Posted by managing21 on 11th juni 2006
De meeste spamservers staan opgesteld in Taiwan. Dat blijkt uit een onderzoek van de internetbeveiliger CipherTrust. Bovendien blijven steeds meer ongewenste berichten op het e-mailnetwerk gezet te worden. Dat heeft volgens CipherTrust vooral te maken met het feit dat spammers steeds handiger worden om filters te ontwijken.
Het onderzoek van CipherTrust wijst uit dat vorige maand 64 procent van alle spamservers gelocaliseerd werden in Taiwan. Daarna volgen de Verenigde Staten met 23 procent en China met 3 procent. In diezelfde periode nam het wereldwijde spamverkeer volgens het rapport toe met 20 procent.
Die toename is volgens CipherTrust vooral te wijten aan het feit dat spammers steeds handiger worden in het ontwijken van filters, onder meer door het gebruik van fotomails. De tekst wordt daarbij als een foto in de e-mail gezet, waardoor de filters de boodschap niet kunnen herkennen.
Om die berichten te kunnen ontcijferen, is er volgens CipherTrust een veel complexer technologie nodig. “Bovendien werkt deze optische technologie relatief traag en is ze ook niet bijzonder accuraat,” aldus de onderzoekers. Ze voegen er aan toe dat de stijging van spam ook te maken heeft met het verdwijnen van de antispam-activiteiten van Blue Security, die honderdduizenden klanten had en spammers met hun eigen wapens bestreed door het massaal bombarderen van spamservers met berichten.
CipherTrust merkt tenslotte nog op dat in mei ongeveer 7,4 miljoen nieuwe zombie-computers zijn opgedoken. Die computers zijn door spammers geïnfecteerd en sturen ongewild spamberichten door naar andere computers. Ongeveer 24 procent van de zombie-computers is gevestigd in China, 9,4 procent in de Verenigde Staten en 7,5 procent in Duitsland.
Posted in internet | Reacties uitgeschakeld voor Taiwan grootste spamland van de wereld
Posted by managing21 on 10th juni 2006
De digitale democratie wordt bedreigd. Dat is de reactie van een aantal analisten op de weigering van het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden om telecombedrijven te verplichten iedereen toegang te bieden tot een internet met dezelfde snelheid. Gevreesd wordt dat daardoor het internet zal uiteenvallen in een snel en traag gedeelte.
De nieuwe Amerikaanse telecomwet geeft providers het recht een bedrag aan te rekenen voor het doorgeven van internetverkeer dat veel bandbreedte inneemt. Internetbedrijven die weigeren te betalen, zouden daarvoor met een tragere snelheid van het internetverkeer afgestraft worden.
De Amerikaanse senator Olympia Snowe had vooraf al gewaarschuwd dat de wet een einde zou maken aan de digitale democratie. “Innoverende initiatieven zonder zware financiële ondersteuning zullen zich niet meer kunnen ontwikkelen,” benadrukte ze. Internetbedrijven zoals Google, Microsoft, Yahoo en Amazon hadden eveneens geprotesteerd tegen de nieuwe wet, net zoals muziekfiguren als R.E.M. en de Indigo Girls en organisaties als de Christian Coaltion en de Gun Owners of America.
De telecomsector zegt echter dat een neutraal net de kosten voor de consument zouden opdrijven. Die zou dan volgens de industrietak zwaar moeten betalen voor de zware investeringen die nodig zijn voor een snel internet, dat onder meer video met hoge resolutie moet toelaten. Voortaan zullen websites die dergelijke beelden aanbieden, de telecombedrijven daarvoor moeten betalen.
Posted in internet | Reacties uitgeschakeld voor Digitale democratie wordt bedreigd
Posted by managing21 on 9th juni 2006
Bloggers bij dagbladen kunnen de richting aangeven waarin de krantenwereld in de toekomst zal evolueren. Dat schrijft het NRC Handelsblad. De blogartikelen bieden volgens de krant immers een beeld op de belevingswereld van de lezer en dus ook de krantenartikels waarin hij geïnteresseerd is.
Het NRC Handelsblad stelt dat Amerikaanse kwaliteitskranten hun websites blogvriendelijk opmaken. “Zo kan er gemakkelijk gelinkt worden met de artikelen van kranten zoals The Washington Post en The New York Times,” aldus de krant. “Bovendien hebben beide kranten ook bloggers in dienst.”
Een bezoek aan de website van een krant als The Washington Post wordt op dit ogenblik gegenereerd door weblogs. “De blogosfeer is ook voor kranten van levensbelang geworden,” aldus het NRC Handelsblad. De kranten maken dan ook lijstjes met weblogs die naar hun artikels verwijzen of die het meest gelezen worden.
Zo zijn er opsommingen met de artikels die door bloggers het meest becommentarieerd worden. Heel dikwijls gaan de betrokken artikels over politiek. Daar ligt volgens het NRC Handelsblad een groot verschil met een klassement van de meest gelezen artikels. Die gaan veel minder over politiek, maar vooral over allerlei wetenswaardigheden.
Die lijstjes geven volgens de Nederlandse krant een inzicht in de belevingswereld van de lezer. “Daarmee wijzen zij mogelijk ook aan in welke richting de krant in de toekomst zal evolueren,” aldus het NRC Handelsblad. De artikelen in die lijstjes wijken trouwens heel dikwijls opvallend af van de redactionele voorkeuren. Zelden staan die artikels immers op de voorpagina van de krant, maar wel ergens binnenin.
Posted in internet, media & cultuur | Reacties uitgeschakeld voor Wijzen bloggers toekomst van kranten uit?
Posted by managing21 on 8th juni 2006
Het internet behoort tot de twee belangrijkste media, zowel thuis als op de werkvloer en onderweg. Dat is de conclusie van ‘A Day in the Life: An Ethnographic Study of Media Consumption’, een studie van de Online Publishers Association (OPA). De organisatie voegt er aan toe dat deze vaststelling adverteerders zou moeten doen besluiten om een groter gedeelte van hun reclamebudgetten te verschuiven naar online campagnes.Â
“Het internet is het enige medium dat zowel dominant aanwezig is op de werkvloer als thuis,” stippen de onderzoekers aan. “Het internet bereikt mensen uit alle categorieën gedurende een even lange tijd. Daarmee is het duidelijk een massamedium.” Het rapport stipt aan dat het internet een dagelijks bereik heeft van meer dan zestig procent, met een gemiddelde van bijna twee uur per dag. Daarmee zet het internet zich op een derde plaats, na televisie en radio.”
Het rapport toont volgens de onderzoekers aan dat het internetgebruik door de consument geen uitzondering, maar de regel is. Bovendien wordt er gesteld dat webtechnologie het bereik van tijdschriften, televisie, radio en kranten vergroot. “Internet-toepassingen blijken het bereik van televisie ’s ochtends 51 procent te verhogen, 39 procent ’s middags en 42 procent in de namiddag,” stellen ze. “Het bereik van tijdschriften werd erdoor verdubbeld.”
Het OPA-onderzoek stipt verder aan dat gezinnen met een grote internet-activiteit koopkrachtiger zijn dan televisie-huishoudens. “De bestedingen van de internet-populatie liggen boven de mediaan van de bevolking, terwijl dat van de televisie-bevolking duidelijk lager dan die mediaan,” wordt er opgemerkt. “Internetreclame heeft dan ook een groot onaangeroerd potentieel. Het internet slorpt 20 tot 25 procent van het mediagebruik van de consumenten op, terwijl amper acht procent van de reclamebudgetten online gebeuren.”
Maar de OPA stelt dat marketeers moeten leren hoe ze het online medium op een gepaste manier moeten gebruiken. “Er zijn nog niet voldoende marketeers die weten hoe ze het internet moeten gebruiken,” aldus de organisatie. “Het heeft geen zin om televisiespots op het internet te plaatsen. Dat zou hetzelfde zijn als het overhevelen van krantenreclame naar de televisie.”
Posted in internet, media & cultuur, reclame & marketing | Reacties uitgeschakeld voor Internet is meest dominante medium
Posted by managing21 on 6th juni 2006
Web 2.0-toepassingen winnen aan populariteit, omdat ze het internet echt interactief maken op een veilige manier. Het oorspronkelijke internet (Web 1.0) bezorgde de gebruikers immers wel informatie, maar hij kon daar geen invloed op uitoefenen. Met Web 2.0 zijn de gebruikers wel in staat om de informatie op websites te veranderen of aan te vullen. En die mogelijkheid blijkt aan te slaan.
“Op de site komen bij Web 2.0-toepassingen verschillende bronnen en informatie samen,” schrijft het magazine Intermediair. “Door de veelvoud aan bronnen ontstaat een geheel nieuwe vorm van informatievoorziening. “Een voorbeeld van zo`n Web 2.0-toepassing is de weblog. Met het bijhouden van een online dagboek kunnen ook andere gebruikers informatie op de blog plaatsen, bijvoorbeeld door reacties te posten naar de blog.”
Het magazine stipt echter aan dat weblogs niet de enige toepassing zijn van Web 2.0. “Ook het vriendennetwerk Hyves en online encyclopedie Wikipedia zijn daar voorbeelden van,” aldus Intermediair. De basis van Web 2.0 ligt feitelijk in het gegeven dat gebruikers zelf heel eenvoudig informatie kunnen toevoegen aan een website.”
Posted in internet | Reacties uitgeschakeld voor Web 2.0 blijft populariteit winnen
Posted by managing21 on 5th juni 2006
Weblogs hollen het lezerspubliek van de kranten uit. Dat blijkt uit een recent onderzoek van Forrester Research. In de leeftijdsgroep van 18 tot 24 jaar hebben beide media volgens Forrester op dit ogenblik eenzelfde marktaandeel (17 procent). De traditionele media proberen met eigen weblogs in te spelen op deze evolutie, maar slagen daar volgens de onderzoekers niet altijd in.
“Over alle leeftijdscategorieën hebben de kranten nog altijd een groter lezerspubliek, maar de weblogs zijn deze kloof bijzonder snel aan het dichten,” merkt Forrester-analist Charlene Li op. “De kranten proberen daarop te anticiperen, maar in veel gevallen vervelen ze daarmee de lezers.”
Forrester Research stelt dat de kranten in snelheid werden genomen door de weblogs en de schade nu proberen te herstellen door eigen blogs te creëren. “De resultaten daarvan zijn heel verdeeld,” aldus de onderzoekers. “Sommige kranten slagen erin hun lezers een nieuwsvisie te brengen die ze voordien nooit hadden, maar uitgaven zoals The Washington Post worden geconfronteerd met allerlei problemen, zoals plagiaat en vervelende inhoud.”
Vorige week tekende Associated Press een akkoord met de blog-zoekmachine Technorati om links te vinden naar AP-verhalen. Daarop creëert de zoekmachine een webpagina waarin de blogs zijn opgenomen naast bijhorende originele AP-verhalen. “Eerder al sloot Technorati een gelijkaardige overeenkomst met Washington Post Company,” stipt het magazine Silicon.com aan.
Andere uitgevers sloten een akkoord met BlogBurst, waardoor de kranten verhalen van de 1.500 BlogBurst-websites kunnen publiceren. Eén van die kranten is The Austin American-Statesman. Daar wordt gesteld dat de krant op die manier de visie van zijn lezers op de actualiteit aan bod laat komen. De krant biedt zijn lezers ook de technologie aan om hun eigen blog te creëren.
“Sinds september vorig jaar, hebben de Statesman-lezers 875 blogs gecreëerd,” aldus Silicon.com. “Die zorgen nu voor 2.500 pageviews per dag. De krant geeft toe dat de blogs nog altijd niet het grote publiek bereiken, maar dat lezers op deze manier wel in contact kunnen komen met gelijkgezinden. Dat vormt volgens de krant een community, waardoor trafiek en loyaliteit worden bevorderd.”
Sommige kranten doen beroep op eigen journalisten of externe medewerkers om blogs te onderhouden. “Maar in veel gevallen worden die gevuld met overschotten van verhalen die veel te lang zijn om in de gedrukte krant te verschijnen,” benadrukte Patrick Williams, hoofdredacteur van The Dallas Observer.
Williams is echter geen voorstander van nieuwsblogs. “Blogs zouden terug moeten keren naar hun oorspronkelijke bedoeling,” meende hij. “Het is iets voor tieners en studenten die over seks en muziek schrijven. Als een weblogger feiten verzamelt, is er geen verschil meer met een internet-nieuwsite.”
Posted in internet, media & cultuur | Reacties uitgeschakeld voor Is bloggen niets voor kranten?
Posted by managing21 on 2nd juni 2006
In de Verenigde Staten richten kopers van tweedehandsauto’s zich steeds meer op het internet dan op kranten of tijdschriften. Dat blijkt uit een nieuwe studie van J.D. Power & Associates. Op vijf jaar tijd zou het aandeel van kranten en magazines op deze markt zijn gehalveerd. Vooral het jonger publiek steunt vooral op het internet bij de aankoop van een tweedehandsauto. De onderzoekers stellen dan ook dat het belang van het medium voor de sector in de toekomst alleen nog maar zal toenemen.
In 2002 vertegenwoordigden de kranten en magazines in de Verenigde Staten veertien procent van de verkoop van tweedehandsauto’s. Dat is volgens J.D. Power (JDP) nu teruggevallen tot zeven procent. Het aandeel van het internet steeg tijdens diezelfde periode van acht naar zestien procent. “De gedrukte media blijven een belangrijke pijler van de marketing, maar hun rol in de annoncemarkt is duidelijk aan het teruglopen,” benadrukte JDP-analist Min Cho.
De dominantie van het internet zal volgens Min Cho trouwens nog toenemen naarmate de jongere generatie een groter gedeelte van de kopersmarkt voor zich zal opeisen. “Kopers onder de 35 jaar zijn vier keer meer geneigd om hun tweedehandswagen te kopen langs het internet dan langs de gedrukte media,” aldus de JDP-analist. “Men moet ook goed in gedachten houden dat tachtig procent van de kopers van tweedehandsauto’s nu toegang hebben tot het internet en die groei wordt grotendeels gedragen door zestig-plussers.”
“Eens shoppers online zijn, komen ze tot de vaststelling dat gespecialiseerde websites een betere en uitgebreidere informatie aanbieden over tweedehandswagens,” merkt het rapport nog op. “Betere zoektechnologieën geven de websites de mogelijkheid om een duidelijker zicht te hebben op de wensen van de kandidaat-kopers en dus ook vlugger een geschikt product te kunnen aanbieden.” Vooral onafhankelijke websites zijn bijzonder populair bij de kopers van tweedehandswagens.
Maar ook de websites van dealers trekken veel geïnteresseerden aan. “Die websites worden meer bezocht door kopers van tweedehandsauto’s dan door geïnteresseerden in nieuwe wagens,” stippen de onderzoekers nog aan. “De constructeurs en dealers doen echter niet voldoende om het publiek van tweedehandsauto’s te bedienen. Nochtans zouden zij hier een nieuw publiek kunnen vinden, door aan te tonen waarom de aankoop van een nieuw model beter is dan een tweedehands exemplaar.”
Posted in automotive, internet | Reacties uitgeschakeld voor Markt tweedehandsauto’s steeds meer online
Posted by managing21 on 1st juni 2006
De Congolese immigrant Guy Goma is in Groot-Brittannië uitgegroeid tot een echte internetheld. De man werd door het BBC-personeel verkeerdelijk aanzien voor een technologie-expert en werd tot zijn eigen verbazing in de studio voor de camera gezet. Het duurde een tijdje voor de BBC zijn vergissing opmerkte, maar daardoor is Goma uitgegroeid tot één van de bekendste Britse figuren van het ogenblik.
“De scène van het interview met Guy Goma is inmiddels al vier miljoen keer van het internet gedownload,” meldt De Volkskrant. De man heeft bovendien zijn eigen website ‘The Wrong Guy’ (www.guygoma.com) en wordt bijna elke dag in een televisieprogramma opgevoerd. Hij heeft nu ook beslist om zijn inmiddels berucht geworden blauwe hemd op een veiling te verkopen voor een goed doel.
Op 8 mei werd het leven van Guy Goma grondig overhoop gehaald. Die dag stapte hij als onbekend burger bij de BBC binnen om er te solliciteren als informaticatechnoloog. In afwachting van het sollicitatiegesprek werd Goma in dezelfde wachtkamer gezet als expert-journalist Guy Kewney, die uitgenodigd was om commentaar te geven over een geding tussen de platenmaatschappij Apple Records en het Apple Mac. Toen liep het mis.
Een assistent van de BBC-nieuwsredactie sprak immers de verkeerde Guy aan en Goma veronderstelde met iemand van de personeelsafdeling te maken te hebben. Tot zijn eigen verbazing werd Goma naar de make-up gevoerd en kwam hij vervolgens in de rechtstreekse nieuwsuitzending terecht, waar hij voorgesteld werd als Guy Kewney. “Uit de gezichtsuitdrukking bleek dat Guy Goma er weinig van snapte, maar hij beantwoordde gewoon de vragen,” aldus De Volkskrant.
In de wachtkamer zat Kewney voor het televisiescherm en ook hij viel bijna om van verbazing. Toen kwam de vergissing aan het licht. De BBC excuseerde zich voor de fout, maar Goma was op slag een Britse beroemdheid. Er kwamen volgens de krant zoveel vragen voor interviews, dat hij op een pr-verantwoordelijke beroep moest doen.
Er kwam zelfs een petitie-actie op gang toen een roddelkrant suggereerde dat Goma misschien wel illegaal in Engeland verbleef. Daar bleek trouwens niets van aan, want Goma heeft al drie jaar een verblijfsvergunning. De Britse omroep staat nu onder grote druk om de man alsnog zijn baan te geven. “Maar het is de vraag of Guy dat nog wil,” aldus nog de krant. “Als celebrity kan hij nu een veelvoud verdienen.”
Posted in diversen, internet, media & cultuur | Reacties uitgeschakeld voor Nepexpert wordt Britse internetheld
Posted by managing21 on 31st mei 2006
Posted in automotive, biotechnologie, chemie, diversen, energie, financiën, gezondheid, human resources, immobiliën & constructie, industrie, informatica, internet, landbouw, luchtvaart & ruimtevaart, management, media & cultuur, milieu, nieuwsoverzicht, reclame & marketing, retail, telecom, toerisme, transport & logistiek, voeding & horeca | Reacties uitgeschakeld voor managing21.be