managing21.be

Managing21: een blik op het heden en de toekomst van de economie.

Archive for the 'milieu' Category

Hogere militaire uitgaven Navo hebben zware ecologische voetafdruk

Posted by managing21 on 15th september 2025

Een geplande uitbreiding van de militaire uitgaven door de lidstaten van de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie (Navo) kan in het volgende decennium leiden tot een extra uitstoot van 1,32 miljard ton broeikasgassen. Dat is vergelijkbaar met de jaarlijkse uitstoot van Brazilië, de vijfde grootste producent van emissies ter wereld. Dat blijkt uit een rapport van de organisatie Scientists for Global Responsibility (SGR).

Militaire activiteiten zijn bijzonder afhankelijk van fossiele brandstoffen, maar officiële gegevens over militaire emissies per land zijn vaak onvolledig of helemaal niet beschikbaar. Volgens het rapport van Scientists for Global Responsibility (SGR) blijkt echter dat elke extra 100 miljard dollar aan militaire uitgaven naar schatting 32 miljoen ton koolstofdioxide in de atmosfeer kan brengen.

Deze uitstoot komt zowel van directe bronnen – zoals gevechtsvliegtuigen, oorlogsschepen en gepantserde voertuigen – als van indirecte bronnen, waaronder het transport van materieel, complexe wereldwijde toeleveringsketens en de effecten van oorlogvoering zelf. 

Naar aanleiding van de invasie van Rusland in Oekraïne en de dreiging van Donald Trump om historische bondgenoten te verlaten – kondigde de Navo plannen aan om de militaire uitgaven van zijn lidstaten te verhogen tot 3,5 procent van het bruto binnenlands product (BBP). Deze ingreep maakt deel uit van een bredere doelstelling om de veiligheidsbestedingen van elk lidstaat tot op 5 procent van het bruto binnenlands product te brengen.

Het behalen van de groeidoelstelling van 3,5 procent zou volgens het rapport 132 miljoen ton koolstofdioxide extra uitstoot veroorzaken, ongeveer gelijk aan de jaarlijkse uitstoot van 345 gascentrales of aan de totale uitstoot van het olieproducerende land Oman. Deze geplande stijging komt bovenop een verhoging van de financiering van 200 miljard dollar die tussen 2019 en 2024 werd gerealiseerd en die al leidde tot een toename van naar schatting 64 miljoen ton koolstofdioxide in de militaire voetafdruk van de Navo.

“Het is buitengewoon moeilijk om te zien hoe de huidige en geplande stijging van de militaire uitgaven te rijmen valt met de noodzakelijke ingrijpende acties om gevaarlijke klimaatverandering te voorkomen”, wordt in het rapport van Scientists for Global Responsibility aangevoerd. 

Klimaatakkoorden

Militaire emissies zijn enorm, maar moeilijk te volgen, grotendeels door een gebrek aan transparantie en verplichte rapportage. Het voorspellen van de gevolgen van extra budgetten is bovendien onzeker. Toch werd aangevoerd dat in 2019 de totale militaire koolstofvoetafdruk ongeveer 5,5 procent van de wereldwijde emissies – exclusief broeikasgassen uit oorlogvoering en wederopbouw na conflicten – zouden hebben bedragen. Dat is meer dan de gecombineerde bijdrage van de civiele luchtvaart (2 procent) en scheepvaart (3 procent).

Sindsdien zijn de wereldwijde militaire uitgaven sterk gestegen. Het voorbije jaar werd daarbij een niveau van 2,72 biljoen dollar gemeld. Dat is de grootste besteding die sinds het einde van de Koude Oorlog werd genoteerd. De grootste stijging werd opgetekend in Israël, waar vorig jaar 46,5 miljard dollar aan defensie werd uitgegeven. Er wordt aan toegevoegd dat het defensiebudget van de Verenigde Staten volgend jaar een niveau van 1 biljoen dollar zal bereiken. Dat betekent een stijging met 17 procent tegenover de bestedingen vorig jaar.

De bevindingen van het rapport suggereren dat militaire expansie een belangrijke rol zal spelen bij het overschrijden van de doelstellingen van de Klimaatakkoorden van Parijs, waarbij werd vooropgesteld dat de opwarming van de aarde tot maximaal 1,5 graden Celsius boven het pre-industriële niveau moet worden beperkt.

“Er is een dringende behoefte aan een snelle decarbonisatie om de meest gevaarlijke effecten van de klimaatverandering te voorkomen”, benadrukte onderzoeksleider Stuart Parkinson, directeur van Scientists for Global Responsibility. “Recente en geplande programma’s rond herbewapening en oorlogen duwen de wereld echter in de tegenovergestelde richting.”

Het rapport adviseert dat landen met militaire uitgaven die boven de grens van 0,5 procent van het bruto binnenlandse product uitstijgen, verplicht moeten worden om betrouwbare gegevens aan de Verenigde Naties te rapporteren, schattingen van conflictgerelateerde emissies te ondersteunen en plannen te maken om fossiele brandstoffen te vervangen. Daarbij zouden technologische maatregelen moeten worden doorgevoerd, maar zouden ook andere initiatieven – waaronder vredesakkoorden, wapenbeheersing en initiatieven voor ontwapening – moeten worden genomen.

Meer over dit onderwerp:

Posted in industrie, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Hogere militaire uitgaven Navo hebben zware ecologische voetafdruk

Wereldwijde investeringen in hernieuwbare energie bereiken record

Posted by managing21 on 13th september 2025

De wereldwijde investeringen in nieuwe projecten voor hernieuwbare energie zijn in de eerste helft van dit jaar tot een recordniveau van 386 miljard dollar gestegen. Dat betekent een stijging met 10 procent tegenover dezelfde periode vorig jaar. Toch is de financiering van grootschalige onshore parken voor zonnekracht en windenergie op land juist gedaald. Dat blijkt uit een rapport van Bloomberg New Energy Finance (BNEF).

Volgens de analyse nam de financiering van grote projecten rond zonnekracht met 19 procent af. Onder meer China, Spanje, Griekenland en Brazilië lieten daarbij een sterke daling optekenen, veroorzaakt door toenemende capaciteitsproblemen op het net en een grotere blootstelling aan negatieve elektriciteitsprijzen. Deze factoren temperden de investeringsbereidheid, terwijl markten met stimulerende overheidsveilingen of een sterke vraag vanuit het bedrijfsleven juist meer investeringsactiviteit kenden.

Kleinschalige zonneprojecten wisten de daling gedeeltelijk op te vangen. Zulke installaties kunnen sneller worden uitgerold en zijn minder kwetsbaar voor beleidswijzigingen die de opbrengsten beïnvloeden. In China kenden de investeringen in kleinschalige zonnekracht bijna een verdubbeling, terwijl grote projecten er daarentegen – in aanloop naar nieuwe regelgeving die hernieuwbare energie blootstelt aan volatielere prijzen – met 28 procent terugvielen.

Offshore windenergie leverde eveneens een aanzienlijke bijdrage tot de nieuwe recordcijfers. De sector liet tijdens de eerste helft van dit jaar een investering van 39 miljard dollar optekenen. Dat bedrag ligt al boven het totaal dat het voordien over twaalf maanden werd genoteerd.

Volgens het rapport van Bloomberg hangt de financiering in deze sector sterk samen met de timing van grote projecten en overheidsveilingen, wat tot aanzienlijke schommelingen kan leiden. Hogere projectkosten buiten China droegen eveneens bij aan de stijging. “Investeerders heroverwegen hun kapitaalallocatie en richten zich op markten waar de rendementen het sterkst zijn,” aldus Meredith Annex, hoofd duurzame energie bij BloombergNEF. “De terugval in zonnekracht en onshore windenergie drukt zwaar op de pijplijnen en zal dit waarschijnlijk blijven doen.”

Amerikaanse presidentsverkiezingen

Bij de grote regio’s lieten de Verenigde Staten de scherpste daling registreren. Daar liep het investeringsvolume met ruim 20 miljard dollar (36 procent) terug in vergelijking met de tweede helft van vorig jaar. Die daling houdt verband met de Amerikaanse presidentsverkiezingen eind vorig jaar. Dat evenement zette veel ontwikkelaars aan om nog snel nieuwe projecten te starten en fiscale voordelen veilig te stellen vooraleer de nieuwe Amerikaanse regering aantrad. Daarop viel de activiteit tijdens de eerste helft van dit jaar sterk terug. Een oplopende onzekerheid over de Amerikaanse invoerheffingen en de veranderende beleidsomstandigheden, vooral voor windenergie, versterken die trend.

In de Europese Unie kenden de investeringen daarentegen een sterke toename. Daarbij werd een stijging met bijna 30 miljard dollar – ongeveer 63 procent – opgetekend tegenover de eerste helft van vorig jaar. Vooral offshore windprojecten in de Noordzee wisten kapitaal aan te trekken. Dat ging vooral ten koste van Amerikaanse projecten.

Nieuwe en opkomende markten wisten hun investeringsniveaus van het voorbije jaar grotendeels vast te houden. Een uitzondering was Zuidoost-Azië, waar een groei met 7 procent werd gemeld. In Latijns-Amerika lieten daarnaast de kleinere markten hun grootste aandeel in de regionale investeringsstromen optekenen. China bleef wereldwijd de grootste markt voor hernieuwbare energie. Het land vertegenwoordigde tijdens de eerste helft van dit jaar 44 procent van het totale wereldwijde investeringsvolume.

Posted in energie, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Wereldwijde investeringen in hernieuwbare energie bereiken record

Donkere auto’s verergeren het fenomeen van de stedelijke hitte-eilanden

Posted by managing21 on 13th september 2025

Donkere auto’s kunnen de buitentemperaturen op warme zomerdagen met bijna 4 graden Celsius verhogen. Dat blijkt uit een studie van wetenschappers aan de Universiteit van Lissabon in Portugal, waarbij de luchttemperatuur rond twee auto’s – een zwart en wit exemplaar die meer dan vijf uur op een heldere en warme zomerdag in de buitenlucht stonden geparkeerd – werd gemeten.

Op een snikhete zomerdag kan een geparkeerde auto aanvoelen als een oven. Het Portugese onderzoek wijst erop dat dit effect niet alleen oncomfortabel aanvoelt, maar ook volledige buurten kan opwarmen. Daarbij blijkt de kleur van de auto een belangrijke rol te vervullen.

Volgens de studie stralen voertuigen met donkere kleuren aanzienlijk meer warmte uit dan wagens met een lichtere tint, waardoor de omgevingstemperatuur met enkele graden Celsius kan stijgen. “Wanneer dit effect zich vermenigvuldigt over duizenden geparkeerde auto’s, kan de werking van het stedelijke hitte-eiland – het fenomeen waarbij steden veel warmer worden dan hun omgeving – aanzienlijk versterken”, benadrukt onderzoeksleider Márcia Matias, professor klimatologie aan de Universiteit van Lissabon.

Bij een buitentemperatuur van 36 graden Celsius zorgde de zware auto ervoor dat de luchttemperatuur in de directe omgeving van het voertuig 3,8 graden Celsius warmer kon worden dan het omliggende asfalt. De witte auto had een veel geringer effect. “Dit verschil moet aan de lichtreflectie worden toegeschreven”, verduidelijkt professor Matias.

“Bij auto’s met een witte lak kan tussen 75 procent en 85 procent van het zonlicht worden weerkaatst”, merkt Márcia Matias op. “Bij zwarte auto’s is er slechts sprake van een weerkaatsing tussen 5 procent en 10 procent. De rest van het licht wordt geabsorbeerd. Omdat de metalen carrosserie van een voertuig dun is en snel opwarmt, geeft een auto de opgenomen warmte vlugger aan de omgevende lucht af dan asfalt, dat trager opwarmt.”

“In een stad staan duizenden auto’s geparkeerd”, vervolgt Matias. “Elk voertuig kan daarbij enerzijds een kleine warmtebron of anderzijds een hitteschild vormen. De kleur van een auto kan dan ook daadwerkelijk bepalen hoe warm de straten kunnen aanvoelen.”

De wetenschappers wijzen erop dat het autopark een belangrijke bijdrage tot stedelijke hitte-eilanden kunnen leveren. Dit fenomeen ontstaat immers wanneer de bestrating warmte opslaat, terwijl een dichte bebouwing de luchtcirculatie vermindert en warmte vasthoudt. Auto’s, airconditioners en industriële activiteiten dragen nog meer warmte bij. Tijdens de nacht is dit effect het sterkst. Steden kunnen op dat ogenblik tot 10 graden Celsius warmer blijven dan het platteland, omdat beton, asfalt en staal de warmte die overdag is opgeslagen tijdens de nacht slechts langzaam afgeven. 

Hitterecords

In Europese steden kunnen oppervlaktetemperaturen tijdens de zomer tussen tien en vijftien graden Celsius hoger liggen dan in landelijke gebieden, waar planten en bossen voor afkoeling zorgen. Aangezien ongeveer 70 procent van de Europeanen in stedelijke gebieden woont, vormt dit een belangrijk risico voor de volksgezondheid.

Europa is de afgelopen jaren zwaar getroffen door hitterecords. In meerdere steden stegen de temperaturen deze zomer boven de grens van 40 graden Celsius. Hitte veroorzaakt niet alleen ongemakken, maar kan ook biologische veroudering versnellen, de mentale gezondheid aantasten en kinderen gevoeliger maken voor uitdroging, ademhalingsproblemen en zelfs overlijden. Ouderen en mensen met bestaande gezondheidsklachten lopen het grootste gevaar.

Door heel Europa werken steden aan oplossingen. In de Spaanse metropool Barcelona wordt met klimaatschuilplaatsen – openbare gebouwen zoals bibliotheken, scholen en musea die tijdens hittegolven openblijven – gewerkt om inwoners een koel toevluchtsoord te bieden. Andere steden vergroenen hun straten. De Nederlandse stad Breda heeft zijn rivieroevers omgevormd tot tuinen en betonnen tegels vervangen door gras en bomen. Inmiddels bestaat 60 procent van de stad uit groenaanleg. Tegen 2030 wil Breda een van de meest natuurrijke steden van Europa zijn.

Omdat dergelijke projecten tijd en investeringen vergen, krijgen snellere en goedkopere maatregelen – zoals het vergroten van stedelijke reflectiviteit – meer aandacht. “Auto’s zouden daarbij een interessante rol kunnen spelen”, merkt professor Matias op. “Vastgesteld werd dat het overschilderen van donkere auto’s naar lichtere tinten in Lissabon de reflectiviteit van bepaalde straten van nagenoeg 20 procent tot bijna 40 procent zou kunnen verdubbelen, terwijl de luchttemperatuur vlak boven de grond op hete en windstille dagen merkbaar zou verlagen.”

Vooral wagenparken van taxi’s, bestelwagens of gemeentelijke voertuigen zouden volgens Matias goede kandidaten zijn voor lichtere lak.

Meer over dit onderwerp:

Posted in automotive, milieu, Mobility, Stad, wetenschap | Reacties uitgeschakeld voor Donkere auto’s verergeren het fenomeen van de stedelijke hitte-eilanden

Uitstoot oliebedrijven rechtstreeks gelinkt aan tientallen dodelijke hittegolven

Posted by managing21 on 12th september 2025

De uitstoot van de grootste producenten van fossiele brandstof in de wereld kan rechtstreeks met tientallen dodelijke hittegolven in verband worden gebracht. Dat is de conclusie van een studie onder leiding van wetenschappers aan de ETH Zürich. De onderzoekers maken daarbij gewag van een sprong voorwaarts in de juridische strijd om oliebedrijven verantwoordelijk te houden voor de schade die door de klimaatcrisis wordt veroorzaakt.

Uit het onderzoek blijkt dat de emissies van elk van de veertien grootste producenten van fossiele brandstoffen op zichzelf al de oorzaak waren van meer dan vijftig hittegolven die anders vrijwel onmogelijk zouden zijn geweest. Daarmee wordt geconcludeerd dat de emissies deze extreme weersomstandigheden direct hebben veroorzaakt. Onder meer werd daarbij vastgesteld dat de emissies van ExxonMobil 51 hittegolven minstens tienduizend keer waarschijnlijker maakten dan in een wereld zonder opwarming. Voor Saudi Aramco geldt hetzelfde.

De wereldwijde opwarming van het klimaat zorgt ervoor dat hittegolven frequenter en intenser optreden en draagt jaarlijks bij tot naar schatting 500.000 sterfgevallen die met hitte in verband moeten worden gebracht. “Onder meer de extreme hittegolf die in 2021 het noordwesten van de Verenigde Staten trof, was onder invloed van de klimaatverandering bijna 3 graden warmer”, werpen de onderzoekers op.

Volgens de onderzoekers waren de totale emissies van de 180 grote oliebedrijven verantwoordelijk voor ongeveer de helft van de toename in intensiteit. Ontbossing maakte het grootste deel van de resterende bijdrage uit. De wetenschappers bestudeerden 213 hittegolven die tussen 2010 en 2019 werden geregistreerd. Deze hittegolven bleken door de klimaatcrisis gemiddeld tweehonderd keer waarschijnlijker te zijn geworden.

Aansprakelijkheid

“De mogelijkheid om de bijdrage van afzonderlijke bedrijven te kunnen vaststellen en kwantificeren kan bijzonder nuttig zijn voor het vaststellen van mogelijke aansprakelijkheid”, benadrukte onderzoeksleider Sonia Seneviratne, professor klimaatwetenschappen aan de ETH Zürich.

Klimaatactivisten reageren scherp op de conclusies van de studie. “We kunnen nu wijzen naar specifieke hittegolven en zeggen welke bedrijven voor de problemen verantwoordelijk zijn”, betoogde Cassidy DiPaola, verantwoordelijke van de campagne Make Polluters Pay. “Hun emissies leiden tot sterfgevallen, mislukte oogsten en getroffen gemeenschappen. Al die problemen worden door keuzes in bestuurskamers in de hand gewerkt.”

Juridische ontwikkelingen versterken dit perspectief. Het Internationaal Gerechtshof oordeelde in juli dat het nalaten van maatregelen tegen klimaatrisico’s kan leiden tot schadevergoedingen. Eerder dit jaar bepaalde een Duitse rechter dat producenten van fossiele brandstoffen aansprakelijk kunnen worden gehouden voor hun bijdrage.

De studie toonde dat de gemiddelde intensiteit van hittegolven steeg van 1,4 graden Celsius tijdens het eerste decennium van deze eeuw naar 2,2 graden Celsius de daaropvolgende periode. Volgens de onderzoekers zijn de werkelijke gevolgen echter waarschijnlijk groter dan de studie laat zien. Zelfs de bedrijven met de laagste uitstoot onder de carbon majors zorgden er nog steeds voor dat zestien hittegolven minstens tienduizend keer waarschijnlijker werden.

Hoewel het onderzoek een belangrijke bouwsteen vormt, is daadwerkelijke juridische aansprakelijkheid nog onzeker. Er blijven immers nog tal van juridische vraagstukken. Onder meer zou moeten worden bekeken welke rechtbanken bevoegdheid over de individuele dossiers zouden hebben. Tevens moet de vraag worden gesteld of producenten aansprakelijk zijn voor de emissies van hun klanten en of decennialange misleidende campagnes juridisch relevant zijn.

Posted in energie, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Uitstoot oliebedrijven rechtstreeks gelinkt aan tientallen dodelijke hittegolven

Lage emissieheffingen missen vaak hun doel

Posted by managing21 on 21st augustus 2025

De meeste landen met een lage heffing op de emissies van koolstofdioxide (CO2),hebben de maatregel niet ingevoerd om de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen. Dat blijkt uit een studie van wetenschappers aan de Friedrich-Alexander-Universität Erlangen-Nürnberg, gebaseerd op een analyse van uitstootbelastingen tussen 1990 en 2023 in negentien verschillende landen.

“De belastingen op de uitstoot van broeikasgassen waren vaak vooral bedoeld om inkomsten te genereren, belastingstelsels te hervormen of tegemoet te komen aan internationale verwachtingen, maar niet om daadwerkelijk te verduurzamen”, benadrukt onderzoeksleider Johan Lillietstam, professor duurzaamheid aan de Friedrich-Alexander-Universität.

In 2023 bleven twaalf van de negentien onderzochte landen steken op een emissieheffing die onvoldoende hoog was om merkbare emissiereducties af te dwingen. Dat betekent dat de prijs op vervuiling simpelweg niet hoog genoeg was om bedrijven of consumenten tot gedragsverandering te bewegen. Bovendien hielden veel landen brede uitzonderingen in stand – bijvoorbeeld voor sectoren als luchtvaart, landbouw of zware industrie – waardoor de belasting haar effect nog verder verloor.”

Slechts drie landen – Zwitserland, Frankrijk en Canada – toonden dat het wel degelijk mogelijk is om een efficiënt uitstootbeleid te ontwikkelen. In die landen werd aanvankelijk gekozen voor een relatief laag tarief, dat politiek haalbaar was. Pas later, toen het maatschappelijk en politiek draagvlak voor de maatregel groeide, werden de heffingen stapsgewijs verhoogd. Toch sleepte die opbouw in sommige gevallen tientallen jaren aan. De verhoging van de heffing verloopt in veel landen op een trage en ongelijkmatige manier.

Wereldwijd zijn er vijfentwintig nationale emissieheffingen in werking, maar bijna de helft van de maatregelen blijft onder de grens waarbij ze daadwerkelijk een effect sorteren. Volgens de onderzoekers is het dan ook de vraag of zulke maatregelen überhaupt als klimaatbeleid kunnen worden bestempeld. De wetenschappers waarschuwen daarbij dat een aantal landen het bestaan van een emissieheffing soms gebruiken als excuus om meer krachtige maatregelen uit de weg te gaan.

Het onderzoek richtte zich alleen op lage starttarieven en sloot landen met hoge initiële emissieheffingen – zoals Zweden en Duitsland – uit. Ook systemen voor de emissiehandel en subnationale belastingen werden niet in de studie meegenomen. De auteurs pleiten voor een vervolgonderzoek naar de achterliggende motieven van deze andere instrumenten, zodat beter zou kunnen worden begrepen op welke manier wereldwijd klimaatbeleid wordt vormgegeven.



Posted in milieu | Reacties uitgeschakeld voor Lage emissieheffingen missen vaak hun doel

Criminele bendes profiteren van Amerikaanse bezuinigingen op natuurbescherming

Posted by managing21 on 14th augustus 2025

De kaalslag in de ontwikkelingshulp van de Verenigde Staten heeft nieuwe mogelijkheden gecreëerd voor de internationale misdaadwereld die handel drijft in bedreigde diersoorten. Dat hebben een aantal experts in natuurbescherming gezegd. Er wordt aan toegevoegd dat hier ook banden met andere criminele activiteiten kunnen worden opgemerkt.

De illegale handel in wilde dieren, met een waarde van naar schatting 23 miljard dollar, wordt gedomineerd door uiteenlopende partijden. Naast lokale stropers zijn ook criminele organisaties zoals de Chinese triades en Mexicaanse kartels in de handel actief. Volgens experts en activisten profiteren zij van het besluit van de Amerikaanse regering onder leiding van president Donald Trump om de financiering van programma’s tegen de smokkel in wilde dieren en ter bescherming van bedreigde soorten stop te zetten.

“De smokkelaars genieten van de beslissing van de Verenigde Staten”, zegt Susan Lieberman, vicevoorzitter internationaal beleid bij de Wildlife Conservation Society (WCS). “Door de afbouw van het toezicht is immers ook de pakkans voor de criminelen sterk afgenomen. Dit zet de smokkelaars aan om hun activiteiten rond de illegale handel in dieren op te voeren.”

Het United States Agency for International Development (USAID), dat inmiddels is opgedoekt, gaf jaarlijks minstens 375 miljoen dollar uit aan natuurbehoud en de strijd tegen stroperij en smokkel in de ontwikkelingslanden. Extra financiering – die eveneens gedeeltelijk is geschrapt – werd verstrekt door het Bureau of International Narcotics and Law Enforcement Affairs (INL) en de United States Fish and Wildlife Service.

Door politie, grensbewaking en gemeenschappen in veel landen te ondersteunen, speelden deze programma’s een cruciale, zij het vaak onzichtbare, rol in de bestrijding van georganiseerde misdaad en de uitbreiding daarvan naar de handel in wilde dieren. De criminele netwerken bedienen klanten over de hele wereld. Er blijkt onder meer een grote vraag vanuit China en Vietnam, waar producten van bepaalde dieren – zoals de hoorns van de rhinoceros, tanden van tijgers of schubben van het schubdier – als statussymbool of ingrediënt in traditionele medicijnen worden gebruikt.

Bredere veiligheidsstrategie

Volgens Sulma Warne, voormalig technisch adviseur van het USAID Reducing Demand for Wildlife project, ondermijnt de beslissing de grensoverschrijdende samenwerking tussen de politiekorpsen en de campagnes om de vraag naar wilde dieren in de regio te verminderen. “In veel landen was de Amerikaanse ondersteuning van de natuurbescherming de enige barrière die de smokkelaars kon tegenhouden”, zegt ook Andrea Crosta, directeur van Earth League International.

Infiltratie in de handel in bedreigde diersoorten bleek volgens Crosta vaak de meest efficiënte manier om internationale criminele netwerken te ontmaskeren. “Bij undercover-operaties stuitten onze agenten, die zich als koper van illegale dierenproducten – zoals haaienvinnen, illegaal hout en producten van jaguars – voorstelden, op leden van het beruchte Sinaloa-kartel uit Mexico. Daarbij werd vaak ook gewag gemaakt van een link met witwaspraktijken. Al die misdrijven worden door dezelfde netwerken, die beseffen dat ze voortaan quasi ongestraft hun gang kunnen gaan, gepleegd.

De Verenigde Staten zouden volgens sommige hulpverstrekkers het natuurbehoud ook ingezet hebben als een onderdeel van een bredere veiligheidsstrategie tegen terrorisme en georganiseerde misdaad. “Daarbij trachten de Amerikaanse autoriteiten buitenlandse regeringen te overtuigen dat de aanwezigheid van Amerikaanse wetshandhavers niet alleen de illegale handel in wilde dieren kon tegengaan, maar ook kon helpen om het terrorisme en de georganiseerde misdaad te bestrijden”, voerden de hulpverstrekkers aan. Volgens Lieberman kunnen de Amerikaanse bezuinigingen vooral leiden tot een destabilisatie van landen met de grootste biodiversiteit. 

Buiten de problemen op het gebied van veiligheid zullen de Amerikaanse besparingen volgens veel deskundigen ook op de natuur een rampzalig effect hebben. “Men denkt vaak dat de natuur gratis is,” zegt de natuurbeschermer Ted Reilly uit Swaziland. “Maar om de natuur intact te houden, moet enorm veel geld worden geïnvesteerd.”

Posted in milieu | Reacties uitgeschakeld voor Criminele bendes profiteren van Amerikaanse bezuinigingen op natuurbescherming

Verenigde Staten tegen opgelegde uitstootbeperkingen in scheepvaart

Posted by managing21 on 13th augustus 2025

De Verenigde Staten hebben het Net-Zero Framework van de International Maritime Organisation (IMO), bedoeld om de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen door de internationale scheepvaart terug te dringen, verworpen. Dat heeft de Amerikaanse regering gezegd. Landen die het voorstel wel steunen, zullen volgens de Amerikaanse autoriteiten met tegenmaatregelen rekening moeten houden.

De aankondiging past volgens waarnemers in het bredere beleid van de regering van de Amerikaanse president Donald Trump, die importheffingen inzet om op andere landen – waaronder China, India en Brazilië – politieke druk uit te oefenen. Tegelijkertijd trekken de Verenigde Staten zich terug uit regelgeving die bedoeld is om klimaatverandering tegen te gaan.

“De Verenigde Staten wijzen dit voorstel bij de International Maritime Organisation ondubbelzinnig af en zal geen enkele maatregel tolereren die de kosten voor onze burgers, energiebedrijven, rederijen, hun klanten of toeristen verhoogt”, benadrukken de Amerikaanse autoriteiten. “De lidstaten van de Internationale Maritieme Organisatie moeten weten dat we hun steun verwachten om deze maatregel tegen te houden en dat we niet zullen aarzelen te reageren of andere middelen te zoeken ter bescherming van onze burgers als dit plan mislukt.”

Volgens het ontwerp van het Net Zero Framework zullen schepen op termijn de uitstoot van broeikasgassen moeten beperken. Schepen die de gestelde normen niet halen, zullen milieurechten moeten kopen om hun uitstoottekorten te compenseren. Vaartuigen die daarentegen van duurzame technologieën gebruik maken, zouden op een aantal beloningen recht hebben. Volgens Donald Trump zouden dergelijke maatregelen de Amerikaanse koppositie in duurzamere technologieën, zoals vloeibaar aardgas en biobrandstoffen, zouden ondermijnen en China een economisch voordeel zouden bezorgen.

“Deze brandstofnormen zouden China op handige wijze bevoordelen, aangezien ze het gebruik vereisen van dure brandstoffen die wereldwijd nog niet op grote schaal beschikbaar zijn”, merkt de Amerikaanse regering op. “Bovendien verbieden deze normen bewezen technologieën die wereldwijd scheepvaartvloten aandrijven, waaronder een aantal toepassingen, zoals vloeibaar aardgas en biobrandstoffen, waarin de Verenigde Staten toonaangevend zijn.”

Hoge boetes

Tevens werd aangevoerd dat dit nieuwe kader hoge boetes oplegt aan schepen die niet aan de normen voldoen. Deze sancties zouden zelfs voor kleine schepen tot miljoenen dollars kunnen oplopen. De Amerikaanse regering stelt dat deze extra kosten in de hele economie doorwerken, met hogere prijzen voor energie, transport, vrachtvervoer en zelfs cruises als gevolg.

De Verenigde Staten stapten in april uit de gesprekken over het Net-Zero Framework en riep in een memo andere landen op hun steun voor het plan te heroverwegen. Een meerderheid van de leden van de organisatie – waaronder China, Brazilië en lidstaten van de Europese Unie – schaarde zich echter achter het plan. Slechts zestien landen stemden tegen. In oktober is voor een definitieve goedkeuring een tweederde meerderheid nodig.

De zeescheepvaart is verantwoordelijk voor ongeveer 80 procent van de wereldhandel en bijna 3 procent van de wereldwijde uitstoot van koolstofdioxide. De sector ligt onder druk van milieuorganisaties en investeerders om een meer concrete klimaatactie, waaronder het invoeren van een uitstoot-heffing, te ondernemen. Veel grote rederijen hebben al beloofd om tegen het midden van deze eeuw klimaatneutraal te opereren. Verschillende sectororganisaties steunen de wetgeving, al dringen zij aan op stimulansen zoals heffingen op vervuilende fossiele brandstoffen om de hogere kosten van duurzame brandstoffen te compenseren.

Donald Trump heeft eerder al aangegeven dat de Verenigde Staten zich uit het Klimaatakkoord van Parijs, waarbij de ondertekenaars zich engageren om tegen het midden van deze eeuw klimaatneutraal te worden, terugtrekt. De Verenigde Staten nemen momenteel wel deel aan de onderhandelingen bij de Verenigde Naties over een wereldwijd verdrag tegen plasticvervuiling, maar waarschuwde in een memo geen steun te geven aan afspraken die plafonds aan het gebruik van plastic zouden opleggen of bepaalde chemicaliën zouden verbieden.

Posted in milieu, scheepvaart | Reacties uitgeschakeld voor Verenigde Staten tegen opgelegde uitstootbeperkingen in scheepvaart

Europese Unie moet koolstofopslag van zijn bossen stimuleren

Posted by managing21 on 8th augustus 2025

De opname van koolstofdioxide door de Europese bossen is de voorbije jaren sterk gedaald. Dit probleem brengt de klimaatdoelstellingen van de Europese Unie. Dat blijkt uit een rapport van het Joint Research Center van de Europese Commissie. De wetenschappers waarschuwen dat onmiddellijk maatregelen moeten worden genomen om deze daling te keren.

Bossen beslaan ongeveer 40 procent van het grondgebied van de Europese Unie. Deze gebieden hebben een sleutelrol in de plannen van de Europese Unie om zijn klimaatdoelstellingen, gericht op een forse vermindering van de uitstoot van broeikasgassen, te halen. Maar de combinatie van menselijke druk zoals houtkap en klimaateffecten zoals extreme weersomstandigheden en insectenplagen, ondermijnt de capaciteit van bossen om koolstofdioxide op te nemen. Volgens het Joint Research Center neemt die capaciteit in een snel tempo af.

“Een omkering van de afname in het vermogen van Europese bossen om koolstofdioxide op te slaan is essentieel”, benadrukt onderzoeksleider Giacomo Grassi. “De doelstellingen kunnen nog steeds worden gehaald, op voorwaarde dat er vandaag gedurfde, wetenschappelijk onderbouwde acties worden ondernomen.”

De onderzoekers wijzen op een combinatie van oplossingen. Daarbij moeten volgens hen inspanningen worden gedaan om de uitstoot van broeikasgassen snel te verminderen. Daarnaast moet aan een slimmer beheer van de bossen – onder meer door een beter onderhoud, gecontroleerde kap, bescherming tegen plagen en ziektes – worden gewerkt, zodat ze een grotere weerbaarheid tegen de klimaatverandering, die onder meer grote droogtes of zware stormen tot gevolg kan hebben, krijgen.

Maar er is volgens de wetenschappers ook behoefte aan een veel efficiënter en actueler observatie van de bosgebieden, zodat veranderingen in de gezondheid van bomen, bodemkwaliteit of koolstofopslag kunnen worden geregistreerd. Daarbij wordt erop gewezen dat vele Europese landen nog altijd periodieke inventarisaties – vaak om de vijf of tien jaar – gebruiken om gegevens over hun bossen te verzamelen.

“Maar de gezondheid van de bossen kan door extreme weersomstandigheden of ziektes tegenwoordig veel sneller veranderen”, voeren de onderzoekers aan. “Daardoor lopen die verouderde meetmethoden achter op de realiteit, waardoor de beleidsmakers en wetenschappers geen goed beeld hebben over de daadwerkelijke ernst van de situatie.”

Meer inzicht

De auteurs benadrukken dat er meer inzicht nodig is in de dynamiek van bossen. “Vooral het meten van de koolstofstromen tussen bodem, vegetatie en atmosfeer moet worden verbeterd, evenals het voorspellen van de impact van extreme weersomstandigheden op de rol van de bossen als koolstofopslag”, verduidelijken ze.

Uit officiële cijfers over het voorbije jaar blijkt dat de hoeveelheid koolstofdioxide die door de Europese bossen, ecosystemen en veranderingen in landgebruik wordt geabsorbeerd, tussen 2020 en 2022 met ongeveer een derde is afgenomen vergeleken met tien jaar voordien. De prognose voor 2025 wijst zelfs op een nog scherpere daling. “Deze trend, in combinatie met de afnemende klimaatbestendigheid van de Europese bossen, doet vrezen dat de klimaatdoelstellingen van de Europese Unie – die juist uitgaan van een groeiende koolstofopslag – in gevaar komen,” waarschuwen de auteurs.

Wetenschappers waarschuwen dat het nog altijd onduidelijk is hoe koolstofputten zich in de toekomst zullen gedragen naarmate de aarde verder opwarmt en hoeveel koolstofdioxide ze dan nog zullen kunnen opnemen. Het onderzoeksinstituut Climate Analytics waarschuwde eerder dit jaar dat veel grote economieën de capaciteit van hun bossen voor de opslag van koolstofdioxide overschatten. “Dit boekhoudkundige goochelwerk zou overheden de ruimte kunnen geven om nog langer fossiele brandstoffen te gebruiken dan verantwoord is”, wordt er opgemerkt.

Posted in milieu | Reacties uitgeschakeld voor Europese Unie moet koolstofopslag van zijn bossen stimuleren

Amerikaanse regering vindt uitstoot koolstofdioxide geen bedreiging

Posted by managing21 on 2nd augustus 2025

De toename van koolstofdioxide in de atmosfeer is helemaal niet problematisch. Dat is de boodschap van een rapport van de Climate Working Group van het Amerikaanse ministerie van energie. Met deze conclusie wijkt de Amerikaanse overheid echter af van de brede wetenschappelijke consensus over de risico’s van klimaatverandering.

In het rapport wordt onder meer gesteld dat de stijgende niveaus aan koolstofdioxide de aarde helpen vergroenen, waardoor de landbouwopbrengsten zouden worden verhoogd. Tevens wordt aangevoerd dat de verminderde alkaliniteit van oceanen een positief effect zou zijn. Kritische klimaatwetenschappers wijzen echter op het feit dat de verzuring van de oceanen wereldwijd als een bedreiging voor de mariene ecosystemen wordt bestempeld.

Het rapport beweert verder dat klimaatverandering als gevolg van menselijke activiteiten economisch minder schadelijk zou zijn dan algemeen aangenomen, en dat ambitieuze klimaatmaatregelen mogelijk meer schade aanrichten dan voorkomen. Tevens werd getuggereerd dat natuurlijke cycli en zonnevariabiliteit mogelijk een groter aandeel hebben in de opwarming van de aarde dan het gebruik van fossiele brandstoffen. Verder wordt gesteld dat de zeespiegel niet stijgt, ondanks het smelten van gletsjers en poolijs.

Het rapport werd samengesteld door John Christy, Judith Curry, Steven Koonin, Ross McKitrick en Roy Spencer. Allen werden benoemd door Chris Wright, de huidige Amerikaanse minister van energie en een voormalig ondernemer in de fracking-industrie. De auteurs worden algemeen beschouwd als klimaatsceptici.

Volgens Judith Curry, een van de auteurs van de studie, vormt het rapport slechts het begin van een uitgebreider proces waarin publieke feedback wordt verzameld, waarop zal worden gereageerd en dat uiteindelijk moet leiden tot een langer rapport dat als einddocument kan dienen. “Het uiteindelijke doel is het verbreken van de koppeling tussen energiebeleid en door de mens veroorzaakte klimaatverandering”, beklemtoonde Curry.

Geen evenwichtige weergave

Critici wijzen erop dat het rapport geen evenwichtige weergave is van de beschikbare wetenschappelijke kennis. Opgemerkt wordt daarbij dat de bevindingen van de Climate Working Group sterk lijken op de misleidende klimaatbeweringen die Chris Wright in de loop der jaren heeft gedaan en de marginale standpunten die hij heeft uitgedragen. “Een groot deel van het rapport is gebaseerd op de omstreden beweringen van de auteurs zelf, onderzoek dat is gefinancierd door de industrie van de fossiele brandstoffen of beweringen van groeperingen die tegen de klimaatregulering zijn”, zeggen tegenstanders.

Daarnaast beklemtonen de critici dat een aantal van de belangrijkste beweringen van de Climate Working Group al jaren geleden zijn ontkracht. Hoewel het rapport ook vaak verwijst naar mainstream klimaatonderzoek, hebben een aantal van de geciteerde wetenschappers al gezegd dat hun werk verkeerd is weergegeven. Robert Kopp, klimaatwetenschapper aan de Rutgers University, benadrukte daarbij dat slechts weinig wetenschappers het eens zijn met de verstrekkende beweringen van de auteurs.

Volgens Andrew Dessler, klimaatwetenschapper aan de Texas A&M University is het rapport een pleidooi ter verdediging van koolstofdioxide. “Het doel is niet om objectief bewijs te wegen, maar wel om eenzijdig de onschuld van koolstofdioxide te bepleiten”, stipte hij aan. Ook Michael Mann, klimaatwetenschappers aan de University of Pennsylvania, zegt dat het rapport totaal geen interesse heeft getoond in een eerlijk wetenschappelijk discours. “In plaats daarvan fungeren ze als loyale soldaten in de voortdurende oorlog tegen wetenschap, gevoerd door vervuilers, olierijke staten en plutocraten en de politicidie hun belangen behartigen”, voert hij aan.

Het rapport komt op een moment dat de regering van de Amerikaanse president Donald Trump ernaar streeft om op grote schaal banen op het gebied van klimaatbeleid te schrappen door miljarden dollars aan klimaatonderzoek, wetenschappelijke afdelingen bij meerdere instanties, klimaatinformatie van de overheid en instrumenten voor het verzamelen van klimaatgegevens, waaronder satellieten die nu in een baan om de aarde draaien, te schrappen.

De Amerikaanse regering heeft ook een einde gemaakt aan het werk van de National Climate Assessment, een rapport over de klimaatomstandigheden dat door honderden wetenschappers is opgesteld. Eerdere versies van het rapport werden van overheidswebsites verwijderd.

Posted in milieu | Reacties uitgeschakeld voor Amerikaanse regering vindt uitstoot koolstofdioxide geen bedreiging

Satellietbeelden onthullen massale vervuiling door scheepvaart

Posted by managing21 on 1st augustus 2025

Olievlekken op zee worden nauwelijks bij de autoriteiten gemeld. Nochtans is deze vervuiling met behulp van satellieten gemakkelijk op te merken. Dat is de conclusie van een onderzoek van de Britse krant The Guardian en de organisatie Watershed Investigations, waarbij data van de Lloyd’s List tussen 2014 en 2019 werden geanalyseerd. In totaal werden daarbij meer dan 90.000 olievlekken waargenomen, maar slechts 474 incidenten – amper 0,5 procent – zijn daadwerkelijk geregistreerd.

Volgens onderzoekers van de Florida State University zijn alle olievlekken afkomstig van schepen aantoonbaar illegaal. “De toegestane lozingsnormen worden met minstens een factor duizend overschreden”, werpen de wetenschappers op. “Vaak gaat het om moedwillige lozingen van bilgewater – vervuild water uit de machinekamer van schepen, dat bedoeld is om de stabiliteit te behouden.”

“De mate van onderrapportage is nog altijd grotendeels onbekend,” benadrukt Elizabeth Atwood, specialist aardobservatie bij het Plymouth Marine Laboratory. “Het vaak aangehaalde argument dat natuurlijke olielekken in de vervuiling een groot aandeel zouden hebben, blijkt steeds minder houdbaar. Onderzoek toont keer op keer aan dat deze stelling in verreweg het grootste deel van de wereldzeeën niet klopt.”

Voor de milieuorganisatie Oceana zijn de bevindingen ronduit alarmerend. “Het is schokkend hoeveel giftige vervuiling onopgemerkt blijft”, benadrukte Hugo Tagholm, directeur van Oceana. “Dit is een wereldwijde milieuramp in slow motion.”

Uit de analyse van honderdduizenden satellietbeelden bleek dat ongeveer 20 procent van de olievlekken – die samen een oppervlakte ter grootte van Italië zouden vormen – rechtstreeks tot schepen te herleiden zijn. De onderzoekers identificeerden 21 hotspots met een hoge dichtheid aan olievervuiling, die grotendeels samenvallen met internationale vaarroutes. Daarentegen bleken slechts 2 procent van de vlekken afkomstig te zijn van olieplatforms of pijpleidingen, terwijl natuurlijke lekken op de zeebodem een aandeel van 6 procent zouden hebben. De rest is toe te schrijven aan bronnen op het vasteland of onbekende vaartuigen.

Het gaat volgens de onderzoekers om wijdverspreide en hardnekkige overtredingen. Lozingen die correct worden afgehandeld, laten geen zichtbare sporen achter”, werpen de wetenschappers op. “Dit betekent dat de zichtbare vlekken vrijwel allemaal illegaal zijn.”

Volgens onderzoeksleider Carrie O’Reilly wijst alles erop dat al decennia systematisch opzettelijk bilgewater wordt geloosd. Toch wordt slechts een fractie van de incidenten bestraft onder het International Convention for the Prevention of Pollution from Ships (Marpol), dat juist werd ontworpen om vervuiling door scheepvaart tegen te gaan.

Zelfs in Europa, waar strengere milieuregels gelden dan in veel andere delen van de wereld, blijft een effectieve handhaving volgens de onderzoekers achterwege. De Europese Rekenkamer sloeg in maart alarm. Daarbij werd gewag gemaakt van gebrekkige controles, terwijl zelden sancties worden opgelegd.

“Uit onze audit blijkt dat lidstaten van de Europese Unie minder dan de helft van de vervuiling die door satellieten werden gedetecteerd, daadwerkelijk controleren”, beklemtoont Nikolaos Milionis, auditeur bij de Europese Rekenkamer. “Slechts 7 procent wordt bevestigd. Dat wijst op tekortkomingen in zowel technologie als inzet. De conclusie is glashelder. Scheepsvervuiling vormt een ernstig probleem. Inmiddels blijkt al driekwart van de Europese zeeën vervuild, waardoor de doelstelling van de Europese Unie om vervuiling volledig weg te werken, verder dan ooit.”

West-Afrika

Ook voor de kust van West-Afrika laat een recentere onderzoek dezelfde zorgwekkende trend. Uit een analyse van satellietbeelden van de wateren rond zes West-Afrikaanse landen (Benin, Ghana, Ivoorkust, Sierra Leone, Liberia en Togo) in 2021 en 2022 bleek dat 16 procent van de waargenomen olievlekken – samen een oppervlakte gelijk aan 28.800 voetbalvelden – van schepen afkomstig was. Toch werd in diezelfde periode geen enkel incident officieel gemeld.

Wetenschappers waarschuwen dat deze vorm van chronische vervuiling verwoestend is voor het mariene ecosysteem. “Elke zichtbare olievlek is schadelijk,” merken ze op. “Zelfs minimale hoeveelheden olie kunnen plankton – het fundament van de voedselketen – aantasten. De lozingen lijken individueel beperkt in omvang, maar de frequentie en schaal maken het effect, zeker met het toenemende wereldwijde scheepvaartverkeer, cumulatief en ernstig.”

De kern van het probleem ligt bij bilgewater. In de machinekamers van schepen hoopt zich een mengsel van olie, water en andere schadelijke stoffen op. Dit moet aan boord veilig verwerkt worden om olie en water te scheiden. Toch wordt dit proces vaak omzeild. Daarbij moet er volgens getuigen naar economische motieven worden gekeken.

“Het lozen met een separator kost tijd”, voeren ze aan. “Soms werkt het systeem niet of wordt het bewust genegeerd. Rechtstreeks overboord lozen is sneller en goedkoper. Bovendien is er in veel havens een schrijnend tekort aan inspecteurs. Het legaal afvoeren van bilgewater aan land is bovendien duur. Aanmeren is sowieso al kostbaar. Hoe sneller een schip de haven kan verlaten, hoe minder kosten er moeten worden betaald.”

De Internationale Maritieme Organisatie (IMO) bevestigt dat lozingen onder het Marpol-verdrag vallen en dat schepen verplicht zijn een olielogboek bij te houden. De verantwoordelijkheid voor handhaving ligt bij de overheden. Voor milieuorganisaties zoals Oceana is dat onvoldoende. “Tankers die olie en gas vervoeren, vormen inmiddels een derde of meer van de wereldvloot”, geeft Tagholm aan. “Indien er ernstig werk wordt gemaakt van een fossielvrije toekomst, kunnen ook de catastrofale gevolgen van deze lozingen worden gestopt.”

Posted in milieu, scheepvaart | Reacties uitgeschakeld voor Satellietbeelden onthullen massale vervuiling door scheepvaart