managing21.be

Managing21: een blik op het heden en de toekomst van de economie.

Topman Ford: “Zware elektrische wagens zullen nooit rendabel zijn”

Posted by managing21 on juli 3rd, 2024

De Verenigde Staten moeten opnieuw interesse krijgen in kleinere wagens. Dat heeft Jim Farley, topman van de Amerikaanse autobouwer Ford Motor in een interview op het festival Aspen Ideas gezegd. Farley zegt dat het land te zeer gehecht is aan grote wagens, maar die zijn volgens hem in het tijdperk van het elektrische voertuig niet duurzaam.

“De Amerikaanse autosector zich moet concentreren op kleinere elektrische wagens en bedrijfsvoertuigen”, beklemtoonde Farley. “Dat is bijzonder belangrijk voor de samenleving en voor de adoptie van elektrische voertuigen. Ik hou ook van zware wagens, maar die vormen met hun grote gewicht een belangrijk probleem. Een nieuw voertuig dat vorig jaar in de Verenigde Staten werd verkocht, had een gemiddeld gewicht van 2.000 kilogram. Dat betekent een stijging met 450 kilogram tegenover het begin van de jaren tachtig van de voorbije eeuw.

Zware elektrische wagens zullen autobouwers volgens Jim Farley nooit winsten opleveren. – Foto: Ford Motor

Ford verwacht een volledig elektrische wagen met een prijs van 30.000 dollar te introduceren. Dat model zou volgens Farley over tweeënhalf jaar winstgevend moeten zijn. Daarmee wordt een prijsbarrière doorbroken die de adoptie van elektrische auto’s tot nu toe tot een onbereikbare luxe heeft gemaakt voor iedereen die niet tot de rijkste klantencategorie van de auto-industrie behoort. Farley vertelde dart de nieuwe elektrische wagen van Ford een concurrent zal vormen van de Chinese constructeur Byd. De Amerikaanse regering wil de importheffing op de Chinese wagens verviervoudigen. Op die manier willen de Amerikaanse autoriteiten de toegang tot hun markt voor Chinese fabrikanten onmogelijk maken.

De nieuwe model dat Ford op de markt wil brengen, zou ook moeten kunnen wedijveren met de nieuwe elektrische wagen die de Amerikaanse fabrikant Tesla volgend jaar zou willen introduceren en ook beter betaalbaar zou moeten zijn dan zijn huidige vloot. Farley beklemtoonde dat Ford zich zou concentreren op dit nieuwe voertuig en niet zal mikken op grotere, volledig elektrische vrachtwagens en suv-modellen.”

Radicale verandering noodzakelijk

Grotere wagens, die gebruik maken van interne verbrandingsmotoren, hebben traditioneel de winsten van Amerikaanse autofabrikanten bepaald. Dat geldt vooral voor Ford. “Je moet als autofabrikant een radicale verandering doorvoeren om tot een winstgevende elektrische wagen te komen”, merkt Farley dan ook op. “De eerste opdracht daarbij is al het beschikbare kapitaal in kleinere, beter betaalbare elektrische auto’s stoppen. Dat is een strategie die we nu hebben gevonden en die echt geloofwaardig klinkt. De grote elektrische voertuigen zullen voor de fabrikanten nooit winst opleveren. De batterijen voor dergelijke wagens kosten 50.000 dollar, zelfs met de meest efficiënte technieken. Dit type van wagen zal nooit betaalbaar zijn.”

Maar Farley waarschuwde dat er de volgende vijf jaar voor Ford en de andere westerse autofabrikanten veel op het spel staat. Ze willen immers de concurrentie aangaan met de Chinese fabrikanten van elektrische wagens. Ford boekte tijdens de eerste drie maanden van dit jaar op elke verkochte elektrische wagen een verlies van 132.000 dollar. Farley zei dat het voor Ford dan ook van cruciaal belang was om in de volgende vijf jaar winstgevende elektrische auto’s te produceren

“Als we geen geld kunnen verdienen met elektrische auto’s, dreigt de sector in handen te komen van concurrenten die nu al de grootste markt op de planeet hebben, die bovendien nu al de wereld domineren en hun toeleveringsketen al over de hele aarde opzetten. Indien we de volgende vijf jaar geen winstgevende elektrische auto’s kunnen maken, blijft er nog weinig toekomst over. Dan dreigt onze afzetmarkt te krimpen tot we alleen nog in maar Noord-Amerika actief zullen kunnen zijn.”

De regering van de Amerikaanse president Joe Biden heeft aangekondigd een importtarief van 100 procent te zullen heffen op elektrische wagens die in China zijn gemaakt. Een aantal van die Chinese wagens zou tegen een verkoopprijs van amper 10.000 dollar op de markt worden gebracht. Dat is veel minder dan het gemiddelde van 53.000 dollar dat in de Verenigde Staten voor een elektrische auto wordt gevraagd. Het importtarief wordt algemeen gezien als een politiek gebaar om de banen in de Amerikaanse auto-industrie in de staten Pennsylvania en Michigan, die bij de presidentsverkiezingen van cruciaal belang kunnen zijn.

Meer over dit onderwerp:

Posted in automotive, Mobility | Reacties uitgeschakeld voor Topman Ford: “Zware elektrische wagens zullen nooit rendabel zijn”

Klimaatverandering is voor muziekfestivals steeds meer een uitdaging

Posted by managing21 on juli 2nd, 2024

Muziekfestivals moeten steeds meer rekening houden met de impact van de klimaatverandering. Dat blijkt uit een onderzoek van wetenschappers aan de  University of New South Wales (UNSW) in Sydney, gebaseerd op een analyse van de muziekfestivals die de voorbije twee jaar werden georganiseerd. De onderzoekers kwamen daarbij tot de vaststelling dat tijdens de onderzochte periode in Australië minstens tweeëntwintig muziekfestivals door extreme weersomstandigheden werden geannuleerd of minstens zwaar verstoord raakten. Dat is opmerkelijk meer dan het voorbije decennium. In de Verenigde Staten werden tijdens dezelfde periode minstens eenentwintig festivals of concerten getroffen. Gelijkaardige meldingen werden ook teruggevonden in Nieuw-Zeeland, Canada, Groot-Brittannië, Spanje en Nederland.

“Nadat er een waarschuwing voor extreem brandgevaar was afgegeven, moest het Pitch Music and Arts Festival in Moyston, in de Australische staat Victoria eerder dit jaar worden geannuleerd, terwijl al een aantal festivalgangers al ter plaatse was”, merkt onderzoeker Milad Haghani, professor stedelijke mobiliteit, openbare veiligheid en rampenrisico aan de University of New South Wales (UNSW) in Sydney. “Dit soort annuleringen zijn maar al te bekend geworden. De wereld van concerten en festivals kampt momenteel met aanzienlijke uitdagingen, waaronder dure verzekeringspremies en de hoge kosten van het levensonderhoud, die een sterke invloed heeft op de ticketverkoop.”

De klimaatverandering weegt op de leefbaarheid van de muziekfestivals. – Foto: Pixabay/PublicDomainPictures

“In het bijzonder moeten muziekfestivals rekening houden met de impact van de klimaatverandering, aangezien extreme weersomstandigheden frequenter, heviger en onvoorspelbaarder worden”, werpt professor Haghani op. “Deze trend van weergerelateerde onderbrekingen lijkt toe te nemen. Tijdens de laatste zeven jaar van het voorbije decennium werden in Australië slechts tien muziekfestivals door extreme weersomstandigheden getroffen. De impact van weergerelateerde fenomenen op festivals en concerten varieerden van vertragingen en annuleringen tot de evacuatie van locaties en gebieden halverwege het festival of halverwege een optreden. Dit zal voor de sector een steeds grotere uitdaging worden.”

De problemen waarmee de sector wordt geconfronteerd zijn volgens Haghani bijzonder divers en leiden niet altijd tot een annulering van het evenement. “Tijdens de Eras Tour van Taylor Swift moest in november vorig jaar in Brazilië de dood van een fan als gevolg van extreme hitte worden gemeld”, verduidelijkt de wetenschapper. “Tijdens een concert van Louis Tomlinson in Colorado in juni vorig jaar dienden na een hagelbui meer dan honderd aanwezigen in het ziekenhuis worden opgenomen. Bij een optreden van Taylor Swift in Sydney werden fans tijdelijk geëvacueerd en moest de show vanwege blikseminslagen worden uitgesteld. Wegens overstromingen in het zuiden van New South Wales diende in oktober twee jaar geleden het Strawberry Fields Festival te worden afgelast. Door een storm in december vorig jaar moest het Good Things Festival in Sydney abrupt worden afgebroken.”

“Extreme weersomstandigheden zijn nauw verbonden met de klimaatverandering”, geeft professor Haghani nog aan. “Deze trend zal waarschijnlijk nog erger worden. Australië is de voorbije 67 jaar getuige geweest van een duidelijke toename van de intensiteit, frequentie en duur van hittegolven, waarbij de afgelopen decennia een aanzienlijke stijging is waargenomen. Er is nog geen alomvattende audit van de ecologische voetafdruk van de Australische muziekindustrie geweest, maar door onderzoek in het Verenigd Koninkrijk weten wel hoeveel muziek aan de uitstoot kan bijdragen. Daarbij werd berekend dat de Britse livemuziek jaarlijks 405.000 ton broeikasgassen produceert.”

De belangrijkste bronnen van deze uitstoot volgens Haghani de verplaatsingen van het publiek, die 43 procent van de totale emissies voor hun rekening zouden nemen. Daarnaast zijn er de activiteiten ter plaatse, die nog eens een aandeel van 23 procent vertegenwoordigen. De wetenschapper werpt verder op dat een gemiddelde rondreizende deejay jaarlijks verantwoordelijk is voor de uitstoot van 35 ton koolstofdioxide. “Dat is ruim vijftien keer meer dan het persoonlijke emissiebudget dat wordt aanbevolen en bijna acht keer meer dan het algemene gemiddelde”, merkt Haghani nog op. “Alleen al vijf jaar geleden maakten duizend rondreizende deejay’s meer dan 51.000 vliegtuigreizen over de hele wereld. Daarmee genereerden ze evenveel emissies als ruim twintigduizend huishoudens.”

Groeiend bewustzijn

“Er zijn echter tekenen van een groeiend bewustzijn binnen de industrie van de livemuziek om de gevolgen van hun activiteiten voor het leefmilieu te verzachten”, benadrukt de onderzoeker. “De Britse sector heeft zich ertoe verbonden om tegen eind decennium klimaatneutraal te functioneren. In Australië hebben Woodford Folk Festival en WOMADelaide plastic voor eenmalig gebruik verboden en recycling gepromoot om afval te minimaliseren.”

Haghani merkt verder op dat sector zijn impact of het leefmilieu kan verminderen door een overstap op hernieuwbare energie en het gebruik van duurzame transportmogelijkheden voor artiesten en publiek. “Het betrekken van het publiek bij projecten rond duurzaamheid, zoals het stimuleren van bijdragen aan emissie-compensatie, kan de impact eveneens vergroten”, geeft de wetenschapper aan.  Andere milieuproblemen op festivals zijn minder voor de hand liggend, maar blijken tot ook belangrijk. Bezoekers vinden het vaak leuk om glitters te dragen, maar realiseren zich niet dat deze versieringen van microplastics zijn gemaakt. Een overstap op biologisch afbreekbare glitters is een praktische oplossing.”

Festivals worden ook geconfronteerd met het afval van achtergelaten kampeerspullen van lage kwaliteit. “Deze tenten en accessoires voor eenmalig gebruik dragen bij tot de aantasting van het leefmilieu en creëren uitdagingen op het gebied van afvalbeheer”, betoogt Hanghani nog. “Er moeten meer inspanningen worden geleverd om bezoekers voor te lichten over het belang van duurzame kampeerpraktijken en om het gebruik van hoogwaardige, herbruikbare kampeeruitrusting aan te moedigen.”

Het planten van bomen is een populaire strategie geworden voor muziekfestivals en bands om hun ecologische voetafdruk te compenseren en een positieve bijdrage te leveren aan het milieu. Het opnemen van emissie-compensaties in de ticketprijzen of het aanbieden van dergelijke bijdragen als een vrijwillige optie biedt festivals en artiesten een strategie om hun impact op het milieu te verzachten. Haghani merkt tenslotte op dat uitdagingen zoals de stijgende kosten van de toeleveringsketen en de kosten van het levensonderhoud de levensvatbaarheid van festivals op de proef stellen. “Te midden van deze uitdagingen kunnen extreme weersomstandigheden voor extra onzekerheden zorgen”, waarschuwt hij.

Meer over dit onderwerp:

Posted in media & cultuur | Reacties uitgeschakeld voor Klimaatverandering is voor muziekfestivals steeds meer een uitdaging

Gran Canaria en Tenerife krijgen spoorverbindingen

Posted by managing21 on juli 2nd, 2024

Op de Canarische Eilanden wordt het in de toekomst wellicht ook mogelijk om met de trein te reizen. Dat blijkt uit een aankondiging van de autoriteiten op het eiland Tenerife, waar gewag wordt van een netwerk van tachtig kilometer aan spoorwegen. Met het initiatief hoopt de lokale overheid van Tenerife, een populaire toeristische bestemming, de chronische verkeersopstoppingen op de snelwegen tussen de belangrijkste bevolkingscentra van het eiland te kunnen verlichten. De aanleg van de spoorlijnen zou over minder dan drie jaar van start moeten gaan. Gehoopt dat het project tegen het midden van de jaren veertig van deze eeuw volledig zou moeten kunnen worden afgewerkt.

Het spoorwegnet dat de lokale overheid wil uitbouwen, zou uit drie verschillende lijnen bestaan. In eerste instantie is er de zuidelijke lijn, die langs de oostkust van Tenerife loopt. Daarnaast is er een noordelijke lijn, die Santa Cruz – de belangrijkste stad van het eiland – moet verbinden met Los Realejos. Tenslotte wordt ook een westelijke lijn tussen Icod de los Vinos en Adeje. Elke trein zal 450 passagiers kunnen vervoeren. De treinen zouden een maximumsnelheid van 220 kilometer per uur moeten kunnen halen. In totaal zullen 80 kilometer aan sporen worden aangelegd. Daarbij is ook een totaal van 22 kilometer aan trajecten door tunnels, te wijten aan de bergachtige topografie van het vulkanische eiland, voorzien.

De treinen zouden door waterstof moeten worden aangedreven. – Foto: Alstom

De lokale politicus Pablo Rodriquez, verantwoordelijk voor openbare werken en mobiliteit, beklemtoonde dat de spoorlijnen in verschillende fases in gebruik zullen worden genomen. Tegen eind volgend decennium zouden echter jaarlijks al 7,5 miljoen passagiers van het nieuwe spoornet gebruik moeten kunnen maken. Geraamd wordt dat de realisatie van het volledige project een investering van ruim 4 miljard euro zal vergen. Rodriquez wil het spoornet echter stelselmatig uitbouwen met segmenten die telkens tussen 300 miljoen euro en 400 miljoen euro zouden kosten. “Op die manier wordt de totale investering gemakkelijker te dragen”, merkt hij op.

Ook op het buureiland Gran Canaria wordt aan de realisatie van een spoorlijn gedacht. Daar wordt al twintig jaar gewerkt aan een concept om langs de oostkust van het eiland een spoorweg aan te leggen. De regionale regering van de Canarische Eilanden verzekerde echter dat op beide eilanden over een drietal jaar de bouw van de spoorwegprojecten zal kunnen worden opgestart. De spoorwegen moeten de Canarische Eilanden helpen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen. Voor de financiering van de projecten wordt gerekend op Europese fondsen, die de lokale overheden in staat zouden moeten stellen om de eerste fases van de werken aan te vatten. Er worden ook gesprekken gevoerd met de Spaanse regering. Hierdoor zou het mogelijk kunnen worden om het  Canarische spoorwegnet in het Spaanse staatsnet op te nemen, waardoor op een stabiele financiering zou kunnen worden gerekend.

Waterstof

Rodriquez zegt overtuigd te zijn van de winstgevendheid van het project. Niet alleen de lokale bevolking zal volgens hem van deze bijkomende vorm van openbaar vervoer kunnen profiteren, want hij voorspelt dat de treinverbinding ook bij de toeristen een groot succes zal blijken te zijn. Bovendien wijst hij op de verplichting van de overheid om een einde te maken aan de zware fileproblemen op de autowegen en de noodzaak om milieuvriendelijke vervoerswijzen aan te reiken. “Mobiliteit is een sociaal recht en vormt bovendien een verbindend element”, benadrukte Rodriguez.

De Canarische Eilanden hebben tussen de verschillende agglomeraties op de eilanden wel een aantal tramverbindingen, zoals de lijn tussen Santa Cruz en La Laguna op Tenerife. Daarentegen kent de archipel geen echte treindiensten. De regionale overheid heeft wel beslist dat de nieuwe treinen door duurzame technologieën zullen worden aangedreven. Daarbij zou volgens Rodriguez met waterstof als energiebron moeten worden gewerkt. “De Canarische Eilanden bieden buitengewone natuurlijke omstandigheden voor de productie van waterstof”, benadrukte hij.

“Het gebruik van waterstof zou de eilanden niet alleen helpen om aan een emissievrije toekomst te werken, maar zou bovendien de regio op het gebied van energievoorziening ook zelfstandigheid kunnen bezorgen,” verduidelijkt Rodriguez. Gehoopt wordt dat de aanleg en de opening van de spoorlijnen ook de tewerkstelling op de Canarische Eilanden zal stimuleren. Volgens het Spaanse instituut voor statistiek worden momenteel 33,8 procent van de inwoners van de Canarische Eilanden met armoede of sociale uitsluiting geconfronteerd. In Spanje haalt alleen Andalusië een hogere score.

De Canarische Eilanden tellen 2,2 miljoen inwoners, maar ontvingen vorig jaar 13,9 miljoen bezoekers. Het toerisme leverde het archipel twee jaar geleden 16,9 miljard euro inkomsten op. Daarmee vertegenwoordigde de sector 35 procent van het bruto binnenlandse product van de Canarische Eilanden. Critici merken echter op dat het toerisme de natuurlijke bronnen van het gebied uitput en de huurprijzen van het vastgoed opdrijven, waardoor immobiliën voor grote delen van de lokale bevolking steeds minder betaalbaar zouden worden.

Meer over dit onderwerp:

Posted in Mobility, toerisme, transport & logistiek | Reacties uitgeschakeld voor Gran Canaria en Tenerife krijgen spoorverbindingen

BMW is de meest innovatieve autofabrikant van de wereld

Posted by managing21 on juli 2nd, 2024

De Duitse autobouwer BMW is het meest innovatieve merk uit zijn sector. Maar die individuele kroon kan niet verhullen dat de Chinese fabrikanten van elektrische wagens de nieuwe ontwikkeling in de autosector leiden. Dat blijkt uit een rapport van het Center of Automotive Management (CAM), gebaseerd op nagenoeg duizend innovaties die het voorbije jaar door ongeveer dertig autogroepen met meer dan honderd merken werden doorgevoerd. De grote verliezers blijken volgens de analisten de autobouwers uit Duitsland en de Verenigde Staten.

“Vijf van de tien meest innovatieve autogroepen komen uit China”, merken de onderzoekers op. “De Chinese autofabrikanten namen het voorbije jaar een recordaandeel van 46 procent van de mondiale innovatiekracht in de sector voor hun rekening. Er moet hier duidelijk gewag gemaakt worden van een radicale verschuiving in innovatiekracht ten gunste van de Chinese autofabrikanten.” Anderzijds wordt erop gewezen dat de Duitse autobouwers hun aandeel in de wereldwijde innovatiekracht zien verminderen. Vijf jaar geleden had Duitsland nog een aandeel van 45 procent in de innovatiekracht van de autosector. Dat blijkt nu echter tot amper 23 procent te zijn teruggevallen.

De BMW Group liet zeventig innovaties optekenen. – Foto: BMW

“De reden voor deze omslag moet gezocht worden bij de snelheid waarmee nieuwe ontwikkelingen worden doorgevoerd”, merken de analisten op. “De Duitse autofabrikanten lieten het voorbije jaar  8 procent meer innovaties noteren dan het jaar voordien. Dat is echter niets vergeleken met de Chinese autobouwers, die het aantal nieuwe ontwikkelingen op één jaar tijd met 32 procent zagen stijgen.”

De onderzoekers voegen er aan toe dat ook de autofabrikanten uit de Verenigde Staten achterop raken. Dat geldt vooral voor General Motors en Ford. Opgemerkt wordt dat Ford het voorbije jaar van een vijfde naar een zestiende plaats is gezakt. General Motors ging van een zesde naar een vijftiende plaats. “Tesla steeg wel van een vijftiende naar een dertiende plaats, maar de Amerikaanse fabrikant van elektrische wagens laat niet meer het innovatieniveau optekenen dat de jaren voordien werd gedemonstreerd.” Verder wordt opgemerkt dat de Japanse fabrikanten wel een deel van het verloren terrein goed hebben kunnen maken. Toyota blijkt immers naar een vierde plaats te zijn gestegen en gaat nu zowel Mercedes-Benz als de VW Group vooraf.

BMW

De analisten merken op dat de ranglijst twaalf jaar geleden nog door de Japanse merken werd aangevoerd, gevolgd door hun Duitse en Amerikaanse concurrenten. De Chinese autosector stond op dat ogenblik op een vierde plaats, gevolgd door de Zuid-Koreaanse, Europese en Indiase fabrikanten. De Duitse autobouwers namen vervolgens de leiding over, tot ze op hun beurt drie jaar geleden door de Chinese merken werden voorbijgestoken.

Wanneer naar de individuele merken wordt gekeken staat echter de BMW Group op de eerste plaats. De analisten meldden dat de Duitse autofabrikant het voorbije zeventig innovaties, waaronder 27 wereldprimeurs, kon melden. Het is de eerste keer in de geschiedenis dat BMW de titel van meest innovatieve autogroep ter wereld in de wacht sleept. De BMW Group liet daarbij een score van 151 punten optekenen, gevolgd door de Chinese merken Geely (149,4 punten) en SAIC (136,8 punten).”

Wanneer louter naar elektrische voertuigen wordt gekeken, wordt echter de rangschikking aangevoerd door Geely, gevolgd door Saic en de BMW Group. De Chinese merken Xpeng en Byd eindigen in deze rangschikking trouwens respectievelijk een zevende en achtste plaats.

“Verscheidene Chinese fabrikanten laten zeer sterke innovatieprestaties zien op het vlak van onder meer elektrische mobiliteit, geavanceerde bestuurder assistentiesystemen en interfaces, waarin ze meer dan tachtig wereldprimeurs presenteerden”, zegt CAM. “Bij de elektrische wagens genereren GAC Motor, Geely, Saic en Xpeng een aantal records, vooral met betrekking op het laadvermogen en de actieradius.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in automotive, energie, Mobility | Reacties uitgeschakeld voor BMW is de meest innovatieve autofabrikant van de wereld

Hernieuwbare bronnen belangrijkste sector op Europese elektriciteitsproductie

Posted by managing21 on juli 1st, 2024

Hernieuwbare bronnen zijn de belangrijkste sector op de elektriciteitsmarkt van de Europese Unie geworden. Dat blijkt uit een rapport van het Europese statistisch bureau Eurostat. Berekend werd dat vorig jaar 44,7 procent van de Europese elektriciteitsproductie door hernieuwbare bronnen werd geleverd. Eurostat maakt dan ook gewag van een omslagjaar. Het jaar voordien vormden fossiele bronnen nog de belangrijkste sector op de Europese elektriciteitsmarkt. Het voorbije jaar werd echter minder beroep gedaan op olie en petroleum en er werd zelfs beduidend minder gebruik gemaakt van natuurlijk gas en steenkool.

Eurostat merkte op dat er vorig jaar een voorraad hernieuwbare bronnen van 10,9 miljoen terajoule ter beschikking was. Dat betekende een stijging met 4,4 procent tegenover het jaar voordien. Bij bruinkool was er sprake van een daling met 24,2 procent tot 222.840 miljoen ton, terwijl bij steenkool sprake was van een terugval met 20,4 procent tot 130.437 miljoen ton. Fossiele gassen vertegenwoordigen een voorraad van 12.8 miljoen terajoules. Dat betekende een daling met 7,4 procent tegenover het jaar voordien. Bij petroleum was er sprake van een achteruitgang met 1,5 procent tot 526.862 miljoen ton.

Windkracht is na kernenergie de belangrijkste bron van elektriciteit in de Europese Unie. – Foto: Pixabay/Katerina Gicheva

De productie van elektriciteit op basis van fossiele brandstoffen viel met 19,7 procent terug tot 0,88 miljoen gigawattuur. Daarmee vertegenwoordigden deze bronnen nog 32,5 procent van de totale elektriciteitsproductie in de Europese Unie. Bij de hernieuwbare bronnen was er daarentegen sprake van een toename met 12,4 procent tot 1,21 miljoen gigawattuur. Dat vertegenwoordigde een aandeel van 44,7 procent op de totale Europese elektriciteitsproductie. De elektriciteitsproductie op basis van nucleaire energie kende nog een stijging met 1,2 procent tot 0,62 gigawattuur. Daarmee vertegenwoordigde kernenergie 22,8 procent van de totale Europese elektriciteitsproductie.

Omslag is bereikt

“De omslag in de Europese elektriciteitsproductie heeft zich gemanifesteerd”, voert Eurostat aan. “De elektriciteitsproductie op basis van fossiele brandstoffen heeft op één jaar tijd een zware terugslag gekend, terwijl hernieuwbare bronnen een sterke groei lieten optekenen. Er is nu geen weg meer terug. In de toekomst zullen hernieuwbare bronnen in de Europese Unie altijd meer elektriciteit produceren dan fossiele energieën. De productie op basis van nucleaire energie bleef relatief stabiel. Er was weliswaar sprake van een lichte groei tegenover het jaar voordien, maar dat volgde op een zware terugval de twee jaar voordien. Met het sterk dalende aandeel van fossiele bronnen, mag in de loop van de volgende jaren verwacht worden dat hernieuwbare bronnen in de Europese elektriciteitsproductie een groter aandeel zullen hebben dan alle andere vormen van energie samen.

De daling van het marktaandeel van de fossiele brandstoffen in de Europese elektriciteitsvoorziening wordt grotendeels veroorzaakt door de afname van de elektriciteitsproductie uit aardgas, waar een inkrimping met 72,9 terawattuur – een daling met 13,5 procent – werd gemeld. Ook de productie op basis van bitumineuze steenkool en bruinkool kende  een sterke inkrimping. Bij bitumineuze steenkool was er sprake van een daling 64 terawattuur (31,2 procent), terwijl bruinkool een achteruitgang met 62,9 terawattuur (26,1 procent) liet optekenen.

Bij de hernieuwbare bronnen liet windenergie een stijging met 56,5 terawattuur (13,4 procent) optekenen, terwijl windkracht een stijging met 56,5 terawattuur (18,9 procent) liet optekenen. Ook waterkracht liet een aanzienlijke stijging optekenen. Tegenover het jaar voordien was er sprake van een vooruitgang met 53,9 terawattuur (17,5 procent). Daarbij wordt wel opgemerkt dat waterkracht twee jaar geleden al een uitschieter liet registreren. Er wordt nog gemeld dat zonnekracht over een periode van vijf jaar een stijging met 126,3 procent heeft laten optekenen. De productie op basis van aardgas liet tijdens diezelfde periode een inkrimping met 4,6 procent noteren. Bij bitumineuze steenkool en bruinkool was er sprake van een daling met respectievelijk 50,8 procent en 38,9 procent.

Wanneer naar de afzonderlijke brandstoffen wordt gekeken, blijkt dat kernenergie nog altijd de belangrijkste bron van elektriciteit in de Europese Unie blijft. Met een volume van 619 terawattuur neemt die sector 22,8 procent van de totale Europese elektriciteitsproductie voor zijn rekening. Het voorbije jaar is aardgas door windkracht voorbij gestoken als tweede grootste bron van de Europese elektriciteitsproductie. Windenergie had met 477,8 terawattuur een aandeel van 17,6 procent in de totale Europese elektriciteitsproductie. Aardgas volgt nu met 468 terawattuur (17,2 procent) op de derde plaats.

Meer over dit onderwerp:

Posted in energie | Reacties uitgeschakeld voor Hernieuwbare bronnen belangrijkste sector op Europese elektriciteitsproductie

Wereldwijde luchtvracht heeft uitstoot op vijf jaar met kwart verhoogd

Posted by managing21 on juli 1st, 2024

Het voorbije jaar hebben de vervoerders van luchtvracht ongeveer 300.000 vluchten meer uitgevoerd dan vijf jaar geleden. Dat vertegenwoordigt een stijging met bijna 30 procent. Dat blijkt uit een analyse van de belangenorganisatie Stand.earth. Er wordt aan toegevoegd dat de uitstoot van broeikasgassen door de vluchten over dezelfde periode met 25 procent is toegenomen. De Verenigde Staten zouden verantwoordelijk zijn voor ruim 40 procent van de uitstoot.

“De toename van de luchtvracht is een nieuwe bedreiging voor het klimaat en de menselijke gezondheid”, merkt onderzoeker Devyani Singh op. “Vervoerders moeten hun afhankelijkheid van luchtvracht beëindigen en hun trafieken verschuiven naar uitstootarme transporttypes zoals de scheepvaart en het spoorvervoer. Luchtvracht stoot naar schatting immers tachtig keer meer koolstofdioxide uit dan een verzending met een schip of vrachtwagen. Luchtvracht is daardoor één van de meest uitstootintensieve transportmethodes.

Amazon heeft de uitstoot van luchtvracht op vijf jaar tijd verdubbeld. – Foto: Amazon

De onderzoekers schrijven de scherpe stijging van de luchtvracht toe aan verschuivingen in de internationale economie na de uitbraak van de covid-pandemie en hernieuwde verwachtingen van de consumenten op het gebied van e-commerce, waar een snelle verzending de standaard is geworden. Daarbij wordt erop gewezen dat Amazon Prime inmiddels wereldwijd door meer dan 200 miljoen mensen wordt gebruikt.

Verstoringen in toeleveringsketen

Opgemerkt wordt dat luchtvracht voor de uitbraak van de covid-pandemie vooral voor bederfbare goederen, tijdgevoelige leveringen en luxe artikelen. Verstoringen in de toeleveringsketen veroorzaakt door de covid-pandemie, hebben echter geleid tot een ongekende toename van het aantal niet-bederfelijke en minder waardevolle goederen die per luchtvracht werden vervoerd. Volgens de onderzoekers zijn er twee redenen voor de toegenomen uitstoot.

Voor de uitbraak van de pandemie werd vracht vaak vervoerd in het ruim van passagiersvliegtuigen. De daling van de vraag naar internationale vliegreizen voor het vervoer van personen tijdens de pandemie heeft bovendien geleid tot een uitbreiding van de vloot vrachtvliegtuigen. Dat fenomeen is na de pandemie echter niet opnieuw gedaald, ook al is het transport van goederen in het ruim van passagiersvliegtuigen opnieuw hersteld.

De onderzoekers merken op dat luchtvracht het voorbije jaar een uitstoot van 93,8 miljoen ton koolstofdioxide heeft veroorzaakt. Dat vertegenwoordigde een stijging met 25 procent tegenover vijf jaar geleden. De uitstoot van de vracht in het ruim van passagiersvliegtuigen heeft inmiddels bijna 90 procent bereikt van het niveau dat vijf jaar geleden werd genoteerd.

FedEx en United Parcel Service (UPS)  waren vorig jaar verantwoordelijk voor 24,7 procent van de totale uitstoot van de sector. Anderzijds blijkt Amazon een van de snelste groeiers in het vervoer van luchtvracht. Die maatschappij heeft zijn uitstoot op vijf jaar tijd verdubbeld. Er wordt geraamd dat 99,8 procent van de vliegtuigbrandstof wordt geproduceerd uit fossiele brandstoffen, waarbij de opschaling van uitstootarme alternatieve als een ver vooruitzicht wordt bestempeld. Onderzoek vorig jaar voorspelde dat het wereldwijde pakketvolume eind dit decennium zou kunnen toenemen tot 800 miljard pakketten per jaar, vergeleken met 315 miljard eenheden twee jaar geleden. Er wordt aan toegevoegd dat de sector een robuuste groei laat noteren.

Transparanter

Stand.earth werpt op dat luchtvaartmaatschappijen transparanter moeten worden over de impact van hun activiteiten, zodat ze het consumentengedrag zouden kunnen beïnvloeden. Daarbij vraagt de organisatie dat de maatschappijen prognoses over de toename van de trafieken en uitstoot zouden publiceren, waarbij ook een tijdlijn zou moeten worden aangegeven voor de adoptie van oplossingen om hun emissies te reduceren. “De grote drie vertegenwoordigers van de sector – UPS, Fedex en Amazon – hebben een bijzondere verantwoordelijkheid jegens aandeelhouders en klanten om de kwaliteit en reikwijdte van hun emissierapportage te verbeteren”, wordt er opgemerkt.

Naast een overstap naar de scheepvaart en het spoorvervoer, zou ook de elektrificatie van de vliegtuigen een optie kunnen zijn, hoewel wordt opgemerkt dat deze doelstellingen nog jaren op zich zullen laten wachten. Er wordt aan toegevoegd dat bedrijven niet voldoende hebben geïnvesteerd in de ontwikkeling en adoptie van deze technologie. Ook duurzame vliegtuigbrandstof zou een oplossing kunnen helpen bieden, maar volgens Stand.earth rijzen daarbij verschillende problemen. “Deze optie biedt de industrie meer ruimte om zijn huidige praktijken te verlengen”, wordt er opgemerkt. “Alternatieve brandstoffen dragen in werkelijkheid bovendien weinig bij tot het terugdringen van de uitstoot.”

“Een overstap naar alternatieve brandstoffen levert slechts een beperkte daling van de emissies op”, wordt er nog opgemerkt. “Bovendien vergen biobrandstoffen belangrijke oppervlaktes landbouwgrond op, waardoor het alaam voor de productie van voedsel dreigt in te krimpen. Synthetische brandstoffen en e-fuels bieden het grootste potentieel om de uitstoot te verminderen, maar de technologie moet nog verder worden verfijnd om als een efficiënte oplossing te kunnen worden beschouwd.”

Stand.earth wijst erop dat eind dit decennium een belangrijke deadline betekent voor de wereldwijde inspanningen om de uitstoot te beperken. “Veel bedrijven hebben retorische toezeggingen gedaan om de uitstoot in de tweede helft van het decennium te verminderen, maar hun activiteiten op het vlak van luchtvracht tonen dat er weinig vooruitgang is geboekt”, voert de organisatie aan.

Meer over dit onderwerp:

Posted in luchtvaart & ruimtevaart, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Wereldwijde luchtvracht heeft uitstoot op vijf jaar met kwart verhoogd

Drinkgedrag wordt sterk beïnvloed door lokale gewoontes

Posted by managing21 on juni 30th, 2024

Het drinkgedrag van de bevolking kan worden gelinkt aan een aantal stabiele clusters die gedeeltelijk door de geografische ligging van de locatie lijkt te worden betaald. Dat is de conclusie van een onderzoek van wetenschappers van de Society for the Study of Addiction, gebaseerd op een analyse van de drinkpatronen in de verschillende Europese regio’s de voorbije twee decennia.

In het algemeen kunnen volgens de onderzoekers zes lokale drinkpatronen worden vastgesteld. “In eerste instantie kunnen een aantal wijndrinkende landen worden geïdentificeerd”, merken de wetenschappers op. “Tot deze groep behoren Frankrijk, Griekenland, Italië, Portugal en Zweden. Deze naties worden gekenmerkt door de hoogste consumptie van wijnen en het laagste verbruik van bieren en sterke dranken. Tegelijkertijd worden deze landen door de laagste totale alcoholconsumptie gekenmerkt.”

In een aantal landen blijkt een duidelijke voorkeur voor bier. – Foto: Pixabay/MisterPittinger

“Daarnaast zijn er een aantal regio’s waar veel bier en weinig sterke dranken worden geconsumeerd. Tot deze categorie behoren Oostenrijk, België, Denemarken, Duitsland, Nederland, Noorwegen, Slovenië en Spanje. Deze regio’s worden gekenmerkt door een hoge consumptie van bier, een relatief lage consumptie van sterke drank. Deze populaties blijken bovendien de hoogste consumptie in het buitenland te laten optekenen. Maar er zijn ook landen die gekenmerkt worden door een grote consumptie van bieren, maar moeten ook vaak bingedrinken melden. Deze fenomenen kunnen worden opgemerkt in Kroatië, Tsjechië, Hongarije, Polen, Roemenië en Slowakije. Deze landen laten een hoog algemeen alcoholverbruik noteren en registreren de hoogste bierconsumptie van Europa. Er moet hier echter ook een hoge prevalentie van zwaar incidenteel alcoholgebruik worden gemeld.”

Een volgende categorie omvat locaties met een hoge consumptie van sterke dranken. Dit fenomeen moet vooral worden opgemerkt in de Baltische staten Estland, Letland en Litouwen. Deze regio wordt gekenmerkt door de hoogste consumptie van sterke drank, maar ook door een hoge bierconsumptie, resulterend in de hoogste totale alcoholconsumptie van Europa. Tegelijkertijd laat deze regio de laagste wijnconsumptie van Europa optekenen. Er is hier volgens de onderzoekers ook weinig sprake van bingedrinken, hoewel er een regelmatige consumptie van sterke drank moet worden geregistreerd.

Anderzijds zijn er ook landen waar een hoge alcoholconsumptie moet worden opgetekend, maar waar er ook sprake is van lange periodes van onthouding. Tot deze groep behoren Oekraïne, Bulgarije en Cyprus. Deze landen worden gekenmerkt door de laagste prevalentie van drinkers en de hoogste prevalentie van geheelonthouders. Er is hier echter ook sprake van een hoge en regelmatige consumptie van sterke drank. Tenslotte zijn er ook landen met een hoge prevalentie van regelmatig drankverbruik en bingedrinken. Deze groep omvat Finland, IJsland, Ierland, Luxemburg en Malta. Deze landen tellen de hoogste percentages aan drinkers en worden ook het vaakst met bingedrinken geconfronteerd.

Nagenoeg ongewijzigd

De onderzoekers merken op dat deze onderscheiden clusters de voorbije twee decennia ongeveer ongewijzigd zijn gebleven. Over die periode bleek tweederde van de onderzochte landen voor alle metingen in hetzelfde cluster. “De studie vond daarbij ook significante verbanden tussen de onderscheiden drinkpatronen en volksgezondheid. Landen met een hoge consumptie van sterke drank of een hoge prevalentie van drankmisbruik – Estland, Letland, Litouwen, Oekraïne, Bulgarije en Cyprus – melden daarbij de hoogste gemiddelden van inwoners die door de consequenties van de consumptie zware gezondheidsschade of een vroegtijdig overlijden dienden te vrezen.

“De specifieke drinkpatronen van Europa lijken diep geworteld te zijn in de cultuur en zijn daarom moeilijk te veranderen”, merkt onderzoeksleider Jürgen Rehm op. “Omdat drinkpatronen sterk geassocieerd zijn met gezondheidsschade en vroegtijdige overlijdens, moeten er strategieën worden gevonden om de patronen van de clusters die het zwaarst door de negatieve consequenties worden getroffen, te veranderen. Er is een alcoholbeleid beschikbaar om deze verandering door te drukken. Deze strategieën zouden voor alle Europese landen moeten worden overwogen, aangezien aangezien het algemene drinkpatroon in deze regio nog steeds een hoog niveau laat optekenen.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in gezondheid, voeding & horeca | Reacties uitgeschakeld voor Drinkgedrag wordt sterk beïnvloed door lokale gewoontes

Barcelona wil verhuur appartementen aan toeristen verbieden

Posted by managing21 on juni 30th, 2024

Over vier jaar zal in Barcelona, één van de belangrijkste Spaanse vakantiebestemmingen, de verhuur van appartementen aan toeristen worden verboden. Dat heeft Jaume Collboni, de socialistische burgemeester van Barcelona, aangekondigd. Momenteel hebben in Barcelona 10.101 appartementen een vergunning voor een verhuur op korte termijn. In november 2028 zullen die licenties echter worden ingetrokken. Met deze maatregel wil de overheid de stijgende kosten voor huisvesting in Barcelona in toom houden en de stad leefbaar maken voor de lokale bevolking.

“De verhuur van appartementen op korte termijn is wellicht het grootste probleem waarmee Barcelona wordt geconfronteerd”, beklemtoonde Collboni. “Door de nieuwe maatregel zullen appartementen voor een verhuur aan toeristen uit de stad verdwijnen.” De hausse aan verhuur op korte termijn zorgde er in Barcelona, in Spanje de meest populaire stedelijke bestemming voor buitenlandse toeristen, voor dat sommige bewoners zich geen appartement konden veroorloven. De huurprijzen zijn de voorbije tien jaar immers met 68 procent gestegen. Ook de kosten voor de aankoop van een huis zijn tijdens diezelfde periode met 38 procent opgelopen. “Toegang tot huisvesting is een aanjager van ongelijkheid geworden”, merkte Collboni. “Dat geldt vooral voor jongeren.”

Barcelona kondigt sterkere maatregelen tegen overtoerisme aan. – Foto: Pixabay/Kristina Spisakova

Het toerisme biedt aanzienlijke voordelen voor de economie van een land. Dat geldt zeker voor Spanje, dat op het gebied van toerisme wereldwijd tot de drie meest populaire landen behoort. De prijzen voor de huur of aankoop van vastgoed kunnen op die populaire locaties sterk oplopen. Hierdoor blijken in sommige gebieden de prijzen echter te duur zijn geworden voor de lokale bevolking. In die regio’s is er dan ook vaak sprake van gentrificatie. Eigenaars tonen vaak een voorkeur voor een lucratieve verhuur aan toeristen. Deze problemen zijn in verschillende Europese toeristische regio’s aan de oppervlakte gekomen. Lokale overheden hebben de voorbije tien jaar al een aantal beperkingen op de verhuur op korte termijn aangekondigd. Dat geldt onder meer op de Canarische Eilanden, Lissabon en Berlijn.

Collboni merkte op dat de betrokken appartementen aan inwoners van de stad zullen worden verhuurd of voor een verkoop op de markt zullen worden gebracht. De lokale overheid kondigde aan dat er na de invoering van het verbod een sterk inspectieregime zou worden gehandhaafd om potentiële illegale appartementen voor toeristen op te sporen. Isabel Rodriguez, de Spaanse minister van huisvesting, heeft al aangekondigd het besluit van Barcelona te steunen. “Er moet voor gezorgd worden dat alle noodzakelijke inspanningen worden gedaan om de toegang tot betaalbare woningen te garanderen”, wierp de minister daarbij op.

Technologiecentrum 

Niet iedereen is echter opgetogen over de maatregel die Barcelona heeft aangekondigd. “Collboni maakt een fout die zal leiden tot een hogere armoede en werkloosheid”, merkte Apartur, de vereniging voor toeristische appartementen in Barcelona, in een reactie op. “Het verbod zal leiden tot een toename van appartementen die op een verdoken manier aan toeristen worden verhuurd.”

In de populairste wijken van de stad werd sinds het midden van het voorbije decennium de opening van nieuwe hotels door het toenmalige stadsbestuur verboden. Collbone heeft echter aangegeven deze beperking te willen versoepelen. De voorbije jaren was in Barcelona al een verbod op bijkomende appartementen voor toeristen gehanteerd. Acht jaar geleden gaf de lokale overheid de opdracht om 9.700 illegale appartementen voor toeristen te sluiten. Inmiddels zijn al bijna 3.500 appartementen toegewezen om als primaire huisvesting voor de lokale bevolking te kunnen worden gebruikt. Al deze maatregelen hebben echter niet kunnen verhinderen dat het aantal toeristen in Barcelona is blijven toenemen.

Barcelona kampt al jaren met een beperkt woningaanbod. Dat moet volgens een aantal partijen echter niet alleen aan het toerisme worden toegeschreven, want volgens hen moet er ook worden gewezen naar de groeiende status van de stad als technologiecentrum, waardoor buitenlandse werknemers worden aangetrokken. De nieuwbouw heeft de toegenomen vraag niet bijgehouden, waardoor de prijzen omhoog zijn gegaan. Dit heeft vele inwoners van Barcelona verplicht om de stad te verlaten.

Meer over dit onderwerp:

Posted in toerisme | Reacties uitgeschakeld voor Barcelona wil verhuur appartementen aan toeristen verbieden

Wereld registreert toenemend aantal rechtszaken rond klimaatdossiers

Posted by managing21 on juni 30th, 2024

Sinds het midden van het voorbije decennium zijn wereldwijd ongeveer 230 klimaatgerelateerde rechtszaken tegen bedrijven en sectororganisaties aangespannen. De meeste rechtszaken die tot nu toe al werden afgerond, bleken op een succes voor de klagende partijen te zijn geëindigd. Dat blijkt uit een analyse van het Grantham Research Institute on Climate Change and the Environment. Er wordt aan toegevoegd dat het aantal klachten ook snel toeneemt. Twee derde van de onderzochte dossiers werd immers na de start van dit decennium ingediend. 

Een van de snelst groeiende types van rechtszaken heeft betrekking op climate-washing, waarbij bedrijven ervan worden beschuldigd een verkeerde voorstelling van zaken te geven van hun voortgang op weg naar milieudoelstellingen. Uit de analyse bleek dat vorig jaar 47 dossiers rond climate-washing werden ingediend.

Klimaatgeschillen kunnen op de waarde van bedrijven wegen. – Foto: Pixabay/Catazul

“Omdat de klimaatcommunicatie van bedrijven en sectoren steeds meer onder de loep wordt genomen, worden er bij de rechtbanken ook alsmaar vaker dossiers rond climate-washing ingediend”, voeren de onderzoekers aan. “Dat leidt ook vaak tot positieve uitkomsten voor de partijen die de klachten aanhangig hebben gemaakt. Sinds het midden van het voorbije decennium werden 140 dossiers rond climate-washing beoordeeld. Van dat pakket werden al 77 klachten officieel afgerond, waarbij 54 uitspraken in het voordeel van de eisers werden gedaan.

Er wordt nog opgemerkt dat vorig jaar ruim dertig dossiers werden behandeld waarbij bedrijven werden aangeklaagd wegens inbreuken tegen het principe dat de vervuiler de kosten van de pollutie betaalt en waarbij ondernemingen aansprakelijk worden gesteld voor de klimaatschade die aan de hoge uitstoot van broeikasgassen is te wijten. Daarnaast werden ook zes dossiers ingediend rond geldstromen naar activiteiten die de realisatie van klimaatdoelstellingen belemmeren.

Verenigde Staten

De Verenigde Staten bleken verantwoordelijk voor de overgrote meerderheid van de rechtszaken die het voorbije jaar werden aangespannen. In totaal werden het voorbije jaar 129 Amerikaanse dossiers gemeld. Het Verenigd Koninkrijk eindigde met 24 gedingen op de tweede plaats, gevolgd door Brazilië met 10 rechtszaken. Verder werden in Panama en Portugal voor de eerste keer klimaatdossiers behandeld. Dit betekent dat inmiddels 55 landen klimaatdossiers hebben ingediend. Daarbij moet worden vastgesteld dat steeds meer rechtszaken in het zuidelijke deel van de wereld is gesitueerd. Die regio vertegenwoordigt inmiddels 8 procent van alle ingediende dossiers.

Terwijl het merendeel van de rechtszaken rond het klimaat nog steeds tegen overheden wordt aangespannen, wordt een toenemend aantal dossiers tegen bedrijven neergelegd, waardoor er een onevenwicht is ontstaan tussen de Verenigde Staten en de rest van de wereld. Berekend werd dat in andere landen 40 procent van de dossiers betrekking had op bedrijven. In de Verenigde Staten bleek dat cijfer echter tot amper 15 procent terug te vallen. 

De onderzoekers merken op dat in een aantal dossiers al sprake was van blijvende gevolgen hebben op het binnenlandse klimaatbeheer, maar werpen op dat de implicaties op de lange termijn, onder meer in klachten wegens climate-washing, onduidelijk blijven.

Een rapport dat vorig jaar door het United Nations Environment Programme (Unep) en het Sabin Center for Climate Change Law aan de Columbia University werd gepubliceerd, benadrukte het belang van rechtszaken voor klimaatactie over de hele wereld. “Klimaatgeschillen zijn een onmiskenbaar belangrijke trend geworden in de manier waarop belanghebbenden de klimaatactie en verantwoordingsplicht willen bevorderen”, zegt Andy Raine, hoofd  internationaal milieurecht bij de Unep.

Recht op zuiver leefmilieu

Een van de meest prominente rechtszaken het voorbije jaar was de uitspraak in Montana, waarin een rechter oordeelde ten gunste van de aantijgingen van een aantal jonge inwoners van Montana, die beweerden dat overheidsfunctionarissen door de promotie van fossiele brandstoffen inbreuk hadden gemaakt op hun recht op een zuiver en gezond leefmilieu.

Recent heeft het Britse Hooggerechtshof een baanbrekende uitspraak gedaan waarin wordt geoordeeld dat de emissie-impact van het verbranden van steenkool, olie en gas moet worden meegewogen in bouwaanvragen voor nieuwe winning-projecten, nadat een lokale campagnevoerder zich had verzet tegen het besluit van de provincieraad van Surrey om een bouwvergunning te verlenen voor de aanleg van een olieboorput bij Horse Hill.

Rechtszaken tegen bedrijven zijn minder ingeburgerd, maar hebben toch wel enig succes geboekt bij het veranderen van het gedrag van ondernemingen. Onder meer Shell, de Nederlandse Koninklijke Luchtvaartmaatschappij (KLM) en de Australische oliemaatschappij Santos werden al het doelwit van een rechtszaken. Vorig jaar bleek uit een rapport van de London School of Economics and Political Science dat dossiers rond klimaatgeschillen of ongunstige rechterlijke uitspraken de waarde van bedrijven op de aandelenmarkt met gemiddeld 0,41 procent verminderden.

Meer over dit onderwerp:

Posted in milieu | Reacties uitgeschakeld voor Wereld registreert toenemend aantal rechtszaken rond klimaatdossiers

Chinese automerken rekenen eind dit decennium op één derde wereldwijde verkopen

Posted by managing21 on juni 29th, 2024

Chinese automerken zullen eind dit decennium één derde van de jaarlijkse wereldwijde autoverkoop voor hun rekening nemen. Dat blijkt uit een rapport van consulent AlixPartners. Dit jaar zullen de Chinese merken volgens AlixPartners een aandeel van 21 procent hebben in de wereldwijde autoverkoop. Verwacht wordt dat de Chinese autofabrikanten eind dit decennium jaarlijks negen miljoen voertuigen in het buitenland zullen verkopen.

De Chinese autofabrikanten zullen volgens AlixPartners de ontwikkeling van nieuwe modellen beduidend versnellen. Daarbij zou momenteel nog sprake zijn van een periode van maximaal twee jaar. “Dit zal de traditionele autofabrikanten dwingen de manier waarop ze voertuigen ontwerpen en engineeren drastisch te vernieuwen”, geeft Mark Wakefield, bij AlixPartners analist voor de autosector. “Daarbij zullen alternatieven voor de huidige praktijken moeten worden gevonden. Het zal geen zin hebben om de huidige activiteiten sneller te laten verlopen.”

Chinese autobouwers hebben een aanzienlijke voorsprong opgebouwd in de opkomende technologieën. – Foto: Pixabay/A. Krebs

Volgens AlixPartners kunnen de Chinese merken op een kostenvoordeel van 35 procent rekenen, waardoor ze in Europa en andere regio’s voldoende flexibiliteit hebben om hun prijzen te verlagen en daarmee de invoertarieven te compenseren. “Chinese fabrikanten hebben lagere arbeidskosten en kunnen rekenen op een hoge verticale integratie, waardoor het hele proces – van de aanvoer van grondstoffen en componenten tot de eindassemblage en verkoop – kan worden versneld”, werpt AlixPartners op. 

“Chinese merken hechten meer waarde aan functies die klanten daadwerkelijk kunnen ervaren, zoals het design en de technologie op het dashboard”, geven de onderzoekers aan. “Bovendien zijn de Chinese fabrikanten meedogenloos gefocust op het behoud van hun kostenvoordeel, zelfs wanneer ze fabrieken in het buitenland bouwen. Daarnaast hebben ze een aanzienlijke voorsprong opgebouwd in de opkomende technologieën voor elektrische en hybride voertuigen. Autofabrikanten die verwachten om op hun traditionele werkmethodes te kunnen blijven rekenen, zullen meer dan op een ruw ontwaken moeten vrezen. Wanneer ze niet ingrijpen, zullen ze snel verouderen.”

Chinese thuismarkt

De Chinese merken genieten volgens AlixPartners bovendien ook op hun thuismarkt een sterke groei. “Dit jaar zal de verkoop in China een niveau van naar schatting 26,7 miljoen voertuigen laten optekenen”, wordt er opgemerkt. “In 2030 zal dat volume wellicht tot meer dan 32 miljoen voertuigen zijn opgelopen. Ongeveer 70 procent van de omzet die de autosector in China realiseert, zal door Chinese merken worden gerealiseerd. De Chinese markt kent een sterkere groei dan alle andere markten samen.” Er wordt wel aan toegevoegd dat de Chinese fabrikanten kunnen profiteren van meer dan 230 miljard dollar aan rechtstreekse en onrechtstreekse subsidies die door de Chinese overheid het voorbije decennium zijn toegekend.

Verder merkt AlixPartners op dat de autoverkoop in de Verenigde Staten dit jaar een stijging met 3 procent zal laten optekenen. Voertuigen met een traditionele verbrandingsmotor zullen nog slechts 35 procent van de totale omzet vertegenwoordigen. Elektrische en hybride wagens zouden een marktaandeel van 41 procent kunnen laten optekenen. Wereldwijd zal volgens het rapport de verkoop van elektrische en hybride voertuigen dit jaar een stijging met 32 procent laten noteren. Tegen eind dit decennium zouden deze voertuigen 45 procent van de totale markt voor zich opeisen. In Europa zou de omzet dit jaar nog 2 procent oplopen. De volgende drie jaar zou er vervolgens nog telkens een marginale groei van ongeveer 1 procent laten optekenen. Het grootste deel van de Europese marktgroei zou in Oost-Europa worden gerealiseerd.

Verder wordt nog opgemerkt dat de batterijpakketten voor geëlektrificeerde voertuigen door chemische innovatie en een verlaging van de materiaalprijzen snel zuiniger zullen worden. De grondstofkosten kennen volgens AlixPartners wel een daling, maar er wordt aan toegevoegd dat traditionele voertuigen met een verbrandingsmotor nog steeds een groot kostenvoordeel hebben. AlixPartners schat dat de materiaalkosten van elektrische voertuigen 85 procent hoger liggen dan bij de wagens met een brandstofmotor.

Meer over dit onderwerp:

Posted in automotive | Reacties uitgeschakeld voor Chinese automerken rekenen eind dit decennium op één derde wereldwijde verkopen