managing21.be

Managing21: een blik op het heden en de toekomst van de economie.

Archive for the 'voeding & horeca' Category

Beyond Meat wil minder nadruk leggen op vleesvervangers

Posted by managing21 on 8th augustus 2025

Het Amerikaanse bedrijf Beyond Meat, producent van plantaardige vleesvervangers, heeft tijdens het tweede kwartaal van dit jaar opnieuw verliescijfers moeten melden. Ook de omzet werd met een inkrimping geconfronteerd. Het bedrijf wijst op zwakke vraag en verminderde distributie in de Amerikaanse retailmarkt en een tegenvallende verkoop aan de internationale horeca. Beyond Meat heeft daarbij een nieuwe reorganisatie aangekondigd, terwijl bovendien inspanningen worden gedaan om het merk te herpositioneren.

Beyond Meat liet tijdens het tweede kwartaal van dit jaar een omzet optekenen van 75 miljoen dollar. Dat betekende een daling met 19,6 procent tegenover dezelfde periode vorig jaar. De verkochte volumes vielen met 19 procent terug. Het bedrijf leed een nettoverlies van 33 miljoen dollar. Dat betekende weliswaar een verbetering van 4 procent tegenover het tweede kwartaal van vorig jaar, maar dat resultaat werd vooral in de hand gewerkt door positieve wisselkoersen.

Ethan Brown, chief executive van Beyond Meat, erkende dat de resultaten teleurstellend zijn. De vraag naar plantaardige vleesvervangers in de Verenigde Staten is dit kwartaal opnieuw gedaald. Consumenten blijven sceptisch over de smaak, de mate van verwerking en de prijs van deze producten. Door de aanhoudende economische onzekerheid in de Verenigde Staten letten veel consumenten meer op hun uitgaven en kiezen zij vaker voor goedkoper dierlijk vlees.

Volgens Rachel Wolff, analist van het onderzoeksbureau Emarketer, ondermijnen de toenemende bekommernissen over sterk bewerkte voedingsmiddelen de aantrekkelijkheid van Beyond Meat en soortgelijke producten. Dit leidt er volgens haar toe dat supermarkten en fastfoodketens hun bestellingen flink terugschroeven. Uit cijfers van onderzoeksbureau Spins blijkt dat de verkoop van gekoelde plantaardige vleesvervangers in de Verenigde Staten dit jaar met 17,2 procent is gedaald, terwijl bij diepvriesvarianten een daling met 8,1 procent werd gemeld.

Herpositionering

Als reactie voert Beyond Meat opnieuw een reorganisatie door. In Noord-Amerika worden 44 medewerkers ontslagen. Daarmee wordt het wereldwijde personeelsbestand met 6 procent afgeslankt. De kost van deze operatie wordt geraamd op een bedrag tussen 800.000 dollar en 1,3 miljoen dollar. Op jaarbasis verwacht het bedrijf hierdoor wel een besparing tot 7 miljoen dollar. Het bedrijf wil zijn activiteiten beter afstemmen op de huidige marktomstandigheden en de marges verbeteren. Daarmee zou tijdens het tweede kwartaal van volgend jaar opnieuw een operationele winst moeten kunnen worden geboekt.

De Amerikaanse retailmarkt bleek het zwakke punt in het kwartaalverslag van Beyond Meat. Daar werd een omzetdaling met bijna 27 procent, vooral door lagere productievolumes, gemeld. Dit moet volgens het bedrijf toegeschreven worden aan een zwakke vraag naar de productcategorie en een afname in distributiepunten. Deze ontwikkeling weerspiegelt een bredere terugval in de verkoop van plantaardige vleesvervangers in de Amerikaanse supermarkten. 

Er zijn volgens Brown meerdere elementen om deze evolutie te verklaren. In de eerste plaats maakt de relatief hoge prijs ten opzichte van rundvlees de producten van Beyond Meat minder aantrekkelijk voor prijsbewuste consumenten. Er heerst volgens Brown bovendien een hardnekkig negatief verhaal over de sector. Onder meer werd herhaaldelijk gesuggereerd dat deze producten ongezond of overdreven sterk bewerkt zouden zijn. Volgens Brown zit dat beeld inmiddels zo diep ingebakken bij consumenten dat het lastig is om dit met informatie of marketing recht te zetten. Bovendien geeft hij aan dat traditionele vleesproducten momenteel een sterke opleving doormaken, waardoor alternatieven minder ruimte krijgen.

“Onze categorie en merk hebben in de Amerikaanse supermarkten een bijzonder onrustige periode doorgemaakt”, geeft Brown aan. “De sector werd onder meer geconfronteerd met een overaanbod aan nieuwe partijen die snel weer uit de winkelrekken verdwenen. Daarnaast verloren onze producten ook ruimte in de rekken en werd het assortiment in grote ketens van koeling naar diepvries verplaatst.” Om hierop in te spelen, wil Beyond Meat zich nu richten op een beperkter aantal winkelketens met grotere impact. De bedoeling is om daar betere resultaten te behalen.

Internationaal daalde de omzet in retail met 9 procent, door een lage verkoop van burgers, worst en gehakt in Canada en een terugval van de verkoop van burgers in Europa. In de Amerikaanse foodservice steeg de omzet met 7 procent, vooral door prijsverhogingen en wijzigingen in het productaanbod. Elders was er sprake, mede door tegenvallende verkoop aan fastfoodketens, van een terugval met 26 procent.

Brown wijst erop dat plantaardige alternatieven voor vlees momenteel geen grote populariteit genieten. Hij benadrukt dat elke sector pieken en dalen kent. Plantaardig vlees maakt volgens momenteel een moeilijke periode door. “We moeten nu niet proberen om geforceerd te groeien, maar wel werken aan een stabilisering, een kostenreductie en een verbetering van de marges”, voert hij aan. “Maar de huidige opleving van vleesproducten zal opnieuw afzwakken. Dat gebeurt geleidelijk aan door onder meer nieuwe informatie, trends, of externe factoren zoals prijsdruk, droogtes of dierziektes.”

Het bedrijf wil naar eigen zeggen consumenten nu meer waar voor hun geld bieden. Onder meer verwijst Brown daarbij naar de lancering van de Beyond Ground, een plantaardig gehakt op basis van veldbonen, aardappelzetmeel, water en psylliumvezels. Volgens Brown betekent dit product voor het bedrijf een eerste stap buiten de nabootsing van vlees van runderen, varkens of kippen. Hij voegt eraan toe dat het product met enthousiasme, zij het voorlopig binnen een beperkte groep consumenten, wordt ontvangen.

De introductie van Beyond Ground markeert het begin van een merkvernieuwing. Daarbij zullen producten steeds vaker onder het merk Beyond worden verkocht. De onderneming wil daarmee minder de nadruk leggen op vleesvervangers en zich als een breder eiwit-merk profileren. Daarbij wordt gedacht aan mogelijke producten zoals hotdogs op basis van kikkererwten en worsten met linzen. “Deze opties bieden ons meer ruimte en verschuiven de focus van imitatie naar hoogwaardige plantaardige eiwitten. Het stelt ons ook in staat om bredere eiwitbehoeften van consumenten te vervullen.”

De herpositionering van het merk wordt de volgende maanden gefaseerd ingevoerd. Volgens Brown doet deze reset echter niets af aan het vertrouwen in de toekomst. “De huidige hindernissen tijdelijk”, werpt hij op. “Onze kostenstructuur zal verbeteren naarmate het bedrijf aan schaalgrootte wint. Wanneer de volumes verder stijgen, zullen onze systemen efficiënter worden en moeten het berijf in staat zijn om op prijsgebied met vlees te concurreren.”

Posted in retail, voeding & horeca | Reacties uitgeschakeld voor Beyond Meat wil minder nadruk leggen op vleesvervangers

Zwitserse kaasmakers vrezen voor afzet op Amerikaanse markt

Posted by managing21 on 7th augustus 2025

Zwitserse kaasproducenten houden hun hart vast nu de Verenigde Staten een invoertarief van 39 procent aankondigen op Zwitserse kazen. De onverwachte beslissing van de Amerikaanse president Donald Trump dreigt een flinke klap uit te delen aan de export van populaire kazen zoals Gruyère en Emmentaler.

De maatregel komt voor Zwitserland als een donderslag bij heldere hemel, zeker omdat de regering dacht een akkoord te hebben bereikt over een veel lager tarief. Zwitserse bedrijven hadden zelfs al toegezegd te investeren in de Amerikaanse markt.

De Verenigde Staten zijn een belangrijke afzetmarkt voor Zwitserse kaas. Volgens Zwitserse douanegegevens was 11 procent van de kaasexport van het land voor de Amerikaanse markt bestemd. Bij Gruyère, het vlaggenschip van de Zwitserse kaasindustrie, loopt dat aandeel op tot ongeveer 33 procent.

Producenten van Zwitserse kaas zeggen de impact van de aangekondigde heffingen onmiddellijk te hebben gevoeld. Vele producenten zouden door bezorgde Amerikaanse klanten zijn benaderd om nog bestellingen te plaatsen voordat de invoerheffingen van kracht werden. “De heffing is enorm”, getuigen de Zwitserse kaasproducenten. “Gruyère is al een nicheproduct met een hoge prijs. Amerikaanse consumenten die zich de aankoop van de kaas nog kunnen veroorloven, zullen voor het product nu nog meer moeten betalen.”

Vertegenwoordigers van de Zwitserse kaasindustrie stellen dat de hoge kwaliteit en de gecontroleerde productie van Zwitserse kazen zoals Gruyère en Emmentaler hun prijs rechtvaardigen en werpen op dat de invoerrechten decennia van merkopbouw en internationaal vertrouwen in gevaar brengen. Gruyère is beschermd onder de Zwitserse en Europese wetgeving als een product met een gecontroleerde herkomstbenaming, wat betekent dat de kaas aan strikte productievoorschriften moet voldoen en afkomstig moet zijn uit een aangewezen regio.

Hoewel de sector onderzoekt of het marktaandeel in andere landen kan worden vergroot om het dreigende verlies in de Verenigde Staten enigszins te compenseren, lijkt een oplossing niet gemakkelijk te zullen worden gevonden. “Een markt zoals de Verenigde Staten kan niet van de ene op de andere dag worden vervangen”, merken de producenten op. De producenten hebben inmiddels al wel een aantal maatregelen genomen. De productie van Gruyère is al met 3 procent teruggeschroefd, de marketingbudgetten worden verhoogd en de verkopers bereiden zich voor op Amerikaanse prijsstijgingen.

Volgens de sectororganisatie Interprofession du Gruyère zou de jaarlijkse export naar de Verenigde Staten – die op dit ogenblik ongeveer 4.000 ton bedraagt – mogelijk met een kwart kunnen dalen. “Dat zou een omzetverlies van 15 miljoen Zwitserse frank (ongeveer 18,6 miljoen dollar) kunnen betekenen”, betoogt Olivier Isler, directeur van de sectororganisatie. “Dit is een harde klap. We dachten dat Zwitserland tot de minst belaste landen zou behoren, maar uiteindelijk zijn we terechtgekomen in de categorie met de hoogste tarieven.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in voeding & horeca | Reacties uitgeschakeld voor Zwitserse kaasmakers vrezen voor afzet op Amerikaanse markt

Amerikaanse invoerheffingen sturen Indonesische garnalen naar China

Posted by managing21 on 6th augustus 2025

In Indonesië dreigt onder meer de export van garnalen zwaar door de invoerheffingen in de Verenigde Staten te worden getroffen. De invoerheffingen zouden de export met bijna één derde kunnen doen dalen. De Indonesische garnalen-telers kijken inmiddels echter naar onder meer China om de dreigende daling te compenseren.

Oorspronkelijk had de Amerikaanse president Donald Trump aangekondigd om op de import van goederen uit Indonesië een belasting van 32 procent te zullen heffen. Dat tarief kon door onderhandelingen uiteindelijk tot 19 procent worden gereduceerd, maar ook dat dreigt de Indonesische garnalentelers onder grote druk te zetten.

“Nu de Verenigde Staten druk uitoefent op de Indonesische export, is iedereen op zoek naar nieuwe kansen om te diversifiëren en minder afhankelijk te worden van de Amerikaanse markt”, betogen vertegenwoordigers van de Indonesische garnalentelers. De Verenigde Staten zijn veruit de grootste afzetmarkt voor Indonesische garnalen en kochten vorig jaar 60 procent. De export van Indonesische garnalen naar de Verenigde Staten haalde vorig jaar een waarde van 1,68 miljard dollar.

Volgens Andi Tamsil, voorzitter van de Indonesische vereniging van garnalentelers, kunnen de nieuwe heffingen de export dit jaar met 30 procent doen dalen, waardoor het inkomen van een miljoen werknemers in gevaar komt. “Zelfs na de overeenkomst in juli stellen veel Amerikaanse klanten hun aankopen nog uit”, benadrukte Budhi Wibowo, voorzitter van een Indonesische koepelorganisatie voor visserijbedrijven. De nieuwe tarieven zetten Indonesië op een achterstand tegenover Ecuador – de grootste producent van kweekgarnalen ter wereld – dat in de Verenigde Staten slechts een invoerheffing van 15 procent betaalt.

China is de grootste importeur van garnalen ter wereld, maar Indonesië leverde traditioneel liever aan de Verenigde Staten, waar immers hogere prijzen kunnen worden aangerekend. Voor de introductie van de Amerikaanse invoerheffingen ging slechts 2 procent van de Indonesische garnalen-export naar China. Nu werkt de sector echter hard om zijn producten op de Chinese markt te promoten. In juni reisde al een Indonesische delegatie naar Guangzhou om importeurs, restauranteigenaren en ecommerce-platforms te ontmoeten. Meer bezoeken staan gepland.

“China importeert ongeveer één miljoen ton garnalen per jaar”, werpen de Indonesische garnalentelers op. “Het zou bijzonder interessant zijn om een gedeelte van die markt te kunnen veroveren.” Volgens Budhi Wibowo kan Indonesië daarnaast inzetten op markten in het Midden-Oosten, Zuid-Korea, Taiwan en de Europese Unie. Daarbij wordt erop gewezen dat Indonesië inmiddels dicht bij een vrijhandelsakkoord met de Europese Unie staat.

Posted in voeding & horeca | Reacties uitgeschakeld voor Amerikaanse invoerheffingen sturen Indonesische garnalen naar China

Oude bomen en vergrijzende boeren wegen op aanvoer palmolie

Posted by managing21 on 5th augustus 2025

In Maleisië staan de producenten van palmolie voor een belangrijk dilemma. Vele boeren worden immers geconfronteerd met verouderende plantages, maar beslissen om het vervangen van de oude bomen uit omdat ze geen inkomsten willen verliezen gedurende de periode dat nieuwe exemplaren moeten groeien. Hierdoor dreigt de productie van palmolie in Maleisië drastisch te zullen slinken, waardoor de prijzen van het product voor miljarden consumenten over de hele dreigen op te lopen.

Producenten moeten ermee rekening houden dat nieuwe bomen pas drie tot vijf jaar na de aanplanting vruchten beginnen te dragen. Het kan nog een aantal extra jaren duren om een maximale opbrengst te breiden. De overheidssubsidies om herbeplanting te stimuleren zijn niet meer zo royaal als vroeger en blijken vaak onvoldoende om tijdelijk in het levensonderhoud van de boerenfamilies te voorzien.

Palmolie vertegenwoordigt meer dan de helft van de wereldwijde productie van plantaardige olie. Maleisië en Indonesië hebben in de wereldwijde aanvoer van palmolie een gezamenlijk aandeel van 85 procent. Na decennia met een stijgende productie bevindt de markt zich nu echter op een kantelpunt. De gezamenlijke export uit beide landen dreigt sterk te vertragen door de stagnerende productie, terwijl Indonesië bovendien meer palmolie inzet voor de productie van biodiesel.

Hoewel de financiële markten de vertraging al hebben ingecalculeerd, groeit het bewijs dat plantages van kleinschalige boeren er slechter aan toe zijn dan gedacht. Oude, minder productieve bomen worden vaak niet vervangen, wat het aanbod verder onder druk zet. Kleine boeren bezitten ongeveer 40 procent van alle plantages in Maleisië en Indonesië, waardoor hun rol in de toeleveringsketen cruciaal is. Geraamd wordt dat de gezamenlijke export van beide landen de volgende vijf jaar met mogelijk 20 procent zou kunnen dalen.

“De productie door de kleine boeren wordt mogelijk overschat, omdat de staat van de bomen en het tempo van herbeplanting slechter zijn dan de officiële cijfers doen vermoeden”, merken experts op. Het areaal met bomen die de leeftijd van twintig jaar zijn gepasseerd en daarmee voorbij hun productieve hoogtepunt zijn geraakt, blijkt snel te groeien. Uitstel van herbeplanting en hogere verplichtingen voor biodiesel in Indonesië betekenen dat de export van de twee producenten verder zal teruglopen.

Experts schatten dat meer dan de helft van de bomen op Maleisische kleinschalige plantages ver voorbij hun piekproductie zijn. Dat aandeel ligt beduidend hoger dan het aandeel van 37 procent dat door de Maleisische overheid wordt aangegeven.

“De toevoer van palmolie wordt krapper”, zeggen de experts. “Dit is niet alleen een probleem in Maleisië, maar ook in Indonesië. Hoewel de Indonesische palmindustrie jonger is, zullen ook daar binnen vijf jaar dezelfde problemen opduiken.”

In Indonesië was in oktober vorig jaar slechts 10 procent gerealiseerd van de doelstellingen die in 2016 naar voor werden geschoven om over een periode van tien jaar 2,5 miljoen hectare te herbeplanten. Inmiddels is ruim een derde van de oliepalmen – zowel bij kleine boeren als op industriële plantages – op of voorbij de productieve leeftijd. Volgend jaar zal het areaal met bomen ouder dan 21 jaar volgens het Indonesische staatsbedrijf Riset Perkebunan Nusantara (RPN) met 11 procent toenemen.

Inkrimping

Op basis van schattingen van sectororganisaties in beide landen kan de gezamenlijke export tegen 2030 tot ongeveer 37 miljoen ton dalen. Daarmee zou de productie tegenover vorig jaar met een vijfde zijn ingekrompen. Voor Indonesië wordt zelfs een daling van bijna een derde verwacht.

Wereldwijd zal de vraag naar palmolie tegen het midden van deze eeuw met 50 miljoen ton toenemen. Dat vertegenwoordigt een jaarlijkse productiegroei van minstens 2 procent. Maar door verouderde bomen en een trage herbeplanting ligt de verwachte groei op slechts 1,5 procent per jaar. Dit vormt een schril contrast met de decennia van explosieve groei in het verleden. De krapper wordende markt voor palmolie drijft ook de prijzen van alternatieven op basis van onder meer soja, raapzaad en zonnebloemen op. 

De prijsverhouding tussen palmolie en sojaolie is in korte tijd omgeslagen. In 2023 was palmolie gemiddeld nog 160 dollar per ton goedkoper dan sojaolie. Voor klanten betekende palmolie op dat ogenblik de goedkopere optie. Maar vorig jaar was palmolie al gemiddeld 39 dollar per ton duurder worden dan sojaolie. Door de krapte op de markt is palmolie binnen de sector alvast tijdelijk een premiumproduct geworden, terwijl het product traditioneel een goedkope plantaardige olie vertegenwoordigde.

Uit interviews met een aantal kleinschalige Maleisische boeren blijkt dat de meesten hun bomen niet vervangen zolang de prijzen hoog zijn. Vele boeren hebben immers geen ander inkomen en stellen de herbeplanting dan ook zo lang mogelijk uit. De kleinschalige plantages werden meestal in de jaren negentig van de voorbije eeuw en het begin van deze eeuw aangelegd, waardoor het areaal nu ongeveer 25 jaar oud is en eigenlijk vervangen moeten worden.

Maar niet alleen de plantages verouderen, ook bij de boeren moet er een duidelijke vergrijzing worden vastgesteld. De kinderen van de palmolieboeren zijn in veel gevallen naar de stad uitgeweken, waardoor ook de nodige arbeidskracht ontbreekt. De herbeplantingsgraad in Maleisië ligt al jaren op ongeveer 2 procent. Dat is amper de helft van het overheidsdoel. Zelfs met een overheidssubsidie voor de helft van de kosten, schuwen veel boeren extra leningen. In Indonesië zijn de subsidies verdubbeld, maar bureaucratische hindernissen maken het moeilijk het geld te ontvangen.

Posted in grondstoffen, voeding & horeca | Reacties uitgeschakeld voor Oude bomen en vergrijzende boeren wegen op aanvoer palmolie

Spaanse exporteurs van zwarte olijven lijden onder Amerikaanse importheffing

Posted by managing21 on 30th juli 2025

De Spaanse export van zwarte olijven, die al zwaar was getroffen door eerdere Amerikaanse handelsbeperkingen, wordt opnieuw onder zware druk gezet. Volgens de Spaanse producenten van zwarte olijven kan er inmiddels gewag worden gemaakt van een gerichte, protectionistische aanpak die hun Amerikaanse tegenhangers bevoordeelt tegenover de buitenlandse concurrentie. Er wordt aan toegevoegd dat inmiddels het voortbestaan van de Spaanse producenten in het gedrang komt.

Door het recente handelsakkoord tussen de Europese Unie en de Verenigde Staten, moeten de Spaanse producenten van zwarte olijven op de invoer op de Amerikaanse markt een heffing van 15 procent betalen. De maatregel komt bovenop een importheffing van meer dan 30 procent die sinds 2018 van kracht is en die ertoe heeft geleid dat het Spaanse aandeel in de verkoop van zwarte olijven op de Amerikaanse markt van 49 procent in 2017 tot amper 19 procent in 2024 is teruggevallen.

Hoewel de nieuwe heffing van 15 procent lager uitvalt dan de eerder gevreesde belasting van 30 procent, wordt de maatregel binnen de sector gezien als een genadeklap. “In tegenstelling tot groene olijven en olijfolie, die buiten schot blijven, worden zwarte olijven opnieuw specifiek geraakt”, wordt er opgemerkt.

Er wordt aan toegevoegd dat de impact van de heffingen niet op zichzelf staat. Spanje kampte immers met een extreme droogte, wat tijdens de piek van de oogsten leidde tot het verlies van circa 400.000 werkshiften op een totaal van 2,5 miljoen eenheden. De combinatie van klimaatschokken en invoerheffingen veroorzaakte een dramatische terugval van 70 procent in de Amerikaanse import van Spaanse zwarte olijven.

Om het hoofd boven water te houden, moest de sector zich heruitvinden. Sommige exporteurs schakelden over op de verkoop van groene olijven, die in de Verenigde Staten minder handelsbarrières kennen, terwijl anderen zich op nieuwe markten in Europa, Azië en het Midden-Oosten richten. Productinnovatie werd soms ingezet als overlevingsstrategie, met nieuwe varianten, zoals olijven die met zalm of kaas worden gevuld en consumenten in andere regio’s moesten aanspreken.

Toch wisten enkele grotere spelers zich gedeeltelijk te herstellen. Onder meer slaagde Agro Sevilla er met behulp van juridische stappen en lobbywerk in om haar specifieke tarief van 31 procent naar 10 procent te verlagen, nadat Amerikaanse claims over buitensporige subsidies van de Europese Unie konden worden weerlegd. De uitvoer van zwarte olijven naar de Verenigde Staten kent bij Agro Sevilla sindsdien opnieuw een voorzichtige groei, al blijft de sector als geheel kwetsbaar.

Een opmerkelijk keerpunt in het verhaal is de overname van Bell-Carter Foods – een Amerikaanse producent die eerder zelf voor importheffingen pleitte – door de Spaanse groep Aceitunas Guadalquivir. Deze overname stelde de Spaanse bedrijven in staat om indirect op de Amerikaanse markt terug te keren. Omdat ze met lage binnenlandse opbrengsten worden geconfronteerd, importeren Amerikaanse producenten Spaanse producten voor een verdere lokale verwerking. Hierdoor kunnen de Amerikaanse importheffingen gedeeltelijk worden omzeild.

Gevolgen duidelijk

Volgens de Asociación de Exportadores de Aceitunas de Mesa (Asemesa), de Spaanse organisatie van exporteurs van zwarte olijven, zijn de gevolgen van de invoerheffingen duidelijk. “Voor de introductie van de heffingen waren er op de Amerikaanse markt vijfentwintig Spaanse exporteurs van zwarte olijven actief”, voert de organisatie aan. “Momenteel zijn er nog amper vier grote exporteurs overgebleven. Deze consolidatie bewijst de zware tol die kleine en middelgrote partijen betalen in een speelveld vol geopolitieke risico’s en handelsbarrières.”

De Amerikaanse overheid rechtvaardigde de tarieven als steun voor binnenlandse productie, maar importcijfers vertellen een ander verhaal. De invoer van tafelolijven naar de Verenigde Staten steeg tussen 2017 en 2024 met 40 procent, waarbij landen zoals Egypte, Portugal en Turkije als nieuwe toeleveranciers werden opgemerkt. Terwijl de Spaanse export van zwarte olijven kromp, nam de uitvoer van groene olijven naar de Verenigde Staten met 18 procent toe. Dit betekent een licht herstel dat de verliezen echter niet volledig compenseert.

Het Spaanse ministerie van landbouw schat dat het land sinds de invoering van de heffingen ongeveer 240 miljoen euro aan exportinkomsten op zwarte olijven is misgelopen. Dat vertegenwoordigt bijna een derde van de totale exportwaarde van de meest recente oogst.

“De Spaanse sector voor zwarte olijven is daarmee een pijnlijk voorbeeld van de langdurige gevolgen van geopolitieke handelsmaatregelen”, merken analisten op. “De link tussen invoerheffingen en de inkrimping van de getroffen sectoren is evident. Protectionisme beperkt niet alleen de toegang tot de Amerikaanse markt, maar leidt ook tot banenverlies, marktconcentratie en gedwongen koerswijzigingen.”

“Hoewel bedrijven met diversificatie en innovatie van veerkracht blijk geven, maakt de nieuwe tariefverhoging duidelijk dat structurele schade blijft doorwerken”, wordt er aan toegevoegd. “De Spaanse dominantie op de Amerikaanse markt lijkt voorgoed aangetast. Tegelijkertijd blijkt het Amerikaanse protectionisme weinig effectief in het versterken van de eigen productiecapaciteit, wat duidt op een forse kloof tussen politieke bedoelingen en economische werkelijkheid.”

Posted in voeding & horeca | Reacties uitgeschakeld voor Spaanse exporteurs van zwarte olijven lijden onder Amerikaanse importheffing

Markt topwijnen biedt kansen voor verzamelaars

Posted by managing21 on 27th juli 2025

De markt voor topwijnen zit in een diepe dip. In de voorbije twee jaar is een index van de honderd meest gewilde flessen – samengesteld door handelsplatform Liv-ex – met bijna 21 procent gedaald. De handel in de wijnen van Bordeaux en Bourgogne, die ooit sterk presteerde, is stilgevallen, mede door de zwakke oogst van het voorbije jaar en een afnemende interesse in nieuwe wijnreleases.

Toch is er volgens insiders weer enige beweging zichtbaar. “In juni zagen we plotseling een aantal flinke bestellingen binnenkomen,” zegt Miles Davis, consultant bij Vinum Fine Wines in Londen. “De scherpe prijsdalingen lijken kopers opnieuw te activeren, al blijkt daarbij hun gedrag veranderd te zijn.”

Waar verzamelaars vroeger jonge wijnen kochten om jaren te bewaren in de hoop op een hogere opbrengst, kiezen veel kopers nu voor direct drinkbare, gerijpte flessen. “De welgestelden kopen nu om te drinken, niet om op te slaan,” zegt Nick Pegna, wijnexpert van het veilinghuis Sotheby’s. “De ervaring is belangrijker geworden dan de investering.”

Tot 2020 leek er geen vuiltje aan de lucht. Warme oogstjaren en betere technologieën bezorgden de Europese wijnmakers een gouden tijdperk. Tijdens de pandemie werd er door thuisblijvende liefhebbers massaal ingekocht, wat leidde tot een laatste prijspiek.

Daarna volgde de ontnuchtering. De oorlog in Oekraïne deed de grondstofprijzen stijgen, terwijl de centrale banken de rente verhoogden en de vraag naar luxeproducten zoals kwaliteitswijn opdroogde. Vooral Bordeaux en Bourgogne kregen harde klappen. Bordeaux daalde 23 procent in waarde, terwijl bij Bourgogne zelfs een daling met 27 procent moest worden geregistreerd.

“We worden met de zwakste wijnmarkt in jaren geconfronteerd”, beklemtoonde Stephen Browett, voorzitter van de Britse wijnhandelaar Farr Vintners. “Anders dan tijdens de financiële crisis van 2008 – toen belastingverlagingen in Hongkong een nieuwe Aziatische koopgolf veroorzaakten – is er nu geen duidelijke katalysator voor herstel. Kopers hebben de macht, maar niemand hoeft per se wijn te kopen.”

Drinken in plaats van speculeren

Topwijnen zijn niet alleen duur om te kopen, maar ook om te bewaren. “In het Verenigd Koninkrijk lopen de opslagkosten voor een fles wijn – exclusief belastingen – op tot 1,50 pond per jaar”, merkt de Britse krant Financial Times op. “Voor verzamelaars met grote voorraden kan dat in de duizenden ponden lopen, wat bijzonder pijnlijk wordt indien de de marktwaarde van het product daalt.”

“Bijzonder zorgdwekkend is de brede omvang van de crisis”, benadrukken de analisten van Liv-ex. “Niet alleen Bordeaux is geraakt, want ook Italiaanse en Californische topwijnen verliezen terrein. Toch zijn er ook kansen. Dit is immers een goed moment om – vooral bij de wijnen van Bordeaux – koopjes te vinden. Het neerwaarts risico is immers beperkt.”

Een opvallend slachtoffer van de marktvertraging is het zogenoemde en primeur-systeem in Bordeaux, waarbij wijn al voor botteling wordt verkocht. Omdat nieuwere jaargangen vaak duurder zijn dan oudere, afgeprijsde flessen, laten veel kopers deze voorverkoop links liggen.

Chloe Ashton, analist bij wijncurator 1275 Collections, wijst erop dat ervaren klanten nu liever kiezen voor oudere wijnen die direct drinkbaar zijn. “Zeldzame jaargangen zoals Mouton Rothschild 1982 en minder populaire jaren zoals 1983 of 1995 winnen aan populariteit”, benadrukte Ashton. “Er is geen vaste regel meer voor goede jaargangen. De algemene kwaliteit is de voorbije tien tot vijftien jaar aanzienlijk verbeterd.”

Toch blijft de vraag waar de toekomstige kopers vandaan moeten komen. In de Verenigde Staten en Azië ligt de interesse lager dan voorheen. Volgens Shaun Bishop, analist van JJ Buckley Fine Wines in Californië, kopen de klanten weliswaar minder wijnen, maar opteren daarbij wel voor het betere marktsegment. “De onzekerheid over Amerikaanse importheffingen maakt hen huiverig voor buitenlandse flessen met onduidelijke eindprijzen”, merkt Bishop op. “De klanten zoeken producten die op voorraad zijn en onmiddellijk gedronken kunnen worden.”

Ook in Hongkong, ooit het epicentrum van de Aziatische wijnhausse, zijn de voorkeuren verschoven. Paulo Pong, topman van Altaya Wines merkt daarbij op dat de klanten daar nog steeds van Bordeaux houden, maar geen behoefte meer hebben aan jonge flessen om te laten rijpen. “Bourgogne is daarentegen populairder geworden,” merkt hij op. “Vooral witte topwijnen uit dorpen zoals Puligny-Montrachet en Chassagne-Montrachet genieten een grote interesse. Producenten zoals Coche-Dury en Colin-Morey zijn nauwelijks aan te slepen.”

De marktsituatie biedt volgens de analisten echter een gunstige tijd voor koopjesjagers. “Na jaren van prijsstijgingen is de waarde van topwijnen eindelijk weer genoeg gedaald om bij de verzamelaars opnieuw interesse te wekken”, voeren zij aan. “Of de prijzen echter ooit weer de oude pieken bereiken, is daarentegen een heel andere vraag. Maar voor wie van wijn houdt – om te drinken, niet om te speculeren – is dit wellicht het perfecte moment om in te stappen.”

Posted in voeding & horeca | Reacties uitgeschakeld voor Markt topwijnen biedt kansen voor verzamelaars

Satellieten bewijzen efficiëntie van streng beschermde zeegebieden

Posted by managing21 on 25th juli 2025

In streng beschermde mariene reservaten blijkt illegale visserij grotendeels afwezig te zijn. Dat blijkt uit een onderzoek van wetenschappers aan de University of Wisconsin, die met behulp van satellietbeelden en kunstmatige intelligentie een analyse van vijf miljard realtime locaties van vissersschepen maakten.

“Illegale visserij vormt wereldwijd een bedreiging voor de oceaan en de visserijsector”, benadrukt onderzoeksleider Jennifer Raynor, professor grondstoffen-economie aan de University of Wisconsin. “Mariene beschermde gebieden waar visserij deels of volledig verboden is, gelden als een belangrijk instrument om ecosystemen te beschermen. Uit het onderzoek is gebleken dat streng beschermde mariene reservaten nauwelijks industriële visserij aantrekken. We ontdekten dat gebieden met een strikt visverbod beter functioneren dan vaak wordt gedacht. De afwezigheid van illegale visserij is hoopgevend voor mariene natuurbescherming.”

Een analyse van het Automatic Identification System (AIS) toonde dat in beschermde gebieden weinig visserij-activiteit kon worden vastgesteld. Het identificatiesysteem is echter niet waterdicht. Schepen kunnen het systeem immers manipuleren of simpelweg uitschakelen. Daarom werd ook gebruikgemaakt van synthetische apertuur-radar (SAR), een techniek waarbij satellieten met behulp van een radar de zeeoppervlakte scannen. Met behulp van artificiële intelligentie slaagden de onderzoekers erin ook schepen op te sporen die onder de radar opereren.

Uit de studie bleek dat in streng beschermde mariene reservaten gemiddeld slechts één schip per 20.000 vierkante kilometer werd gedetecteerd. In sommige gebieden werd tussen 2017 en 2021 helemaal geen visserij-activiteit waargenomen. “AIS mist ongeveer 90 procent van de schepen die met behulp van satellieten wel kon worden gevonden”, verduidelijkte Raynor. “Dit toont aan dat satellietbeelden onmisbaar zijn voor effectief toezicht.”

De studie keek naar 1.380 maritieme reservaten, waaronder bekende reservaten zoals het Australische Great Barrier Reef en het Amerikaanse Papah?naumoku?kea Reserve rond Hawaï. Samen beslaan deze gebieden ruim 2 procent van het wereldwijde oceaanoppervlak.

Volgens marine-ecoloog Enric Sala bieden goed beschermde gebieden niet alleen ecologische voordelen, maar bieden ze ook een economische meerwaarde. “Naarmate de bescherming verbetert, zal binnen de grenzen van het reservaat meer vis worden aangetroffen. Dat overschot verspreidt zich echter ook naar omliggende visgebieden. Op die manier profiteren ook de vissers van een sterkere bescherming.”

De onderzoekers hopen dat hun bevindingen landen zullen aanmoedigen om meer te investeren in handhaving met behulp satelliettechnologie. Dat is essentieel om het wereldwijd afgesproken doel – tegen 2030 zou minstens 30 procent van de oceanen beschermd moeten zijn – te halen.

Posted in scheepvaart, voeding & horeca | Reacties uitgeschakeld voor Satellieten bewijzen efficiëntie van streng beschermde zeegebieden

Duitsland en Turkije dreigen in kebaboorlog verzeild te raken

Posted by managing21 on 25th juli 2025

Turkije wil dat döner van de Europese Unie de status van een traditionele specialiteit zou krijgen. Daarvoor heeft het land bij de Europese Commissie een aanvraag ingediend. Maar Duitsland heeft tegen het Turkse verzoek echter formeel bezwaar aangetekend. Door een erkenning als een traditionele specialiteit zou de Turkse snack dezelfde status genieten als onder meer de Napolitaanse pizza of de Spaanse jamón serrano.

Turkije vraagt bij de döner niet om een status van een beschermde geografische aanduiding, zoals dat bij Champagne of Feta het geval is,  maar om het minder vergaande keurmerk van traditionele specialiteit. Dat label richt zich op traditionele bereidingswijzen en ingrediënten, ongeacht hun herkomst. Toch kan zo’n status vergaande gevolgen hebben. In de Turkse aanvraag staat bijvoorbeeld nauwkeurig beschreven hoe döner moet worden gesneden en bereid. Wanneer de ingrediënten van de döner uit rund of vlees bestaan, mogen alleen plakken tussen drie en vijf millimeter dik worden gebruikt. Bij een kipdöner is een dikte van één tot twee centimeter verplicht.

Turkije had in april bij de Europese Commissie een aanvraag ingediend om döner de status van een beschermd product toe te kennen. Door deze bescherming zou de naam döner alleen nog mogen worden gebruikt door producenten die zich strikt houden aan een vastgestelde bereidingswijze en productspecificaties.

Juist die vereisten lijken de oorzaak van de spanning tussen Duitse en Turkse producenten. In Duitsland is döner kebab uitgegroeid tot het populairste streetfood van het land, vaak met regionale aanpassingen op het gebied van recept en snijwijze. Maar die varianten zouden door de Turkse aanvraag mogelijk niet meer zijn toegestaan. Daarom zou het Duitse ministerie van voedsel en landbouw bij de Europese Commissie een bezwaar tegen de beschermingsaanvraag hebben ingediend.

Het Duitse ministerie zou gehandeld hebben op basis van een aantal signalen uit de Duitse voedingssector. Het bezwaar zou daarbij niet zozeer de visie van de Duitse regering weerspiegelen, maar wel het standpunt van de Duitse producenten van döner kebab vertegenwoordigen.

De procedure gaat nu een nieuwe fase in. De Europese Commissie zal daarbij beoordelen of het bezwaar ontvankelijk is en vervolgens bemiddelen tussen Turkije en Duitsland. De partijen krijgen zes maanden de tijd om tot een akkoord te komen. Als er een compromis wordt bereikt, moet dat binnen een maand aan de Europese Commissie worden gemeld. Uiteindelijk ligt de beslissing over de registratie volledig bij de Europese Commissie.

Posted in voeding & horeca | Reacties uitgeschakeld voor Duitsland en Turkije dreigen in kebaboorlog verzeild te raken

Extreme weersomstandigheden gelinkt aan plotse stijging voedselprijzen

Posted by managing21 on 24th juli 2025

Wereldwijde prijsstijgingen van basisvoedingsmiddelen worden steeds vaker veroorzaakt door extreme weersomstandigheden als gevolg van de klimaatverandering. Dat blijkt uit onderzoek onder leiding van wetenschappers aan het Barcelona Supercomputing Center. De studie legt een direct verband tussen extreme klimaatfenomenen en scherpe prijsstijgingen van voedsel. Dit onderstreept de toenemende gevoeligheid van voedselsystemen voor milieuschokken.

Eerder onderzoek richtte zich vooral op de manier waarop langdurige hitte en verminderde opbrengsten op termijn tot een algemene voedselinflatie leiden. Maar de nieuwe studie toont dat specifieke voedingsmiddelen veel sterkere prijsstijgingen op de korte termijn kunnen doormaken. Deze prijsstijgingen dragen vervolgens bij tot de bredere inflatiecijfers.

Onder meer steeg de prijs van olijfolie in Europa vorig jaar met 50 procent, nadat Zuid-Spanje in 2022 en 2023 met langdurige droogteperiodes werd geconfronteerd. In India leidde een hittegolf in mei vorig jaar tot een stijging van de prijzen voor uien met 89 procent. In Zuid-Korea liepen de prijzen na een recordhitte in de zomer voor boerenkool met 70 procent op. Ook in Japan stegen de rijstprijzen in september met 48 procent, nadat het land in augustus door een hittegolf was getroffen. In China werden groenten gemiddeld 30 procent duurder. Als gevolg van droogte liepen in de Amerikaanse staten Californië en Arizona tijdens de maand november 2022 de prijzen voor groenten met maar liefst 80 procent op.

“Een groot gedeelte van deze weersomstandigheden was historisch gezien volledig ongekend,” benadrukte onderzoeksleider Maximilian Kotz, klimaatspecialist bij het Barcelona Supercomputing Center. “De temperaturen lagen ver buiten het bereik van de situaties die zouden kunnen worden verwacht in een stabiel klimaat dat niet door menselijke uitstoot is beïnvloed.”

Frequenter

Uit het onderzoek blijkt dat de stijgingen van de voedselprijzen vaak slechts enkele maanden na de extreme weersomstandigheden volgen. Dat patroon zal volgens de onderzoekers waarschijnlijk vaker optreden naarmate de klimaatverandering verergert. “Het is duidelijk dat extreme weersomstandigheden nu al intenser en frequenter zijn dan dertig tot veertig jaar geleden”, beklemtoonde Kotz. “We verwachten dat die trend zich voortzet zolang de uitstoot van broeikasgassen blijft stijgen. Als het voedselsysteem blijft reageren zoals momenteel het geval is, kunnen we soortgelijke, mogelijk zelfs meer extreme en meer onvoorspelbaardere prijsstijgingen verwachten.”

De onderzoekers stellen verder dat prijsstijgingen zich door de wereldwijde handelsketens verspreiden. In het Verenigd Koninkrijk  kende de prijs van chocolade een sterke opstoot, nadat de cacaoprijzen door droogte en extreme hitte in Ghana en Ivoorkust een verdrievoudiging hadden gekend.”

In een commentaar op de studie gaf Raj Patel, voedingsspecialist bij de University of Texas, aan dat klimaatgedreven prijsstijgingen door speculatie en slecht beleid vaak nog worden verergerd. Hij wijst op het voorbeeld van Rusland, waar een hittegolf in 2010 tot bosbranden en stijgende tarweprijzen leidde. De Russische overheid legde vervolgens een exportverbod op, waardoor de wereldwijde tarweprijs sterk omhoog werd gedreven. Dit leidde uiteindelijk tot broodrellen in onder meer Mozambique. “In inflatie van de voedselprijzen is een politiek fenomeen”, benadrukte Patel.

Landen zoals het Verenigd Koninkrijk, die sterk afhankelijk zijn van import, zijn volgens Anna Taylor, directeur van de Britse Food Foundation bijzonder kwetsbaar voor klimaatschokken op andere locaties in de wereld. De bevindingen van de studie roepen volgens de onderzoekers ook voor de centrale banken vragen op.

“De prijsstijgingen van voedsel bemoeilijken de beteugeling van de algemene inflatie”, werpt Kotz daarbij op. “Dat geldt vooral voor opkomende economieën, waar voeding een groot deel van de consumentenkorf vertegenwoordigt. Deze abnormaal hoge temperaturen hebben een directe impact op de inflatiecijfers. De belangrijkste drijfveer is voedsel. Dat sijpelt vervolgens door naar de rest van de economie.”

Tot slot waarschuwen de onderzoekers dat vooral arme huishoudens het slachtoffer zijn van de hogere kosten. “Die bevolkingsgroepen moet immers vaak op minder voedzame voeding overschakelen”, beklemtoont Anna Taylor. “Vooral de consumptie van groenten en fruit zijn bijzonder gevoelig voor prijsstijgingen.”

Posted in voeding & horeca | Reacties uitgeschakeld voor Extreme weersomstandigheden gelinkt aan plotse stijging voedselprijzen

Buitenlandse overbevissing voedt Senegalese migratiecrisis naar Europa

Posted by managing21 on 22nd juli 2025

De decennialange overexploitatie van de mariene visserijbronnen van West-Afrikaanse landen vormt een van de belangrijkste drijfveren van illegale migratie naar Europa langs dodelijke routes over de Atlantische Oceaan, de Middellandse Zee en de Straat van Gibraltar. Dat blijkt uit een rapport van wetenschappers aan de University of British Columbia.

“Tegenstrijdige belangen verstoren al tientallen jaren het Senegalese visserijwezen”, werpen de onderzoekers op. “Het fenomeen leidt immers tot leeggeplunderde zeeën, economische wanhoop en duizenden mensen die Europa proberen te bereiken, maar daarbij vaak onderweg om het leven komen.” Alleen al vorig jaar kwamen meer dan 10.000 mensen tijdens hun tocht van Afrika naar Europa om het leven. Volgens de organisatie Caminando Fronteras gebruikten 2.000 slachtoffers de route via Senegal en Gambia.

“In Senegal en omringende landen zijn kleine vissen zoals sardines bijzonder schaars geworden”, verduidelijkt onderzoeksleider Daniel Pauly, directeur van het project Sea Around Us aan de de University of British Columbia. “Bovendien worden de resterende voorraden grotendeels toe vismeel verwerkt. Deze vissoorten waren ooit van levensbelang voor de armste bevolkingslagen. Tegelijk zijn ook de visstanden van meer hoogwaardige soorten zoals garnalen, tonijn en inktvis afgenomen. Dat is grotendeels gelinkt aan de export door buitenlandse bedrijven.”

De overbevissing in Senegal begon in de jaren negentig van de voorbije eeuw voelbaar te worden. Na tientallen jaren waarin Europese vissersschepen intensief in de Senegalese wateren visten, begon China zich in de jaren tachtig van de vorige eeuw in het gebied te roeren. Senegalese vissers, die met piroques – traditionele houten boten – werkten, probeerden te overleven door hun vaartuigen te moderniseren. Dankzij het gebruik van motoren, ijsboxen, nylon netten en omvangrijke bemanningen bleef het mogelijk om de concurrentie enigszins aan te gaan.

Toch konden deze ingrepen de dalende visstanden niet stoppen. In de jaren negentig van de voorbije eeuw werd nog jaarlijks ruim 1 miljoen ton vis gevangen. Inmiddels is die voorraad gehalveerd. Uit de studie blijkt dat bijvoorbeeld de Madeirese sardinella, die in de jaren vijftig van de voorbije eeuw nog onderbevist was, inmiddels zwaar overbevist is. Ook andere soorten – zoals horsmakreel, ronde sardinella en chubmakreel – bevinden zich op een kritiek niveau. Ongeveer de helft van de visvangst in de Senegalese Exclusieve Economische Zone (EEZ) is in de voorbije zeventig jaar binnengehaald door buitenlandse vloten. Dat is gevoelig meer dan het Afrikaanse gemiddelde, dat op 40 procent lag.

Vissers worden migranten

De klimaatverandering heeft de problemen versterkt. Soorten zoals de sardinella trekken noordwaarts omdat de wateren rond Senegal te warm zijn geworden. Hierdoor is de concurrentie tussen lokale vissers en buitenlandse vloten alleen nog maar toegenomen.

“Buitenlands kapitaal strijkt het grootste deel van de opbrengst op, waardoor Senegalese vissersfamilies in financiële problemen komen,” stipte Cornelia Nauen, voorzitter van de organisatie Mundus Maris, aan. “Door de dalende inkomsten kunnen de eigenaars van de boten hun bemanningsleden minder ondersteunen. Vrouwen die vroeger een belangrijke economische rol speelden binnen vissersfamilies, raken hun inkomsten en invloed kwijt. Ze eindigen vaak als arbeider in een fabriek of in armoede. Migratie wordt daardoor voor steeds meer gezinnen een aantrekkelijk alternatief.”

“Terwijl de vissers in de jaren tachtig van de voorbije eeuw nog anderen hielpen om de gevaarlijke tocht naar de Canarische Eilanden of het Europese vasteland te maken, kiezen ze er nu steeds zelf vaker voor om de oversteek te maken. De talloze aankomsten en verdrinkingen tonen op welke manier complexe factoren daarbij samenkomen. De migratie wordt in de hand gewerkt door de toenemende droogte, overbevissing, klimaatverandering, de hoop op een beter leven, een gebrek aan onderwijs, politieke instabiliteit en een diaspora die als magneet werkt.”

Uit een analyse van getuigenissen over de Senegalese migratie sinds het begin van deze eeuw blijkt dat 59 procent van de betrokkenen buitenlandse visserijvloten als een factor bij de uitwijking naar Europa vernoemt. “Europese en Chinese vissersvloten worden zwaar gesubsidieerd”, beklemtonen de onderzoekers. “Dat stelt hen in staat om ondanks de overbevissing toch door te gaan. Het afbouwen van subsidies voor Europese schepen zou de vispopulaties helpen herstellen, de aanvoer verbeteren en een rem zetten op de noodzaak om elders te vissen. Daarmee zou Europa bovendien ook meer morele autoriteit krijgen om druk uit te oefenen op landen zoals Rusland en China om eveneens hun subsidies terug te schroeven.”

Posted in voeding & horeca | Reacties uitgeschakeld voor Buitenlandse overbevissing voedt Senegalese migratiecrisis naar Europa