managing21.be

Managing21: een blik op het heden en de toekomst van de economie.

Archive for the 'energie' Category

Geen enkel energieproject loopt groter investeringsrisico dan kerncentrales

Posted by managing21 on 25th mei 2025

In de energiesector wordt de bouw van kerncentrales met het hoogste investeringsrisico geconfronteerd. Zonnekracht gaat daarentegen met de kleinste risico’s gepaard. Dat blijkt uit een onderzoek van wetenschappers aan het Institute for Global Sustainability van de Boston University, gebaseerd op een analyse van 662 projecten in 83 landen. De projecten werden tussen 1936 en 2024 uitgevoerd en vergden een totale investering van 1.358 miljard dollar.

Het onderzoek wees uit dat infrastructuurprojecten in de energiesector in meer dan 60 procent van de gevallen de geplande bouwkosten overtroffen. Verder werd vastgesteld dat de aanleg bovendien gemiddeld 40 procent langer duurt dan gepland. Er is daarbij sprake van een gemiddelde vertraging van ongeveer twee jaar.

Kerncentrales kenden de hoogste kostenoverschrijdingen en vertragingen. De bouwkosten overtroffen de ramingen met gemiddeld 102,5 procent. Dat kwam overeen met een meerkost van gemiddeld 1,56 miljard dollar. Waterkracht stond op een tweede plaats met een overschrijding van 36,7 procent, gevolgd door geothermische energie (20,7 procent).

Verder in de rangschikking volgen koofstofdioxide (14,9 procent), bio-energie (10,7 procent), waterstof (6,4 procent) en windenergie (5,2 procent). De kleinste overschrijdingen werden opgetekend bij zonnekracht en transmissie-infrastructuur, waar gemiddeld met een meerkost van respectievelijk 2,2 procent en 3,6 procent rekening zou moeten worden gehouden.

Daarnaast bracht het onderzoek aan het licht dat bij de verschillende technologieën ook variaties in de bouwvertragingen moesten worden gemeld. Ook hier zorgde kernenergie, met een gemiddelde vertraging van 35 maanden, voor de grootste uitdagingen, gevolgd door waterkracht (27 maanden) en geothermische projecten (11 maanden). Ook hier liet de bouw van photovoltaïsche installaties de beste prestaties optekenen. Vele projecten konden zelfs voor de geplande einddatum worden opgeleverd. Bij vertragingen was er slechts sprake van een gemiddelde van één maand.

Kleinere projecten

De studie concludeerde dat projecten met een capaciteit van meer dan 1.561 megawatt te maken hebben met aanzienlijk hogere risico’s op kostenstijgingen, terwijl kleinere, modulaire projecten rond hernieuwbare energie de financiële risico’s kunnen verlagen en de prognoses kunnen verbeteren. Zodra de bouwvertragingen de grens van 87,5 procent overschreden, moest volgens het rapport met een sterke kostenstijging rekening worden gehouden.

“De studie toont duidelijk dat uitstootarme energiebronnen zoals windenergie en zonnekracht niet alleen een enorme meerwaarde bieden voor het klimaat en de energiezekerheid, maar ook financiële voordelen, zoals minder bouwrisico’s en een kleinere kans op vertragingen, opleveren”, geeft onderzoeksleider Benjamin Sovacool, professor milieukunde en directeur van het Institute for Global Sustainability, aan. “Het is verder bewijs dat dergelijke technologieën een scala aan onderschatte en ondergewaardeerde maatschappelijke en economische waarde hebben.”

“Het is belangrijk om een inzicht te verwerven in de oorzaken van de budgetovertredingen en vertragingen bij de realisatie van energieprojecten en de tijdstippen waarop dat omslagpunt optreedt”, beklemtonen de onderzoekers nog. “Opvallend daarbij zijn de schaalnadelen van een aantal grote projecten, waarbij ontwikkelingen met een capaciteit van meer dan 1.561 megawatt een aanzienlijk hoger risico op kostenstijgingen laten zien. Dit suggereert dat de aanpak van grootschalige energie-infrastructuurplanning mogelijk moet worden heroverwogen, vooral nu miljarden dollars worden geïnvesteerd in wereldwijde inspanningen om de uitstoot van koolstofdioxide te verminderen.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in energie, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Geen enkel energieproject loopt groter investeringsrisico dan kerncentrales

Vorig jaar wereldwijd bijna 600 gigawatt zonnekracht geïnstalleerd

Posted by managing21 on 9th mei 2025

Het voorbije jaar werd wereldwijd 597 gigawatt aan zonnekracht geïnstalleerd. Dat betekent een nieuw record. Tegenover het jaar voordien was er daarbij sprake van een stijging met 33 procent. Tegen het einde van dit decennium zou jaarlijks een volume van 1 terawattuur kunnen worden geïnstalleerd. Dat blijkt uit een rapport van de sectororganisatie SolarPower Europe.

Eind vorig jaar liet zonnekracht een nieuwe mijlpaal optekenen. Er kon immers worden gemeld dat er op dat ogenblik wereldwijd in totaal al 2 terawatt zonnecentrales operationeel waren. Tegen 2030 zouden de jaarlijkse installaties tot een volume van 1 terawattuur kunnen oplopen.

In een reactie op de cijfers stelde Walburga Hemetsberger, chief executive van SolarPower Europe, dat het zonnetijdperk echt is aangebroken. “Hoewel de acceptatie van zonnekracht per regio wereldwijd verschilt, profiteert de sector van de behoefte aan flexibele, geëlektrificeerde energiesystemen die door cruciale technologieën, zoals batterijopslag, worden ondersteund”, betoogde Hemetsberger. “Besluitvormers wereldwijd moeten ervoor zorgen dat hun flexibiliteitsplannen aansluiten op de realiteit van zonnekracht en de mogelijkheden van de sector maximaliseren.”

Hoewel zonnekracht wereldwijd blijft groeien, moet volgens SolarPower Europe worden vastgesteld dat de distributie van de energiebron sterk geconcentreerd en ongelijk blijft. China installeerde het voorbije jaar 329 gigawatt aan zonnecentrales. Daarmee vertegenwoordigde het Aziatische land 55 procent van de wereldwijde installaties. “Dit jaar wordt de Chinese markt voor zonnekracht echter herschikt”, voert SolarPower Europe aan. “Hierdoor zal in 2026 met een tijdelijke daling van de wereldwijde installaties rekening moeten worden gehouden.”

India

Opmerkelijk is volgens SolarPower Europe de evolutie van de zonnekracht in India. Daar werd het voorbije jaar 30,7 gigawatt aan nieuwe zonnecentrales geïnstalleerd. “Dat vertegenwoordigde een stijging met 145 procent tegenover het jaar voordien. “India hanteert rond zonnekracht een strategie die het land positioneert als een belangrijke kracht in de energietransitie”, werpt SolarPower Europe op. “Ook de volgende jaren mag in India een sterke groei van de zonnekracht worden verwacht.” Tegen 2030 wil India voor 500 gigawatt aan hernieuwbare energie-installaties hebben. Daarvoor wil het land de volgende vijf jaar nog eens 200 gigawatt aan zonnekracht installeren.

Andere regio’s leveren een gestage, zij het minder significante groei. In Noord-Amerika en Zuid-Amerika werd een groei met 40 procent opgetekend. Ook in Europa werd een toename met 15 procent genoteerd. In het Midden-Oosten en Afrika was er daarentegen sprake van een stagnatie. Er werden in deze regio’s het voorbije jaar minder installaties geregistreerd dan het jaar voordien.

“Het behalen van de wereldwijde doelstelling om de capaciteit voor hernieuwbare energie tegen het einde van het decennium te verdrievoudigen, is mogelijk met zonnekracht”, benadrukte Sonia Dunlop, algemeen directeur van de Global Solar Council. “We hebben tot 2030 jaarlijks 1 Terawatt aan zonne-energie nodig. Er kan echter worden vastgesteld dat zonnekracht in steeds meer landen in opkomst is.”

“Er moet nu actie worden ondernomen om zich optimaal op de toekomst voor te bereiden”, gaf Dunlop nog aan. “Daarvoor moet er gewerkt worden aan intelligentere netwerken, een snellere regeling voor vergunningen, grotere investeringen in opkomende markten en een uitgebreide recrutering.”

Eind vorig jaar vertegenwoordigde zonnekracht met een totaal gïnstalleerd vermogen van 2,2 terewattuur 46 procent van de wereldwijde capaciteit voor hernieuwbare energie.

Meer over dit onderwerp:

Posted in energie, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Vorig jaar wereldwijd bijna 600 gigawatt zonnekracht geïnstalleerd

Voor voorzitter Toyota moet sportwagen altijd een benzinemotor hebben

Posted by managing21 on 30th april 2025

Een sportwagen moet worden uitgerust met een benzinemotor die veel lawaai maakt. Dat heeft Akio Toyoda, voorzitter van de Japanse autobouwer Toyota, in een gesprek met het magazine Automotive News gezegd. Akio Toyoda zegt weliswaar open te staan voor het idee van een elektrische auto, maar voegt eraan toe de voorkeur te geven aan de geur van benzine en een lawaaierige motor.

Het is bijna twee jaar geleden dat Toyota zijn elektrische sportwagen FT-Se aan het publiek voorstelde, maar dat concept moet zich nog altijd tot een productiemodel ontwikkelen. Er komt voorlopig echter geen versie die in het dagelijkse verkeer kan worden ingezet. Voorzitter Akio Toyoda wil zich immers vooral richten op prestatiegerichte auto’s met verbrandingsmotoren.

“Mijn definitie van een sportwagen omvat de geur van benzine en een lawaaierige motor”, beklemtoonde Toyoda. De voorzitter van het Japanse concern geeft toe dat er binnen Toyota personen zijn die een leuke elektrische auto nastreven, maar hij zegt liever vast te houden aan de vertrouwde verbrandingsmotoren.

Toyoda was zelf als autopiloot actief en werpt op dat het niet spannend is om met elektrische auto’s te racen. Hij merkt daarbij op dat een batterij van een elektrische wagen op een circuit niet langer dan een uur meegaat. Toyoda stelt dat de huidige accutechnologie niet voldoet en voegt eraan dat races met elektrische wagens een wedstrijd van laadtijden of batterijwissels zouden worden. In uithoudingsraces zijn elektrische wagens volgens hem zeker nog niet haalbaar.

Toyoda heeft al eerder zijn terughoudendheid geuit ten aanzien van de volledige overname door elektrische auto’s. Iets meer dan een jaar geleden zei de voorzitter dat elektrische auto’s nooit meer dan 30 procent van de wereldwijde verkoop zouden uitmaken. Sean Hanley, vice-president marketing van Toyota Australië, benadrukte eerder ook al dat verbrandingsmotoren en handgeschakelde transmissiesystemen nog heel lang zullen blijven bestaan omdat het bedrijf weet dat die technologie de autoliefhebbers nog altijd bekoort.

Betaalbaar massamerk

Toyoda is al lang een voorstander van verbrandingsmotoren, zowel voor het dagelijkse woon-werkverkeer als voor prestatiegerichte sectoren. Bovendien gelooft hij nog steeds dat het bedrijf nog een belangrijke hindernis moet overwinnen bij de bouw van een selectie elektrische auto’s die passen bij mantra van Toyota om betaalbare, hoogwaardige auto’s aan zijn klanten te leveren.

“Toyota is een massamerk en moet dan ook over betaalbaarheid – ook bij elektrische wagens – nadenken.” Eerder al had hij benadrukt dat elektrische auto’s als een set met infrastructuur worden geleverd. Eerder had hij ook al aangegeven dat veel klanten van Toyota wonen in delen van de wereld waar weinig toegang tot elektriciteit is.

Toyoda gaf verder aan van mening te zijn dat auto’s met een benzinemotor zeker zullen blijven bestaan. “Over de toekomst van de benzinemotor zullen niet de wettelijke waarden of de politieke macht, maar wel de klanten en de markt beslissen”, stipte hij aan. 

Toyoda verdedigde tevens de interesse van Toyota in hybride wagens. “Koolstofdioxide is voor de autosector de belangrijkste uitdaging”, merkte hij op. “Tijdens de productieperiode hebben 27 miljoen hybride wagens dezelfde impact als 9 miljoen elektrische wagens op de weg. Maar indien Toyota 9 miljoen elektrische wagens in Japan zou hebben geproduceerd, zou de uitstoot van koolstofdioxide zijn verhoogd in plaats van verlaagd. Dit komt omdat Japan voor zijn elektriciteit afhankelijk is van thermische energiecentrales.”

Toch heeft de Japanse autoconstructeur zijn inspanningen op het gebied van emissievrije wagens opgevoerd door zijn assortiment elektrische wagens wereldwijd uit te voeren. Hideaki Iida, projectmanager van de Gazoo Racing Design Group, vertelde dat er na 2026 een productieversie van de FT-Se op de markt zou worden gebracht. Fumihiko Hazama, hoofdingenieur van de auto, stelde dat de FT-Se met vierwielaandrijving wordt ontworpen. Daarbij zou op elke as een elektromotor worden geplaatst. De elektromotoren zullen naar verluidt werken met een accupakket van de volgende generatie, wat een sprint van vanuit stilstand naar 100 kilometer per uur in drie seconden en een topsnelheid van 250 kilometer per uur mogelijk maakt.

Maar voordat Toyota zich meer op elektrische sportwagens toespitst, wordt er nog gewag gemaakt van een vloot wagens met benzinemotoren. Het bedrijf heeft al gezegd dat de Supra ook na de huidige generatie zal blijven bestaan ??en inmiddels ook een mogelijke terugkeer van de Celica of de MR2 gewag gemaakt. Bovendien wordt algemeen aangenomen dat de nieuwe racewagen GT3 de basis zou vormen voor een nieuwe sedan.

Meer over dit onderwerp:

Posted in automotive, energie, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Voor voorzitter Toyota moet sportwagen altijd een benzinemotor hebben

Olieconcerns bereiden zich voor op een moeilijk jaar

Posted by managing21 on 29th april 2025

De grootste oliemaatschappijen ter wereld bereiden zich voor op hun moeilijkste jaar sinds de pandemie. De dalende prijzen voor ruwe olie drukken op de winst en ondermijnen het vertrouwen van de beleggers. Dat hebben een aantal analisten tegenover de Britse zakenkrant Financial Times gezegd.

Opgemerkt wordt dat de grote oliemaatschappijen dit jaar voor de derde keer op rij te maken krijgen met een periode van dalende winsten, die scherp zijn gekrompen ten opzichte van de pieken die in 2022 werden opgetekend. Beleggers vragen zich af of de industrie zich de hogere dividenden en aandeleninkoopprogramma’s van de voorbije jaren kan veroorloven

De gecorrigeerde nettowinst van vijf grote westerse oliemaatschappijen – ExxonMobil, Shell, TotalEnergies, Chevron en British Petroleum (BP) – daalde tussen 2022 en 2024 met ongeveer 90 miljard dollar. De druk op de industrie is de voorbije weken aangegroeid. Het toegenomen aanbod van de Organization of Petroleum Exporting Countries (Opec) en de escalerende internationale spanningen onder de handelsoorlog van de Amerikaanse president Donald Trump hebben het beleggerssentiment ondermijnd.

De prijs van brent-olie daalde de voorbije weken kortstondig onder de 60 dollar per vat, waarbij sommige analisten voorspellen dat de prijzen in de tweede helft van 2025 meer dan een vijfde lager zullen liggen dan het gemiddelde van 81 dollar vorig jaar.

Aandeelhouders vragen zich volgens analisten af welke grote bedrijven de kostenbeheersing en balanssterkte hebben om de hogere dividenden en aandeleninkoopprogramma’s van de voorbije jaren te handhaven. ” Beleggers vragen zich af welke partij als eerste gaat bezuinigen”, beklemtoonde Biraj Borkhataria, analist bij RBC Capital Markets. “Gezien de onzekerheid in de markt zoeken beleggers naar geruststelling.”

Inmiddels heeft de Italiaanse multinational al de resultaten over het eerste kwartaal van dit jaar bekend gemaakt. “Die resultaten bieden een inzicht in de manier waarop de bedrijven op de uitdagingen reageren”, geven de analisten aan. Eni beloofde zijn uitgaven dit jaar met minstens 500 miljoen dollar te verlagen en benadrukte dat zijn kasstroom bij een olieprijs van 65 dollar per vat 2 miljard dollar – 15 procent – ??lager zou uitvallen dan verwacht.

Maar het bedrijf beloofde de aandeelhoudersuitkeringen intact te houden. Analisten van HSBC Holdings zeiden dat deze strategie aan de concurrenten van het Italiaanse concern een blauwdruk voor actie bood, maar voegde eraan toe dat niet iedereen een voldoende sterke balans had om die ambities te realiseren.

In de hele sector schalen bedrijven hun investeringen terug als reactie op de dalende olieprijs. “We verwachten nu dat de wereldwijde uitgaven voor upstream-ontwikkeling voor het eerst sinds 2020 een daling zullen vertonen”, benadrukte aldus Fraser McKay, analist bij het bureau Wood Mackenzie.

De meeste analisten verwachten voor de oliebedrijven een zwak kwartaal. “Maar de scherpste daling van de olieprijzen vond plaats na afloop van de verslagperiode”, wordt er opgemerkt. “Beleggers zullen dus het meest geïnteresseerd zijn in de vooruitzichten die de bedrijven bieden.”

Shell en ExxonMobil

Van de grote Europese bedrijven lijkt volgens de analisten Shell beter voorbereid op de tegenwind. “Wael Sawan, topman van Shell, beloofde in maart de helft van de kasstroom van het concern”, wordt er benadrukt. “Sawan kondigde ook aan dat het bedrijf zijn eigen aandelen zou kunnen blijven inkopen indien de olieprijs tot 50 dollar per vat zou dalen en gaf te kennen ook zelfs bij een prijsniveau van 40 dollar per vat zijn dividend te zullen handhaven.”

De meest kwetsbare oliegroep is volgens de analisten waarschijnlijk British Petroleum, dat onder druk staat van de activistische belegger Elliott Management. “De belofte om tussen 30 procent en 40 procent van de kasstroom aan de aandeelhouders uit te keren, was gebaseerd op een olieprijs van 71,50 dollar per vat dit jaar”, werpen de analisten op. “Elke dollar die onder dat niveau blijft, zal de winst van British Petroleum naar eigen zeggen met ongeveer 340 miljoen dollar verlagen.”

In de Verenigde Staten kunnen er volgens de analisten ook verschillen tussen ExxonMobil en Chevron worden opgemerkt. “ExxonMobil kan terugvallen op een sterke basis activa”, betoogt Jason Gabelman, analist bij TD Cowen. “Het bedrijf kan hierdoor de uitkeringen aan de aandeelhouders tot ver in 2026 handhaven. Daarentegen kan worden verwacht dat Chevron zijn vooruitzichten zal bijstellen. “Het bedrijf kondigde eerder aan een bedrag tussen 10 miljard dollar en 20 miljard dollar aandelen – afhankelijk van prijsniveaus tussen 60 dollar en 85 dollar per vat – te kunnen inkopen. Een daling van de olieprijs zou echter kunnen betekenen dat de inkoop van aandelen in de toekomst naar beneden wordt bijgesteld.”

Naast de grote oliemaatschappijen waarschuwen ook de producenten van schalie-olie en de toeleveranciers van de olievelden voor de lage marktprijzen. Onder meer Baker Hughes, Halliburton en Schlumberger hebben recent al hun bezorgdheid over de verslechterende vooruitzichten geuit.

Meer over dit onderwerp:

Posted in energie | Reacties uitgeschakeld voor Olieconcerns bereiden zich voor op een moeilijk jaar

Zonneparken bedreigen eeuwenoude olijfbomen in Andalusië

Posted by managing21 on 15th april 2025

In Spanje wordt de eeuwenoude olijfteelt door een massale aanleg van zonneparken bedreigd. Het zonnige klimaat dat de olijfbomen doet gedijen, is immers ook voor de fotovoltaïsche installaties bijzonder interessant. Er dreigen onteigingen van lokale landeigenaren, maar niet iedereen legt zich bij dat scenario neer.

Spanje is wereldwijd de grootste producent van olijfolie. De vruchtbare landbouwgrond in de zonnige zuidelijke regio Andalusië, het hart van de Spaanse olijfteelt, blijkt momenteel echter ook erg in trek bij bedrijven die zonneparken willen installeren. Met bijna drieduizend zonuren per jaar is Andalusië een van de Spaanse regio’s met het hoogste aantal zonnepanelen, dankzij de opkomst van hernieuwbare energiebronnen die het land tot een Europese koploper in duurzame energie hebben gemaakt.

Producenten van hernieuwbare energie, zoals Greenalia en FRV Arroyadas, hebben voor de bouw van meerdere zonneparken in de buurt van Lopera, een gemeente met 3.600 inwoners tussen Cordoba en Jaen, toestemming gevraagd. Volgens ramingen zouden de aanvragen betrekking hebben op een oppervlakte tot mogelijk 1.000 hectare. De bedrijven onderhandelden over overeenkomsten om het grootste deel van de grond die nodig is voor hun projecten te leasen, maar stuitten op aanzienlijke tegenstand van honderden kleine landeigenaren.

Dit bracht de regionale regering van Andalusië ertoe aan te kondigen dat een deel van de grond die nodig is voor de zonneparken zou worden onteigend. Daarbij werd gewezen naar het algemeen belang van een duurzame energievoorziening. De lokale landeigenaars betogen van die operatie geen enkel voordeel te zullen hebben en zeggen dat hun manier van leven zal worden vernietigd.

Honderdduizend bomen

Activisten voorspellen dat de acht geplande zonneparken in het gebied de kap van bijna honderdduizend olijfbomen zullen vereisen. Volgens de regionale regering zouden echter slechts 13.000 bomen moeten worden opgeofferd. De lokale bevolking zegt verwacht te hebben dat energiebedrijven zonnepanelen in het gebied zouden plaatsen, maar voegt eraan toe nooit gedacht te hebben dat daarbij ook eigendommen zouden worden afgepakt.

“Het verlies van 500 hectare olijfgaarden zal jaarlijks meer dan 2 miljoen euro inkomsten doen verdampen”, merkte de lokale olijfoliecoöperatie La Loperana op. In een poging de projecten tegen te houden, hebben tegenstanders rechtszaken tegen de regionale overheid en de betrokken bedrijven aangespannen.

Spanje wekte vorig jaar 56,8 procent van zijn elektriciteit op met hernieuwbare bronnen zoals windenergie en zonnekracht. Dat betekende een nieuw record. Door gebruik te maken van de zonnige vlakten, winderige hellingen en snelstromende rivieren, wil Spanje het aandeel van hernieuwbare bronnen in de opwekking van elektriciteit tegen 2030 tot 81 procent verhogen. Die inspanningen moeten de uitstoot van broeikasgassen helpen verminderen.

De regionale overheid heeft de ondersteuning van projecten rond hernieuwbare energie verdedigd door te stellen dat minder dan één procent van de grond die de zonnepanelen zouden innemen, van onwillige landeigenaren diende te worden onteigend. De Union Española Fotovoltaica (Unef), de sectororganisatie van de Spaanse producenten van zonnekracht, voerde daarbij aan dat de projecten de belastinginkomsten voor de lokale gemeenschappen verhogen. “Deze inkomsten kunnen worden gebruikt om de openbare dienstverlening te verbeteren”, gaf José Donoso, directeur-generaal van Unef, aan.

Maar tegenstanders van de zonneparken beloven de strijd voort te zetten.

Meer over dit onderwerp:

Posted in energie | Reacties uitgeschakeld voor Zonneparken bedreigen eeuwenoude olijfbomen in Andalusië

Lage olieprijzen kunnen oorlogskas van Vladimir Poetin ondermijnen

Posted by managing21 on 14th april 2025

Een recente daling van de olieprijzen, veroorzaakt door de handelsoorlog van de Amerikaanse president Donald Trump, begint de oorlogskas van zijn Russische collega Vladimir Poetin uit te putten. Indien de prijs voor ruwe olie op het huidige niveau blijft, zou de Russische begroting – die voor ongeveer uit olie en gas bestaat – dit jaar mogelijk wel 2,5 procent lager kunnen uitvallen dan verwacht. Dat heeft de Britse zakenkrant Financial Times gemeld. De lage olieprijzen zouden Rusland kunnen dwingen om meer te lenen, de niet-militaire uitgaven te verlagen of de resterende reserves aan te spreken.

“De gemiddelde prijs van ruwe olie uit de Oeral is, na de aankondiging van de invoerheffingen door de Amerikaanse president Donald Trump en de onverwachte zet van de Organization of the Petroleum Exporting Countries (Opec) om de productie te verhogen, tot het laagste niveau in bijna twee jaar gedaald”, voert Anastasia Stognei, correspondent Rusland van de Financial Times, aan. 

Stognei wijst erop dat ruwe olie uit de Oeral donderdag werd verhandeld voor een prijs van ongeveer 50 dollar per vat. Rusland heeft zijn begroting voor dit jaar echter gebaseerd op basis van een prijs van 69,70 dollar per vat. De prijsdaling verhoogt de druk op de Russische economie, die na de oorlog-gerelateerde uitgaven naar verwachting dit jaar zal vertragen. Rusland heeft al een deel van zijn staatsinvesteringsfonds gebruikt om de economie te ondersteunen na de gevolgen van de grootschalige aanval op Oekraïne. Het toegankelijke deel van het Russisch staatsinvesteringsfonds slinkt.

“In een zeldzame erkenning van de economische onzekerheid hebben Russische functionarissen hun bezorgdheid geuit over de daling van de olieprijzen”, werpt Stognei op. Daarbij verwijst ze naar eerdere uitspraken van Dmitri Peskov, woordvoerder van de Russische regering. Die had immers toegegeven dat de daling van de olieprijzen op de begrotingsinkomsten van Rusland een grote impact kan hebben. Peskov maakte daarbij gewag van een extreem volatiele situatie, die hij gespannen en emotioneel geladen noemde.

De verschuiving toont volgens Stognei tevens hoe de tarievenoorlog van Trump indirect de Russische economie schaadt. Er waren nochtans recent toenaderingspogingen tussen de Amerikaanse president en zijn Russische tegenhanger Poetin. Trump had daarbij ook beloofd om de economische betrekkingen tussen beide landen nieuw leven in te blazen als onderdeel van de onderhandelingen om de oorlog in Oekraïne te beëindigen. Maar dat leverde de Russische oliesector uiteindelijk weinig baten.”

De olieprijzen bleven immers, ondanks de aankondiging van een pauze van negentig dagen in het ingrijpende tariefprogramma, dalen. Elvira Nabiullina, directeur van de Russische centrale bank, had al voor de berichtgeving over die pauze dat aanhoudende handelsoorlogen meestal leiden tot een wereldwijde economische vertraging en mogelijk een lagere vraag naar de export van Russische energie

“Indien de olieprijzen zich rond het huidige niveau bevinden, zou Rusland dit jaar ongeveer een biljoen roebel kunnen verliezen, wat overeenkomt met 2,5 procent van de verwachte begrotingsinkomsten”, berekende Sofya Donets, hoofdeconoom bij het bureau T-Investments uit Moskou. “Dit zou betekenen dat de groei van het Russische bruto binnenlandse product met een vertraging van 0,5 procent rekening zou moeten houden.” Toch zou het volgens Janis Kluge, expert Rusland bij de Duitse Stiftung Wissenschaft und Politik (SWP), enkele maanden duren voordat de lagere olieprijzen in de Russische begrotingsinkomsten doorwerken.

“De Russische economie draait al op volle toeren en de groei – grotendeels aangewakkerd door overheidsuitgaven in verband met oorlog – zal naar verwachting vertragen”, geeft Anastasia Stognei aan. “Officiële prognoses wijzen erop dat er dit jaar in Rusland sprake zou kunnen zijn van een groei tussen 1 procent en 2,5 procent. De voorbije twee jaar kon een groei van ongeveer 4 procent worden gemeld. Dat maakt het onwaarschijnlijk dat de Russische staat de dalende olie-inkomsten met middelen uit andere bronnen zou kunnen compenseren. De oorlog van Rusland tegen Oekraïne sleept inmiddels al vier jaar aan en het vermogen van de Russische regering om de economie te ondersteunen, neemt af.”

Westerse sancties

Sinds 2020 is het liquide deel van het Russische staatsinvesteringsfonds – ook bekend als het nationale welzijnsfonds – volgens Stognei met twee derde gedaald. “Indien die middelen worden gebruikt om een ??oplopend begrotingstekort te dekken, zal het fonds mogelijk tegen het einde van dit jaar zijn uitgeput”, benadrukt Benjamin Hilgenstock, expert macro-economie en strategie aan de Kyiv School of Economics. “Of het Russische regime hier iets aan kan doen, afgezien van pijnlijke bezuinigingen op niet-oorlogsgerelateerde uitgaven, is een andere vraag.”

“Verder blijven ook ongeveer 340 miljard dollar aan reserves van de Russische centrale bank onder westerse sancties bevroren, waardoor de manoeuvreerruimte sterk wordt beperkt”, verduidelijkt Stognei. “Nu het welzijnsfonds slinkt, kan de Russische regering worden gedwongen om de uitgaven te verlagen. Dit zou een verschuiving betekenen ten opzichte van de verhogingen in oorlogstijd. Economen waarschuwen dat eventuele bezuinigingen waarschijnlijk op niet-militaire begrotingsposten, zoals sociale uitgaven, zullen neerkomen.”

“Indien de olieprijs zich stabiliseert op een bijzonder laag niveau, zal Rusland waarschijnlijk meer belasting moeten heffen op exportbedrijven om een ??deel van de inkomstendaling te compenseren”, suggereerde Oleg Kuzmin, hoofdeconoom bij Renaissance Capital. “Na belastingaanpassingen en schuldfinanciering zal Rusland uiteindelijk bezuinigingen moeten overwegen.”

De Russische regering zou ook kunnen proberen op de internationale markt meer schulden aan te gaan. “De staatsschuld ligt momenteel immers lager dan 30 procent van het bruto binnenlandse product”, beklemtoonde Hilgenstock. “Naar internationale maatstaven is dat een laag niveau. Maar voor veel buitenlandse investeerders blijven Russische obligaties giftig. In eigen land richtten banken zich op de kredietverstrekking aan de private sector, maar tonen ze weinig interesse in de financiering van tekorten. Er kunnen dan ook ernstige beperkingen voor de Russische economie worden vooropgesteld, maar een plotselinge ineenstorting moet niet worden verwacht.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in energie | Reacties uitgeschakeld voor Lage olieprijzen kunnen oorlogskas van Vladimir Poetin ondermijnen

Heropstart steenkoolcentrales Verenigde Staten heeft geen enkele zin

Posted by managing21 on 14th april 2025

In de Verenigde Staten heeft president Donald Trump vier decreten uitgevaardigd om de ontginning en het verbruik van steenkool nieuw leven in te blazen. Experts waarschuwen echter dat ook die bemoeienissen van de Amerikaanse overheid de sector geen toekomst meer kunnen bieden. De ontginning van steenkool is volgens hen immers niet alleen schadelijk voor het leefmilieu en de menselijke gezondheid, maar vertegenwoordigt ook een achterhaalde en onrendabele industrie.

“Het is economisch gezien niet langer zinvol om steenkoolcentrales te onderhouden of te bouwen”, werpen verschillende experts op. “Het streven van Donald Trump naar een heropleving van de productie en het gebruik van steenkool in de Verenigde Staten is vergezocht en wellicht nutteloos.”

De nieuwe decreten van Trump geeft het Amerikaanse ministerie van binnenlandse zaken de opdracht om miljoenen hectaren openbare terreinen voor de ontginning van steenkool beschikbaar te maken. Het Amerikaanse ministerie van energie kreeg bovendien de opdracht om te onderzoeken of steenkool gebruikt kan worden om elektriciteit te leveren aan datacenters, die door de ontwikkeling van kunstmatige intelligentie een grote behoefte aan energie zullen hebben.

“Maar er is weinig kans dat de Verenigde Staten opnieuw sterk afhankelijk van steenkool zullen worden”, betoogde Ryna Cui, onderzoeksdirecteur van het Center for Global Sustainability aan de University of Maryland. “De infrastructuur van de energiesector is niet meer op steenkool afgesteld. Bovendien zal steenkool niet kunnen optornen tegen opkomende technologieën. In de Verenigde Staten wordt steenkool voornamelijk gebruikt voor de opwekking van elektriciteit, maar de capaciteit voor elektriciteitscentrales op basis van steenkool de voorbije decennia echter afgenomen.”

“In 2011 vertegenwoordigde steenkool nog meer dan 40 procent van de totale Amerikaanse elektriciteitsopwekking”, benadrukte Cui. “In 2016 was dat percentage tot ongeveer 16 procent gedaald. De belangrijkste oorzaak van de daling van het steenkoolgebruik is de economische concurrentie met goedkopere en schonere brandstoffen, zoals aardgas en hernieuwbare energiebronnen. Steenkoolcentrales zijn economisch niet langer rendabel en de decreten van Donald Trump zullen niets veranderen aan de fundamentele onderliggende marktdynamiek. Aardgas en hernieuwbare energiebronnen zijn kosteneffeciënter geworden dan steenkool.”

De meeste Amerikaanse steenkoolcentrales zijn aan het einde van hun levensduur en het is economisch gezien weinig zinvol om deze sites te blijven exploiteren. De bouw van nieuwe steenkoolcentrales gaat gepaard met hoge economische en financiële risico’s. De installaties zouden tientallen jaren in bedrijf moeten blijven, maar dat heeft de markt tot nu toe vermeden. De typische levensduur van een steenkoolcentrale is ongeveer veertig tot zestig jaar, maar het is heel onduidelijk dat de decreten van Trump lang van kracht zullen blijven. “De decreten zouden de levensduur van de bestaande steenkoolcentrales enigszins kunnen verlengen en de productie de volgende jaren kunnen opvoeren, maar het is onwaarschijnlijk dat er nieuwe infrastructuur zal worden gebouwd”, opperde Cui.

Meest vervuilende brandstofbron

Zonder nieuwe investeringen in centrales in de Verenigde Staten zal volgens de experts de binnenlandse vraag naar steenkool waarschijnlijk blijven dalen. “De bestaande Amerikaanse steenkoolcentrales zijn immers verouderd en er zouden aanzienlijke investeringen moeten worden gedaan om de installaties operationeel te houden”, gaf Cui aan. “Waarom zouden de Verenigde Staten in de 21ste eeuw willen investeren in een brandstofbron uit de 19de eeuw? Deze maatregelen zijn om verschillende redenen compleet onlogisch.”

Steenkool is niet alleen de meest vervuilende brandstofbron, maar ook het delven van het product blijft een gevaarlijke activiteit. “Steenkool is dan ook schadelijk voor zowel de menselijke gezondheid als het leefmilieu”, stipte Cui aan. “De zware ecologische voetafdruk en de bedreiging voor de menselijke gezondheid zijn al een aantal redenen waarom steenkool als energiebron wereldwijd wordt afgebouwd. In 2024 werd het Verenigd Koninkrijk de eerste grote economie die steenkool de rug toekeerde. Toen sloot dat land immers zijn laatste steenkoolcentrale.”

“De regering van Donald Trump kan nutsbedrijven niet dwingen om vuilere, duurdere brandstoffen te kopen terwijl ze die producten niet willen”, voerde Rob Jackson, milieuwetenschapper aan Stanford University en voorzitter van het Global Carbon Project, aan. “Ook een stortvloed aan decreten zal de steenkoolindustrie niet redden.”

Ook het Institute for Energy Economics and Financial Analysis stelde dat het heropenen van gesloten steenkoolcentrales economisch niet langer haalbaar zou zijn. “De decreten van Trump zouden de sluiting van steenkoolcentrales kunnen vertragen en de herstart van 102 recent gesloten sites kunnen aanmoedigen”, merkt het intsituut op. “Het is echter waarschijnlijk dat slechts enkele centrales zullen worden heropgestart. Naarmate de steenkoolcentrales ouder worden, stijgen immers ook hun onderhoudskosten. Dit verhoogt op zijn beurt de opwekkingskosten.”

Het instituut stelde verder dat Trump met de decreten bovendien de realiteit negeert dat veel operationele centrales onder hun maximale capaciteit draaien. De Amerikaanse steenkoolcentrales vertegenwoordigen iminder dan 20 procent van de elektriciteitsproductie in de Verenigde Staten, tegenover 50 procent bij het begin van deze eeuw. De bestaande centrales leveren ongeveer 40 procent van de tijd elektriciteit aan het net.

Het rapport merkte op dat de meeste nutsbedrijven inmiddels op goedkopere en efficiëntere methoden voor elektriciteitsopwekking – waaronder zonnekracht, windenergie en batterijen – zijn overgestapt. “Het investeren van belastinggeld in de heropening van steenkoolcentrales met onbepaalde onderhoudsbehoeften en onvoorspelbare toekomstige prestaties is – economisch of anderszins gezien – geen goed idee.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in energie, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Heropstart steenkoolcentrales Verenigde Staten heeft geen enkele zin

Kunstmatige intelligentie verdubbelt dit decennium elektriciteitsverbruik datacenters

Posted by managing21 on 10th april 2025

Het elektriciteitsverbruik van datacenters zal tegen het einde van dit decennium meer dan verdubbelen, gedreven door toepassingen van kunstmatige intelligentie (AI). Deze toepassingen zullen nieuwe uitdagingen creëren voor de energiezekerheid en de doelstellingen voor de reductie van de uitstoot van koolstofdioxide. Dat blijkt uit een rapport van het International Energy Agency (IEA).

Er wordt aan toegevoegd dat kunstmatige intelligentie tegelijkertijd mogelijkheden kan creëren om efficiënter elektriciteit te produceren en te verbruiken.

Datacenters namen vorig jaar ongeveer 1,5 procent van het wereldwijde elektriciteitsverbruik voor hun rekening. Deze consumptie heeft sinds het begin van dit decennium echter jaarlijks een toename met 12 procent gekend. Generatieve artificiële intelligentie vereist immers een kolossale rekenkracht voor de verwerking van informatie die in gigantische databases is verzameld. 

De Verenigde Staten, Europa en China vertegenwoordigen momenteel samen ongeveer 85 procent van het wereldwijde elektriciteitsverbruik door datacenters. Grote technologiebedrijven erkennen steeds meer hun groeiende behoefte aan elektriciteit. Google tekende vorig jaar een overeenkomst om elektriciteit te verkrijgen van kleine kernreactoren om zijn aandeel in de markt van de artificiële intelligentie te vergroten. Microsoft gaat energie gebruiken uit nieuwe reactoren van de kerncentrale op Three Mile Island. Amazon tekende vorig jaar eveneens een overeenkomst om kernenergie te gebruiken voor zijn datacenters.

In het huidige tempo zullen datacenters volgens het rapport van het internationale energiebureau in 2030 ongeveer 3 procent van de wereldwijde energie verbruiken. Geraamd wordt dat het elektriciteitsverbruik van datacenters in 2030 ongeveer 945 terawattuur (TWH) zal bedragen. “Dit is iets meer dan de totale elektriciteit die Japan op dit ogenblik jaarlijks verbruikt”, wordt er aangevoerd. “Kunstmatige intelligentie is, naast de groeiende vraag naar andere digitale diensten, de belangrijkste motor achter deze groei.”

Een datacenter van 100 megawatt kan volgens het rapport evenveel elektriciteit verbruiken als 100.000 huishoudens. “De energie die nodig is voor de nieuwe datacenters die al in aanbouw zijn, zal echter twee miljoen huishoudens van energie kunnen voorzien”, wordt eraan toegevoegd.

Hernieuwbare bronnen

Het internationale energiebureau stelde dat kunstmatige intelligentie de energiesector het volgende decennium kan transformeren, door de vraag naar elektriciteit vanuit datacenters wereldwijd te laten toenemen en tegelijkertijd aanzienlijke kansen te creëren om de kosten te verlagen, het concurrentievermogen te verbeteren en de uitstoot te verminderen.

“Momenteel levert steenkool ongeveer 30 procent van de energie die nodig is om datacenters van elektriciteit te voorzien, maar hernieuwbare energiebronnen en aardgas zullen hun aandeel vergroten vanwege hun lagere kosten en ruimere beschikbaarheid in belangrijke markten”, wordt in het rapport aangevoerd.

De groei van datacenters zal onvermijdelijk de uitstoot van koolstofdioxide door de consumptie van elektriciteit verhogen. Momenteel is daarbij tot nu toe sprake van een jaarlijks volume van 180 miljoen ton, maar tegen 2035 zou dat cijfer tot 300 miljoen ton kunnen oplopen. Het aandeel van de datacenters in de totale wereldwijde uitstoot van koolstofdioxide, die vorig jaar een volume van 41,6 miljard ton behaalde, blijft wel beperkt.

In de hoop om China op het gebied van kunstmatige intelligentie voor te blijven, heeft de Amerikaanse president Donald Trump de oprichting van een National Council for Energy Dominance, die de elektriciteitsproductie moet stimuleren, aangekondigd.

Meer over dit onderwerp:

 

Posted in energie, technologie | Reacties uitgeschakeld voor Kunstmatige intelligentie verdubbelt dit decennium elektriciteitsverbruik datacenters

Wereld moet dringend in nieuwe uraniummijnen investeren

Posted by managing21 on 8th april 2025

De wereld moet dringend substantiële investeringen doen in het delven van uranium om te voldoen aan de stijgende vraag naar kernenergie. Dat blijkt uit een rapport van het Nuclear Energy Agency en het International Atomic Energy Agency, waarin de renaissance van de kernenergie wordt benadrukt.

Indien de kernenergie een hoge groei kent – waarbij ervan wordt uitgegaan dat de nucleaire capaciteit tot het midden van deze eeuw zal blijven toenemen en vervolgens op een hoog niveau blijft – zullen volgens het rapport de huidige uraniumbronnen in de jaren tachtig van deze eeuw zijn opgebruikt.

“Hoewel er voldoende uraniumbronnen beschikbaar zijn om deze groei te ondersteunen, zullen investeringen in nieuwe technologieën voor de exploratie, de winning en verwerking van de nucleaire brandstof essentieel zijn om aan de vraag te voldoen”, wordt in het rapport aangevoerd. “Er moeten onmiddellijk inspanningen worden geleverd om ervoor te zorgen dat er op de middellange termijn voldoende uraniumvoorraden beschikbaar blijven.”

Nationale overheden en grote bedrijven kijken steeds meer naar kernenergie als een uitstootarme en betrouwbare energiebron. De Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en Zuid-Korea hebben beloofd de wereldwijde capaciteit voor kernenergie tegen midden van deze eeuw te verdrievoudigen. Bedrijven zoals Microsoft en Amazon verhogen eveneens hun investeringen in de nucleaire sector, want ze rekenen op de technologie als ondersteuning voor de bouw van nieuwe krachtige datacentra die zijn ontworpen om systemen van kunstmatige intelligentie te laten draaien.

Nieuw tijdperk

Het International Energy Agency gaf in januari van dit jaar al te kennen dat kernenergie een nieuw tijdperk was ingegaan. Daarbij werd opgemerkt dat de interesse in de sector tot het hoogste niveau sinds de oliecrisis van de jaren zeventig van de voorbije eeuw is gestegen. “Sinds het begin van dit decennium zijn de jaarlijkse investeringen in kernenergie met bijna 50 procent gestegen”, wordt er aangevoerd.

“Toch moet de stijgende vraag gepaard gaan met nieuwe investeringen in de ontginning van uranium, dat in kernbrandstof wordt gebruikt”, werpt het rapport op. “Onder het verwachte scenario van een hoge groei, zal de wereldwijde nucleaire capaciteit tegen het midden van deze eeuw met 130 procent toenemen in vergelijking met de niveaus die in 2022 werden opgetekend. Maar zelfs dit is waarschijnlijk een onderschatting, omdat het scenario alleen naar het overheidsbeleid en gegevens tot begin 2023 rekening heeft gehouden, vooraleer ook onder bedrijven en beleidsmakers een nieuwe toename van de interesse kon worden opgemerkt.”

Cijfers uit de industrie hebben gewaarschuwd dat westerse energiebedrijven door de stijgende vraag een toenemend risico op een tekort aan uranium kunnen lopen. Daarbij wordt verwezen naar Kazachstan, wereldwijd de grootste producent van uranium. Dat land, dat in 2022 in de wereldwijde productie van uranium een aandeel had van 43 procent, had de voorbije jaren een grotere afzet in Rusland en China dan in de Verenigde Staten en Europa. Kazachstan produceerde in 2022 meer uranium dan de gecombineerde ontginning van Canada, Namibië, Australië en Oezbekistan, die de rest van de top vijf uraniumproducenten van de wereld uitmaken. 

Het rapport telde begin 2023 bijna 8 miljoen ton aan geïdentificeerde winbare uraniumbronnen, die deze eeuw uitgeput zouden kunnen raken. Er bestonden echter ook aanvullende, minder goed onderzochte uraniumvoorraden. De onderzoekers verwachten dat investeringen in exploraties ook voorraden zullen blootleggen die momenteel niet bekend zijn. Tenslotte wordt opgemerkt dat kernreactoren niet alleen afhankelijk zijn van nieuwe ontginningen uranium, maar ook van secundaire bronnen, zoals materiaal dat bij overheden en nutsbedrijven is opgeslagen, gebruik maken.

Meer over dit onderwerp:

Posted in energie | Reacties uitgeschakeld voor Wereld moet dringend in nieuwe uraniummijnen investeren

Nieuwe steenkoolcapaciteit op laagste niveau in twintig jaar

Posted by managing21 on 4th april 2025

Het voorbije jaar heeft steenkool 44 gigawatt capaciteit aan de wereldwijde de wereldwijde elektriciteitsproductie toegevoegd. Dat is het laagste niveau in twee decennia. Dat blijkt uit een rapport van de Global Energy Monitor en het International Energy Agency (EIA). Wel wordt opgemerkt dat het gebruik van steenkool voor de opwekking van energie in China en India nog steeds toeneemt.

Steenkool vertegenwoordigt iets meer dan een derde van de wereldwijde elektriciteitsproductie. De geleidelijke afbouw van de fossiele brandstof als energiebron is fundamenteel om de klimaatdoelstellingen te halen. “Vorig jaar toonde een voorbode van het lot van de steenkoolontginning”, merkte Christine Shearer, projectmanager bij de Global Energy Monitor. “De transitie naar duurzame energie draait immers op volle toeren.”

Er wordt echter opgemerkt het wereldwijde steenkoolalaam vorig jaar netto nog steeds een verdere groei liet optekenen. Er werd immers nog altijd meer capaciteit geïntroduceerd dan dat er productiesites werden gesloten. “China begon vorig jaar met de bouw van een recordaantal steenkoolcentrales”, benadrukte Shearer. “In India werd vorig jaar bovendien eveneens een recordaantal nieuwe projecten voor de opwekking van elektriciteit door steenkool voorgesteld. Er moet nog altijd verder worden gewerkt aan de uitfasering van elektriciteit op basis van steenkool, zoals de Klimaatakkoorden van Parijs hebben aangegeven.”

Volgens ramingen van het International Energy Agency zal de wereldwijde vraag naar steenkool tussen 2024 en 2027 een stabilisering laten optekenen. “Daarbij zal het afnemende gebruik in de ontwikkelde landen grotendeels worden gecompenseerd door een verdere groei in opkomende economieën”, merken de analisten op. Er wordt aan toegevoegd dat de elektriciteitssector in China één derde van het wereldwijde verbruik van steenkool voor zijn rekening neemt. Een overstap van China naar duurzame bronnen is volgens de experts dan ook cruciaal voor de transitie van de wereldwijde energiesector.

Hoewel de bouw van steenkoolcentrales in China vorig jaar recordhoogtes bereikte, bleek het aantal nieuwe vergunningen sterk te zijn gedaald tegenover de cijfers die twee jaar voordien werden gemeld. Ook in Zuidoost-Azië, waar steenkool opkomende economieën zoals Indonesië van elektriciteit heeft voorzien, zijn de nieuwe voorstellen voor de fossiele brandstof afgenomen. “Dat is het resultaat van verschillende deals en beloften in Indonesië, Maleisië, de Filipijnen en Vietnam om het gebruik van steenkool geleidelijk af te bouwen”, wordt in het rapport aangevoerd.

Decarbonisatie

Er wordt wel gewaarschuwd voor de negatieve impact van de rijke economieën zoals Japan en Zuid-Korea. “Deze landen promoten dubieuze technologieën om de steenkoolproductie te decarboniseren”, voeren de onderzoekers aan. “Deze technologie zijn bijzonder duur en leveren ook niet voldoende emissie-reducties op om de klimaatdoelstellingen te realiseren.”

Daarbij wordt vooral gewezen naar het toevoegen van ammoniak bij de verbranding van steenkool. “Het gedeeltelijk vervangen van steenkool door ammoniak, kan de emissies van een elektriciteitscentrale verminderen”, wordt er opgemerkt. “Het emissieprofiel van ammoniak is echter afhankelijk van de manier waarop het product is geproduceerd. Maar zelfs het gebruik van ammoniak met lage emissies produceert nog steeds meer koolstofdioxide dan veel andere technologieën voor energieopwekking.

De onderzoekers wezen ook op de onzekerheid over de toezeggingen voor de afbouw van het gebruik van steenkool in de Verenigde Staten nadat Donald Trump opnieuw tot president van het land werd verkozen. Anderzijds wordt erop gewezen dat er tijdens de eerste ambtstermijn van Trump meer steenkool centrales werden gesloten dan onder zijn voorganger Barack Obama of zijn opvolger Joe Biden. “De eerste termijn van Trump bewijst hoe moeilijk het is om de afnemende economische haalbaarheid van steenkoolenergie in de Verenigde Staten tegen te gaan”, stippen de onderzoekers aan. “Daarbij moet ook gewezen worden naar de hoge leeftijd van de Amerikaanse steenkoolcentrales.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in energie, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Nieuwe steenkoolcapaciteit op laagste niveau in twintig jaar