managing21.be

Managing21: een blik op het heden en de toekomst van de economie.

Archive for augustus, 2024

Olympische Spelen presenteren Urbanloop aan grote publiek

Posted by managing21 on 3rd augustus 2024

Tijdens de laatste week van juli heeft in Saint-Quentin-en-Yvelines, een stedelijke agglomeratie in de buurt van Parijs, de Urbanloop, een elektrische shuttle die zich over een spoorverbinding beweegt, zijn eerste officiële ritten gemaakt. Het project wil daarbij een nieuw concept van openbaar vervoer introduceren. De Urbanloop krijgt over twee jaar zijn eerste commerciële traject in de Franse stad Nancy.

Tijdens de Olympische Spelen in Parijs worden de shuttles van de Urbanloop gebruikt voor het transport van supporters in de fanzone in Saint-Quentin-en-Yvelines, waar een aantal fietsdisciplines worden georganiseerd. Al tijdens de eerste week van zijn activiteit had de Urbanloop al meer dan 1.500 personen vervoerd. Op de site worden tien capsules van de Urbanloop getest. De infrastructuur kan 250 personen per uur transporteren.

De Urbanloop rijdt op de Olympische Spelen over een traject van twee kilometer. – Foto: Urbanloop

Urbanloop zegt een nieuwe manier van denken over mobiliteit te willen introduceren. “De reiziger wacht niet langer op het transport”, merkt Noémie Bercoff, algemeen directeur van Urbanloop, op. “Integendeel wachten de capsules in het station op klanten. Omdat de capsules door elektriciteit worden aangedreven, veroorzaakt de Urbanloop ook geen enkele uitstoot van koolstofdioxide. De spoorlijn werkt met een lage spanning, waardoor een maximale veiligheid kan worden gegarandeerd. Bovendien blijft hierdoor ook het verbruik uiterst beperkt. Hierdoor kan de vloot capsules vrijwel kosteloos over de verschillende stations worden verdeeld.”

De reiziger die van de Urbanloop gebruik wil maken, hoeft alleen maar aan boord te gaan en op de startknop van de capsule te drukken. De Urbanloop maakt in Saint-Quentin-en-Yvelines een lus van twee kilometer. De verplaatsingen worden gratis aangeboden. Het is immers de meningen van de gebruikers over de Urbanloop te verzamelen. De Urbanloop krijgt voor de exploitatie van het testproject begeleiding van het vervoerbedrijf Keolis.

Het proefproject in Saint-Quentin-en-Yvelines zal zeventien maanden lopen en zal tijdens de vier seizoenen van het jaar worden ingezet. Urbanloop reageerde drie jaar geleden op een oproep van het Franse ministerie van transport om nieuwe projecten voor innovatie in de vervoersindustrie te lanceren. “Bedoeling is aan te tonen dat in het openbaar vervoer een nieuw tijdperk is aangebroken”, verduidelijkt Jean-Philippe Mangeot, voorzitter van Urbanloop. “Bovendien zijn de capsules van de Urbanloop volledig in Frankrijk geproduceerd.”

Kunstmatige intelligentie

Urbanloop werd ontwikkeld in Nancy en moet met zijn vloot autonome elektrische capsules in middelgrote steden zonder metro complementair zijn met de tram en bus. De capsules zijn energiezuinig en modulair en hebben een licht gewicht. Per capsule kunnen één of twee personen naar de eindbestemming worden vervoerd, zonder in alle stations langs het traject te stoppen, zoals bij andere vormen van openbaar vervoer het geval is. Ruim drie jaar geleden vestigde het project in Tomblaine, nabij Nancy, een nieuw wereldrecord voor het laagste energieverbruik per kilometer voor een autonoom voertuig.

De capsules worden aangedreven door kunstmatige intelligentie en verplaatsen zich autonoom, waardoor een soepele circulatie en een aanzienlijke vermindering van de reistijden mogelijk moeten zijn. Ook wordt kunstmatige intelligentie gebruikt om de noodzakelijke frequentie te kunnen voorspellen. “Wanneer een gebruiker op een station aankomt en aan een verplaatsing begint, roept het planningsalgoritme van Urbanloop onmiddellijk een nieuw lege shuttle op het netwerk op ter vervanging van het exemplaar dat net is vertrokken”, verduidelijkt Mangeot.

De metropool Greater Nancy zal over twee jaar de eerste stad zijn waar de Urbanloop een commercieel traject krijgt. Er is een circuit van 7 kilometer voorzien, waarop veertig capsules zullen kunnen worden ingezet. De shuttles zullen vanuit het stadscentrum van Nancy naar een grote parking in Maxéville, waar in de toekomst een nieuw gerechtelijk complex is gepland. De Urbanloop zal in Nancy gemiddeld duizend mensen per uur kunnen vervoeren.

Een aantal partijen hebben in het project al interesse getoond. Urbanloop zegt ook van belang te kunnen zijn in zones met een grote economische activiteit en industriële sites. Daar kan de Urbanloop immers worden ingezet voor het vervoer van personeel.

Meer over dit onderwerp:

Posted in Mobility, transport & logistiek | Reacties uitgeschakeld voor Olympische Spelen presenteren Urbanloop aan grote publiek

Japanse bevolking kende vorig jaar recordinkrimping

Posted by managing21 on 3rd augustus 2024

Begin dit jaar telde Japan een binnenlandse bevolking van 121.561.801 burgers. Dat betekende een daling met 861.237 eenheden tegenover begin vorig jaar. Dat blijkt uit een rapport van het Japanse ministerie van binnenlandse zaken en communicatie. Daarmee moet het land al voor het vijftiende jaar op rij een inkrimping van zijn bevolking melden.

“De Japanse bevolking is het voorbije jaar met 0,7 procent gedaald”, merkt de Japanse overheid op. “Dat is de grootste procentuele afname die het land de voorbije vijftien jaar heeft gekend. Ook in absolute cijfers moet over een recordinkrimping worden gesproken.” 

Deze inkrimping moet worden gelinkt aan tegengestelde evoluties bij de geboortes en de overlijdens. Japan kon vorig jaar immers amper 729.367 geboortes melden. Dat is een absoluut laagterecord. Daarentegen waren er 1.579.727 overlijdens. Dat betekende een recordhoogte. Daarmee moet worden vastgesteld dat de natuurlijke afname van de Japanse bevolking zich nu al zestien jaar op rij doorzet. Vorig jaar werd een natuurlijke afname van 850.360 personen geregistreerd.

De Japanse bevolking kent nu al vijftien jaar op rij een inkrimping. – Foto: Pixabay/Jason Goh

In het rapport wordt wel opgemerkt dat in Tokio een lichte aangroei van de bevolking kon worden gemeld. Daar was immers sprake van een uitbreiding met 0,03 procent. Dat betekende wel de eerste stijging in drie jaar. De overige zesenveertig prefecturen dienden echter een bevolkingsafname te melden. De grootste afname werd opgetekend in Akita, waar een inkrimping met 1,83 procent werd genoteerd, gevolgd door Aomori (1,72 procent) en Iwate (1,61 procent).

Verder wordt opgemerkt dat zes prefecturen van een sociale toename, waarbij minder mensen vertrekken dan nieuwkomers kunnen worden geteld, gewag konden maken. De sterkste sociale toename kon in Tokio, met 55.167 eenheden, worden opgetekend. Daarna volgden de prefecturen Kanagawa, Saitama, Chiba, Osaka en Fukuoka.

Buitenlanders

Uit het rapport blijkt verder dat er begin dit jaar in Japan 3.323.374 buitenlanders in de bevolkingsregisters waren ingeschreven. Daarmee werd een nieuwe recordhoogte opgetekend. Tegenover het jaar voordien nam die buitenlandse populatie met 11 procent toe. Tijdens de covid-pandemie viel die buitenlandse bevolking weliswaar tijdelijk terug, maar vorig jaar kon opnieuw een toename worden opgemerkt. Met 605.863 nieuwe immigranten werd daarmee vorig jaar een nieuw record gemeld. Buitenlanders vertegenwoordigen nu 3 procent van de totale Japanse bevolking. De meeste buitenlanders zijn tussen vijftien en vierenzestig jaar oud.

Tokio is in Japan de prefectuur met het grootste aandeel buitenlanders onder zijn bevolking, gevolgd door Aichi en Gunma. Daarbij wordt opgemerkt dat Oizumi, gelegen in prefectuur Gunma, met 8.306 personen met een andere nationaliteit, relatief het grootste aantal buitenlanders op zijn grondgebied heeft. Met 73 eenheden registreerde Oizumi ook de hoogste natuurlijke bevolkingstoename.

Oizumi kende tijdens de jaren negentig van de voorbije eeuw een grote instroom van Zuid-Amerikaanse immigranten. De voorbije jaren is in de stad ook het aantal technische stagiairs sterk toegenomen. Buitenlanders vertegenwoordigen in Oizumi inmiddels 20 procent van de totale bevolking. Oizumi heeft ook zijn steun voor buitenlanders opgedreven en wordt vanaf het volgende begrotingsjaar de eerste lokale overheid in de prefectuur Gunma die fulltime buitenlands personeel inhuurt.

In de prefectuur Kumamoto liep het aantal buitenlanders met 24,18 procent op. Daarmee liet Kumamoto procentueel de grooste stijging optekenen van alle Japanse prefecturen. In Kumamoto bevindt zich ook de stad Kikuyo, waar Taiwan Semiconductor Manufacturing Company (TSMC) een belangrijke fabriek heeft. Die stad kende een opmerkelijke sociale toename van de groep buitenlanders, die met 455 personen werd uitgebreid.

Japan telde vorig jaar in totaal, zowel staatsburgers als buitenlandse expats inbegrepen, een bevolking van 124.885.175 mensen. Dat betekende een daling met 531.702 eenheden (0,42 procent) tegenover het jaar voordien. Uit onderzoeken blijkt dat jongere Japanners steeds terughoudender zijn om te trouwen of kinderen te krijgen, ontmoedigd door sombere carrière-vooruitzichten, de hoge kosten van het levensonderhoud en een strakke bedrijfscultuur.

De overheid heeft in zijn begroting dit jaar een budget van 5,3 biljoen yen (34 miljard dollar) gereserveerd voor stimulansen die jonge koppels moeten aanmoedigen om meer kinderen te krijgen. Onder meer worden daarbij verhoogde subsidies voor kinderopvang en onderwijs voorzien. Ook voor de volgende drie begrotingsjaren is daarvoor telkens een bedrag van 3,6 biljoen yen aangekondigd. De Japanse bevolking zal tegen 2070 naar verwachting met ongeveer 30 procent dalen tot 87 miljoen eenheden. Op dat ogenblik zullen vijfenzestigplussers 40 procent van de totale Japanse bevolking vertegenwoordigen.

Meer over dit onderwerp:

Posted in politiek | Reacties uitgeschakeld voor Japanse bevolking kende vorig jaar recordinkrimping

Wind en zon leveren Europa meer elektriciteit dan fossiele brandstoffen

Posted by managing21 on 2nd augustus 2024

Windturbines en zonnepanelen hadden tijdens de eerste helft van dit jaar in de elektriciteitsvoorziening van de Europese Unie een aandeel van 30 procent. Daarmee zijn windenergie en zonnekracht inmiddels een belangrijker bron van elektriciteit geworden dan fossiele brandstoffen. Dat blijkt uit een rapport van de ecologische denktank Ember. Daarbij wordt opgemerkt dat dertien lidstaten van de Europese Unie tijdens de eerste helft van dit jaar voor het eerst meer energie hebben gehaald uit windenergie en zonnekracht dan uit steenkool en gas.

“De elektriciteitsopwekking door de verbranding van steenkool, olie en gas daalde tijdens de eerste zes maanden van dit jaar met 17 procent in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar”, staat in het rapport van Ember. “Vastgesteld kon daarbij ook worden dat de afbouw van het gebruik van vervuilende brandstoffen de emissies van de Europese elektriciteitssector sinds de eerste helft van 2022 bovendien met een derde hebben doen dalen.”

“De opkomst van windenergie en zonnekracht hebben de rol van de fossiele brandstoffen verkleind”, benadrukt Chris Rosslowe, analist bij Ember. “We zijn momenteel getuige van een historische verschuiving in de energiesector. Die omslag blijkt ook bijzonder snel te gaan.”

Zonnepanelen en windturbines leverden 30 procent van de Europese elektriciteitsvoorziening. – Foto: Pixabay/Cornell Frühauf

Uit het rapport bleek dat elektriciteitscentrales in de Europese Unie tijdens de eerste helft van dit jaar 24 procent minder steenkool en 14 procent minder gas hebben verbrand dan tijdens dezelfde periode vorig jaar. “Nochtans moest in de vraag naar elektriciteit opnieuw een kleine stijging worden opgetekend”, geeft Rosslowe aan. “Door de impact van de covid-pandemie en de oorlog in Oekraïne was die vraag de voorbije twee jaar gedaald. Indien de lidstaten van de Europese Unie het momentum van windenergie en zonnekracht kunnen vasthouden, zal de afhankelijkheid van fossiele energie snel tot het verleden behoren.”

Ambitieus

Europa is historisch een van de grootste producenten van koolstofdioxide, een vervuilend gas dat een belangrijke bijdraagt levert tot de klimaatverandering en meer extreme weersomstandigheden in de hand werkt. Tegelijkertijd heeft Europa ook één van de meest ambitieuze doelstellingen in de hele wereld om zijn economie te decarboniseren. Sinds de Russische invasie in Oekraïne hebben de Europese leiders de verschuiving naar hernieuwbare energiebronnen versneld.

Maar terwijl zonnekracht een hoge vlucht heeft genomen, moest de sector van de windenergie afrekenen met een hoge inflatie, bovenop de aanhoudende tegenstand die de technologie van politici en het publiek ondervindt. Volgens de lobbygroep Wind Power Europe installeerde de Europese Unie in 2023 op het gebied van windenergie een recordvolume van 16,2 gigawatt aan nieuwe capaciteit. Dat cijfer was echter slechts ongeveer de helft van het volume dat er dat jaar nodig was om de klimaatdoelstellingen voor het einde van dit decennium te halen.

Scenario’s die zijn gemodelleerd door het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) en het International Energy Agency (IEA) tonen dat het grootste deel van de elektriciteit die nodig is om een duurzame economie van stroom te voorzien, afkomstig zal zijn van zonnekracht en windenergie.

Ember ontdekte dat dertien lidstaten tijdens de eerste helft van dit jaar meer elektriciteit uit wind en zon hebben opgewekt dan uit fossiele brandstoffen. De wetenschappers merkten daarbij op dat Duitsland, België, Hongarije en Nederland die mijlpaal voor de allereerste keer hebben bereikt.

“Het rapport van Ember vertegenwoordigt een significante ontwikkeling”, erkent Andrea Hahmann, docente energie aan de Danmarks Tekniske Universitet (DTU), in een commentaar op de cijfers. “Maar men kan daarbij niet van een verrassing gewag maken. In Noord-Europa, waar de meeste windenergie wordt opgemerkt, werden tijdens de eerste zes maanden van dit jaar zware windvlagen opgemerkt. De cijfers tonen ook aan dat de Europese Unie een elektriciteits-transitie kan waarmaken. Er mag niet aan pessimisme worden toegegeven. Er moeten op het gebied van hernieuwbare energie substantiële doelstellingen worden gehaald, maar met de juiste beleidsmaatregelen zullen die ambities haalbaar blijken.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in energie | Reacties uitgeschakeld voor Wind en zon leveren Europa meer elektriciteit dan fossiele brandstoffen

Roemenië werkt na dijkbreuk aan natuurherstel in Donaudelta

Posted by managing21 on 2nd augustus 2024

De Donaudelta in Roemenië dreigt het decor van een strijd tussen de natuur en de landbouw te worden. Dat zeggen experts van het World Wildlife Fund (WWF). Opgemerkt wordt dat een dijkbreuk vorig jaar in de delta een natuurgebied opnieuw heeft hersteld, maar de getroffen landbouwers eisen dat de overstroomde gronden opnieuw zouden worden drooggelegd.

De buurt van het dorp Mahmudia in Roemenië werd vorig jaar door een dijkbreuk getroffen. Delen van de Donaudelta, die ooit waren drooggelegd om nieuwe landbouwgronden te creëren, werden daardoor opnieuw overstroomd. Dat leidde tot de creatie van een groot meer, dat zich al snel ontwikkelde tot een paradijs van biodiversiteit, die door de eerdere drooglegging zwaar onder druk was geraakt. Onder meer grote populaties pelikanen, eenden en meeuwen hebben zich inmiddels opnieuw in het gebied gevestigd.

Na de dijkbreuk zijn in de regio van Mahmudia opnieuw grote aantallen pelikanen opgemerkt. – Foto: Pixabay/Andrei Prodan

Delen van de Donaudelta werden in de jaren tachtig van de voorbije eeuw tot landbouwgrond omgevormd. Nicolae Ceausescu, de toenmalige communistische dictator van Roemenië, liet daarbij de rietlanden in het gebied platbranden, terwijl moerassen werden drooggelegd. “Sinds de dijkbreuk van vorig jaar heeft het gebied zijn karakter van vier decennia herwonnen”, gaf Ion Serpescu, burgemeester van Mahmudia, in een reactie aan. “Vele inwoners van Mahmudia waren dan ook bijzonder tevreden dat de dijk was doorgebroken.”

Serpescu wees erop dat Mahmudia na de dijkbreuk opnieuw vissers en toeristen heeft kunnen aantrekken. De overstroming heeft de gemeente dan ook economisch een grote dienst bewezen. “Om al die bezoekers te kunnen huisvesten, zijn er op twee jaar In Mahmudia meer dan vijftien pensions gebouwd”, betoogt de burgemeester. “De heropbouw van de dijk zou bovendien een bedrag tussen 20 miljoen euro en 30 miljoen euro kosten. Het heeft weinig zin om het meer opnieuw leeg te laten lopen. Het is best om de huidige toestand te bewaren.”

Gunstig advies

Mahmudia telt tweeduizend inwoners. Een groot deel van de populatie hoopt dat de Roemeense regering het behoud van het meer zal steunen. Een commissie van experts heeft al een gunstig advies uitgebracht over het ecologische herstel van de delta. Mircea Fechet, Roemeens minister van leefmilieu, merkte tijdens een bezoek aan het gebied in juni van dit jaar dat de natuur de schade van de indamming van de Donau al aan het herstellen is. “De delta heeft niets anders gedaan dan zijn eigen land terug te winnen”, betoogde de minister.

Niet iedereen blijkt het echter met die visie eens te zijn. Onder meer de lokale zakenman Emanuel Dobronauteanu heeft een klacht tegen de plaatselijke autoriteiten neergelegd. Daarbij eiste hij een schadevergoeding omdat 730 hectare aan tarwe, maïs, zonnebloemen en alfalfa door de overstromingen verloren was gegaan. Dobronauteanu merkte daarbij op een eerlijke compensatie te willen. Een aanbod voor een schadevergoeding van 2 miljoen lei (402.000 euro) was volgens de ondernemer onvoldoende. Maar ook Dobronauteanu gaf aan niet helemaal tegen het natuurherstel te zijn, op voorwaarde dat hij voldoende gecompenseerd zou worden.

De dijkbreuk wordt door de lokale autoriteiten toegeschreven aan een reeks constructiefouten. “De overstroming was dan ook helemaal geen verrassing”, merkt de Roemeense bioloog Dragos Balea, coördinator van de programma’s van het World Wildlife Fund in de regio, op. Al in 2012 lanceerde Roemenië een project om de beschadigde ecosystemen van de Donaudelta. Daarbij werd gerekend op financiële hulp van de Europese Unie.

Milieuactivisten betogen dat de overstroming het herstelproces zou versnellen. “Aquatische ecosystemen herstellen zich veel sneller dan bossen,” benadrukte Dragos Balea. “Wanneer men een aquatisch ecosysteem met rust laat, zal het in een periode van tien tot vijftien jaar meer dan 70 procent van zijn oorspronkelijke biodiversiteit herstellen. Er kunnen daarbij al bemoedigende signalen worden opgemerkt. Er verschijnen in het gebied steeds meer diersoorten die zich vroeger in de delta ophielden, maar na de drooglegging verdwenen.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in milieu, toerisme | Reacties uitgeschakeld voor Roemenië werkt na dijkbreuk aan natuurherstel in Donaudelta

Grote modemerken slagen er moeilijk in hun klimaatimpact terug te dringen

Posted by managing21 on 2nd augustus 2024

Een aanzienlijk deel van de grootste modemerken in de wereld hebben nog altijd geen openbaar plan om hun klimaatimpact te elimineren. Dat blijkt uit een rapport van de organisatie Fashion Revolution, gebaseerd op een onderzoek naar de klimaatacties van 250 grote modebedrijven, waarbij gekeken werd naar zeventig verschillende duurzaamheidscriteria.

De modesector kan bijzonder vervuilend zijn. In sommige gevallen bleken er eeuwige chemicaliën aangetroffen te kunnen worden in wateroppervlaktes in de buurt van modefabrieken. De industrie betekent ook een zorgwekkende bron van afval, waarbij fast fashion ervan wordt beschuldigd de overconsumptie aan te moedigen.

Uit het onderzoek bleek dat slechts 117 modemerken een concreet plan voor de eliminatie van de uitstoot van koolstofdioxide kunnen voorleggen. Daarbij gaven 105 partijen ook updates over de vooruitgang die ze op het gebied van klimaatactie hebben geboekt. Maar daarbij moet wel worden vastgesteld dat 42 merken moeten melden dat hun emissies ten opzichte van het basisjaar zijn opgelopen.

Slechts weinig modebedrijven kunnen op het gebied van duurzaamheid een goed rapport voorleggen. – Foto: Pixabay/Ahmad Ardity

Volgens het rapport heeft 86 procent van de onderzochte bedrijven geen openbare doelstelling voor de uitfasering van emissies en 94 procent heeft geen openbare doelstelling voor hernieuwbare energie. Verder blijkt dat slechts 43 procent van de merken transparant is over de herkomst van hun energievoorziening.

Er heerst al geruime tijd een vrees dat de industrie te veel kleding produceert. Een aanzienlijk deel van de overschotten belandt uiteindelijk op een vuilnisbelt. Fashion Revolution merkt op dat de sector ook op dit vlak weinig verantwoordelijkheidszin aan de dag legt. Er moest immers worden vastgesteld dat 89 procent van de grote modemerken niet bekendmaken hoeveel kleding er jaarlijks in hun fabrieken wordt vervaardigd.

Werknemers en toeleveranciers

Maar ook op het gebied van tewerkstelling blijft de modesector met problemen worstelen. “De textielproductie is grotendeels geconcentreerd in een aantal landen, zoals Bangladesh, die voor de klimaatverandering bijzonder gevoelig zijn”, voert Fashion Revolution aan. “Een groot aantal textielproducerende naties wordt geconfronteerd met steeds zwaardere overstromingen die werknemers in gevaar kunnen brengen. Schattingen suggereren dat extreme weersomstandigheden – zoals droogte, hittegolven en moessons – in de sector bijna één miljoen banen zouden kunnen doen verdwijnen.”

Fashion Revolution ontdekte dat slechts 3 procent van de grote modemerken bericht over inspanningen die werden gedaan voor de financiële ondersteuning van werknemers die door de klimaatcrisis werden getroffen. De onderzoekers riepen bedrijven op om hun verantwoordelijkheid te nemen en maatregelen te nemen voor de bescherming van hun werknemers, die vaak tegen minimale lonen in de fabrieken aan het werk worden gesteld.

“Door minstens 2 procent van hun inkomsten te investeren in duurzame, hernieuwbare energie en werknemers te trainen en te ondersteunen, zou de modesector tegelijkertijd de gevolgen van de klimaatcrisis kunnen beperken en de armoede en ongelijkheid in hun toeleveringsketens kunnen verminderen”, benadrukte Maeve Galvin, campagnedirecteur bij Fashion Revolution. “Grote modebedrijven hebben voldoende financiële reserves om die inspanningen te kunnen dragen.”

Fashion Revolution benadrukt daarbij dat modemerken niet alleen tekortschieten in het investeren in een eerlijke transitie naar een duurzame economie, maar bovendien ook hun verantwoordelijkheid afwentelen op leveranciers die al weinig financiële ruimte hebben en nu de taak krijgen om problemen op te lossen die ze niet zelf hebben gecreëerd. “Het feit dat de modesector bijzonder afhankelijk is van fossiele brandstoffen, is al vele jaren een bron van discussie”, merkt Fashion Revolution op. “Dat fenomeen weerspiegelt het breder debat op het wereldtoneel over de mogelijkheden om de economie te decarboniseren en de doelstellingen van de Klimaatakkoorden van Parijs te halen.”

Uit het onderzoek blijkt dat Puma met een score van 75 procent op het gebied van duurzaamheid binnen de modesector de beste prestatie laat optekenen, gevolgd door Gucci (74 procent) en Hennes & Mauritz (61 procent). Er wordt nog opgemerkt dat slechts vier bedrijven in het hele onderzoek slechts vier bedrijven – Asics, Hennes & Mauritz, Marks & Spencer en Patagonia – voldoen aan de doelstellingen die de Verenigde Naties op het gebied van emissiereductie hebben vastgelegd. Anderzijds bleek dat tweeëndertig merken geen enkel punt konden scoren.

Meer over dit onderwerp:

Posted in industrie, retail | Reacties uitgeschakeld voor Grote modemerken slagen er moeilijk in hun klimaatimpact terug te dringen

Europees vastgoed lijkt dalperiode achter zich te hebben gelaten

Posted by managing21 on 2nd augustus 2024

Tijdens de eerste helft van dit jaar heeft Europa ruim 74 miljard euro geïnvesteerd in vastgoed. Dat betekende ongeveer een status-quo tegenover dezelfde periode vorig jaar. Dit blijkt uit een rapport van de Britse vastgoedspecialist Savills. Door een aantal omstandigheden zegt de vastgoedspecialist wel de groeiverwachtingen voor het hele jaar naar beneden te moeten bijstellen tegenover eerdere prognoses. Er wordt nu een groei tussen 8 procent en 18 procent voorspeld.

Tijdens het tweede kwartaal van dit jaar werd in Europees vastgoed volgens berekeningen van Savills 44 miljard euro geïnvesteerd. Dat betekende een stijging met 18 procent tegenover de eerste drie maanden van het jaar. “De markt lijkt, zowel qua activiteitenniveaus als qua prijzen, de dalperiode grotendeels achter zich te hebben gelaten”, betoogt Marcus Lemli, hoofd investeringen bij Savills Europa.”

“Beleggers blijven selectief en richten zich op activa die het hoogste rendement opleveren door sterke winstgroei en gunstige voorwaarden op het gebied van vraag en aanbod. Sectoren zoals meergezinswoningen, hospitality en logistiek blijven bij investeerders een sterkere interesse wekken. Hierdoor lijkt de verdeling van investeringen over de diverse categorieën vastgoed steeds gelijkmatiger.”

Er zal dit jaar tussen 160 miljard euro en 175 miljard euro in Europees vastgoed worden geïnvesteerd. – Foto: Pixabay/Anna Baranowska-Korczyc

Met een totaal volume van 74 miljard euro zijn de investeringen in vastgoed tijdens de eerste helft van dit jaar 2 procent lager gebleven dan dezelfde periode vorig jaar. Dat cijfer ligt ook 42 procent lager dan het gemiddelde over de voorbije vijf jaar. Savills merkt daarbij op dat in ongeveer de helft van de onderzochte landen – met onder meer het Verenigd Koninkrijk, Spanje, Italië, Roemenië, Tsjechië, Polen, Denemarken en Noorwegen – tijdens de eerste helft van dit jaar grotere investeringsvolumes werden opgetekend dan tijdens dezelfde periode vorig jaar.

“Zoals verwacht breiden vastgoed-investeringsfondsen hun activiteit geleidelijk uit”, merkt Savills op. “Aantrekkelijke waarderingen en de groei van specifieke activaklassen die als defensiever worden beschouwd, zijn gunstig voor fondsbeheerders. Nu de rentetarieven dalen, keren ook particuliere en institutionele beleggers voorzichtig terug naar de markt. Ondertussen blijven investeerders met grote financiële reserves, waaronder staatsinvesteringsfondsen die niet afhankelijk zijn van dure schulden, transacties uitvoeren.”

Prognoses

“Vanwege de verwachte economische stagnatie in Duitsland en de verkiezingen in Frankrijk, die naar verwachting de investeringsactiviteit tijdelijk zullen stilleggen, hebben we onze prognoses voor het hele jaar naar beneden bijgesteld”, werpt Savills nog op. “We verwachten dat het totale Europese investeringsvolume tegen eind dit jaar waarschijnlijk een niveau tussen 160 miljard euro en 175 miljard euro zal vertonen. Deze prognose weerspiegelt een opleving van het investeringsvolume, dat naar verwachting een jaarlijkse groei tussen 8 procent en 18 procent zal laten blijken.” Vorig jaar werd een niveau van 148 miljard euro opgetekend.

Savills verwacht dat het herstel wellicht over heel Europa zal zijn verspreid. Scandinavië, Midden-Europa, Oost-Europa en Italië zullen daarbij volgens de vastgoedgroep naar verwachting de hoogste jaarlijkse groei vertonen. “Daarentegen zal Frankrijk – vanwege de afwachtende houding bij veel investeerders – op de gemiddelde trends achterblijven”, wordt er opgemerkt. “Het Verenigd Koninkrijk zal naar verwachting een gematigde jaarlijkse groei doormaken, waarbij Londen zijn status als beste Europese stad voor investeringen zal terugwinnen. In Duitsland zullen de investeringsvolumes naar verwachting onder het niveau van vorig jaar blijven.”

“Sectoren met robuuste fundamentele gebruikers, zoals logistiek en de woonsector, zullen het dit jaar goed blijven doen”, werpt Savills nog op. “Ook de hotelsector zal naar verwachting een sterke investeringsactiviteit – vooral door consolidaties gedreven – blijven noteren. Hoewel de detailhandel tijdens het tweede kwartaal van dit jaar een daling in de activiteit liet opmerken – vermoedelijk eerder vanwege een schaarste aan prime opportunities in plaats van een gebrek aan interesse bij investeerders – kan voor de tweede helft van dit jaar een consistente activiteit worden voorspeld. Dit wordt ondersteund door de aanzienlijke prijsverschuiving die de voorbije twee jaar in de sector is waargenomen. Kruidenierswinkels, supermarkten en retailparken, die bekend staan ??om hun veerkracht, blijven hier de belangrijkste focus voor investeerders.”

Investeerders die internationaal opereren, zullen volgens Savills van aantrekkelijke prijsniveaus in verschillende Europese jurisdicties proberen te profiteren. “Bijgevolg wordt voor de rest van het jaar een toename van grensoverschrijdende investeringsactiviteiten, aangevoerd door Amerikaanse investeerders, verwacht”, wordt er opgemerkt.

“Ondanks een verwachte gedeeltelijke terugkeer van het vertrouwen in de markt tijdens de laatste maanden van het jaar, zal het volume aan transacties in 2024 aanzienlijk onder het gemiddelde op langere termijn blijven”, besluit Savills. “Onze prognoses geven daarbij een daling tussen 45 procent en 50 procent in vergelijking met het gemiddelde over de voorbije vijf jaar.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in immobiliën & constructie | Reacties uitgeschakeld voor Europees vastgoed lijkt dalperiode achter zich te hebben gelaten

Auto’s van Ford kunnen snelheidsduivels aan de politie melden

Posted by managing21 on 1st augustus 2024

Auto’s van Ford kunnen in de toekomst mogelijk snelheidsovertredingen van andere weggebruikers aan de politie melden. Dat zou blijken uit een octrooi-aanvraag die Ford bij het United States Patent and Trademark Office (USPTO) recent heeft ingediend. De Ford-auto zou daarbij zijn camerasysteem gebruiken om snelheidsovertredingen van andere chauffeurs op foto vast te leggen. Het fotomateriaal zou daarbij, met inbegrip van data over de lokalisering van het voertuig dat de inbreuk had gepleegd, rechtstreeks naar de politie worden verstuurd.

In de aanvraag meldt Ford dat zijn auto’s zouden kunnen worden gebruikt om de snelheid van andere weggebruikers te controleren. De auto’s van Ford zou automatisch kunnen detecteren of een ander voertuig harder rijdt dan de toegestane maximumsnelheid, waarna van een camera gebruik zou worden gemaakt om foto’s van de snelheidsovertreder te maken. Daarbij zou ook beroep kunnen worden gedaan op de radar en lidar aan boord van het voertuig. Vervolgens zou de auto’s van Ford een rapport, met de gegevens over de opgetekende snelheden en bijhorende foto’s als bewijsmateriaal voor de vastgestelde inbreuk, naar een politiedienst worden verstuurd.

De technologie zou onder meer in de Ford Police Interceptor worden ingebouwd. – Foto: Ford Motor

Bovendien zouden ook, aan de hand van satellietnavigatie, gegevens over de locatie van de overtreder kunnen worden doorgestuurd. Op die manier zouden de taken van de politie gemakkelijker worden gemaakt. Ford zou de technologie bovendien kunnen installeren in zelfrijdende wagens, die op de baan zouden kunnen worden gestuurd om snelheidsovertredingen te registreren. Ford maakte trouwens eerder al gewag van een patentaanvraag voor een technologie die het mogelijk zou maken om de snelheid van de wagens tijdens de nacht automatisch te beperken.

Voor de registratie van de snelheidsovertredingen zou Ford verschillende mogelijkheden creëren. De auto zou immers langs de weg zijn kunnen worden gestationeerd, maar zou ook met het verkeer kunnen meerijden. “De wagens zouden ook in groep kunnen worden ingezet”, wordt er opgemerkt. “Hierbij zouden meerdere wagens zich in de buurt van de overtreder ophouden. Dat kan nuttig zijn, want wanneer men een foto van de chauffeur wil kunnen nemen, is het wellicht handig om foto’s uit verschillende hoeken te kunnen nemen. 

Police Interceptor

Critici stellen echter de vraag in hoeverre deze rapporten ook in de praktijk een impact zouden kunnen hebben. “Er heerst grote twijfel of de politiediensten inbreuken tegen snelheidsbeperkingen zouden kunnen vervolgen wanneer die niet rechtstreeks door beëdigde agenten zouden zijn geregistreerd”, voeren zij aan.

Daarbij wordt erop gewezen dat er ook al snelheidscamera’s langsheen de wegen worden gebruikt om inbreuken vast te stellen. Zij kunnen echter alleen maar een boete aan een nummerplaat koppelen. Deze technologieën zijn immers niet in staat om de daadwerkelijke chauffeur te identificeren. Bovendien moet men zich de vraag stellen hoe de chauffeurs van Ford zich zullen voelen wanneer ze tot het besef komen dat ze worden ingeschakeld om andere autobestuurders op fouten te betrappen en te bestraffen.

In een verklaring verduidelijkt Ford dat de verkeerspolitie bij de vaststelling van snelheidsovertredingen vaak met verschillende uitdagingen wordt geconfronteerd. “Onder meer is er de noodzaak om snel en accuraat een snel rijdend voertuig te identificeren en daarop actie te ondernemen”, betoogt de Amerikaanse autobouwer. “Het is wenselijk om systemen en methoden aan te bieden die de verkeerspolitie of andere ordehandhavers bij het uitvoeren van dergelijke taken assistentie kunnen verlenen.”

Ford benadrukte verder dat in de patentaanvraag expliciet staat vermeld dat de technologie specifiek is bedoeld om in voertuigen voor de wetshandhaving, zoals de Ford Police Interceptor, te worden ingebouwd. “Het is een systeem dat een mogelijkheid automatiseert die de wetshandhaving momenteel al in gebruik heeft”, wordt er opgemerkt. “Nieuw is alleen dat daarbij nu gebruik zou worden gemaakt van technologie die vast in het voertuig is ingebouwd en van sensoren waarmee de auto is uitgerust.”

Ford voegt eraan toe dat het niet de bedoeling is om de gegevens van het rijgedrag van voertuigen van klanten met wetshandhavers te delen. Er wordt anderzijds opgemerkt dat Ford vaak patenten aanvraagt voor de ondersteuning van nieuwe technologieën en de bescherming van nieuwe ideeën, maar niet noodzakelijkerwijs al deze uitvindingen in nieuwe productieplannen zal vertalen.

Meer over dit onderwerp:

Posted in automotive, Mobility, technologie | Reacties uitgeschakeld voor Auto’s van Ford kunnen snelheidsduivels aan de politie melden

Biomaterie kan in vele sectoren meer duurzaamheid creëren

Posted by managing21 on 1st augustus 2024

Biologische materie kan de basis vormen voor de aanmaak van unieke nieuwe materialen die zich kunnen aanpassen aan hun omgeving en zichzelf kunnen herstellen. Dat blijkt uit onderzoeksprojecten van wetenschappers aan de Technische Universiteit Delft (Nederland) en de Primorska Universiteit in Koper (Slovenië). Deze alternatieve materialen kunnen volgens de onderzoekers een belangrijke bijdrage leveren tot een grotere duurzaamheid in een brede waaier van sectoren.

Kunal Masania, docent luchtvaartstructuren aan de Technische Universiteit Delft, werkt aan de ontwikkeling van levende materialen voor een gebruik in de luchtvaart, de ruimtevaart en de transportsector. “Deze levende materialen bevatten micro-organismen zoals schimmels en bacteriën, waardoor ze hun integriteit kunnen behouden en zichzelf kunnen herstellen”, betoogt Masania.

Het onderzoeksteam van Masania keek naar het potentieel van biologische organismen die zouden kunnen worden geïntegreerd in innovatieve nieuwe materialen voor gebruik in de industrie en techniek. “Het doel is om kunstmatige structuren te maken die zich kunnen gedragen als levende organismen, die in staat zijn om mechanische spanningen te voelen en zich daaraan aan te passen”, verduidelijkt Masania.

Onder meer voor de aankleding van het interieur van vliegtuigen kan biologische materie worden gebruikt. – Foto: Airbus

De onderzoekers gebruikten een composiet dat levende schimmelcellen en hout combineert. De structuur bestaat uit een hydrogel en mycelium, een wortelachtige structuur van een schimmel die normaal gesproken ondergronds leeft. “We hebben ervoor gekozen om met schimmels te werken omdat zijn een heel robuust organisme zijn, bestand zijn tegen zware omstandigheden en relatief gemakkelijk te kweken zijn,” zei Masania.

“Bovendien hebben schimmelcellen een groot vermogen om zich te verbinden. Mycelium kan een uitgebreid sensornetwerk aanleggen waarmee signalen door het hele organisme kunnen worden gestuurd. Dit betekent dat de wetenschappers slechts een beperkt aantal cellen over het materiaal hoeven te verspreiden. De cellen zullen zich immers weer verbinden om uiteindelijk een sensornetwerk vormen. De productie van deze levende materialen gebeurt met behulp van driedimensionale drukmethodes.

Biologische materialen zouden kunnen helpen bij het verbeteren van de prestaties en de duurzaamheid van kritieke structuren die worden gebruikt in gebieden zoals de luchtvaart, ruimtevaart en transport. Masania en zijn team onderzoeken onder meer of hun composieten gebruikt kunnen worden als kernmateriaal voor het interieur van vliegtuigen.

“Onze materialen zijn bijzonder licht en duurzamer dan de materialen die momenteel worden gebruikt,” zegt Masania. “Momenteel is het interieur van vliegtuigen grotendeels vervaardigd uit plastic en metaal. Als we deze materialen vervangen, zijn we niet langer afhankelijk van fossiele brandstoffen en kunnen we ook voor de recuperatie betere oplossingen bieden. Door het gebruik van levende materialen kunnen de vliegtuigonderdelen worden ontmanteld en teruggegeven aan de natuur.”

“Het materiaal zou bijzonder interessant kunnen zijn voor bouwconstructies in de ruimte en op andere planeten,” zei hij. “Onze levende materialen zouden de basis kunnen vormen van nieuwe habitats, omdat de lokale materialen kunnen worden gebruikt en aan elkaar worden gebonden met behulp van de schimmels.”

Bouwtechnologie

Biogebaseerde materialen worden ook gebruikt om een nieuwe bondgenoot voor duurzaam bouwen te ontwikkelen. Anna Sandak, docente materiaalkunde aan de  Primorska Universiteit in Koper (Slovenië), doet onderzoek naar innovatieve hernieuwbare materialen voor duurzaam bouwen. In 2022 kreeg Sandak subsidies van de Europese Unie om het concept van een bioactief levend coatingsysteem voor duurzame bouwtechnologie verder te ontwikkelen. Dat leidde tot de creatie van een biofilm die verschillende oppervlakken – waaronder beton, plastic en metaal – kan beschermen.

Het idee is dat deze levende huid kan worden toegepast om bouwmaterialen te beschermen en gebouwen veerkrachtiger en duurzamer te maken. “In plaats van synthetische chemicaliën, biociden en minerale oliën – die niet altijd milieuvriendelijk zijn – te gebruiken, richten we ons op het ontwikkelen van natuurlijke oplossingen,” benadrukte Sandak.

Door het gebruik van levende organismen, creëren wetenschappers nieuwe functionaliteiten die niet in conventionele materialen te vinden zijn. “We voegen een nieuwe dimensie aan materialen toe die voorheen niet bestond,” zegt Sandak. “In de natuur hebben cellen veel fantastische eigenschappen die in synthetische materialen bijzonder moeilijk zijn te bereiken en ook heel duur zijn. Levende materialen zijn milieuvriendelijker, ze kunnen zichzelf genezen, hebben de potentie om lucht te zuiveren en zijn goedkoper.”

Ook het team van Sandak werkt vooral met schimmels. “Schimmels hebben een enorm potentieel”, betoogt de wetenschapster. “Ze groeien fantastisch, hebben een hoge overlevingskans en hebben niet veel voedingsstoffen nodig.” Schimmels zijn momenteel al terug te vinden op bouwplaatsen, maar zijn meestal niet gewenst omdat ze materialen kunnen beschadigen. Sandak werkt echter met een specifieke schimmel die niet schadelijk is en materialen niet aantast. 

Om ervoor te zorgen dat de oplossing ook in praktijk zou worden toegepast, creëren de wetenschappers een biocoating die niet alleen effectief blijkt, maar ook visueel aantrekkelijk is. “In de architectuur is esthetiek belangrijk”, benadrukt Sandak. “Gestreefd wordt naar een coating op waterbasis die op een groot aantal oppervlaktes kan worden gespoten, geborsteld of gerold. Het onderzoek vordert snel en het zal het niet lang meer duren voordat de coating op de eerste gebouwen kan worden aangebracht. Ik denk dat het mogelijk zal zijn om de oplossing al binnen het volgende decennium in praktijk te kunnen toepassen.”

De technologieën kunnen een belangrijke maatschappelijke impact hebben. “Het wordt mogelijk om de wereld te verbeteren”, benadrukt Sandak. “Ik denk dat we in de toekomst zeker veel meer toepassingen voor biogebaseerde materialen zullen kunnen opmerken. Dat geldt niet alleen voor de bouwkunde, maar ook voor consumptieproducten. Naarmate het begrip van deze materialen toeneemt, zullen er steeds meer toepassingen volgen.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in biotechnologie, luchtvaart & ruimtevaart, Stad | Reacties uitgeschakeld voor Biomaterie kan in vele sectoren meer duurzaamheid creëren

Wereldwijde muziekverkoop zet onafgebroken groei verder

Posted by managing21 on 1st augustus 2024

De wereldwijde muziekverkoop zal in 2028 een omzet van 53 miljard dollar laten optekenen, tegenover 43,9 miljard dollar inkomsten die dit jaar mogen worden verwacht. Dat blijkt uit een rapport van analist Omdia. In 2027 zal de sector de kaap van 50 miljard dollar inkomsten kunnen melden. Er wordt aan toegevoegd dat een groot deel van de groei de volgende jaren door China zal worden aangebracht. 

“De wereldwijde muziekverkoop zal ook de volgende jaren een verdere groei kunnen melden”, merken de onderzoekers op. “De sector is daarbij door een voortdurende groei gekenmerkt. Er kan momenteel al tien jaar van een onafgebroken stijging melding worden gemaakt. Die trend zal zich ook de volgende jaren verder blijven manifesteren. Er zal in 2028 gewag kunnen worden gemaakt van veertien jaar onafgebroken groei, nadat de eerste veertien jaar van deze eeuw door een voortdurende daling werden getekend.”

De wereldwijde muziekverkoop voorspelt dit jaar een omzet van 43,9 miljard dollar. – Foto: Pixabay/Fernando Zhiminaicela

Abonnementen – waaronder platforms zoals Spotify, Apple Music en YouTube Music – zullen naar verwachting een groot deel van de groei in de sector vertegenwoordigen. “Deze activiteit liet vorig jaar een omzet van 24,3 miljard dollar noteren”, merkt Omdia op. “Dit jaar wordt een stijging met 10,4 procent tot 26,8 miljard dollar voorspeld. In 2018 zullen abonnementen meer dan 34,4 miljard dollar inkomsten realiseren. Dit betekent dat de sector de volgende jaren op een gemiddelde groei met 7,2 procent mag rekenen.”

Inkomsten uit reclame zullen volgens Omdia tot 2028 een gemiddelde groei met 5,7 procent per jaar vertonen. Daarmee zal die sector een beduidend sterkere groei vertonen dan de fysieke verkoop, die op een jaarlijkse gemiddelde stijging met 2 procent kan hopen. De groei van de fysieke verkopen zal zich ook de volgende jaren doorzetten, maar die stijging zal wel een duidelijke vertraging vertonen. In 2028 mag nog een toename met 0,2 procent worden verwacht. De fysieke verkopen zullen op dat ogenblik 7,3 miljard dollar inkomsten genereren.

De inkomsten uit audio en video, aangebracht door reclame, bereikten vorig jaar een niveau van 4,9 miljard dollar. Dit jaar wordt een stijging met 8,1 procent tot 5,3 miljard dollar voorspeld. In 2028 zou een niveau van 6,5 miljard dollar worden bereikt.

China

Omdia verwacht dat China in de ranglijst met grootste muziekmarkten van de wereld de volgende vijf jaar een sterke opmars zal maken. Verwacht wordt dat China in 2026 een grotere muziekmarkt zal worden dan Duitsland. Het jaar daarop zou het Aziatische land ook het Verenigd Koninkrijk voorbijsteken.

De onderzoekers merken nog op dat in 2018 het marktleiderschap in Azië nog altijd in handen van Japan zal zijn. Het jaar daarop zal die positie volgens Omdia echter door China worden overgenomen. In het rapport wordt opgemerkt dat de muziekverkoop in China vorig jaar een niveau van 1,97 miljard dollar haalde. Voor dit jaar wordt een stijging met 22,1 procent tot 2,4 miljard dollar voorspeld. In 2026 zou de Chinese muziekverkoop de grens van 3 miljard dollar doorbreken. In 2028 zou een omzet van 4 miljard dollar worden gehaald. Op dat ogenblik zal alleen de Verenigde Staten nog een grotere muziekverkoop kennen dan China.

“Muziekmaatschappijen moeten deze cijfers met een grote tevredenheid verwelkomen”, geeft Simon Dyson, analist bij Omdia, aan. “De sector zal in 2028 op een periode van veertien jaar onafgebroken groei kunnen terugblikken. Elk jaar zullen daarbij nieuwe records kunnen worden gemeld in landen die in het verleden zwaar door piraterij werden getroffen, maar nu een bijdrage leveren aan de inkomsten uit muziekopnames. Er moet ook vooral naar China worden gekeken. De Chinese muziekverkoop zal immers in amper vijf jaar ruimschoots een verdubbeling kennen.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in media & cultuur | Reacties uitgeschakeld voor Wereldwijde muziekverkoop zet onafgebroken groei verder

Europese luchtvaart heeft impact covid-crisis nu volledig verteerd

Posted by managing21 on 1st augustus 2024

Het passagiersverkeer in de Europese luchtvaart is tijdens de eerste helft van dit jaar met 9 procent tegenover dezelfde periode vorig jaar. Daarmee heeft het passagiersverkeer een niveau bereikt dat hoger ligt dan vijf jaar geleden, voor de uitbraak van de covid-pandemie. Dat blijkt uit een rapport van de sectororganisatie Airports Council International Europe (ACI). Wel wordt opgemerkt dat de activiteiten van de Europese luchthavens extreem gefragmenteerd zijn geworden.

Tijdens de eerste drie maanden van dit jaar lag het passagiersvervoer in de Europese luchtvaart 10,1 procent hoger dan tijdens dezelfde periode vorig jaar. Tijdens het tweede kwartaal werd nog een stijging met 8 procent geregistreerd. Vooral het internationale verkeer bleek tijdens de eerste helft van dit jaar de belangrijkste factor in de groei van het Europese passagiersvervoer. Daar kon immers een stijging met 10,3 procent worden opgetekend. Dat is ruimschoots het dubbele van de groei met 4,2 procent die de trafieken binnen Europa lieten noteren.

London Heathrow bleef ook de eerste helft van dit jaar met 39,8 miljoen passagiers de drukste luchthaven van Europa. – Foto: Heathrow

Er werden in Europa tijdens de eerste helft van dit jaar door de luchtvaart 0,4 procent meer reizigers vervoerd dan tijdens dezelfde periode vijf jaar geleden. “Nu het totale passagiersverkeer eindelijk opnieuw boven het niveau van 2019 is uitgekomen, heeft de Europese luchtvaart de periode van de covid-pandemie duidelijk afgesloten”, benadrukt Olivier Jankovec, directeur-generaal van ACI Europe. “Er moet wel aan worden toegevoegd dat slechts 53 procent van de luchthavens tijdens de eerste helft van dit jaar meer passagiers hebben ontvangen dan tijdens dezelfde periode vijf jaar geleden.”

“De groei van het Europese passagiersvervoer weerspiegelt structurele veranderingen in zowel de vraag als het aanbod”, betoogt Jankovec. “De trend is duidelijk gestoeld op een toename van de vrijetijdsreizigers en passagiers die vrienden en familie gaan bezoeken. Daarnaast moet ook rekening gehouden worden met de toenemende activiteit van ultra lowbudget-maatschappijen en de prestaties van luchtvaartmaatschappij Turkish Airlines.”

“De cijfers bieden ook een beeld over de dynamiek van de luchtvaartmarkten in een aantal regio’s in Oost-Europa en Centraal-Azië, samen met de voortdurende impact van geopolitiek op specifieke markten, ten goede of ten kwade, afhankelijk van hun locatie”, merkt Jankovec nog op.

Recordaantal

ACI Europe zegt te verwachten tijdens de zomermaanden een recordaantal passagiers te kunnen noteren, ondanks uitdagingen zoals de recente wereldwijde computerstoring wegens een incident bij CrowdStrike, tekorten aan capaciteit voor het beheer van het luchtverkeer en vertragingen bij de levering van vliegtuigen. Maar Jankovec waarschuwt dat de prestaties vanaf het vierde kwartaal zullen afhangen van de veerkracht die in de vraag zou kunnen worden opgemerkt onder invloed van gemengde macro-economische signalen, waaronder een dalende inflatie en stabiele werkloosheidscijfers.

Luchthavens in de Europese Unie (EU), Noorwegen, IJsland, Zwitserland en het Verenigd Koninkrijk, lieten tijdens de eerste helft van dit jaar een toename met 9,5 procent registreren tegenover dezelfde periode vorig jaar. Dat leverde een evenaring op van de trafieken die voor de uitbraak van de covid-pandemie werden genoteerd. De beste prestaties werden daarbij opgetekend door de luchthavens in Polen, die gemiddeld een groei met 24,5 procent konden melden. Daarna volgen Griekenland (23,9 procent) en Malta (19,1 procent).

Aan het andere uiteinde van het spectrum staat Finland, waar een daling met 26,4 procent moest worden geregistreerd, gevolgd door Slovenië en Bulgarije, die een inkrimping met respectievelijk 21,5 procent en 20,5 procent toonden. Bij de grootste luchtvaartmarkten van Europa liet Italië met een groei van 13,1 procent de sterkste prestatie neerschrijven, gevolgd door Spanje met een stijging van 8 procent. Duitsland moest een achteruitgang van 17 procent melden, maar ook in Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk was er respectievelijk sprake van een afname met 4 procent en 1,1 procent.

Luchthavens in de rest van Europa lieten tijdens de eerste helft van dit jaar een stijging met 5,8 procent optekenen. De trafieken liggen in die gebieden nu 2,9 procent boven het niveau dat voor de uitbraak van de covid-crisis werd opgemerkt. De sterkste groei werd daarbij opgetekend in Albanië, waar de trafieken met 243 procent toenamen, gevolgd door Oezbekistan (202 procent), Armenië (78 procent) en Kazachstan (67 procent).

De vijf grootste luchthavens van Europa ontvingen tijdens de eerste helft van dit jaar in totaal 174,6 miljoen passagiers. Dat betekende een stijging met 8 procent tegenover dezelfde periode vorig jaar. Tegenover de eerste zes maanden van 2019 is er sprake van een stijging met 2 procent. London Heathrow bleef met 39,8 miljoen passagiers de drukste luchthaven van Europa, gevolgd door Istanbul, Paris Charles de Gaulle, Schiphol Amsterdam en Madrid.

Andere grote luchthavens die tijdens de eerste helft van dit jaar een sterke groei lieten optekenen, waren onder meer Fiumicino Rome (26 procent), Antalya (19,8 procent), Istanboel Sabiha Gökçen (16,6 procent) en Athene (16,1 procent).

Meer over dit onderwerp:

Posted in luchtvaart & ruimtevaart, Mobility | Reacties uitgeschakeld voor Europese luchtvaart heeft impact covid-crisis nu volledig verteerd