben.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in automotive, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Elektrische voertuigen niet altijd zegen voor emissies en klimaat

Chinese automarkt vertoont onevenwichtige economische groei

Posted by managing21 on 10th april 2025

China is in de autoproductie wereldwijd een snelgroeiende macht. Dat is vooral te danken aan de toenemende interesse die wereldwijd in elektrische wagens kan worden opgemerkt. Maar achter dit optimistisch verhaal gaat volgens analisten van Bloomberg een onevenwichtige Chinese economische groei schuil. Productiecentra die afhankelijk zijn van buitenlandse autofabrikanten blijven immers achter bij steden waar populaire binnenlandse merken zoals Byd gevestigd zijn.

“Geen enkele stad toont beter hoe snel het tij kan keren dan Guangzhou, waar de autoproductie ongeveer een kwart van de economische productie vertegenwoordigt”, merken de analisten op. “Guangzhou is de hoofdstad van Guangdong, de rijkste provincie van het land. De stad was vijf jaar op rij de grootste autoproducent van het land, gesteund door de joint ventures van het staatsbedrijf Guangzhou Automobile Group met Toyota Motor en Honda Motor. Guangzhou herbergde bovendien eveneens een fabriek van Nissan Motor, dat een joint venture heeft Dongfeng Motor.”

“Dat veranderde allemaal vorig jaar, toen de autoproductie in Guangzhou met 20 procent daalde tot 2,5 miljoen exemplaren, omdat Chinese automobilisten buitenlandse merken vermeden”, stippen de analisten aan. “Door de crisis verloor Guangzhou zijn leidende positie in de Chinese autoproductie aan het nabijgelegen Shenzhen, waar het hoofdkantoor van de binnenlandse autobouwer Byd is gevestigd. De productie in Shenzhen steeg vorig jaar met meer dan 65 procent tot 2,9 miljoen voertuigen.”

De contrasterende omstandigheden van de steden hebben hun respectievelijke economieën beïnvloed. De groei van het bruto binnenlands product (bbp) van 2,1 procent in Guangzhou vorig jaar was de traagste van de negentien grootste Chinese steden qua productie en minder dan de helft van die van Shenzhen. “Bij de transitie naar elektrische auto’s zullen sommige plaatsen en mensen onvermijdelijk achterblijven”, verduidelijkt David Hart, expert klimaat en energie bij de Council on Foreign Relations. “De overstap naar duurzamere auto’s, die naar verwachting omvangrijker zal zijn dan andere industriële scharnierpunten, zal winnaars en verliezers kennen. “Dat geldt niet alleen geografisch, maar zal ook binnen bedrijven en beroepen kunnen worden opgemerkt.”

De verandering komt op een bijzonder gevoelig moment. De Chinese economie raakt steeds meer onder druk ??door de impact van de brede invoerrechten van de Amerikaanse president Donald Trump, die zich over verschillende sectoren verspreidt. Tegelijkertijd worden de exportvooruitzichten geschaad door strafheffingen die in de Verenigde Staten en Europa worden opgelegd aan de invoer van elektrische wagens die in China zijn geproduceerd. Omdat Chinese consumenten nog steeds een sterke voorkeur voor binnenlandse merken behouden, staan ??functionarissen in steden met een grote afhankelijkheid van buitenlandse autofabrikanten onder druk om de economische gevolgen te beperken.

De moeilijkheden in Guangzhou hebben volgens de analisten echter ook te maken met pure pech. “Toyota en Nissan werden in het begin van deze eeuw gezien als pioniers op het gebied van elektrische en hybride auto’s”, verduidelijken ze. “Maar ze lieten het opkomende succes van modellen zoals de Prius en de Leaf in de steek en zijn, samen met Honda, verdrongen door een golf van Chinese autofabrikanten zoals Byd.”

Ondertussen zijn verschillende elektrische autofabrikanten die de sector in Guangzhou steunden, aan het wankelen. De meest opvallende is China Evergrande New Energy Vehicle Group, dat in 2019 nog volmondig beweerde op korte termijn naast Tesla te zullen opereren. Nu heeft het bedrijf de productie gestaakt en staat het op de rand van faillissement. De fabrieknvan Evergrande in het district Nanshan ligt er grotendeels verlaten bij.

De rol van de stad als provinciehoofdstad heeft de stad boven minder wendbaar gemaakt dan het nabijgelegen Shenzhen, dat door zijn status als speciale economische zone is bevrijd van de bureaucratische lasten die gepaard gaan met het opstarten van industrieën. Byd vestigde zich in 1995 in Shenzhen als batterijfabrikant, richtte in 2003 een autodivisie op en bracht twee jaar later zijn eerste auto uit. Vorig jaar overtrof de omzet van Byd de grens van 100 miljard doolar en haalde daarmee grotere verkoop dan Tesla.

Gelijkaardige scenario’s

Hoewel de problemen in Guangzhou het meest opvallende voorbeeld zijn van de economische klap die een langzame overstap naar elektrische auto’s met zich meebrengt, herhaalt dat scenario zich in andere autocentra in China. Changchun, de hoofdstad van de provincie Jilin, is de thuisbasis van de autofabrikant FAW Group, die joint ventures heeft met Toyota en Volkswagen. De stad was in 2020 na Guangzhou de grootste autoproducent, maar zakte in 2023 naar een vijfde plaats. Vorig jaar daalde de productie in de autosector van Changchun met 3,8 procent. 

Omdat de tegenwind in de sector waarschijnlijk aanhoudt, wordt verwacht dat joint ventures tussen Chinese bedrijven en buitenlandse fabrikanten de capaciteit tegen eind dit decennium met nog eens 10 miljoen voertuigen zullen verminderen. “Dit brengt een gezamenlijke winst van 20 miljard dollar in gevaar”, beklemtoonde Paul Gong, hoofd van China Auto Research bij de UBS Group. “Deze steden hebben allemaal hun eigen problemen. Bij Guangzhou heeft de teloorgang van de Japanse merken een impact gehad die slechts gedeeltelijk door de productietoename van Xpeng en GAC Motor kon worden gecompenseerd. Voor een provincie als Jilin is de afhankelijkheid van joint ventures met buitenlandse autofabrikanten nog groter.”

Guangzhou probeert de autosector wel nieuw leven in te blazen. Vorig jaar werd Sun Zhiyang, een veteraan uit de autosector die twintig jaar voor de staatsonderneming FAW Group werkte, tot burgemeester benoemd. Guangzhou investeert ook in toekomstgerichte technologieën zoals zelfrijdende wagens. WeRide en Pony.AI, twee bedrijven die in zelfrijdende technologieën zijn gespecialiseerd, hebben in de stad hun hoofdkantoor ingericht.

Vooral de druk op GAC Motor neemt toe. Dat bedrijf vertegenwoordigt immers 75 procent van de totale autoproductie in Guangzhou. Nadat de leveringen vorig jaar met 20 procent waren gedaald, beloofde het bedrijf een vernieuwing. GAC Motor is van plan om binnen een tijdsbestek van drie jaar tweeëntwintig elektrische modellen te lanceren en werkt ook samen met Huawei Technologies aan een nieuw intelligent automerk. Tegelijkertijd versnellen Toyota, Honda en Nissan hun overstap naar elektrische auto’s en verminderen ze de productie van verbrandingsmotoren in China. 

Meer over dit onderwerp:

Posted in automotive | Reacties uitgeschakeld voor Chinese automarkt vertoont onevenwichtige economische groei

Inheemse groepen krijgen grotere controle over Chileense lithium-productie

Posted by managing21 on 8th april 2025

In Chili willen inheemse gemeenschappen een grotere inspraak in de exploitatie van de omvangrijke lithium-voorraden van de Atacamawoestijn. Daarover werden gesprekken aangeknoopt met een joint-venture van de bedrijven Codelco en Sociedad Química y Minera (SQM). Dat hebben de twee ondernemingen aangekondigd. De Atacamawoestijn omvat een kwart van de wereldwijde lithium-reserves.

Het Chileense staatsbedrijf Codelco, de grootste koperproducent van de wereld, heeft met Sociedad Química y Minera een overeenkomst gesloten rond de winning van lithium in de Atacamawoestijn, een zoutvlakte die zich uitstrekt over een van de droogste gebieden in de wereld. Door de overeenkomst zal de Chileense overheid een aandeel krijgen in de productie van lithium, een metaal dat cruciaal is voor de batterijen van elektrische voertuigen.

De gesprekken met de Lickanantay, de inheemse gemeenschappen die in het Atacamagebied wonen, werden in maart opgestart en zouden tegen het einde van dit jaar moeten worden afgerond. Bedoeling zou zijn om een model te creëren dat de Lickanantay een actieve rol geeft in de nieuwe onderneming. De Lickanantay merken daarbij op dat ervoor gezorgd moet worden dat Codelco en SQM zich bij de winning van het lithium aan hun ecologische beloftes houden. Daarbij wordt vooral gewezen naar de beloftes om het waterverbruik te beperken.

“De bedoeling is dat niet alleen de bedrijven mogen beslissen wat er op het grondgebied van de lokale gemeenschappen mag gebeuren”, beklemtoonde Sergio Cubillos, leider van de gemeenschap van Peine. De betrokkenheid van inheemse groepen zou mogelijk tot duurdere milieunormen kunnen leiden, waardoor een negatieve impact op de winst zou moeten worden gevreesd. Anderzijds zou de samenwerking wel een grotere aantrekkingskracht kunnen hebben op wereldwijde klanten, die zich immers steeds meer op ethische mijnbouw richten om aan de eisen van aandeelhouders te voldoen en protesten te helpen voorkomen.

De mijnbouwsector kijkt naar de milieuprotesten die twee jaar geleden in Panama oprezen, waarna de lokale overheid besliste om de kopermijn First Quantum Minerals te sluiten. “De bedrijven hebben zich gerealiseerd dat een onderbreking van de productie duidelijk een schadelijk effect heeft”, beklemtoonde Yermin Basques, leider van de Toconao-gemeenschap.

Basques zegt te streven naar een regelmatige dialoog met de leiding van de ondernemingen. “Hiermee kunnen we deelnemen aan de discussie over de werking van het technologische extractieproces, de bescherming van de watervoorziening en een ontwikkeling van een ontginning met een minimale impact op het leefmilieu”, gaf Basques aan. “Daarentegen is het niet de bedoeling in het bestuur van de ondernemingen te zetelen, aangezien de lokale gemeenschappen in de zakelijke beslissingen geen stem willen hebben.”

Basques voegt eraan toe dat de dialoog met Codelco en SQM soms gespannen was, maar zegt wel dat de twee partijen nu een manier hebben gevonden om samen te werken. “Dat is gedeeltelijk te danken aan het feit dat de bedrijven de noodzaak van steun van de gemeenschap erkenden, nadat vorig jaar de logistiek van SQM door protesten in de war was geschopt. We hebben specifieke kennis van het grondgebied en de lokale watervoorraden. Bovendien hebben wij de macht om de zoutvlakte te sluiten indien dat noodzakelijk zou blijken.”

In de joint venture heeft Codelco een belang van 50 procent plus één aandeel. Een voorstel voor de uitbating van de lithium-voorraden werd door de joint venture aan de Atacama Indigenous Council (CPA), die achttien gemeenschappen omvat, voorgelegd. In de loop van de volgende twee of drie maanden zal verder aan een definitief voorstel worden gewerkt.

Verkiezingen

De joint venture wil de productie de volgende vijfendertig jaar met 33 procent verhogen. Het project vormt onderdeel van een belangrijke verschuiving in de Chileense lithium-productie, nadat de linkse president Gabriel Boric plannen aankondigde om over te stappen naar een model waarbij de productie door de staat zou worden gestuurd en de inheemse rechten als een prioriteit worden beschouwd. Een aantal leiders van de lokale gemeenschappen streven naar een snelle overeenkomst met de joint venture. De ambtsperiode van Boric loopt immers nog tot maart volgend jaar en gevreesd wordt dat een eventuele opvolger zou kunnen kiezen voor een andere strategie, waarin de belangen van de inheemse bevolking mogelijk minder prioriteit zouden krijgen. 

Boric kan zich geen kandidaat stellen voor een tweede opeenvolgende ambtstermijn als Chileens president. De meeste presidentskandidaten van de oppositiepartijen moeten hun standpunt over de lithium-winning nog naar voren brengen. De conservatieve politica Evelyn Matthei, één van de kanshebbers op een verkiezingsoverwinning, beklemtoonde de ontwikkeling van de mijnbouw te steunen, de lithium-productie van Chili te willen stimuleren en ernaar te streven om de volledige bevolking, inclusief de inheemse inheemse gemeenschappen, van de opbrengsten van de sector te willen laten profiteren.

Chili heeft de grootste bewezen lithium-reserves van de wereld en is na Australië ook de grootste producent van het mineraal. “In Canada en Australië nemen inheemse groepen soms een belangrijke rol in het milieubeheer, maar in Latijns-Amerika zijn dergelijke praktijken zeldzaam”, zeggen experts.

Maar een samenwerking biedt de bedrijven volgens anderen ook een aantal voordelen. “Dialoog biedt SQM een gemakkelijker pad om zijn activiteiten voort te zetten”, merkt  Seth Goldstein, een analist bij Morningstar Research Services, op. “Vele aandeelhouders en klanten – zoals de Europese autofabrikanten – zullen immers wellicht positief op de overeenkomst met de inheemse groepen reageren.” SQM heeft in de regio al een aantal sociale projecten gerealiseerd, zoals de installatie van zonnepanelen, het aanbieden van tandheelkundige zorgen en het verstrekken van landbouwtrainingen.

Meer over dit onderwerp:

Posted in automotive, grondstoffen, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Inheemse groepen krijgen grotere controle over Chileense lithium-productie

Amerikaanse autoverkoop verliest dit jaar bijna 2 miljoen exemplaren

Posted by managing21 on 8th april 2025

Indien de wereldwijde handelsoorlog escaleert, zou de autoverkoop in de Verenigde Staten en Canada dit jaar met 1,8 miljoen voertuigen kunnen dalen. Bovendien zou de sector gedurende tien jaar met een stagnatie rekening moeten houden. Dat blijkt uit een rapport van het bureau Telemetry.

“In een scenario zonder handelsconflicten en een sterke economische groei, zouden in de Verenigde Staten en Canada de volgende tien jaar ongeveer 24,6 miljoen nieuwe wagens worden verkocht”, wordt in het rapport verduidelijkt. “Maar wanneer tijdens die periode de aangekondigde invoerheffingen van de Amerikaanse president Donald Trump gehandhaafd blijven, zou die afzet met ongeveer 7 miljoen eenheden kunnen inkrimpen.”

Donald Trump heeft de import van auto’s uit Mexico en Canada met een belasting van 25 procent gesanctioneerd. Autofabrikanten die aan de voorwaarden van het United States-Mexico-Canada Agreement (USMCA) voldoen, kunnen echter op tegemoetkomingen rekenen. 

De invoerheffingen hebben verscheidene autofabrikanten onder druk gezet om hun productie aan te passen. Onder meer kondigde General Motors aan de productie in zijn fabriek in Indiana te verhogen. Stellantis, het moederconcern van onder meer de autobouwers Ram en Jeep, besliste anderzijds de productie in twee fabrieken in Mexico en Canada stil te leggen. Dit heeft echter ook gevolgen voor vijf fabrieken van de groep in de Verenigde Staten die met de twee getroffen sites verbonden zijn. 

Verder hebben een aantal autofabrikanten, waaronder Ford Motor en Stellantis, meer incentives aangeboden bij de aankoop van een nieuwe wagen. Op die manier trachten de autobouwers de bekommernissen van de consumenten over de impact van de heffingen op de verkoopprijzen van auto’s weg te nemen.

Problematische betaalbaarheid

Analisten hebben al aangevoerd dat aanhoudende heffingen de verkoopprijzen van auto’s met duizenden dollars zullen verhogen. Eenzelfde geluid viel ook bij de autofabrikanten op te vangen. “De betaalbaarheid van een auto is voor de consumenten al een groot probleem”, merkte Sam Abuelsamid, onderzoeker bij Telemetry, op. De analisten wijzen erop dat nieuwe auto’s in de Verenigde Staten inmiddels bijna 50.000 dollar kosten. Bovendien zijn de Amerikaanse rentetarieven op autokredieten sinds de uitbraak van de covid-pandemie gestegen.

“Nu de verkoop daalt, zal de sector met ontslagen worden geconfronteerd”, benadrukt Abuelsamid. “Mogelijk zal weliswaar een deel van de buitenlandse autoproductie naar de Verenigde Staten verhuizen, maar ook dat zal niet voldoende zijn om het verlies aan werkgelegenheid door de hogere kosten en de lagere verkopen te compenseren.”

Hoewel de groei van de verkoop van elektrische voertuigen de voorbije jaren is vertraagd, verwacht Telemetry dat die technologie over tien jaar de belangrijkste aandrijflijn van de hele wereld zal zijn geworden. Daarbij wordt een verkoop van 40,5 miljoen exemplaren in het vooruitzicht gesteld. In een scenario zonder handelsconflicten en een sterke economische groei, zal de verkoop van elektrische wagens in de Verenigde Staten en Canada een verkoop van 8,8 miljoen exemplaren halen. Die trend zal volgens het bureau worden aangewakkerd door de introductie van superieure technologieën, waardoor elektrische voertuigen met een groter bereik steeds gangbaarder worden.

Meer over dit onderwerp:

Posted in automotive | Reacties uitgeschakeld voor Amerikaanse autoverkoop verliest dit jaar bijna 2 miljoen exemplaren

Batterijrecyclage leidt tot epidemie loodvergiftiging in Bangladesh

Posted by managing21 on 3rd april 2025

In Bangladesh vertonen 35 miljoen kinderen in hun lichaam gevaarlijk hoge niveaus van lood. Dat vertegenwoordigt ongeveer 60 procent van de volledige populatie jongeren van het Zuid-Aziatische land. Dit vormt een ernstige bedreiging voor de Bengaalse nationale volksgezondheid. Daarbij wordt in belangrijke mate gewezen naar de recyclage van batterijen voor elektrische wagens, die in Bangladesh een belangrijke industrie is geworden.

Hoge loodniveaus in het bloed kunnen bijzonder zware gevolgen voor de gezondheid hebben. Omwonenden van een voormalige fabriek voor de recyclage van batterijen in het dorp Kathgora, in de buurt van de stad Savar, merken op dat de activiteiten op de site de fruitoogsten heeft vernietigd. Tevens wordt gewag gemaakt van dode koeien. Maar vooral bij jongeren eist de loodvergiftiging een zware tol.

Medische tests toonden aan dat in het bloed van vele Bengaalse jongeren twee keer zoveel lood werd aangetroffen dan de maximumgrens die door de World Health Organisation (WHO) wordt toegelaten. Kinderen die worden blootgesteld aan gevaarlijke hoeveelheden lood, lopen het risico op een verminderde intelligentie en cognitieve prestatie, bloedarmoede, groeiachterstand en levenslange neurologische aandoeningen.

Loodvergiftiging is in Bangladesh geen nieuw fenomeen en heeft talrijke oorzaken. Onder meer wordt gewezen naar het wijdverbreide en voortdurende gebruik, ondanks een verbod van de overheid, van het zware metaal in verf. Ook wordt lood gebruikt om de kleur en de waargenomen kwaliteit van kurkumapoeder te verbeteren. Veel gezondheidsproblemen worden echter ook toegeschreven aan de informele fabrieken voor de recyclage van batterijen, die in het hele land zijn opgerezen ??als reactie op de stijgende vraag.

Riksja’s

De milieugroep Pure Earth vermoedt dat in Bangladesh ruim driehonderd informele fabrieken voor de recyclage van lood operationeel zijn. De World Bank maakt echter gewag van 1.100 sites. “De afbraak van de oude batterijen gebeurt in open lucht”, verduidelijken woordvoerders van Pure Earth. “Bij het smelten van het lood komen giftige dampen en toxisch water vrij. Die vervuilen de lucht, de bodem en het grondwater.

Ook corruptie vormt een onderdeel van de problematiek. Daarbij wordt door slachtoffers gewezen naar een fabriek voor batterijrecyclage in het dorp Fulbaria, ten noorden van de hoofdstad Dhaka. Door klachten van omwonenden besliste een lokale rechter om de fabriek, eigendom van een Chinees bedrijf, te sluiten. Maar uiteindelijk werd die beslissing door het hooggerechtshof ongedaan gemaakt. Volgens de slachtoffers heeft het bedrijf de autoriteiten omgekocht.

De informele recyclage van batterijen vormt in Bangladesh een bloeiende industrie. Dat wordt in belangrijke mate gelinkt aan de massale elektrificatie van de riksja’s, die voorheen door pedalen moesten worden aangedreven. Bangladesh telt meer dan vier miljoen riksja’s. De autoriteiten schatten dat de markt voor het uitrusten van al deze riksja’s met elektromotoren en batterijen een waarde van ongeveer 870 miljoen dollar heeft.

“Dat is de keerzijde van de overstap naar het elektrisch vervoer”, beklemtoonde Maya Vandenant, verantwoordelijke gezondheid bij het kinderfonds Unicef Bangladesh, waar een strategie wordt uitgewerkt om de industrie met een strengere regelgeving en belastingvoordelen te saneren. “De meeste mensen zijn zich niet bewust van de gevaren. De gevolgen van loodvergiftiging voor de nationale volksgezondheid zal naar verwachting de economie van het land met 6,9 procent afremmen.”

Woordvoerders van het Bengaalse ministerie van volksgezondheid waarschuwen dat het land het zich niet kon veroorloven de omvang van het probleem te negeren. “Indien er niet wordt ingegrepen, zal de groep slachtoffers de volgende twee jaar mogelijk verdrievoudigen of verviervoudigen”, merken zij op.

Meer over dit onderwerp:

Posted in automotive, energie, gezondheid, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Batterijrecyclage leidt tot epidemie loodvergiftiging in Bangladesh

Chinese vloot elektrische wagens moet nationale energievoorziening in balans brengen

Posted by managing21 on 3rd april 2025

China is van plan om in negen steden dertig pilootprojecten te lanceren waarbij de groeiende vloot elektrische voertuigen van het land als batterijen zouden kunnen worden gebruikt om tijdens vraagpieken de energievoorziening op het elektriciteitsnet te ondersteunen. Dat heeft de Chinese overheid aangekondigd.

Vorig jaar werden door de Chinese National Development and Reform Commission (NDRC) nieuwe regels uitgevaardigd om de integratie van elektrische wagens met het elektriciteitsnet te versterken. Daarmee wou de Chinese overheid een antwoord bieden aan de bekommernissen dat de snelle adoptie van elektrische voertuigen de systemen voor de opwekking en transmissie van elektriciteit zou overbelasten.

Er worden onder meer pilootprojecten opgezet in de steden Peking, Shanghai, Shenzhen en Guangzhou. Het merendeel van de project beoogt de levering van energie door voertuigen aan het elektriciteitsnet. Auto’s zouden als batterijen fungeren en daarbij energie opslaan en terugsturen naar het net. Auto’s die aan het elektriciteitsnet zijn gekoppeld, zouden bovendien tevens hun laadtijden kunnen aanpassen om piekperioden te vermijden en cruciale diensten zoals frequentieregeling kunnen leveren. De levering van die diensten zou potentieel een alternatieve inkomstenstroom kunnen worden voor huiseigenaren of exploitanten van laadstations. 

Vorig jaar had de National Development and Reform Commission al aangegeven dat tegen eind dit jaar meer dan vijftig pilootprogramma’s zouden worden opgezet. Experts zeggen echter dat er een reeks obstakels moeten worden overwonnen voordat het concept vehicle-to-grid (V2G) op grote schaal zou kunnen worden ingevoerd. Daarbij werd onder meer opgemerkt dat voor de toepassingen levensvatbare bedrijfsmodellen dienen te worden ontwikkeld. Tevens wordt aangevoerd dat ook de batterijtechnologieën verder moeten worden verbeterd.

Vehicle-to-grid is echter geen nieuw concept. Het idee dateert uit de jaren negentig van de voorbije eeuw en al in 2001 werd met een aantal experimenten gestart. In de loop der jaren hebben onder meer een aantal Europese landen, de Verenigde Staten en China de ontwikkeling van de technologie actief gepromoot, waarbij sommige autofabrikanten al voertuigen produceerden die bidirectioneel opladen mogelijk maken. Dat geldt onder meer voor een aantal modellen van Byd, MG, Nio en Ora.

Uitdagingen

Volgens een aantal waarnemers bevindt het concept zich momenteel in een snelle ontwikkelingsfase. Hoewel de technologie geen groot probleem meer vormt, zijn er nog steeds uitdagingen om een brede acceptatie te bereiken. Daarbij moet in de eerste plaats gekeken worden naar de prijs. Vehicle-to-grid is een dure technologie. Volgens Yang Ye, ondervoorzitter van batterijfabrikant Aulton, kost de bouw van een basisstation tussen 420.000 dollar en 700.000 dollar. De uitrusting van het station met batterijpakketten zou de kosten nog eens met een bedrag tussen 201.000 dollar en 504.000 dollar kunnen verhogen.

Om de technologie met succes te kunnen implementeren, blijft een standaardisatie volgens de waarnemers noodzakelijk. Momenteel wordt het concept met een aanzienlijke fragmentatie geconfronteerd, het voor verschillende systemen moeilijk is om naadloos met elkaar te communiceren. “Open standaarden, veilige communicatie en een betrouwbare encryptie zijn allemaal nodig om vehicle-to-grid op schaal te laten werken”, stippen de experts aan. “Bovendien vereist het concept een robuust raamwerk voor veilige communicatie tussen elektrische voertuigen, laadstations en het elektriciteitsnet. Daarvoor zijn veel investeringen in cyberbeveiliging vereist om een ongeautoriseerde toegang tot energiesystemen te voorkomen.”

Maar zelfs met lagere kosten en gestroomlijnde technologie blijft de vraag over of de autobezitters daadwerkelijk aan vehicle-to-grid willen deelnemen. Daarbij wordt vaak opgemerkt dat de technologie zwaar op de levensduur van de batterij kan wegen. Sommigen vrezen dat frequent opladen en ontladen de levensduur van de batterijen kan verkorten. Studies suggereren echter dat het merendeel van batterijen na meer dan tweehonderd laadbeurten nog steeds 93 procent van hun oorspronkelijke capaciteit behouden. “Dat is een veelbelovend cijfer, maar de echte sleutel tot een lange levensduur ligt in intelligente beheerstrategieën die de batterijprestaties kunnen optimaliseren en slijtage kunnen verminderen”, zeggen de experts.

Sommige eigenaars van elektrische voertuigen profiteren al van dit systeem. Chinese autobestuurders die regelmatig aan het project deelnemen, zouden op drie jaar tijd ongeveer 1.400 dollar hebben verdiend. Dat is voldoende om de oplaadkosten te dekken. “Maar hoewel deze cijfers veelbelovend klinken, blijkt de realiteit niet altijd even eenvoudig”, stippen de onderzoekers aan. “Een recente proef wees alvast op een aantal frustraties. Daarbij bleek na driekwart uur vaak een opbrengst van amper 1,4 dollar. 

Voor velen rechtvaardigen dergelijk kleine beloningen de inspanning nauwelijks, vooral niet als ze hun voertuig onverwachts nodig hebben. Interessant genoeg zijn financiële prikkels alleen misschien niet genoeg om de meeste eigenaren van elektrische wagens te overtuigen. Uit een onderzoek bij 4.000 consumenten in Spanje, Frankrijk, Italië en Denemarken bleek dat persoonlijke waarden een veel grotere rol speelden in de bereidheid om het concept te omarmen. Terwijl financieel gevoelige eigenaren gemotiveerd werden door monetair gewin, vertoonden individuen met sterke ecologische of altruïstische waarden een veel grotere kans om aan de projecten, ongeacht de compensatie, te willen deelnemen.

De ernst van de obstakels is volgens de experts onmiskenbaar. “Indien de technologie eenvoudig te implementeren was, zouden China en andere landen al voorbij de pilotfase zijn en overgaan op een volledige commercialisering van het concept”, werpen de analisten op. “Maar de torenhoge vraag naar elektriciteit kan misschien een verklaring vormen voor de inspanningen om vehicle-to-grid te implementeren.”

Er blijken twee belangrijke krachten die deze toename aanjagen. In eerste instantie is er de toenemende intensiteit van extreme weersomstandigheden. Maar er moet ook gekeken worden naar de snelle uitbreiding van energieverslindende industrieën zoals artificiële intelligentie en elektrische wagens. Warmere en langere zomers zorgen onder meer voor een toenemende vraag naar koeling. Tegelijkertijd kennen een aantal energie-intensieve industrieën een grote bloei, waardoor de vraag naar elektriciteit sterk toeneemt. De energievraag van artificiële intelligentie neemt sneller toe dan vele elektriciteitsnetwerken aankunnen.

Een uitbreiding van het elektriciteitsnet blijkt volgens experts niet altijd het optimale antwoord op de groeiende vraag. “Een loutere uitbreiding van de netwerken is duur en niet efficiënt”, merken ze op. “Het Chinese elektriciteitsnet draait minder dan vijftig uur per jaar op een niveau dat boven 95 procent van de piekbelasting ligt. Om aan deze sporadische piekvraag te voldoen, zouden nieuwe piekcentrales moeten worden geïnstalleerd of de transmissie-infrastructuur moeten worden uitgebreid. Beiden gaan gepaard met hoge kosten.”

“Vehicle-to-grid biedt daarentegen een flexibele en gedecentraliseerde oplossing”, wordt er nog aangevoerd. “Door het benutten van de collectieve opslagcapaciteit van elektrische voertuigen, kan vehicle-to-grid de druk op het elektriciteitsnet net tijdens deze piekuren verlichten zonder enorme investeringen in nieuwe infrastructuur te moeten voorzien.”

Onderzoek van wetenschappers aan het Tsinghua Sichuan Energy Internet Research Institute zouden in 2035 particuliere gebruikers van elektrische wagens in China 150 miljoen kilowatt aan mobiele opslagcapaciteit kunnen leveren. Dat zou de Chinese maatschappij ongeveer 1 biljoen yuan aan investeringen in elektriciteit kunnen besparen. Bovendien kan China rekenen op een gigantische vloot elektrische voertuigen. In juni vorig jaar telde China 24,72 miljoen elektrische wagens. Dat vertegenwoordigde meer dan de helft van het wereldwijde totaal.

Geraamd wordt dat China tegen eind volgend decennium ongeveer 300 miljoen elektrische wagens zal tellen. Die vloot zou het nationale elektriciteitsnet een capaciteit tussen 290 miljoen kilowatt en 350 miljoen kilowatt kunnen bieden. Dat komt overeen met ongeveer 50 procent van de totale capaciteit die China aan duurzame energie kan leveren.

Meer over dit onderwerp:

Posted in automotive, energie | Reacties uitgeschakeld voor Chinese vloot elektrische wagens moet nationale energievoorziening in balans brengen

Byd realiseert omzet van meer dan 100 miljard dollar per jaar

Posted by managing21 on 26th maart 2025

De jaarlijkse omzet van de Chinese autobouwer Byd overschrijdt voor de eerste keer de grens van 100 miljard dollar. Het bedrijf profiteert van de stijgende vraag naar plugin-hybrides op de binnenlandse markt. Byd domineert de Chinese markt voor elektrische wagens en gaat door met zijn overzeese expansie.

Byd realiseerde het voorbije jaar een omzet van 777 miljard yuan (107 miljard dollar). Dat vertegenwoordigde een stijging met 29 procent tegenover het jaar voordien. De nettowinst van de Chinese groep steeg met 34 procent tot 40 miljard yuan. In tegenstelling tot zijn Amerikaanse rivaal Tesla, die alleen volledig elektrische voertuigen verkoopt en vorig jaar een omzet van $ 98 miljard dollar rapporteerde, kon Byd profiteren van de heropleving van de Chinese vraag naar hybride voertuigen.

Na een jarenlange prijsoorlog in China, de grootste markt voor elektrische voertuigen in de hele wereld, is Byd ook begonnen met een alternatieve prijsstrategie. In het verleden werd daarbij voor een agressieve aanpak gekozen om marktaandeel te winnen, maar inmiddels is overgeschakeld op een scenario om de winstgevendheid te vergroten.

“Toonaangevende spelers op de markt, waaronder Byd, zijn afgestapt van een benadering die volumes boven de prijs verkoos”, verduidelijkt Serena Shen, autospecialist bij S&P Global Mobility. “In plaats daarvan proberen ze de verkoopprijzen te verhogen door hun modellen te innoveren en te updaten.”

Geavanceerd rijsysteem

De resultaten sluiten een opmerkelijke twaalf maanden af ??voor de Chinese groep, die dit jaar heeft geprobeerd zijn assortiment aantrekkelijker te maken door verschillende nieuwe technologieën te introduceren, waaronder het God’s Eye, een geavanceerd rijsysteem. Wang Chuanfu, oprichter van Byd, onthulde onlangs een nieuw systeem voor het laden van batterijen, waarmee klanten volgens het bedrijf hun elektrische voertuigen in vijf minuten tijd kunnen opladen.

Byd zet ook een agressieve expansie buiten China voort, waarbij het bedrijf erop gokt om op markten van Europa tot Zuidoost-Azië traditionele autofabrikanten zoals Volkswagen en Toyota op het vlak van prijzen te kunnen beconcurreren. Byd verkoopt momenteel meer dan 4 miljoen wagens per jaar. Op de buitenlandse markt wordt een afzet van 400.000 exemplaren wordt gerealiseerd. 

Vorige maand haalde Byd bijna 6 miljard dollar op om zijn groei buiten China te financieren. De groep, die in januari en februari in de export van autofabrieken in China een aandeel van ongeveer 16 procent had, opende in juli van vorig jaar fabrieken in Thailand en Oezbekistan.

Byd staat op het voorplan van een hausse in de export van Chinese duurzame technologie. Naast auto’s produceert het bedrijf een reeks energiegerelateerde technologieën, waaronder lithiumbatterijen voor een grootschalige opslag van energie en zonnepanelen. De opkomst van Byd heeft bij westerse autofabrikanten en regeringen een toenemende onrust gecreëerd over de vooruitgang die China op het gebied van batterijtechnologie heeft geboekt. De Europese Unie heeft vorig jaar hoge tarieven opgelegd aan Chinese elektrische voertuigen, een stap die volgde op een onderzoek dat de Chinese regering oneerlijke steun aan de industrie zou verlenen.

De internationale ambities van Byd hebben verder ook vragen opgeroepen over de manier waarop het bedrijf om zal gaan met strengere normen op het gebied van arbeid en leefmilieu. Een ontwikkeling van 1 miljard dollar in Brazilië werd in december van vorig jaar nog vertraagd toen de lokale autoriteiten de bouw stillegden omdat werknemers aan onaanvaardbare arbeidsomstandigheden werden onderworpen. Byd ontsloeg vervolgens een Chinese aannemer en benadrukte een nultolerantie hanteerde voor inbreuken tegen de lokale wetten en menselijke waardigheid.

Meer over dit onderwerp:

Posted in automotive, Mobility | Reacties uitgeschakeld voor Byd realiseert omzet van meer dan 100 miljard dollar per jaar

Formula One bevindt zich momenteel in Disneyficatie-modus

Posted by managing21 on 20th maart 2025

De Formula One richt zich steeds meer op entertainment, merchandise en meeslepende fanervaringen om de aantrekkingskracht van de sport te vergroten en daarmee ook de inkomsten te verhogen. Dat schrijft Samuel Agini, sportjournalist bij de Britse krant Financial Times. Wetenschappers merken daarbij op dat de Formula One zich momenteel in een Disneyficatie-modus bevindt.

“De Formula One breidt zijn off-track commerciële activiteiten uit”, benadrukt Agini. “De organisator van races over de hele wereld, gecontroleerd door de Amerikaanse groep Liberty Media, leunt immers op de popcultuur om nieuwe fans aan te trekken, hun interesse vast te houden en de inkomsten te verhogen. De Formula One zet in op ervaringen, merchandising en retail als onderdeel van een bredere strategie die gericht op de overstap naar de entertainmentindustrie.”

Liberty Media nam Formula One in 2017 over voor een bedrag van 8 miljard dollar. “Sindsdien heeft de sport een nieuw publiek bereikt door de focus te leggen op de coureurs en hun persoonlijkheden te tonen door onder meer de documentaireserie Drive to Survive van Netflix”, werpt Agini op. “Tijdens een lanceringsevenement voor 15.000 mensen in de O2 Arena in Londen in februari presenteerden alle tien teams hun auto’s voorafgaand aan het nieuwe seizoen. Muzikanten zoals Machine Gun Kelly, Kane Brown en Take That waren te gast op het evenement, dat werd gepresenteerd door komiek Jack Whitehall, met lichtshows en films die de geschiedenis van de Formula One eerden.”

“Het evenement in de O2 Arena vormde een nieuw deel in een reeks meeslepende ervaringen die aan de fans werden aangeboden”, vervolgt Agini. “Het gebeuren komt enerzijds voort uit de reizende F1 Exhibition, waarbij auto’s en andere herinneringen uit de geschiedenis van de sport worden tentoongesteld. Daarnaast is er ook de invloed van het cafégame F1 Arcade, dat ook door Liberty Media wordt ondersteund.”

Emily Prazer, commercieel directeur van Formula One, betoogt dat de ervaringsgerichte aanpak een bijzondere focus vormde in de pogingen om op een kostenefficiënte en tastbare manier contact te maken met fans en publiek buiten het circuit. “Deze sport moet men kunnen ruiken, aanraken en verkopen om ze te begrijpen,” zegt Prazer. “In een andere aanwijzing van de inspanningen van de sport om aan te sluiten bij de entertainmentindustrie, heeft Formula One ook een nieuwe speelfilm, met Brad Pitt in de hoofdrol, gesteund. De release van de film is voor de maand juni gepland. 

“De Formula One bevindt zich momenteel in een Disneyficatie-modus”, benadrukt Paolo Aversa, hoogleraar strategie aan het King’s College London. “De sport creëert een wereld die verschillende ervaringen en producten biedt aan mensen van hun kindertijd tot hun pensioen, van speelgoed en verzamelobjecten tot merchandise en luxe hospitality. Disney probeert mensen gedurende hun hele leven aan zich te binden. Dit is typerend voor Amerikaanse bedrijfsmodellen. Liberty Media kent dit model heel goed.” Maar pretparken in de stijl van Disney blijven voor de Formula One nog echter ver weg.

Lego en Mattel

Na een reeks nieuwe deals de voorbije maanden, heeft de Formula One een aantal partnerships gesloten met onder meer de Lego Group en Mattel. Die bedrijven krijgen een licentie voor de lancering van nieuwe productlijnen voor speelgoed en verzamelobjecten. De samenwerking met de Formula One gaat bij Lego van de Duplo-collectie voor beginners tot de geavanceerde Technic-producten. Mattel brengt onder het merk Hot Wheels speelgoedversies van de wagens uit de Formula One uit.

Julia Goldin, directeur marketing bij Lego, voorspelt dat de samenwerking de fans zal verrassen en verrukken. Daarbij verwijst Goldin niet alleen naar de producten, maar ook naar content of popup-winkels die tijdens de races zullen worden opgezet. “Bedoeling is de beleving van de fans te verbeteren”, beklemtoont de marketing-directeur. “Dit zijn de elementen die het merk voor de toekomst opbouwen.”

Onder Liberty heeft de Formula One zijn aantrekkingskracht duidelijk verbreed. In het verleden was de sport vooral populair bij oudere autofanaten. Inmiddels is dat publiek echter beduidend jonger en vrouwelijker geworden. De sport heeft zijn wereldwijde aantrekkingskracht vergroot met nieuwe races in het Midden-Oosten en de Verenigde Staten, waarmee nieuwe fangroepen en inkomstenbronnen worden aangeboord.

“Mensen die de race live bekijken, van begin tot eind, zullen een minderheid worden”, werpt Aversa daarbij op. “De meeste mensen zullen genieten van Formula One genieten door het spelen met Lego, korte samenvattingen op sociale media, de nieuwe speelfilm en de serie op Netflix, die steeds meer gedramatiseerd is en steeds minder een documentaire is.” 

In zijn 75ste jaar vindt Formula One ook nieuwe manieren om de merchandise en memorabilia te produceren die fans willen. Prazer wijst daarbij op de eigen groothandel die het bedrijf heeft opgericht op basis van de F1 Hub, een initiatief op de Grand Prix Las Vegas met een aantal exclusieve merchandise-samenwerkingen, waaronder ook de tekenfilmhond Snoopy.

“De nieuwe Las Vegas Grand Prix verandert de manier waarop de Formuma One wereldwijd zaken doet”, stipt Agini aan. “De Formula On stuurt nu een jaar vooraf een productboek naar zijn casinopartners in Las Vegas, zodat zij de merchandise kunnen kiezen die ze willen aanbieden. 

“We willen kwaliteitscontrole hebben over de producten die we verkopen”, beklemtoont Prazer. “De Formula One is een premiummerk. We nemen deze inspanningen heel ernstig. We suggereren niet dat we Nike ooit zullen overnemen, maar wel zou het interessant zijn om bij de retailers een grotere verkoop te realiseren. Daarbij moet wel goed worden overwogen welke initiatieven kunnen worden genomen. De Formula One is in opkomst en krijgt dagelijks vragen over mogelijke samenwerkingen, maar daarover moet echt heel goed worden nagedacht.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in automotive, sport | Reacties uitgeschakeld voor Formula One bevindt zich momenteel in Disneyficatie-modus

Importheffingen kunnen winst BMW met 1 miljard euro afromen

Posted by managing21 on 15th maart 2025

Nieuw opgelegde handelstarieven zouden de winst van autofabrikant BMW Group dit jaar met 1 miljard euro kunnen drukken. Dat heeft het bedrijf opgeworpen ter gelegenheid van de voorstelling van de resultaten over het voorbije jaar. Daarbij wordt gewezen op de toenemende handelsspanningen tussen China, Europa en de Verenigde Staten, die een steeds grotere tol eisen van de financiën van bedrijven over de hele wereld. 

De Duitse constructeur voorspelde voor dit jaar voor zijn autodivisie een winstmarge tussen 5 procent en 7 procent, tegenover een niveau van 6,3 procent vorig jaar. BMW baseert zich voor die ramingen op de impact van een volledig jaar aan invoerheffingen van de Europese Unie op elektrische voertuigen die de Duitse autobouwer in China fabriceert, terwijl er in de Verenigde Staten sprake is van een invoertaks van 25 procent op staal en aluminium en op de import van voertuigen die in de Mexicaanse fabrieken van BMW worden gebouwd. 

BMW produceerde vorig jaar in totaal 2,45 miljoen wagens. – Foto: BMW Group

Zonder nieuwe heffingen zou BMW naar eigen zeggen dit jaar op een winstmarge tussen 6 procent en 7 procent rekenen. Het bedrijf streeft er al lang naar om de rendementen boven de grens van 8 procent te houden. “Verdere heffingen van de Europese Unie en de Verenigde Staten zouden echter een veel grotere impact hebben op de autofabrikant”, benadrukte Walter Mertl, financieel directeur van de BMW Group. Meer dan de helft van de auto’s die BMW in Duitsland bouwt, worden buiten de Europese Unie op de markt gebracht. Daarnaast is BMW qua waarde de grootste exporteur van wagens vanuit de Verenigde Staten.

Toch zegt Mertl niet te verwachten dat de heffingen het hele jaar zouden blijven gelden. “Wanneer de situatie wijzigt, zullen ook onze vooruitzichten veranderen”, benadrukte hij. 

De Duitse premium autofabrikanten – die al lang sterk afhankelijk zijn van sterke verkopen in China en de export naar de Verenigde Staten – vechten een oorlog op twee fronten, aangezien snelgroeiende concurrenten met elektrische voertuigen in China marktaandeel winnen en de invoerheffingen van Donald Trump hun wereldwijde toeleveringsketens op hun kop zetten. “In een omgeving waarin China een veel moeilijkere markt is geworden en er geen verbetering in zicht lijkt, is de afhankelijkheid van de VS toegenomen”, beklemtoonde Daniel Schwarz, analist bij het bureau Stifel Research. “Invoerheffingen vormen daarom een aanzienlijk risico. De impact kan worden verzacht door de productie in de Verenigde Staten op te voeren, aar dat heeft een prijs.” Schwarz wees daarbij naar de schaalvoordelen waarop BMW op dit ogenblik kan rekenen door een strategie die zich richt op een suv-productie in de Verenigde Staten en sedans in Europa.

Toch zegt BMW – in tegenstelling tot zijn concurrenten Porsche, Mercedes-Benz en Audi – geen grote herstructurering van zijn Europese activiteiten te zullen doorvoeren om de kosten te verlagen. “De operationele kosten bereikten vorig jaar een piek en er zijn geen plannen om personeel in Duitsland te ontslaan”, beklemtoonde de constructeur.

Achterhaalde maatregel

De nettowinst van BMW daalde vorig jaar met 37 procent tot 7,68 miljard euro. Die terugval was vooral gelinkt aan zwakke verkopen in China en Duitsland en vertragingen in de leveringen, veroorzaakt door problemen met remmen die door Continental werden geleverd. Mertl merkte nog op dat extra heffingen op de invoer in de Verenigde Staten de winstmarges van zijn auto’s met 1 procentpunt zouden kunnen verlagen. BMW leverde vorig jaar in totaal 2,45 miljoen wagens af. Dat vertegenwoordigde een daling met 4 procent tegenover het jaar voordien. 

Oliver Zipse, chief executive van de BMW Group, benadrukte nog dat importheffingen tientallen jaren geleden misschien – toen de wereldwijde markten niet zo onderling verbonden waren als inmiddels het geval is – een goed instrument waren, maar hij bekritiseerde het gebruik van het concept in de moderne wereld. “Vandaag is alles met elkaar verbonden”, beklemtoonde Zipse. “De wereld zal heel snel inzien dat dit misschien niet de slimste manier is om het concurrentievermogen te verbeteren. Er zijn tegelijkertijd sterke tekenen dat er voor vrijhandel een toekomst is. Ik ben er bijna zeker van dat we de volgende twaalf tot achttien maanden een verschuiving in de houding ten opzichte van importheffingen zullen zien.”

BMW heeft nog aangegeven van plan te zijn om de importheffingen op de uitvoer van zijn wagens vanuit Mexico naar de Verenigde Staten tot begin mei op te vangen. “Maar dat zou kunnen veranderen wanneer de Verenigde Staten met extra tarieven op andere landen dreigen”, betoogde Jochen Goller, verkoopsdirecteur van de BMW Group. “Er moet nog blijken op welke manier BMW hiermee op lange termijn zal omgaan. De situatie is immers extreem onstabiel. We zullen die problematiek aanpakken zodra geweten is op welke manier de situatie rond de invoerheffingen zich ontwikkelt.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in automotive, Mobiliy | Reacties uitgeschakeld voor Importheffingen kunnen winst BMW met 1 miljard euro afromen

Amerikaanse invoerheffingen gevaar voor winstmarges Porsche

Posted by managing21 on 14th maart 2025

De winstprognoses van de Duitse autobouwer Porsche zouden verder onder druk kunnen raken door de heffingen die in de Verenigde Staten op de invoer van onder meer auto’s dreigen. Dat heeft Oliver Blume, chief executive van Porsche, gezegd. Porsche, dat een onderdeel vormt van de Volkswagen Group, zei dit jaar een winstmarge tussen 10 procent en 12 procent te verwachten. Vorig jaar werd nog een marge van 14 procent opgetekend.

Porsche heeft zijn winstprognoses op de middellange termijn al van 19 procent teruggeschroefd tot een niveau tussen 15 procent en 17 procent. “Maar die vooruitzichten zouden verder verlaagd kunnen worden, want er wordt momenteel geen rekening gehouden met verdere potentiële importbeperkingen en invoerheffingen”, betoogde Oliver Blume. “Er moet rekening worden gehouden met de onstabiele politieke en economische omgeving.”

Porsche leverde het voorbije jaar 311.000 wagens af. – Foto: Porsche

Ook Jochen Brecker, financieel directeur van Porsche, erkende zich zorgen te maken over de impact van de dreigende importheffingen die de Amerikaanse president Donald Trump aan de Europese autobouwers wil opleggen. Porsche dreigt voor die heffingen bijzonder gevoelig te worden. De constructeur fabriceert immers al zijn wagens in Duitsland, waarna de afgewerkte producten over de hele wereld worden uitgevoerd.

De Europese Unie hanteert op de import van wagens een invoerheffing van 10 procent, tegenover 2,5 procent in de Verenigde Staten. Brecker betoogde dat Porsche de impact van de heffingen wil compenseren door de productprijzen voor consumenten te verhogen en door de introductie van verdere kostenbesparingen.

Herschikking portfolio

Porsche maakte bekend vorig jaar een bedrijfswinst van 5,6 miljard euro te hebben gerealiseerd, tegenover een positief resultaat van 7,3 miljard euro het jaar voordien. De omzet bleef status quo op 40 miljard euro. In totaal leverde de Duitse constructeur vorig jaar 311.000 voertuigen af. Dat betekende een daling met 3 procent tegenover het jaar voordien. Bij de verkopen van de volledig elektrische Taycan moest zelfs een terugval met 49 procent worden gemeld.

Eerder al had Porsche aangegeven dat zijn verkopen in China vorig jaar met 28 procent waren gedaald. De constructeur voegde eraan toe niet te verwachten dat de vraag zich in de nabije toekomst zou herstellen. Porsche maakte vorige maand ook bekend dit jaar 800 miljoen euro te zullen investeren in voertuigen met verbrandingsmotoren en hybrides, zijn productlijn zou herstructureren en zou afstappen van elektrische wagens. Tevens werd aangekondigd dat 1.900 banen zouden worden geschrapt om de winstgevendheid van de autobouwer te vergroten.

Porsche had eerder te kennen gegeven dat elektrische wagens tegen het einde van dit decennium 80 procent van de portfolio van de sportwagenbouwer zouden moeten vertegenwoordigen. “Onze productstrategie zou dat streven nog steeds toestaan, maar gezien de marktontwikkeling is dat cijfer niet langer realistisch”, verduidelijkte Blume.

“Ondanks die verschuiving in de elektrische strategie zal het echter enkele jaren duren vooraleer Porsche opnieuw een sterk assortiment nieuwe sportwagens met benzinemotoren zal hebben uitgebouwd”, voerde Stephen Reitman, analist bij Bernstein aan. Porsche suggereerde dat tegen eind dit decennium een nieuwe Macan met verbrandingsmotor op de markt zou kunnen worden gebracht. Daarbij wordt er volgens Reitman echter van uitgegaan dat de prijs of de productmix de verwachte daling in de verkoopsvolumes ruimschoots zal compenseren. “Maar dat is een scenario waarbij heel wat vraagtekens moeten worden geplaatst”, wierp de analist op.

Meer over dit onderwerp:

Posted in automotive, Mobility | Reacties uitgeschakeld voor Amerikaanse invoerheffingen gevaar voor winstmarges Porsche