managing21.be

Managing21: een blik op het heden en de toekomst van de economie.

Crash Air India mogelijk veroorzaakt door afgesloten brandstoftoevoer

Posted by managing21 on juli 12th, 2025

De brandstoftoevoer naar beide motoren van het vliegtuig van Air India dat in juni van dit jaar crashte en aan 260 mensen het leven kostte, lijkt seconden na het opstijgen te zijn afgesloten. Dat blijkt uit een voorlopig rapport van het Indiase Aircraft Accident Investigation Bureau.

Vlucht AI171 van Air India, die vanuit de Indiase stad Ahmedabad naar Londen moest vliegen, stortte op 12 juni kort na het opstijgen in een dichtbevolkte woonwijk neer. Daarbij verloren 241 inzittenden het leven. Slechts één passagier overleefde de crash. Op de grond kwamen bij de crash nog eens negentien mensen om het leven. Vlucht AI171 werd daarmee de dodelijkste vliegtuigcrash in India in bijna dertig jaar.

Volgens een voorlopig rapport van het Indiase Aircraft Accident Investigation Bureau werden vlak na het opstijgen beide schakelaars in de cockpit die de brandstoftoevoer naar de motoren regelen, uitgeschakeld. Die ingreep deed de motoren van het vliegtuig, een Boeing 787-8 Dreamliner, vrijwel onmiddellijk stoppen. Het eerste rapport bevatte geen aanbevelingen tegen Boeing of tegen General Electric, de fabrikant van de motoren.

Het is niet duidelijk op welke manier de brandstofschakelaars zouden zijn uitgezet. Wel zou één van de piloten het probleem hebben opgemerkt en aan zijn collega hebben gevraagd waarom die de brandstof had afgesloten. De andere piloot zou echter ontkend hebben de brandstoftoevoer te hebben uitgeschakeld. Seconden later begon het vliegtuig hoogte te verliezen en werd een noodbericht vanuit de cockpit verzonden naar de luchtverkeersleiding, vlak voordat het toestel buiten de luchthavenomheining neerstortte.

Volgens het rapport werden de brandstofschakelaars na elkaar uitgeschakeld. Seconden later werden ze weer teruggezet om de brandstof opnieuw in te schakelen en kon een van de motoren opnieuw starten, maar dat kon het verlies aan snelheid niet meer herstellen.

De schakelaars zijn voorzien van beveiligingen, waaronder een vergrendelingsmechanisme, om onbedoelde bediening te voorkomen. Ze worden meestal gebruikt om motoren uit te zetten zodra een vliegtuig de gate op de luchthaven heeft bereikt of in bepaalde noodsituaties, zoals bij een motorbrand. Het rapport geeft niet aan dat er sprake was van een noodsituatie die het afzetten van de motoren vereiste.

De Amerikaanse luchtvaartveiligheidsexpert John Cox benadrukte dat een piloot de brandstofschakelaars niet per ongeluk zou kunnen omzetten. Zijn collega Anthony Brickhouse vraagt zich af waarom een piloot de schakelaars zou hebben bediend.

Het kan nog maanden duren voordat onderzoekers een volledig rapport over de oorzaak van de crash publiceren. Volgens de Indiase luchtvaartregels moet er binnen dertig dagen na het incident een voorlopig rapport worden uitgebracht. De gezagvoerder van het toestel was de 56-jarige Sumeet Sabharwal, die in totaal al 15.638 vlieguren had verzameld. Hij was ook instructeur bij Air India. De 32-jarige copiloot Clive Kunder had 3.403 vlieguren verzameld.

Posted in luchtvaart & ruimtevaart | Reacties uitgeschakeld voor Crash Air India mogelijk veroorzaakt door afgesloten brandstoftoevoer

Autosector waarschuwt voor prijzenoorlog en overcapaciteit bij Chinese fabrikanten

Posted by managing21 on juli 12th, 2025

De Chinese autosector heeft zwaar te lijden onder overcapaciteit en een aanhoudende prijzenoorlog. Dit baart zorgen bij toezichthouders en ondernemers, die waarschuwen dat de onrust de levensvatbaarheid van de sector op lange termijn ondermijnt. De hoogste leiders van China hebben volgens staatsmedia eerder deze maand beloofd om een strengere regelgeving in te voeren tegen de agressieve prijsverlagingen en de verouderde productiecapaciteit geleidelijk af te bouwen.

Gegevens van de London Stock Exchange Group (LSEG) over drieëndertig beursgenoteerde autofabrikanten met een hoofdzetel in China tonen een algemene verslechtering van belangrijke financiële kerncijfers over de voorbije zes jaar. Dit onderstreept de impact van de hevige prijzenoorlog die in 2023 begon.

Uit de cijfers blijkt dat de gemiddelde termijn die autofabrikanten nodig hebben om leveranciers en andere schuldeisers op korte termijn te betalen, de jongste periode sterk is opgelopen. In 2019 was er nog sprake van een termijn van 99 dagen. Vorig jaar was dat echter al tot 108 dagen opgelopen.

Begin juni introduceerde China een nieuwe regelgeving die grote bedrijven verplicht om betalingen binnen 60 dagen na ontvangst van goederen, technische diensten of materialen af te handelen. Joerg Wuttke, partner bij consulent DGA-Albright Stonebridge Group in Washington, zei dat Europese en Duitse leveranciers doorgaans binnen veertig tot vijftig dagen worden betaald. “Die nieuwe regelgeving zal zorgen voor een eerlijker speelveld en in feite voorkomen dat autofabrikanten hun leveranciers behandelen als banken,” beklemtoonde hij.

Onder de grote merken nam Byd, de grootste verkoper van elektrische voertuigen, vorig jaar gemiddeld 127 dagen tijd om zijn leveranciers en andere schuldeisers op kortetermijn te betalen. In 2019 bedroeg die termijn nog 81 dagen. In een reactie wees Byd erop dat in 2019 een betalingstermijn van 139 dagen werd geregistreerd, maar dat is volgens het bedrijf vorig jaar tot 127 dagen ingekrompen.

Bij Geely Automobile steeg de betalingstermijn van 139 dagen in 2019 naar 193 dagen vorig jaar. Geely weigerde commentaar. Great Wall Motor ging tegen de trend in en verkortte de betalingstermijn van 115 dagen in 2019 naar 94 dagen vorig jaar.

Schuldgraad

De gezamenlijke voorraadniveaus in de sector blijken tijdens een periode van vijf jaar meer dan verdubbeld te zijn tot 370 miljard yuan (51,55 miljard dollar), terwijl dealers klaagden dat veel fabrikanten hen verplichten om grotere voorraden wagens af te nemen om hoge verkoopdoelstellingen te kunnen halen.

De totale schuld van Chinese autofabrikanten steeg met 56 procent tot 959 miljard yuan vorig jaar, ten opzichte van het niveau vijf jaar voordien. Bij de verhouding tussen schuld en eigen vermogen liep de mediaan tijdens diezelfde periode met 21 procentpunt op tot 51,3 procent. De mediaan van de netto winstmarge daalde daarbij van 2,7 procent naar amper 0,83 procent.

BYD wist echter zijn winstmarge van 1,7 procent naar 5,4 procent te verhogen. Het bedrijf, dat zowel auto’s als onderdelen voor mobiele telefoons produceert, schreef de verbetering toe aan een gewijzigde bedrijfsstructuur. Daarbij zou het aandeel van de autodivisie in de omzet van Byd over de periode van vijf jaar van 49,5 procent naar 79,4 procent zijn toegenomen.

Nio en Xpeng, twee van de bekendste Chinese merken voor elektrische voertuigen, hadden de langste betalingstermijnen van de 33 bedrijven. De betalingstermijnen aan leveranciers en andere schuldeisers op korte termijn liepen op tot respectievelijk 223 en 237 dagen. Beide bedrijven werkten nog met verlies, hoewel hun negatieve marges gedurende de periode aanzienlijk verbeterden.

Nio gaf aan zich te zullen engageren aan een betaling binnen een periode van zestig dagen. Xpeng verklaarde dat de kasliquiditeit bleef verbeteren en verwees naar recente uitspraken van topman He Xiaopeng, die had aangegeven dat het bedrijf zich zal inspannen om zo spoedig mogelijk betalingen binnen een periode van zestig dagen, net zoals andere bedrijven, te realiseren.

Posted in automotive | Reacties uitgeschakeld voor Autosector waarschuwt voor prijzenoorlog en overcapaciteit bij Chinese fabrikanten

Zonnekracht voor eerste keer grootste bron van Europese elektriciteit

Posted by managing21 on juli 10th, 2025

Zonnekracht was tijdens de maand juni in de Europese Unie de grootste bron van elektriciteit. Het is de eerste keer in de geschiedenis dat de opwekking van Europese elektriciteit door zonnekracht wordt aangevoerd. Dat blijkt uit een rapport van de denktank Ember.

Uit de cijfers van Ember blijkt dat zonnekracht tijdens de maand juni dit jaar in de Europese Unie 22,1 procent van de opwekking van elektriciteit vertegenwoordigde. Zonnekracht liet kernenergie daarbij nipt achter zich, maar wekte beduidend meer elektriciteit op dan fossiele brandstoffen. Minstens dertien lidstaten vestigden maandrecords voor zonnekracht. In Nederland liep het aandeel van elektriciteit op tot een piek van 40,5 procent, gevolgd door Griekenland met 35,1 procent. De pieken waren te danken aan een toename in capaciteit en een lange periode van zonnig weer. 

Deze verschuiving hielp de Europese Unie tevens om een piek in energievraag, veroorzaakt door vroege zomers hittegolven die het continent teisteren, op te vangen. “Europa ontwikkelt zich op het gebied van zonnekracht tot een grootmacht”, benadrukte Chris Rosslowe, analist bij Ember, in een commentaar op de cijfers.

Terwijl zonnekracht een piek laat optekenen, blijkt de Europese afhankelijkheid van steenkool snel terug te vallen. Tijdens de maand juni was amper 6,1 procent van de opwekking van elektriciteit in de Europese Unie afkomstig uit steenkool. Dat is het laagste maandcijfer dat steenkool ooit in Europa heeft laten optekenen. Tijdens de maand juni van vorig jaar had steenkool in de Europese opwekking van elektriciteit nog een aandeel van 8,8 procent. 

Duitsland en Polen, samen verantwoordelijk voor het grootste deel van het steenkoolgebruik in de Europese Unie, noteerden beide historische dieptepunten. Duitsland wekte slechts 12,4 procent van zijn elektriciteit op uit steenkool, maar Polen vertoont met een aandeel van 42,9 procent daarbij nog wel een sterke afhankelijkheid van steenkool. Ook in Tsjechië (17,9 procent), Bulgarije (16,7 procent) en Denemarken (3,3 procent) werden nieuwe laagterecords opgetekend.

Tien lidstaten van de Europese Unie gebruikten helemaal geen steenkool meer voor de opwekking van elektriciteit. Dat was onder meer het geval in Ierland, dat de voorbije maand zijn laatste steenkoolcentrale heeft gesloten. Spanje en Slowakije plannen eveneens om dit jaar definitief te stoppen met de productie van steenkool. Ondertussen bereikten minstens dertien lidstaten van de Europese Unie het hoogste aandeel van zonnekracht in de productie van elektriciteit. Dat was onder meer het geval voor België, Kroatië, Frankrijk, Hongarije, Italië, Portugal en Slowakije.

Gezamenlijk schetsen de gegevens een hoopvol beeld voor de Europese energietransitie, waarbij de zomerperiode minder bepaald wordt door fossiele brandstoffen en meer door zonnekracht.

Publieke steun

Europa kan haar succes op het gebied van zonnekracht gedeeltelijk toeschrijven aan overweldigende publieke steun voor hernieuwbare energiebronnen, vooral wanneer die ook economische voordelen opleveren. Volgens de Europese Commissie steunen bijna negen op de tien Europeanen maatregelen van de Europese Unie om meer hernieuwbare energie te produceren.

In veel landen spreken vooral zonnepanelen op daken, lagere energierekeningen en onafhankelijkheid van de grillige fossiele markten jongeren en klimaatbewuste consumenten aan. Onderzoek toont aan dat gemeenschapsprojecten met kortingen, gedeeld eigenaarschap of lokale werkgelegenheid consistent op steun kunnen rekenen. Projecten die bewoners bij de opwekking van duurzame energie betrekken en financiële voordelen delen, hebben ook op lange termijn meer kans van slagen.

Deze initiatieven hebben tevens een bijdrage geleverd tot de toenemende capaciteit aan zonnekracht. De capaciteit om zonnekracht op te wekken kent in Europa een snelle stijging en versnelt het afscheid van fossiele brandstoffen. In 2008 kwam slechts 1 procent van de Europese hernieuwbare energie uit zonnekracht, maar in 2023 was dat aandeel al gestegen tot 20,5 procent. “De onafgebroken records zijn niet alleen te danken aan zonnig weer, maar ook aan de nieuwe zonnepanelen die elk jaar worden geplaatst,” beklemtoonde Rosslowe.

Het record van de voorbije maand was volgens analisten weliswaar een belangrijke mijlpaal, maar ze voegen eraan toe dat er nog veel meer mogelijk is. Een recent onderzoek van de Global Energy Monitor wees uit dat de omvorming van gesloten steenkoolmijnen tot zonneparken genoeg elektriciteit kan opleveren om een land ter grootte van Duitsland van elektriciteit te voorzien. Volgens de organisatie kunnen meer dan 1,2 miljoen hectare voormalige steenkoolterreinen in Europa worden herbestemd voor duurzame energie.

Zonnekracht is niet de enige drijvende kracht achter de energietransitie van Europa. Windenergie vertegenwoordigde zowel in mei als juni bijna 16 procent van de opwekking van elektriciteit in de Europese Unie. Dat is het hoogste aandeel dat windenergie tijdens die maanden heeft laten optekenen.

Ondanks de recordprestaties met duurzame energie, vertegenwoordigden fossiele brandstoffen tijdens de maand juni nog steeds ongeveer 25 procent van de opwekking van elektriciteit in de Europese Unie. Dat is beduidend minder dan de voorbije jaren, maar benadrukt de uitdagingen die nog resteren, vooral tijdens momenten van de dag of seizoenen waarin zon en wind minder opbrengen.

Experts benadrukken dat meer opslagcapaciteit, intelligente netwerken en een beter vraagbeheer cruciaal zullen zijn om nieuwe duurzame pieken te laten optekenen en fossiele brandstoffen verder uit het systeem te duwen. “Goedkope hernieuwbare energie helpt Europa nu al om zich te bevrijden uit de greep van de fossiele energieprijzen,” betoogde Rosslowe. “De volgende grote kans ligt in batterijopslag en flexibiliteit – om hernieuwbare elektriciteit ook tijdens de ochtend en avond te benutten – op ogenblikken dat fossiele energie nog steeds voor hoge elektriciteitsprijzen zorgt.”

Meer over dit onderwerp:

Posted in energie | Reacties uitgeschakeld voor Zonnekracht voor eerste keer grootste bron van Europese elektriciteit

Europa nog slechts enkele jaren verwijderd van onbemande gevechtsvliegtuigen

Posted by managing21 on juli 10th, 2025

Europa is nog slechts enkele jaren verwijderd van de inzet van onbemande gevechtspiloten. Dat heeft Stephanie Lingemann, directeur van de luchtdivisie van de dronefabrikant Helsing, gezegd naar aanleiding van een demonstratie met een exemplaar van het jachtvliegtuig Gripen E van het Zweedse defensiebedrijf Saab in mei en juni boven de Oostzee. Helsing is momenteel de meest waardevolle startup in de Europese defensiesector.

“De experimenten met de Gripen E hebben aangetoond dat de technologie zich bijzonder snel ontwikkelt”, benadrukte Lingemann. “De inzet van onbemande gevechtsvliegtuigen zal dan ook op korte termijn worden gerealiseerd. Er wordt hier niet meer gesproken over enkele decennia, maar over enkele jaren. We verwachten dat de technologie, waarbij gevechtsvliegtuigen door software worden bestuurd, nog dit decennium op de markt zal worden geïntroduceerd.”

“De beste straaljagerpiloot kan tijdens zijn carrière ongeveer vijfduizend vlieguren opbouwen”, merkte Lingemann op. “Maar het kostte het Centaur AI-systeem van Helsing amper tweeënzeventig uur om één miljoen uur ervaring op te doen. De technologie kan heel snel een bovenmenselijk prestatieniveau bereiken en kan reageren op nieuwe omstandigheden. Piloten hoeven niet langer in gevaarlijke situaties gebracht te worden.”

Over de hele wereld werken legers – onder meer in de Verenigde Staten, Rusland en China – aan aanpassingen van bestaande straaljagers en de ontwikkeling van nieuwe onbemande toestellen. De trend betekent volgens Kevin Anderson, kolonel bij de Amerikaanse luchtmacht en analist van het Joint Air Power Competence Centre van de Navo, een paradigmaverschuiving in luchtgevechten. Volgens Lingemann moet daarbij echter met een lange overgangsperiode rekening worden gehouden.

“Piloten zullen in hun vliegtuigen in eerste instantie ondersteuning krijgen van artificiële intelligentie, die hen kan helpen bij complexe manoeuvres en het detecteren van dreigingen”, verduidelijkte Lingemann. “Beide systemen zullen een aantal decennia naast elkaar blijven bestaan. Uiteindelijk zullen de operatoren, net zoals bij drones, geleidelijk op andere functies overstappen.”

Drones en duikboten

Helsing werd vier jaar geleden opgericht, maar groeide snel uit tot een van grootste startups in Europa. Het bedrijf profiteerde van de oorlog in Oekraïne en de eis van de Verenigde Staten dat Europa een grotere verantwoordelijkheid voor de eigen militaire beveiliging zou opnemen. Deze fenomenen hebben immers geleid tot een grootschalige herbewapening van het Europese continent. De waarde van het bedrijf wordt momenteel op 12 miljard euro gewaardeerd.

Helsing begon met het ontwikkelen van artificiële intelligentie voor bestaande en toekomstige wapens, maar is inmiddels ook actief in de productie van drones en onbemande duikboten. De snelgroeiende industrie voor autonome wapens roept echter grote vragen op over ethiek, verantwoordelijkheid en de toekomst van de oorlogsvoering.

Antoine Bordes, vicevoorzitter artificiële intelligentie bij Helsing, benadrukte dat bij het bedrijf mensen altijd centraal staan bij beslissingen over de inzet van wapens en softwaresystemen. Maar hij voegde eraan toe dat Europa zich niet schuchter moet opstellen bij de ontwikkeling van autonome aanvalstechnologieën. “Als Europa dat niet – met zijn eigen waarden – doet, zal het elders gebeuren.”

Toch benadrukte Simon Brünjes, bij Helsing hoofd van de fabricage van bewapende drones die in Oekraïne worden ingezet, dat het bedrijf niet wil overgaan tot de inzet van volledig autonome dodelijke drones die zelf beslissen wat en wanneer ze aanvallen. “In Oekraïne bevinden kleuterscholen en andere civiele infrastructuur zich vaak dicht bij het front”, beklemtoonde hij. “In een dergelijke omgeving moet een mens de beslissing nemen. In andere scenario’s – zoals bij een grootschalige oorlog met Rusland of China – is dat een andere vraag.”

Posted in luchtvaart & ruimtevaart | Reacties uitgeschakeld voor Europa nog slechts enkele jaren verwijderd van onbemande gevechtsvliegtuigen

Dit jaar sluit elke dag een Britse pub definitief zijn deuren

Posted by managing21 on juli 10th, 2025

In Groot-Brittannië zal dit jaar gemiddeld minstens elke dag één pub zijn deuren definitief sluiten. Dat blijkt uit een rapport van de British Beer and Pub Association (BBPA). De oorzaak van de problemen moet volgens de sectororganisatie, die meer dan 20.000 pubs in het Verenigd Koninkrijk vertegenwoordigt, bij de hoge zakelijke belastingen worden gezocht. Tegelijkertijd roept de horecasector de overheid op om de ondraaglijke kosten aan te pakken.

De British Beer and Pub Association verwacht dat er dit jaar in Engeland, Schotland en Wales 378 pubs definitief hun deuren zullen sluiten. Hierdoor zouden ook 5.600 arbeidsplaatsen verloren gaan. Dat fenomeen vormt een bevestiging van een langdurige trend. Sinds het begin van deze eeuw hebben in Groot-Brittannië al meer dan 15.000 pubs definitief hun deuren gesloten. Vorig jaar werden 350 sluitingen genoteerd.

De BBPA verwijst naar de zakelijke belastingen, een van de zwaarste kostenposten voor de sector, als belangrijkste oorzaak van de problemen. De zakelijke belastingen worden gebaseerd op een schatting van de huurwaarde van de pubs. Die schatting wordt uitgevoerd door het Valuation Office Agency. De zakelijke belastingen voor pubs zijn echter vaak onevenredig hoog ten opzichte van hun winstgevendheid. Pubs zijn immers vaak gevestigd in panden met een hoge waarde, maar draaien met bijzonder krappe winstmarges.

De BBPA wees ook op andere kosten die de 45.000 pubs in het Verenigd Koninkrijk treffen, zoals accijnzen op bier en de belastingen op toegevoegde waarde. De sectororganisatie wijst erop dat een kwart van de inkomsten die de pubs met de verkoop van bier genereren, rechtstreeks naar de Britse staatskas vloeit. 

Daarnaast is de sector getroffen door het besluit van de Britse regering om de werkgeversbijdrage voor de nationale verzekering te verhogen. Verder zijn er ook de nieuwe regels voor afvalverwerking, waarbij de pubs volgens de BBPA in feite dubbel worden belast voor de recyclage van glazen flessen. Deze verplichtingen confronteren de sector naar schatting met 60 miljoen pond extra kosten per jaar.

Hervormingen

“De Britse pubs draaien goed, maar het grootste deel van het geld dat binnenkomt, verdwijnt meteen weer in rekeningen en belastingen”, werpt Emma McClarkin, chief executive van de British Beer and Pub Association, op. “Voor velen is het onmogelijk om winst te maken, wat er al te vaak toe leidt dat pubs voorgoed hun deuren sluiten. Maar het is nog niet te laat om deze trieste situatie te keren.”

“We weten dat de overheid de economische en sociale waarde van pubs erkent. We vragen geen speciale behandeling, maar willen alleen dat het potentieel van de sector benut wordt. We roepen de regering op om werk te maken van een zinvolle hervorming van de zakelijke belastingen, de torenhoge extra kosten rond werkgelegenheid en recyclage te verzachten en de accijnzen op bier te verlagen.”

De horecasector heeft tijdens een hoorzitting in een parlementaire commissie ook zijn zorgen over de stijgende energiekosten naar voor gebracht. David Wigham, commercieel directeur van de keten Admiral Taverns, benadrukte dat de energiekosten nog steeds tot twee keer hoger liggen dan voor de energiecrisis die door de inval van Rusland in Oekraïne werd veroorzaakt.

Paul Wilson, beleidsdirecteur van de Federation of Small Businesses, voegde eraan toe dat de horecasector bijzonder kwetsbaar is voor hoge energiekosten vanwege de terughoudendheid van klanten om hogere prijzen te betalen, het lage niveau van energie-efficiëntie in de sector en het gebrek aan financiële reserves na de uitbraak van de covid-pandemie. De BBPA heeft eerder al gepleit om tijdens periodes van hoge prijzen een plafond op de energierekeningen van de sector in te voeren.

Posted in voeding & horeca | Reacties uitgeschakeld voor Dit jaar sluit elke dag een Britse pub definitief zijn deuren

Groei investeringen in data en artificiële intelligentie sneller dan in fysieke activa

Posted by managing21 on juli 10th, 2025

De aankoop van fysieke activa werd vorig jaar overschaduwd door een sterke toename van investeringen in immateriële zaken zoals software, data en kunstmatige intelligentie. Dat blijkt uit een rapport van de World Intellectual Property Organization (Wipo) en de Luiss Business School uit Rome. Gewag wordt daarbij gemaakt van een fundamentele verschuiving in de manier waarop economieën groeien en concurreren.

In het rapport wordt aangevoerd dat investeringen in activa rond intellectuele eigendommen drie keer sneller groeien dan investeringen in fysieke objecten zoals machines en gebouwen, die volgens de Wipo te lijden hebben onder hoge rentetarieven en een zwakke economische heropleving. Het rapport toont aan dat immateriële investeringen in 27 landen met een hoog en gemiddeld inkomen vorig jaar met ongeveer 3 procent tot 7,6 biljoen dollar zijn gestegen.

“Wij zijn getuige van een fundamentele verschuiving in de manier waarop economieën groeien en concurreren,” benadrukte Daren Tang, topman van de Wipo, in een commentaar op de studie. “Terwijl bedrijven tijdens onzekere tijden hun investeringen in fabrieken en uitrusting hebben teruggeschroefd, verdubbelen ze hun inzet op immateriële activa. Deze trend heeft diepgaande gevolgen heeft voor beleidsmakers. Landen die immateriële investeringen begrijpen en ondersteunen, zullen beter gepositioneerd zijn om te groeien en te floreren in een wereldeconomie die steeds meer wordt aangedreven door technologische, digitale en culturele innovatie.”

In absolute bedragen hebben de Verenigde Staten het voorbije jaar de grootste investeringen in immateriële activa laten optekenen. De Amerikaanse investeringen lagen bijna twee keer hoger dan de budgetten die in de dichtstbijzijnde achtervolgers – Frankrijk, Duitsland, Japan en het Verenigd Koninkrijk – werden opgetekend.

Zweden blijft anderzijds de meest immaterieel-intensieve economie ter wereld. De investeringen in immateriële activa vertegenwoordigden immers 16 procent van het Zweedse bruto binnenlandse product. Zweden wordt gevolgd door de Verenigde Staten, Frankrijk en Finland volgden met elk een score van 15 procent. India haalde een niveau van bijna 10 procent en scoort daarbij beter dan verscheidene economieën van de Europese Unie en Japan.

Kunstmatige intelligentie

Het rapport wees erop dat investeringen in immateriële activa zelfs in crisistijden een gestage en veerkrachtige groei hebben laten zien. Tussen 2008 en 2024 werd een jaarlijkse gemiddelde groei van ongeveer 4 procent genoteerd. Bij de investeringen in materiële activa was er tijdens diezelfde periode sprake van een jaarlijkse groei met 1 procent. Software en databanken zijn de snelst groeiende soorten immateriële investeringen. Daar werd tussen 2013 en 2022 een jaarlijkse gemiddelde groei van meer dan 7 procent geregistreerd.

Tegelijkertijd benadrukte het rapport dat deze investeringen samenvielen met de huidige golf van kunstmatige intelligentie, die voor een belangrijk deel van de groeiende budgetten verantwoordelijk zouden zijn. Artificiële intelligentie heeft al tot investeringen in fysieke infrastructuur – zoals chips, servers en datacenters – geleid. Het rapport suggereert dat kunstmatige intelligentie ook de investeringen in immateriële activa – zoals datasets die nodig zijn om systemen voor artificiële intelligentie te trainen – heeft gestimuleerd

“Mensen denken dat we ons al midden in de golf van artificiële intelligentie bevinden, maar in werkelijkheid staan we pas aan het begin van het proces”, zei Sacha Wunsch-Vincent, hoofd data-analyse bij de Wipo.

Posted in technologie | Reacties uitgeschakeld voor Groei investeringen in data en artificiële intelligentie sneller dan in fysieke activa

Klimaatverandering heeft nu al impact op wereldwijde bedrijfsleven

Posted by managing21 on juli 9th, 2025

Wereldwijd heeft meer dan de helft van de ondernemingen het voorbije jaar in zijn bedrijfsvoering te maken gehad met de gevolgen van klimaatverandering. Onder meer wordt gewag gemaakt van hogere kosten, een verstoring van het personeel en verlies van inkomsten. Dat blijkt uit een rapport van de Amerikaanse bank Morgan Stanley. De groeiende financiële impact is volgens de onderzoekers een belangrijke reden waarom sommige bedrijven, ondanks de politieke onrust, doorgaan met het terugdringen van hun uitstoot en zich aan een opwarmende wereld aanpassen.

Extreme hitte en stormen vertegenwoordigden de grootste verstoringen – gevolgd door bosbranden en rook, waterschaarste en overstromingen of stijgende zeespiegels – die door de ondervraagde bedrijven werden geciteerd. Alleen al de Verenigde Staten hebben het voorbije jaar bijna 1 biljoen dollar uitgegeven aan rampenbestrijding en andere klimaatgerelateerde behoeften.

Gegevens van het Amerikaanse Census Bureau tonen hoe deze effecten zich lokaal manifesteren. Daarbij wordt opgemerkt dat bijna twee derde van de bedrijven in het grootstedelijk gebied van Tampa gewag maakte van verliezen als gevolg van extreme weersomstandigheden na het orkaanseizoen van vorig jaar, toen de stormen Helene en Milton aan de westkust van Florida aan land kwamen.

De gevolgen zijn zeker niet beperkt tot bedrijven in de Verenigde Staten. De bosbranden in Canada dit jaar dwongen tot evacuaties van teerzandprojecten in Alberta, terwijl een rampzalige overstroming drie jaar geleden Toyota ertoe bracht om een rechtszaak aan te spannen voor meer dan 360 miljoen dollar schadevergoeding in Zuid-Afrika. Daarnaast dwingt extreme hitte Australische mijnbouwbedrijven om hun activiteiten aan te passen.

Voor het eerst bevatte het rapport van Morgan Stanley ook gegevens over de impact in het Midden-Oosten, Noord-Afrika en Zuid-Amerika. Uit de bevindingen blijkt dat bijna 90 procent van de Zuid-Amerikaanse bedrijven verwacht dat dat klimaatverandering tegen het einde van dit decennium een risico zal vormen voor hun bedrijfsmodellen. De ondernemingen citeren de beschikbaarheid en de prijs van grondstoffen, evenals het risico dat bestaande productieprocessen verouderd raken, als hun grootste zorgen.

In het Midden-Oosten en Noord-Afrika – regio’s die waarschijnlijk door extreme weersomstandigheden het zwaarst getroffen worden – wordt duurzaamheid het vaakst gezien als een belangrijke drijfveer voor waardecreatie. In Noord-Amerika liggen de uitdagingen anders. Daar zien bedrijven politieke instabiliteit als de grootste belemmering voor investeringen in duurzaamheid.

De tegenstand tegen een ecologisch, sociaal en duurzaam beleid, met name onder Amerikaanse Republikeinen, leidde ertoe dat 21 procent van de Noord-Amerikaanse bedrijven politieke vijandigheid aanstipten als grootste obstakel voor hun klimaattransitie. Als reactie hierop zijn sommige ondernemingen overgeschakeld op een beleid waarbij naar klimaatdoelstellingen wordt gestreefd zonder daarover openlijk over te communiceren. Andere bedrijven hebben daarentegen hun emissiedoelstellingen teruggedraaid of helemaal opgegeven.

Posted in management, milieu | Reacties uitgeschakeld voor Klimaatverandering heeft nu al impact op wereldwijde bedrijfsleven

Eén derde chipproductie bedreigd met problemen koperaanvoer

Posted by managing21 on juli 9th, 2025

Ongeveer 32 procent van de wereldwijde productie van halfgeleiders loopt tegen 2035 het risico op verstoringen in de leveringen van koper. Dat betekent tegenover een verviervoudiging tegenover het huidige risico op verstoringen. Dat blijkt uit een rapport van analist PricewaterhouseCoopers (PwC).

Chili, de grootste koperproducent van de wereld, kampt nu al met watertekorten die de productie vertragen. Tegen 2035 zullen de meeste van de zeventien landen die de chipindustrie bevoorraden, volgens PricewaterhouseCoopers een risico op droogte lopen. Het laatste wereldwijde chiptekort, veroorzaakt door een piek in de vraag na de covid-pandemie en de stillegging van een aantal fabrieken, verlamde de automobielindustrie en legde productielijnen in andere chipafhankelijke sectoren stil.

“Die problemen zorgden dat de groei van het bruto binnenlandse product van de Verenigde Staten met 1 procent daalde”, verduidelijkte Glenn Burm, onderzoeker bij PricewaterhouseCoopers. “In Duitsland was er sprake van een daling met 2,4 procent.”

Kopermijnen in China, Australië, Peru, Brazilië, de Verenigde Staten, de Democratische Republiek Congo, Mexico, Zambia en Mongolië zullen ook worden getroffen, waardoor volgens Burm geen enkel chipproducerend gebied ter wereld aan het risico ontsnapt.

Koper wordt gebruikt om de miljarden kleine verbindingen in elk chipcircuit te maken. Hoewel er wordt gewerkt aan alternatieven, is er momenteel geen materiaal dat op het gebied van prijs en prestaties koper kan concurreren. “Indien de innovatie in materialen zich niet aanpast aan klimaatverandering en indien er in de getroffen landen geen veiligere watervoorziening wordt ontwikkeld, zal het risico in de loop van de tijd alleen maar toenemen”, beklemtoonde Glenn Burm. “Rond 2050 loopt ongeveer de helft van de koperlevering in elk land een risico, ongeacht van de snelheid waarmee de wereld de uitstoot van koolstofdioxide kan terugdringen.”

Chili en Peru hebben stappen ondernomen om hun watervoorziening veilig te stellen door de mijnbouw efficiënter te maken en ontziltingsinstallaties te bouwen. “Dit is voorbeeldig, maar is mogelijk geen oplossing voor landen zonder toegang tot grote hoeveelheden zeewater”, werpt PricewaterhouseCooper op. “Geschat wordt dat momenteel 25 procent van de koperproductie in Chili risico loopt op verstoringen. Dat percentage zal binnen tien jaar tot een niveau van 75 procent oplopen. Tegen 2050 zal er sprake zijn van een risico tussen 90 procent en 100 procent.”

Posted in grondstoffen | Reacties uitgeschakeld voor Eén derde chipproductie bedreigd met problemen koperaanvoer

Massale sluiting autodealers toont verval Russische automobielsector

Posted by managing21 on juli 9th, 2025

Sinds begin dit jaar hebben in Rusland ongeveer tweehonderd autodealers de deuren gesloten. De sluitingen weerspiegelen een scherpe daling in de consumentenvraag en de bredere impact van een afzwakkende economie. Dat blijkt uit een rapport van Autonews.ru.

Alexey Podschekoldin, voorzitter van de Russian Automobile Dealers Association, verduidelijkte dat Rusland ongeveer vierduizend autodealers telt. Dit betekent dat sinds begin dit jaar 5 procent van de adressen zijn activiteiten heeft stopgezet. Podschekoldin voegde eraan toe dat nog eens 30 procent van de autodealers zich momenteel in ernstige financiële problemen bevindt en mogelijk binnenkort hun activiteiten moet staken.

Sinds het begin van de Russische invasie in Oekraïne kon er in Rusland een toestroom van nieuwe automerken worden opgetekend. Begin 2022 waren er op de Russische markt zestig automerken actief. In juni van dit jaar bleken er 124 automerken wagens in Rusland te verkopen. De overgrote meerderheid van deze nieuwe merken is uit China afkomstig.

De toename van het aantal merken heeft echter niet geleid tot een hogere verkoop op de Russische automarkt. Dmitry Yeregin, hoofd van het analytisch centrum Avtostat, wees erop dat er tijdens de eerste zes maanden van dit jaar in Rusland 601.800 auto’s zijn verkocht. Dat betekende een daling met 28 procent tegenover dezelfde periode vorig jaar.

Analisten van Avtostat identificeerden belangrijke oorzaken voor de terugval. Daarbij werd gewezen naar onder meer de hoge voertuigprijzen, strengere leenvoorwaarden van de Russische Centrale Bank voor autoleningen en verhoogde rentevoeten op leningen en deposito’s. Tot voor kort hadden de analisten van Avtostat voor de tweede helft van dit jaar een herstel van de Russische autoverkoop voorspeld. Inmiddels zijn die prognoses naar beneden bijgesteld.

Avtostat verwacht dat over het hele jaar in Rusland 1,25 miljoen personenauto’s verkocht zullen worden. Dat vertegenwoordigt een daling met 20 procent tegenover vorig jaar. Dit cijfer, dat eerder als een rampscenario werd beschouwd, geldt nu als het basisscenario. In het ergste geval wordt er nu gewag gemaakt van een verkoop van 1,1 miljoen voertuigen. Dit zou een daling met 30 procent tegenover vorig jaar weerspiegelen.

Posted in automotive | Reacties uitgeschakeld voor Massale sluiting autodealers toont verval Russische automobielsector

Europese wateren in algemeen uitstekende zwemwaterkwaliteit

Posted by managing21 on juli 9th, 2025

Meer dan 85 procent van Europese wateren kan een uitstekende zwemwaterkwaliteit voorleggen. Dat blijkt uit een rapport van het European Environmental Agency (EEA), gebaseerd op analyses die vorig jaar bij 22.000 zwemwaterlocaties in de Europese Unie, Albanië en Zwitserland werden uitgevoerd. Er wordt aan toegevoegd dat 96 procent van alle officieel erkende zwemwaterlocaties in de Europese Unie aan de minimale kwaliteitsnormen voldeed.

In vijf landen – Griekenland, Cyprus, Bulgarije, Oostenrijk en Kroatië – bleek minstens 95 procent van de zwemwaterlocaties over een uitstekende kwaliteit te beschikken. Slechts 1,5 procent van de zwemwateren in de Europese Unie bleek van slechte kwaliteit te zijn. De kustwateren hebben over het algemeen een betere zwemkwaliteit dan rivieren en meren. Vorig jaar bleken 89 procent van de kustwateren in de Europese Unie over een uitstekende kwaliteit te beschikken, tegenover 78 procent van de binnenwateren.

De zwemwaterkwaliteit in Europa is de voorbije decennia aanzienlijk verbeterd. Dit komt door een drastische vermindering van organische verontreinigingen en ziekteverwekkers die vroeger werden geloosd in ongezuiverd of gedeeltelijk gezuiverd stedelijk afvalwater. Deze verbeteringen zijn het resultaat van een combinatie van factoren, waaronder een systematische monitoring en beheer van de waterkwaliteit, zware investeringen in stedelijke afvalwaterzuiveringsinstallaties en verbeteringen in de netwerken voor de afvoer van afvalwater.

“Dankzij deze voortdurende inspanningen is zwemmen nu mogelijk in stedelijke wateren en waterpartijen die vroeger sterk waren vervuild”, merken de onderzoekers op. De controles waren vooral gericht op de aanwezigheid van Escherichia coli en enterokokken, belangrijke indicatoren van fecale verontreiniging, die een risico vormen voor de menselijke gezondheid vanwege de mogelijke aanwezigheid van ziekteverwekkers. Daarnaast leidt ook de aanwezigheid giftige cyanobacteriële bloei, die nochtans niet in de controles zijn inbegrepen, vaak tot waarschuwingen tegen zwemmen. Er is echter ook sprake van een chemische contaminatie.

Het rapport waarschuwde nog dat de oppervlaktewaters en het grondwater nog steeds met een aanzienlijke vervuiling wordt geconfronteerd. Deze contaminatie wordt in de controles voor de kwaliteit van het zwemwater niet opgenomen, zelfs wanneer deze vervuiling hoger oploopt dan de wettelijke grenzen die zijn vastgesteld om schade aan het leefmilieu te voorkomen.

Meer over dit onderwerp:



Posted in milieu | Reacties uitgeschakeld voor Europese wateren in algemeen uitstekende zwemwaterkwaliteit