managing21.be

Managing21: een blik op het heden en de toekomst van de economie.

Archive for the 'industrie' Category

China is weer zink-exporteur

Posted by managing21 on 29th januari 2007

China is in 2006 voor het eerst in drie jaar weer een exportland van zink geworden. Het land is de grootste zinkproducent van de wereld, maar moest de voorbije jaren enorme hoeveelheden zink invoeren om de vraag op de binnenlandse markt te kunnen beantwoorden. Dat zorgde voor druk op de wereldwijde zinkvoorraad en joeg de prijzen naar recordhoogtes.

Het voorbije jaar lag de zinkexport van China 7.000 ton hoger dan de import. “Volgens Chinese analisten zou die trend zich dit jaar nog duidelijker doorzetten,” aldus het persbureau Bloomberg. Door de grote Chinese vraag waren de wereldwijde zinkvoorraden tot een absoluut laagtepunt in meer dan vijftien jaar gekomen, maar zouden inmiddels weerd 17 procent zijn gestegen.

De evolutie zou ook de zinkprijs, die het voorbije jaar meer dan verdubbeld was, ook opnieuw doen dalen. De daling van het Chinese zinkverbruik is volgens Bloomberg vooral te wijten aan de dure grondstofprijzen, waardoor een aantal producenten op andere grondstoffen overschakelden omdat zij die prijzen niet meer konden betalen.

Op 10 november vorig jaar steeg de zinkprijs op de London Metal Exchange tot een recordhoogte van 4.580 dollar per ton. Daarmee was zink na nikkel de duurste grondstof die op de Londense beurs werd verhandeld. Inmiddels is de prijs gedaald tot 3.610 dollar per ton. China exporteerde het voorbije jaar 325.000 ton zink, tegenover 146.000 het jaar voordien. De invoer zakte van 621.000 ton naar 318.000 ton.

De Chinese overheid heeft vorig jaar echter exportheffingen opgelegd aan de export van olie, staal en een aantal non-ferro metalen. Daarmee hoopte de Chinese regering zijn handelsoverschot te beperken en te beantwoorden aan de vraag op de binnenlandse markt. Daardoor wordt het volgens analisten weinig waarschijnlijk dat China zal uitgroeien tot een grote exporteur van zink. Het land wil immers zijn grondstoffen bewaren om de economische groei op lange termijn te ondersteunen.

Posted in handel, industrie | Reacties uitgeschakeld voor China is weer zink-exporteur

Shell wil meer Canadese olie

Posted by managing21 on 26th januari 2007

Het olieconcern Shell wil meer olie halen uit de Canadese teerzanden die het bedrijf exploiteert. De top van het bedrijf heeft bekend gemaakt dagelijks 770.000 vaten olie te willen produceren. Eerst was een streefdoel van 500.000 vaten per dag vooropgesteld. Op dit ogenblik levert de Muskeg River Mine dagelijks 165.000 vaten olie op. De uitbreiding moet tegen 2010 klaar zijn.

De olievoorraden in de Canadese teervelden worden in open lucht ontgonnen. De olie in de bodem is vermengd met zand. Dat mengsel moet worden opgewarmd en gecentrifugeerd, zodat de olie zich scheidt van de grond. De productie zal telkens in blokken van 100.000 vaten per dag verhoogd worden. Maar daarnaast voorziet nog eens nieuwe winningsprojecten in de teervelden van Jackpine Mine en Pierre River Mine.

De uitbreidingsplannen van Shell moeten door de Canadese overheid nog wel goedgekeurd worden. Er komt eerst een studie over de impact van de projecten op het milieu. De oliewinning in teervelden vergt immers bijzonder veel energie en veroorzaakt een aanzienlijke uitstoot van koolstofdioxides. De timing van de projecten zal volgens Shell ook bepaald worden door de evolutie op de markt.

Posted in energie, industrie, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Shell wil meer Canadese olie

Amerikaanse grootbedrijven willen klimaatwetgeving

Posted by managing21 on 23rd januari 2007

Een groep Amerikaanse grootbedrijven wil dat de Amerikaanse president George W. Bush een nieuw klimaatbeleid volgt. Daarbij wordt gewezen naar de Europese Unie, waar volgens de bedrijven een voorbeeld kan genomen worden aan de emissiehandel. De groep bedrijven bestaat onder meer uit reuzen als General Electric, Alcoa en Dupont de Nemours.

De betrokken bedrijven eisen dat de Amerikaanse federale overheid een wettelijk voorgeschreven emissiehandel uitwerkt, zoals dat ook in de Europese Unie het geval is. Ze vrezen dat een aantal Amerikaanse staten eigenhandig met een nieuwe milieuwetgeving zou kunnen komen, wat volgens tot een een gigantishe bureaukratische chaos zou leiden. Californie heeft al een dergelijke wet, waarbij de uitstoot van koolstofdioxide tegen 2020 met een kwart moet zijn gedaald.

De Verenigde Staten hebben het Kyoto-protocol niet ondertekend. President George W. Bush en een aantal invloedrijke republikeinse senatoren vreesden immers voor de concurrentiekracht van de Amerikaanse economie indien het Kyoto-protocol geratificeerd zou worden. Sinds begin dit jaar hebben de democraten een meerderheid in het Amerikaanse Congress, waardoor een klimaatwetgeving wel mogelijk wordt.

De United States Climate Action Partnership (USCAP) van de tien betrokken bedrijven heeft zich aangesloten bij Nancy Pelosi, de democratische leider in het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden. Die wil tegen de helft van dit jaar al naar voor komen met nieuwe wetsvoorstelling rond energiezekerheid en klimaatverandering. Het USCAP zegt de stijging van de uitstoot van broeikasgassen agressief te willen vertragen, stoppen en ombuigen.

Daarbij wordt aangestuurd op verplichte besparingen in alle sectoren die bijdragen tot de uitstoot van broeikasgassen. Het gaat daarbij om industriele vestigingen en het verkeer, maar ook in kantoren en private woningen. Het Amerikaanse Congres moet volgens het USCAP daarbij doelstellingen op korte en middellange termijn vastleggen. Voor de volgende vijftien jaar wil de organisatie de uitstoot met tien tot dertig procent verminderen.

Posted in energie, industrie, milieu, politiek | Reacties uitgeschakeld voor Amerikaanse grootbedrijven willen klimaatwetgeving

Sigarettenfabrikanten verhogen nicotinegehalte

Posted by managing21 on 18th januari 2007

Van 1998 tot 2005 is het nicotinegehalte in sigaretten toegenomen met elf procent. Dat blijkt uit een onderzoek van de Amerikaanse Harvard School of Public Health. De onderzoekers stellen dat deze evolutie een tabak-pandemie veroorzaakt die het rokers moeilijker maakt om te stoppen. Ook het Massachusetts Department of Public Health was al tot de vaststelling gekomen dat het nicotinegehalte in sigaretten gestaag stijgt.

Volgens de Harvard-studie steeg het nicotinegehalte, ongeacht het merk, sinds 1998 met gemiddeld 1,6 procent per jaar. Massachusetts verplicht de tabaksbedrijven om jaarrapporten in te dienen over het nicotine-gehalte in hun tabaksproducten. Daarmee was het de eerste Amerikaanse staat die een dergelijke verplichting invoerde.

“Sigaretten zijn bijzonder fijn afgestemde drugproducten die de bedoeling hebben om een tabakspandemie te veroorzaken,” aldus Howard Koh, decaan van de Harvard School of Public Health, tegenover het persbureau Reuters. “Om geinhaleerde nicotinegehalte te verhogen, hebben de fabrikanten hogere concentraties nicotine in hun tabak gestopt.”

Bovendien blijken de fabrikanten de sigaretten op een andere manier ontworpen te hebben, zodat er meer trekjes gedaan worden aan de sigaret. “Dat alles resulteert in een product dat meer verslavend is geworden,” aldus de onderzoekers. De fabrikanten stellen echter dat het nicotinegehalte in sigaretten van jaar tot jaar varieert, maar dat er van een constante stijging geen sprake kan zijn.

In 2005 is de verkoop van sigaretten in de Verenigde Staten met 4,2 procent gedaald tegenover het jaar voordien. Dat is de grootste achteruitgang sinds 1999. “Maar de resultaten van het onderzoek tonen aan dat de sector nog altijd probeert rokers verslaafd te maken,” aldus de Harvard School of Public Health. “Men heeft helemaal niets gezegd over het verhoogde nicotinegehalte.”

Posted in gezondheid, industrie | Reacties uitgeschakeld voor Sigarettenfabrikanten verhogen nicotinegehalte

Gehoorverlies belangrijkste beroepziekte van Europa

Posted by managing21 on 18th januari 2007

In Europa worden dagelijks ongeveer 35 miljoen mensen blootgesteld aan beschadigende geluidsniveau’s in industriele bedrijven. Dat stellen de organisatoren van een tentoonstelling rond gehoorschade in het Provinciaal Veiligheidsinstituut Antwerpen (PVI). Daarbij wordt opgemerkt dat gehoorverlies ten gevolge van lawaai de meest gemelde onomkeerbare beroepsziekte van de Europese Unie vormt.

“Eén op de vijf werknemers in Europa moet minstens de helft van de werktijd zijn stem verheffen om gehoord te worden,” aldus nog het Provinciaal Veiligheidsinstituut. “Ongeveer zeven procent van de werknemers lijdt aan een arbeidsgebonden gehoorstoornis. In Belgie staat gehoorverlies op de tweede plaats bij de beroepsziekten waarvoor in 2003 een vergoeding werd toegekend.”

Lawaai vormt volgens het PVI vooral een probleem in fabrieken en in de bouw. “Ruim 40 procent van de werknemers in fabrieken en 35 procent van de werknemers in de bouw worden tijdens meer dan de helft van de werktijd aan hoge geluidsniveau’s blootgesteld.”

Maar lawaai kan volgens het PVI ook in andere sectoren een probleem vormen, gaande van landbouw en transport tot onderwijs en horeca. Opgemerkt wordt dat in de industrie de nodige veiligheidsmaatregelen worden genomen om de werknemers te beschermen, wat echter helemaal niet het geval is in het dagelijkse leven. Meer informatie over de tentoonstelling is verkrijgbaar op de website www.provant.be/pvi.

Posted in gezondheid, industrie | Reacties uitgeschakeld voor Gehoorverlies belangrijkste beroepziekte van Europa

Indonesie wordt grootste steenkoolexporteur

Posted by managing21 on 12th januari 2007

Indonesie heeft zich quasi geluidloos opgewerkt tot de tweede grootste exporteur van steenkool voor het opwekken van elektriciteit. Nog dit jaar zou het land volgens een aantal experts Australie zelfs van de eerste plaats kunnen duwen. Maar die exportmarkt wordt ook bedreigd door de inheemse vraag naar energie en stagnerende buitenlandse investeringen.

Er moet volgens de experts een wet komen waardoor buitenlandse investeerders meer controle krijgen over de locale steenkoolwinning. Alleen op die manier kan Indonesie volgens hen gelijke tred houden met andere grotere exporteurs, zoals Columbia. Op dit ogenblik produceert Indonesie 167 miljoen ton steenkool per jaar. Dat is twintig keer meer dan in 1990.

Indonesische steenkool wordt uitgevoerd naar de Europese Unie, de Verenigde Staten, Japan, India en China. Dit laatste land is zelf een grote producent, maar voert steenkool in om zijn locale industrie te voeden. Op dit ogenblik wordt 73 procent van de Indonesische steenkoolproductie uitgevoerd. Door een verbeterde technologie, waardoor de uitstoot van koolstofdioxide wordt verminderd, is steenkool opnieuw een gegeerde grondstof voor energiecentrales geworden.

Bovendien is er door de groeiende economie van landen zoals India ook een steeds grotere vraag naar elektriciteit. “Met zijn grote steenkoolreserves, kan Indonesie daar heel wat profijt uit halen,” stippen experts aan. “Maar de beperkende wetgeving en mogelijke politieke risico’s vormen er rem op nieuwe investeringen van grote buitenlandse mijnbedrijven.”

Bovendien wil de Indonesische president Susilo Bambang Yudhoyono het land minder afhankelijk maken van olie, waardoor opnieuw een grotere nadruk wordt gelegd op de steenkoolproductie. Ook dat is een rem op de export.

Posted in energie, industrie | Reacties uitgeschakeld voor Indonesie wordt grootste steenkoolexporteur

Recordmaand voor Powernext Carbon

Posted by managing21 on 4th januari 2007

Tijdens de voorbije maand zijn op de emissiebeurs Powernext Carbon voor 5,8 miljoen ton koolstofdioxide rechten verhandeld. Dat is een absoluut record. De gemiddelde prijs voor één ton koolstofdioxide daalde op één jaar van vijftien naar vijf euro. Dat heeft de beurs bekend gemaakt. De prijsdaling heeft vooral te maken met een lagere uitstoot.

Powernext Carbon vertegenwoordigt zestig procent van de koolstofdioxide-markt van Europa. De beurs heeft het voorbije jaar in totaal rechten voor 31,448 miljoen ton verhandeld. In december ging het gemiddeld om 306.053 ton per dag. Tijdens de lente werd gesteld dat er in zes landen van de Europese Unie minder koolstofdioxide werd geproduceerd dan voorzien. Daardoor daalde de prijs per ton van vijftien naar vijf euro.

Powernext Carbon heeft zijn hoofdkwartier in Parijs en werd in januari 2005 opgericht. Met de verhandeling van emissierechten wil men het broeikaseffect en de opwarming van de aarde helpen bestrijden. Vervuilende bedrijven krijgen quota opgelegd op de uitstoot van broeikasgassen. Ze kunnen echter emissierechten kopen van minder vervuilende bedrijven, die hun quota niet opgebruiken.

Posted in industrie, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Recordmaand voor Powernext Carbon

Philips vreest zware schadeclaims

Posted by managing21 on 3rd januari 2007

Het elektronicabedrijf Philips blijkt in de jaren zestig een belangrijke producent van het ontbladeringsmiddel Agent Orange te zijn geweest. Het middel werd door het Amerikaanse leger ingezet tijdens de oorlog in Vietnam. Philips heeft de voorbije jaren al miljoenen euro schadevergoedingen betaald, maar vreest dat die claims nu in de richting van het miljard euro zouden kunnen gaan.

Agent Orange werd door het Amerikaanse leger gebruikt om de schuilplaatsen van de Vietcong-strijders bloot te leggen. Het middel was echter zwaar giftig en bevatte onder meer dioxine. Daardoor werden tienduizenden mensen vergiftigd. Het ging daarbij niet alleen om Vietnamese tegenstanders, maar ook om de eigen soldaten en onschuldige burgers.

Het middel werd geproduceerd door Thompson Hayward, een dochterbedrijf van Philips. Thompson Hayward verhandelde tot begin jaren tachtig ook ruwe asbest. Een aantal oude bedrijfsterreinen van de onderneming in de Verenigde Staten moeten door de overheid worden gesaneerd. Het voorbije jaar heeft Philips nog voor 265 miljoen euro gereserveerd voor schadeclaims.

Maar Philips vreest dat dit nog niet voldoende zal zijn. Er wordt zelfs gewag gemaakt van een totale schadelast van ruim één miljard euro.

Posted in gezondheid, industrie | Reacties uitgeschakeld voor Philips vreest zware schadeclaims

Familiebedrijven slaan terug

Posted by managing21 on 26th december 2006

Het bijna afgelopen jaar stond duidelijk in het teken van de familiebedrijven. Dat leidt het tijdschrift Manager Magazin af uit een aantal evoluties die de voorbije maanden konden worden opgetekend. Daarbij wordt onder meer gewezen naar de prestaties van een aantal Duitse bedrijven uit die sector en de evolutie op de Gex-afdeling van de Frankfurter Borse (DAX).

“Familiebedrijven hebben het voorbije jaar laten zien wat ze kunnen,” blikt Manager Magazin terug op de voorbije maanden. “Porsche heeft de macht gegrepen bij Volkswagen en Wacker heeft zich terug uitgekocht bij Aventis.” Daarnaast wijst het magazine erop dat de Gex-index op de Duitse beurs het beter heeft gedaan dan het gemiddelde van alle beurssecties.

De Gex-index noteert op de beurs van Frankfurt bedrijven waarvan 25 tot 75 procent van de aandelen nog steeds in eigendom zijn van families van de bedrijfsleiding. “Deze familiebedrijven zijn niet langer vooral overnameprooien,” aldus de Duitse bedrijfsconsulent Peter May. “Ze hebben de rollen dit jaar duidelijk omgedraaid.”

Daarmee verwijst hij onder meer naar autoconstructeur Porsche, die zich tot de belangrijkste aandeelhouder van Volkswagen heeft opgewerkt. “Dat heeft trouwens ook de andere VW-aandeelhouders geen nadeel opgelverd,” voegt hij er aan toe. “De waarde van het VW-aandeel is sinds het begin van dit jaar nagenoeg verdubbeld tot 84 euro. Op de Dax-beurs bedroeg de groei daarentegen gemiddeld slechts ongeveer 22 procent.”

Vele familiebedrijven beschikken volgens May door de goede zaken van de voorbije jaren over gevulde oorlogskassen. “De jonge generatie van familie-ondernemers beseft nu ook dat in de concurrentie ook de grootte telt en dat de internationalisering moet doorgedreven worden,” voert hij aan. Dat besef leidde tot eerder al tot belangrijke overnames, zoals die van FAG-Kugelfischer door de INA-Gruppe en MG Technologies door de industrieel Otto Happel.

De Hamburgse miljardair Gunther Herz zorgde onlangs voor sensatie door een gedeelte van sporartikelen-fabrikant Puma te kopen en vervolgens ook een tak van de Germanischer Lloyd over te nemen. Daarnaast kochten een aantal familiebedrijven zich ook opnieuw vrij uit grote industriele concerns. Wacker kocht zijn aandelen terug van Sanofi-Aventis en Weiss hield het voor bekeken als dochter van MAN.

De Duitse privébank Hauck & Aufhauser stelt dat eigenaars hun bedrijf met meer succes leiden dan aangestelde managers. “Eigenaars willen hun onderneming ook nog over tien of twintig jaar sterk en gezond zien,” aldus de bank. “Daarom zijn ze ook heel voorzichtig met hun plannen. Managers moeten daarentegen om de drie maanden kwartaalresultaten tonen en meestal lopen hun contracten ook niet langer dan vijf jaar.”

Manager Magazin wijst erop dat de beursevoluties de visie van Hauck & Aufhauser alvast lijken te ondersteunen. “Op de Dax-index werden vooral goede prestaties neergezet door bedrijven die nog voor een belangrijk gedeelte in handen van de oprichtersfamilie zijn,” benadrukt het tijdschrift. “Het BMW-aandeel steeg met ongeveer 15 procent, terwijl Metro met 20 procent groeide en Henkel zelfs met 30 procent.”

Gemiddeld deed de Gex-index het volgens Manager Magazin het voorbije jaar ongeveer vier procent beter dan de grote ondernemingen, nochtans het paradepaardje van de Dax-beurs.

Posted in industrie, management | Reacties uitgeschakeld voor Familiebedrijven slaan terug

Sierra Leone boos op diamantfilm

Posted by managing21 on 19th december 2006

Niet alleen de diamantindustrie is weinig opgezet met de film ‘The Blood Diamond’, want ook de regering van het Afrikaanse land Sierra Leone zegt dat de film met Leonardo DiCaprio de heropstanding van Sierra Leone na de aanslepende burgeroorlog in het gedrang zou kunnen brengen. Het land werd ooit bestempeld als één van een haard van bloeddiamanten en probeert zijn diamantexport op dit ogenblik wanhopig weer geloofwaardig te maken.

In ‘The Blood Diamond’ speelt Leonardo DiCaprio de rol van een gewezen huurliung die betrokken raakt bij diamantsmokkel in het Sierra Leone van de jaren negentig. Sierra Leone kende tussen 1991 en 2002 een zware burgeroolog, die gevoed werd door de illegale handel in diamanten, waarmee de RUF-rebellen hun wapenaankopen konden financieren. “Ik vrees dat de film een negatieve invloed zal hebben op de diamantindustrie van Sierra Leone,” vertelde minister van minerale grondstoffen Mohamed Swaray Deen.

“Wanneer de bioskoopbezoeker het geweld in de film ziet, moet hij weten dat Sierra Leone vandaag niets meer te maken heeft met die beelden,” aldus Swaray Deen. “Maar het is niet denkbeeldig dat hij er zich toch zou door laten leiden.” De opbrengsten van de diamantsector kunnen een enorme invloed hebben op de verdere ontwikkeling van Sierra Leone, het land met de hoogste kindersterfte van de hele wereld. Op dit ogenblik is het land nog steeds voor bijna de helft van zijn budget afhankelijk van buitenlandse hulp.

De oorlog in Sierra Leone was aanleiding voor het Kimberly Process van de Verenigde Naties. Dat heeft een methode ontwikkeld om ervoor te zorgen dat zogenaamde bloeddiamanten of conflictdiamanten niet op de zwarte markt kunnen worden verkocht om wapens te kopen. Het Kimberley Process heeft ervoor gezorgd dat de diamantexport van Sierra Leone van 10 miljoen euro in 2000 vorig jaar was gestegen tot 141 miljoen euro. De regering van Sierra Leone strijkt drie procent op van die uitvoer.

“Sinds 2001 heeft de regering van Sierra Leone een kwart van die inkomsten gereserveerd voor de Diamond Area Community Development Fund, die moet zorgen voor ontwikkelingsprojecten in de mijngebieden,” aldus Reuters. Minister Deen zegt dat er sinds de oorlog heel wat is gebeurd en dat de film ook daar aandacht aan had moeten besteden. Ook is men in Sierra Leone ontgoocheld dat de filmopnames waren gebeurd in Mozambique en Zuid-Afrika, terwijl het land een dergelijke opsteker best had kunnen gebruiken.

“De film is misschien negatief over ons land, maar hij had ook de schoonheid van Sierra Leone kunnen portretteren,” meende Cecil Williams, general manager van de National Tourist Board van het Afrikaanse land. “We hebben een uniek landschap en de aanwezigheid van een grote filmploeg had ook economisch iets kunnen bijbrengen.” Hij benadrukte dat Sierra Leone op toeristisch gebied heel wat te bieden heeft, met onder meer schitterende stranden en junglegebieden en ook zeldzame diersoorten.

Voor de burgeroorlog kende Sierra Leone een bloeiende toeristische industrie. In 1990 kwamen er 98.000 buitenlandse bezoekers naar het Afrikaanse land. In 2004 was dat teruggevallen tot amper 44.000, waarvan een groot deel bestond uit buitenlandse werkkrachten. Sierra Leone probeert nu ook buitenlandse investeerders aan te trekken. “Perceptie is dan ook heel belangrijk,” aldus Williams. “Wie de film bekijkt, gelooft dat de oorlog nog steeds aan de gang is.”

Williams benadrukt dat Sierra Leona een veilig land is, maar het synoniem is geworden van oorlog. Eerder had ook de internationale diamantindustrie al gereageerd op de lancering van de film. Conflictdiamanten zouden nu nog minder dan één procent van de diamantverkoop vertegenwoordigen, tegenover vijftien procent in het midden van de jaren negentig.

In West-Afrika wordt er volgens experts nog wel op kleine schaal diamant gesmokkeld, maar dat alleen in Ivoorkust, waar eveneens een burgeroorlog heerst, nog echt in conflictdiamanten gehandeld wordt. De diamantsmokkel in Ivoorkust zou een omzet halen van 9 miljoen tot 23 miljoen dollar.

Posted in industrie, media & cultuur, politiek, toerisme | Reacties uitgeschakeld voor Sierra Leone boos op diamantfilm