managing21.be

Managing21: een blik op het heden en de toekomst van de economie.

Durfkapitaal toont grote interesse in Europese herbewapening

Posted by managing21 on september 12th, 2025

Startups uit Europese defensiesector trekken momenteel grote hoeveelheden privaat kapitaal aan. Investeerders willen immers hun positie versterken in een sector die van omvangrijke plannen voor herbewapening profiteert. Analisten verwachten dan ook dat deze trend zich voorlopig doorzet. 

Onder druk van de Amerikaanse president Donald Trump, de aanhoudende oorlog in Oekraïne en wijdverbreide geopolitieke instabiliteit besloten zowel de Europese Unie als het Verenigd Koninkrijk dit jaar hun defensie-uitgaven drastisch op te voeren. Daarbovenop spraken de lidstaten van de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie (Navo) de voorbije zomer af hun uitgaven voor defensie naar 5 procent van het bruto binnenlands product te verhogen.

Sinds de aanval van Rusland op Oekraïne begin 2022 stroomt privaat kapitaal naar Europese defensiebedrijven. Het voorbije jaar bereikte de instroom van durfkapitaal in Europese startups uit de defensiesector volgens een rapport van analist Dealroom een recordniveau van 5,2 miljard dollar, terwijl de bredere markt voor durfkapitaal in de regio tegelijkertijd nochtans een inkrimping vertoonde. “De interesse voor investeringen in startups uit de defensiesector en veiligheidsindustrie is onvergelijkbaar met enkele jaren geleden”, benadrukte Yoram Wijngaarde, topman van Dealroom daarbij.

Loredana Muharremi, aandelenanalist bij Morningstar, stelde dat de toename dit jaar verder is versneld, onder meer door de hogere vraag van beleggers naar beursgenoteerde defensiebedrijven. “Sinds 2022 zien we een duidelijke omslag in de private defensiemarkt in Europa, met een scherpe versnelling in de eerste helft van dit jaar”, beklemtoonde Muharremi. “De nieuwe doelstellingen van de Navo leiden tot hogere waarderingen en deals met een grotere omvang.”

De analisten wijzen erop dat ook de aard van de transacties verandert. “In het verleden waren vooral fusies en overnames de norm, maar momenteel neemt durfkapitaal een grotere positie in”, werpen ze op. Veel startups richten zich daarbij op software, kunstmatige intelligentie, drones, cyberbeveiliging en ruimtevaart. Dit zijn terreinen die niet altijd tot de kernactiviteiten van traditionele defensiebedrijven behoren.”

Naast Europese investeerders tonen ook Amerikaanse partijen meer belangstelling in de sector. Zo ziet Scout Ventures uit Texas, dat zich richt op jonge bedrijven, Europa als een van de nieuwe kernregio’s naast Zuidoost-Azië en de Golfstaten. “Waar het geld naartoe gaat, volgen ondernemers”, merkte Cody Huggins, analist bij Scout Ventures, op.

Wendbare startups

Ook Europees durfkapitaal legt de nadruk steeds meer op defensie. IQ Capital uit het Verenigd Koninkrijk investeert sinds 2005 in defensiegerelateerde bedrijven, maar richt zich de laatste jaren expliciet op startups die militaire technologie als absolute kernactiviteit hebben. Partner Archie Muirhead, partner bij IQ Capital, wijst op de groeiende kans om Europese bedrijven uit te bouwen tot multinationale spelers, al erkent hij dat succesvolle exits in de sector voorlopig nog uitblijven.

Daarnaast ontstaan nieuwe fondsen die zich uitsluitend op defensie richten. Dat geldt onder meer voor het Britse fonds Defence Invest, dat vorig jaar door voormalige militairen werd opgericht en actief zoekt naar investeringsmogelijkheden in onder meer Oekraïne en Oost-Europa. 

Matt Kuppers, mede-oprichter van Defence Invest, benadrukt dat de markt nog steeds ondergefinancierd is en dat veel kansen liggen in activiteiten rond communicatietechnologie, batterijen en cruciale defensie-componenten. Volgens Kuppers hebben startups een voordeel doordat zij wendbaarder zijn dan gevestigde defensiebedrijven. Ze kunnen sneller innoveren en nieuwe technologie ontwikkelen zonder direct gebonden te zijn aan zware certificering-regels.

Een voorbeeld is de Britse startup Valarian, die gespecialiseerd is in databeveiliging en al overheidsovereenkomsten wist binnen te halen. Het bedrijf haalde recent 7 miljoen dollar op, onder meer van Artis Ventures, een vroege investeerder in Palantir. Volgens Max Buchan, chief executive van Valarian, biedt de huidige geopolitieke situatie Europa een unieke kans om meer onafhankelijk op te treden. “De regeringen van de Navo-lidstaten kopen geen producten of technologieën, maar capaciteiten”, beklemtoonde hij.

Toch blijft de concurrentie met grotere Amerikaanse bedrijven een uitdaging. Europese defensieconcerns pleiten daarom voor meer steun aan ondernemingen die in de regio zijn gevestigd. Ook de Europese Unie moedigt lidstaten aan om bij voorkeur Europese leveranciers te kiezen. Volgens Muirhead zal echter ook Amerikaanse technologie in Europa worden aangekocht. “Het idee dat Europa geen Amerikaanse technologie meer zou inkopen, is overdreven”, merkte hij op. “De dynamiek zal heen en weer bewegen, afhankelijk van de transatlantische verhoudingen.”

Posted in industrie, technologie | Reacties uitgeschakeld voor Durfkapitaal toont grote interesse in Europese herbewapening

Bacteriën helpen cement om energie op te slaan

Posted by managing21 on september 12th, 2025

Wetenschappers van Aarhus Universiteit hebben een manier gevonden om beton tot leven te brengen. Door bacteriën aan het cement toe te voegen, kan het bouwmateriaal niet alleen structurele functies vervullen, maar ook elektriciteit opslaan en afgeven. Het resultaat is een biohybride supercondensator die zichzelf kan regenereren en in de toekomst mogelijk muren, bruggen en andere infrastructuur kan veranderen in herbruikbare energiebronnen.

Het onderzoeksteam van de Aarhus Universiteit heeft aangetoond hoe cement, het meest gebruikte bouwmateriaal in de wereld, kan worden omgevormd tot een levend energie-apparaat. Door energie-producerende bacteriën in cement te verwerken, hebben de wetenschappers een biohybride supercondensator gecreëerd met verrassend hoge prestaties en een opmerkelijk vermogen om zichzelf in de loop van de tijd te regenereren.

“We hebben structuur en functie gecombineerd”, benadrukt onderzoeksleider Qi Luo daarbij. “Het resultaat is een nieuw soort materiaal dat zowel een gewicht kan dragen als energie kan opslaan, maar dat bovendien ook zijn prestaties kan herstellen wanneer het van voedingsstoffen wordt voorzien.”

Beton wordt omschreven als een inerte en levensloze stof. Maar deze nieuwe studie volgt een radicaal andere benadering. Het Deense team voegde aan het bouwmateriaal de bacterie Shewanella oneidensis, die bekendstaat voor haar vermogen om elektronen naar oppervlakken buiten de cel te verplaatsen. Dit proces wordt extracellulaire elektronentransfer genoemd en maakt van de bacterie een soort natuurlijke elektriciteitskabel, die lading aan zijn omgeving kan doorgeven.

“Eenmaal ingebed in de cementmatrix creëren deze bacteriën een netwerk van dragers dat zowel elektrische energie kan opslaan als afgeven”, verduidelijkt Qi Luo. “Zelfs in dit vroege stadium toont het materiaal prestaties die opmerkelijk superieur zijn aan de niveaus van traditionele systemen van energie-opslag die op cement zijn gebaseerd, wat veelbelovend is voor toekomstige toepassingen. Wat misschien het meest opvallend is, is dat het materiaal blijft functioneren zelfs nadat de microben zijn gestorven en dat het systeem weer tot leven kan worden gebracht.”

Voedingsoplossing

Omdat de microbiële activiteit door een tekort aan voedingsstoffen of omgevingsstress geleidelijk afneemt, ontwierp het team in het cement een geïntegreerd microfluïdisch netwerk. Dat is een fijn kanalenstelsel dat vloeistof kan transporteren. Langs deze kanalen kan een voedingsoplossing met eiwitten, vitaminen, zouten en groeifactoren worden toegediend. Op deze manier kunnen de bacteriën in leven worden gehouden of kan het systeem opnieuw worden geactvieerd. Met deze methode kan tot 80 procent van de oorspronkelijke energiecapaciteit worden hersteld.

In de praktijk opent dit de deur naar herbruikbare energie-materialen die hun functie behouden zonder dat batterijen vervangen of dure herstellingen uitgevoerd hoeven te worden. De onderzoekers hebben het materiaal ook onder extreme omstandigheden getest. Zelfs bij vrieskou en hoge temperaturen behield het cement zijn vermogen om elektriciteit op te slaan en af te geven. En wanneer zes cementblokken in serie werden verbonden, leverden ze voldoende energie om een led-lamp van elektriciteit te voorzien.

“Dit is niet louter een laboratoriumexperiment,” zegt Qi Luo. “Wij zien deze technologie in echte gebouwen geïntegreerd. Door het aanbieden van een lokale energieopslag kan het concept worden gebruikt in muren, funderingen of bruggen, onder meer als ondersteuning van hernieuwbare energiebronnen zoals zonnepanelen. In een gewone kamer, gebouwd met bacterierijk cement, zouden de muren zelfs bij een bescheiden energiedichtheid van 5 wattuur per kilogram ongeveer 10 kilowattuur kunnen opslaan. Dat is voldoende om een standaard bedrijfsserver een hele dag van elektriciteit te voorzien.”

Nu de wereld verschuift naar hernieuwbare energiebronnen, groeit de behoefte aan een flexibele, betaalbare en duurzame energieopslag. Traditionele batterijen zijn afhankelijk van zeldzame en dure materialen zoals lithium en kobalt en degraderen in de loop van de tijd. Het nieuwe materiaal dat op cement is gebaseerd bestaat daarentegen uit overvloedige en goedkope componenten en kan op grote schaal worden geproduceerd. De gebruikte bacteriën komen van nature voor en zijn milieuvriendelijk.

Posted in biotechnologie, energie, Stad, wetenschap | Reacties uitgeschakeld voor Bacteriën helpen cement om energie op te slaan

Chinese technologie hertekent het mondiale autodesign

Posted by managing21 on september 11th, 2025

Chinese autofabrikanten worden in hoog tempo een onmisbare partner voor de traditionele automobielindustrie. Internationale autofabrikanten nemen dan ook steeds vaker Chinese innovaties – onder meer op het gebied van batterijen, rijhulpsystemen of complete platforms – over om sneller en goedkoper nieuwe modellen op de markt te kunnen lancereen. Deze samenwerking levert volgens experts voordelen op voor beide partijen, maar roept tevens vragen op over afhankelijkheid en concurrentie op de lange termijn.

Europese, Japanse en Amerikaanse hebben jarenlang de internationale automarkt gedomineerd. Inmiddels wordt het ontwikkeltempo in de sector echter vooral door Chinese elektrische voertuigen en hun technologie bepaald. In 2021 verbaasde de Chinese constructeur Zeekr de autowereld met de lancering van een elektrische auto met een lange actieradius en een Europese uitstraling. De westerse autobouwers beseften meteen dat ze die Aziatische technologie nodig hadden om met de Chinese merken te kunnen concurreren.

Om zijn aanbod van elektrische modellen voor Chinese consumenten te versterken, ontwikkelde Audi in amper achttien maanden de E5 Sportback. De auto maakt gebruik van technologie van de Chinese partner SAIC Motor, die voor het model onder meer de batterijen, aandrijving, infotainment-software en geavanceerde rijhulpsystemen leverde. Audi verwacht deze maand te beginnen met de levering van de elektrische wagen, die in China ongeveer 33.000 dollar kost. 

Ook andere wereldwijde concurrenten kijken intussen naar Chinese technologie om sneller nieuwe modellen te lanceren. Zo ontwikkelen Toyota en Volkswagen samen met respectievelijk GAC Motor en Xpeng modellen die specifiek op de Chinese markt zijn gericht. Volgens een aantal waarnemers willen Renault en Ford nog een stap verder gaan en wereldwijde modellen bouwen op Chinese platforms voor elektrische wagens. 

Voor Chinese fabrikanten vormen dergelijke licentieovereenkomsten nog een bescheiden, maar groeiende inkomstenbron. Voor internationale autofabrikanten betekent deze samenwerking een manier om ontwikkelings-obstakels te omzeilen en sneller elektrische modellen te lanceren. Tegelijkertijd zijn Chinese bedrijven op zoek naar extra inkomsten, die een tegengewicht moeten vormen voor de hevige prijsconcurrentie op de thuismarkt en oplopende handelsconflicten in het buitenland. “Deze samenwerking betekent een slimme win-winsituatie”, betoogt Will Wang, directeur van het adviesbureau Autodatas.

Kant-en-klaar

De aanpak doet denken aan de campagne Intel Inside uit de jaren negentig van de voorbije eeuw, waarbij de Amerikaanse chipmaker Intel zijn technologie leverde om computers te upgraden tot premiumproducten. Chinese bedrijven leveren nu kant-en-klare technologiepakketten waarmee zelfs kleinere autofabrikanten betaalbare elektrische voertuigen op de markt kunnen brengen.

Onder meer werkt Leapmotor samen met Stellantis voor export buiten China en voert gesprekken met andere merken over licenties. Renault was er vroeg bij. De Dacia Spring, die sinds 2021 in Europa te koop is, wordt gebouwd op een platform van de Chinese fabrikant Dongfeng. Inmiddels ontwikkelt Renault in Shanghai de nieuwe elektrische Twingo, met technische ondersteuning van het Chinese bedrijf Launch Design. Ook Ford zoekt een Chinese partner om technologie voor elektrische wagens te leveren. Volkswagen werkt inmiddels met Xpeng aan specifieke modellen voor de Chinese markt en onderzoekt of die technologie ook wereldwijd toepasbaar is.

Analisten wijzen erop dat traditionele autofabrikanten vaak moeite hebben om flexibele en snel aanpasbare systemen voor elektrische wagens te ontwikkelen, mede door hun complexe organisatiestructuren. Volgens analist Yale Zhang van het adviesbureau AutoForesight wil Volkswagen daarom nagaan of de technologie van Xpeng de eigen systemen kan aanvullen of vervangen.

De snelle leerprocessen van Chinese fabrikanten, geïnspireerd door Tesla, hebben geleid tot modulaire platformen die de kosten drukken en de ontwikkeltijd inkorten. Daarmee ontstaat een nieuwe inkomstenbron in de vorm van modellen met licenties en royalties. Daarbij licentieerde batterijproducent Catl technologie aan Ford voor een nieuwe accufabriek. 

In Abu Dhabi bouwde investeerder Cyvn Holdings een elektrische wagen uit de premium-klasse op basis van de technologie van de Chinese autofabrikant Nio. Het bedrijf nam eerder dit jaar sportwagenfabrikant McLaren over en wil het nieuwe model onder dat merk in de markt zetten. Catl presenteerde onlangs het Bedrock Chassis, een modulair platform dat consumenten meer keuzevrijheid moet geven in ontwerp.

De vraag blijft wel hoe duurzaam deze wederzijdse voordelen zijn. Volgens Andy Palmer, gewezen topman van Aston Martin, lopen de westerse autofabrikanten immers het risico afhankelijk te worden van externe partijen. “Op de lange termijn dreigen de westerse autobouwers niets meer dan een wederverkoper te worden”, waarschuwde hij. Ook analist Marco Santino van Oliver Wyman ziet een gevaar. “Wie technologie van externe partijen gebruikt, beperkt zijn mogelijkheden om zich te onderscheiden”, beklemtoont Wyman. “Door eigen technologie te combineren met Chinese oplossingen, kunnen fabrikanten dat risico echter wel enigszins beperken.”

Posted in automotive | Reacties uitgeschakeld voor Chinese technologie hertekent het mondiale autodesign

Wijnstokken mogelijk basisproduct voor biologisch afbreekbare verpakkingen

Posted by managing21 on september 11th, 2025

Plasticvervuiling blijft wereldwijd een hardnekkig probleem. Wetenschappers zoeken daarom koortsachtig naar plantaardige alternatieven die niet alleen duurzaam, maar ook snel afbreekbaar zijn. Onderzoekers van de South Dakota State University denken dat het snoeihout van wijnstokken een oplossing voor het probleem kan bieden. Het onderzoek toont dat deze takken, rijk aan cellulose, kunnen worden omgezet in een sterk, transparant en volledig biologisch afbreekbaar verpakkingsmateriaal dat binnen zeventien dagen uit de bodem verdwijnt.

Plastic is in de moderne wereld alomtegenwoordig, maar zorgt ook voor grote problemen. Slechts een fractie van het plasticafval kan immers worden gerecycleerd. Bovendien zijn de meeste kunststoffen bestemd voor eenmalig gebruik. Daarnaast zijn er ook nog de vragen rond microplastics, die in vele organismes doordringen. Het is immers nog altijd onduidelijk welke effecten die stoffen op langere termijn op de gezondheid kunnen hebben.

Ondanks het massale gebruik van plastic over de hele wereld, wordt slechts 9 procent van de productie daadwerkelijk gerecycleerd. Ongeveer de helft van alle geproduceerde kunststoffen is bovendien bestemd voor eenmalig gebruik. Deze feiten stimuleren de zoektocht naar duurzame alternatieven op basis van plantaardige grondstoffen die binnen relatief korte tijd volledig afbreekbaar zijn. 

Onderzoekers van de South Dakota State University (SDSU) hebben daarbij hun hoop gericht op onder meer cellulose, een natuurlijke bouwsteen die de basis kan vormen voor milieuvriendelijke folies die vergelijkbaar functioneren met conventionele plastic verpakkingen. Hun prototype lijkt veelbelovend, want het materiaal blijkt sterker dan traditioneel plastic en degradeert volledig binnen een maand.

Zeventien dagen

Hoewel veel planten cellulose bevatten, zijn wijnstokken bijzonder rijk aan deze stof. Jaarlijks worden de snoeiresten uit wijngaarden in grote hoeveelheden verwijderd. Voor wijnproducenten hebben deze takken momenteel nauwelijks waarde en worden doorgaans dan ook verhakseld en teruggebracht in de bodem of verbrand.

De onderzoekers van de South Dakota State University hebben deze biomassa echter een nieuwe bestemming gegeven. Uit de snoeihoutresten ontwikkelden de wetenschappers transparante en sterke folies die in slechts zeventien dagen in de bodem afbreken, zonder schadelijke reststoffen achter te laten. Bovendien bleken de wijnstokfolies bij trekproeven sterker dan conventionele plastic zakken. “Plastic op basis van olie blijft zevenhonderd tot duizend jaar bestaan”, benadrukt onderzoeksleider Srinivas Janaswamy, professor voedingswetenschappen aan de South Dakota State University.“Daarom wisten we dat we een materie nodig hadden die snel uiteenvalt en verdwijnt.”

“Uiteindelijk willen we een biologisch afbreekbare wegwerptas ontwikkelen, zodat er minder plastic tassen in omloop zijn”, verduidelijkte Janaswamy. “Deze folies hebben een sterk potentieel voor de productie van voedselverpakkingen, al zijn uitgebreide toxiciteitstesten noodzakelijk om de voedselveiligheid te garanderen.”

Cellulose wordt al langer voor uiteenlopende toepassingen gebruikt. Onder meer katoen bestaat grotendeels uit cellulose. Eerder onderzoek toonde aan dat de stof ook kan worden gewonnen uit onder meer avocadoschillen, sojahullen, switchgrass, koffiedik, maïskolven, bananenschillen en luzerne. Afhankelijk van de bron kunnen de eigenschappen van het eindproduct echter opmerkelijke variaties vertonen.

Posted in landbouw, voeding & horeca, wetenschap | Reacties uitgeschakeld voor Wijnstokken mogelijk basisproduct voor biologisch afbreekbare verpakkingen

Europese automobielindustrie doet pleidooi voor realisme

Posted by managing21 on september 11th, 2025

De Europese auto-industrie blijft volledig achter de klimaatdoelen van de Europese Unie staan, maar waarschuwt dat de gevolgde weg realistischer moet worden ingericht. Volgens Ola Källenius, topman van de Duitse autobouwer Mercedes-Benz, remmen hoge energieprijzen, gebrekkige laadinfrastructuur en te complexe regelgeving de overstap naar elektrische mobiliteit. Hij pleit daarom voor een pragmatische herijking van het beleid, zonder het einddoel van een emissieloze economie los te laten.

De Europese automobielindustrie verkeert in zwaar weer. Stokkende verkoopcijfers, hoge energieprijzen en een toenemende mondiale concurrentie hebben de sector in een neerwaartse spiraal gebracht. Stéphane Séjourné, Europees commissaris van industrie, sprak onlangs zelfs van doodsgevaar voor de branche. Ook een onzekere mix van regelgeving en handelsbeleid zet de industrie verder onder druk.

Om de meest urgente problemen aan te pakken, organiseerde Ursula von der Leyen, voorzitter van de Europese Commissie, een reeks bijeenkomsten met leidende figuren uit de sector. Deze gesprekken moeten uitmonden in een strategische dialoog over de toekomst van de sector. De vraag is echter of crisisoverleg voldoende is om de gevreesde neergang te voorkomen, of dat Europa zijn rol als wereldspeler in de auto-industrie onherroepelijk verliest.

Tegelijkertijd klinkt vanuit de industrie zelf een duidelijke boodschap. Volgens de sector blijven de klimaatdoelen wel degelijk overeind, maar moet daarbij een realistischer pad worden gevolgd. Ola Källenius, topman van Mercedes-Benz, benadrukte daarbij in een gesprek met Euronews dat de autofabrikanten miljarden euro’s hebben geïnvesteerd in elektrische mobiliteit en honderden modellen zonder uitstoot op de markt hebben gebracht. “Wij staan volledig achter het doel van nul uitstoot, maar er is een betere manier om die ambities te realiseren,” zegt hij.

Volgens Källenius remmen hoge energieprijzen, een gebrekkige laadinfrastructuur en het ontbreken van voldoende stimulansen de overstap naar elektrische mobiliteit. „Wat we nu nodig hebben zijn robuuste netwerken, serieuze prikkels voor consumenten en lagere energiekosten. Dit zijn geen details, maar structurele uitdagingen die alleen gezamenlijk kunnen worden opgelost,” aldus de topman.Hij pleit daarom voor een pragmatische herschikking van het Europese beleid. Er moeten volgens hem eenvoudiger regels en realistische doelstellingen naar voor worden gebracht, gekoppeld aan een technologische neutraliteit. “Uiteindelijk moet het klimaatbeleid hand in hand gaan met de bredere doelstellingen – zoals concurrentiekracht, banencreatie en strategische autonomie – van de Europese Unie. Op die manier staat de Europese automobielindustrie op een belangrijk kruispunt tussen de dreiging van een existentiële crisis en de kans om met een doordachter beleid en betere randvoorwaarden de mondiale concurrentie het hoofd te bieden.

Meer over dit onderwerp:

Posted in automotive | Reacties uitgeschakeld voor Europese automobielindustrie doet pleidooi voor realisme

Hogere uitgaven voor defensie zinloos zonder klimaathulp

Posted by managing21 on september 10th, 2025

Meer geld voor defensie heeft weinig nut zolang westerse regeringen de klimaatcrisis in arme landen niet aanpakken. Dat heeft Achim Steiner, voormalig topman van het United Nations Development Programme (UNDP), gezegd. Verschillende landen – waaronder de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en sommige lidstaten van de Europese Unie – verhogen hun defensiebudgetten, maar schrappen daarbij aanzienlijk in hun internationale ontwikkelingshulp. Volgens Steiner is dat een gevaarlijke koers. 

“Hoe meer ontwikkelingssamenwerking wordt afgebouwd, hoe minder handelingsruimte overblijft”, voerde Steiner aan. “Men verliest controle omdat men niet langer efficiënt kan samenwerken met landen die cruciaal zijn bij het oplossen van grensoverschrijdende problemen zoals klimaatverandering. Daarmee beperken de landen hun eigen vermogen om een veerkrachtige economie op te bouwen in een onderling verbonden wereld.”

De klimaatcrisis dreigt volgens Steiner volledig uit de hand te lopen als landen hun internationale verantwoordelijkheden blijven ontlopen. “De grootste risico’s zijn niet per se het leger van een buurland, al blijft dat blijft een factor, maar wel cyberterrorisme, de volgende pandemie waarvoor we niet klaar zijn en vooral het domino-effect van onbeheersbare klimaatverandering”, waarschuwt hij.

Onderdeel nationale veiligheid

Volgens Steiner zouden regeringen klimaatfinanciering voor arme landen en investeringen in ontwikkelingssamenwerking moeten beschouwen als onderdeel van nationale veiligheid. “Een veiligheidsvisie waarin defensie en veerkracht twee sporen zijn – een nationaal en een internationaal – maakt het verdedigbaar om beide als essentieel te zien voor een nationale veiligheidsstrategie”, meent hij.

Steiner krijgt steun van een groeiende groep veiligheidsexperts die van mening zijn dat regeringen hun aanpak van klimaatverandering moeten hervormen. “Klimaatschokken kunnen immers leiden tot voedselcrises en migratiestromen, die al snel tot veiligheidsproblemen kunnen uitgroeien”, voeren zij aan.

Tegelijkertijd stijgt de druk op multilaterale organisaties. De Verenigde Staten hebben de hulporganisatie United States Agency for International Development (Usaid) afgebouwd en hebben zich uit een aantal instellingen van de Verenigde Naties teruggetrokken. Ook de Europese Unie, Canada, Japan en het Verenigd Koninkrijk staan onder zware druk. “We leven in een tijd van diepe ontwrichting,” aldus Steiner. “Geopolitieke spanningen dreigen internationale samenwerking lam te leggen. Ontwikkelingssamenwerking is in essentie preventie, want hierdoor kunnen problemen worden opgelost voordat ze uitgroeien tot breuken in de samenleving.”

Volgens Steiner betalen juist de armste landen de hoogste prijs. “Na de pandemie bleekdat tientallen landen zo zwaar in de schulden zitten dat ze hun eigen ontwikkeling ontmantelen”, werpt hij op. “Budgetten voor gezondheids en onderwijs worden opgeofferd om rente te betalen. Investeren in de basis voor toekomstig welzijn is voor hen onmogelijk.”

“Een oplossing vraagt om een herbezinning over wat werkelijk in het nationale belang is”, concludeerde hij. “De essentie van nationale veiligheid in onze tijd moet bestaan uit een afbouw van de risico’s die alleen door internationale samenwerking beheersbaar zijn.”

Posted in handel | Reacties uitgeschakeld voor Hogere uitgaven voor defensie zinloos zonder klimaathulp

Immigratie bezorgde Europese economie na pandemie een impuls

Posted by managing21 on augustus 27th, 2025

De toename van het aantal buitenlandse werknemers heeft Europa geholpen de inflatie te beteugelen zonder dat de economische groei sterk werd afgeremd. Dat heeft Christine Lagarde, voorzitter van de Europese Centrale Bank (ECB), tijdens het jaarlijkse economische symposium van de Amerikaanse Federal Reserve in Jackson Hole, gezegd.

Volgens Lagarde is de stijging van zowel het aantal buitenlandse werknemers als hun arbeidsparticipatie een doorslaggevende factor geweest. “In Duitsland zou het bruto binnenlands product zonder de bijdrage van de migranten tegenover 2019 met ongeveer 6 procent zijn gekrompen”, wierp Lagarde op. “Ook de sterke groei van de Spaanse economie na de pandemie is in belangrijke mate te danken aan de activiteiten buitenlandse arbeidskrachten.”

Economen delen de analyse van Lagarde. De instroom van migranten stelde volgens hen bedrijven in staat de productie op te voeren en in te spelen op de sterke vraag die na de coronacrisis en de bijbehorende stimuleringsmaatregelen kon worden opgemerkt. “Die extra arbeidskrachten hielpen de inflatie in zowel Europa als de Verenigde Staten te temperen”, wordt er aangevoerd.

“Tegelijkertijd heeft echter de groei van de immigratie de politieke spanningen in beide regio’s aangewakkerd”, poneerde Lagarde. “Arbeidsmigratie kan in principe een cruciale rol spelen bij het verlichten van personeelstekorten, zeker nu de bevolking vergrijst. “Maar de politieke druk kan de instroom steeds meer gaan beperken.”

Naast migratie noemde Lagarde ook andere factoren die de Europese groei overeind hielden ondanks stijgende rente. Daarbij verwees ze naar lagere reële lonen, het vasthouden van personeel door bedrijven en een toename van oudere werknemers op de arbeidsmarkt. Historisch gezien leiden hogere rentes vaak tot recessies en oplopende werkloosheid. Maar dat gebeurde niet nadat de Europese Centrale Bank in 2022 en 2023 de rente gevoelig verhoogde. De klassieke economische logica ging dit keer niet op.

Hoewel buitenlandse werknemers in 2022 slechts 9 procent van de Europese beroepsbevolking uitmaakten, waren zij in de voorbije drie jaar verantwoordelijk voor de helft van de groei van het arbeidsaanbod. Ook het toenemende aantal ouderen dat langer doorwerkt, speelde een rol. “Zonder die ontwikkeling zou de werkloosheid in de eurozone nu 6,6 procent bedragen in plaats van de huidige 6,3 procent”, beklemtoonde Lagarde.

“Een vergelijkbaar beeld is zichtbaar in Japan”, voerde Kazuo Ueda, gouverneur van de Bank of Japan, in Jackson Hole aan. Buitenlandse werknemers vormen In Japan slechts 3 procent van de beroepsbevolking, maar ook daar waren zij verantwoordelijk voor de helft van de recente groei van het arbeidsaanbod.



Posted in financiën | Reacties uitgeschakeld voor Immigratie bezorgde Europese economie na pandemie een impuls

Goud verliest van zijn glans als een veilige haven

Posted by managing21 on augustus 26th, 2025

De reputatie van goud als ultiem toevluchtsoord in tijden van onrust staat onder druk. Dat stelt David McMillan, hoogleraar financiën aan de University of Stirling. Terwijl goud en aandelenkoersen zich normaal gesproken in tegengestelde richting bewegen, volgen ze nu een parallel parcours. Dit zet volgens McMillan vraagtekens bij de klassieke rol van goud als een investering die bedoeld is om verliezen op aandelen te compenseren. 

“In april van dit jaar bereikte de goudprijs een historisch hoogtepunt en nog altijd noteert het edelmetaal dicht bij dat record”, verduidelijkt David McMillan. “Volgens de traditionele beleggingswijsheid geldt goud als een zogeheten veilige haven. Goud wordt immers bestempeld als een zekerheid in turbulente tijden, wanneer beleggers hun geld weghalen uit risicovollere activa zoals aandelen. Maar opmerkelijk genoeg noteerde ook de Amerikaanse index S&P500 in augustus op een recordniveau en bleef ook nadien in de buurt van die piek.”

Historisch gezien bewoog goud mee met grote economische schokken. De waarde van het edelmetaal steeg tijdens de oliecrisis van de jaren zeventig van de voorbije eeuw, daalde in de bloeiperiode van de late jaren negentig en zakte opnieuw toen de wereldeconomie zich na 2009 herstelde.”

“Sindsdien vertoont de goudprijs echter opvallend veel gelijkenissen met de aandelenmarkten”, benadrukt de econoom. “Daarmee vervaagt daarmee de rol van goud als veilige haven. De huidige economische context laat een dubbel beeld zien. Enerzijds zakken de rentes nu centrale banken versoepelen, wat consumptie en investeringen stimuleert. Bedrijfswinsten stijgen, de groeicijfers zijn positief en de verwachtingen rond kunstmatige intelligentie wakkeren optimisme aan. Dat verklaart de kracht van de aandelenmarkten.”

“Tegelijkertijd echter zorgen geopolitieke risico’s – van de oorlog in Oekraïne tot spanningen in het Midden-Oosten – voor een aanhoudende onzekerheid. Ook het grillige handelsbeleid van de Amerikaanse president Donald Trump voegt instabiliteit toe, met wisselende importheffingen die de wereldhandel onder druk zetten. Dergelijke factoren zouden beleggers normaal gesproken richting goud drijven. Maar dat verklaart niet volledig het hoge niveau waarop de goudprijs inmiddels staat.”

De omslag begon na het barsten van de dotcomzeepbel begin deze eeuw. Met de opkomst van zogenoemde exchange-traded funds (ETF’s) werd goud steeds meer verhandeld als een gewoon financieel product. Het eerste goudfonds verscheen in 2004 en het aanbod sindsdien is het aanbod geëxplodeerd. Vooral na de financiële crisis van 2008 was er sprake van een sterke toename.

“Daar komt bij dat de status van de Amerikaanse dollar als wereldreservemunt ter discussie staat”, werpt McMillan op. “Steeds meer landen onderzoeken de mogelijkheid om internationale handel – bijvoorbeeld in olie – in hun eigen valuta af te rekenen. Die twijfel heeft centrale banken ertoe aangezet om hun goudvoorraden uit te breiden. Dit alles heeft tot resultaat dat goud en aandelen sinds de financiële crisis vaak eenzelfde koers volgen. Daarmee is goud zijn traditionele functie als bescherming tegen dalende aandelen grotendeels kwijtgeraakt. Het edelmetaal wordt nu vooral bestempeld als een volwaardige beleggingscategorie naast aandelen, obligaties en grondstoffen.”

Dat betekent volgens McMillan echter niet dat goud zijn waarde verloren heeft. “Het beperkte aanbod, de blijvende vraag vanuit de juwelenindustrie en de rol in diverse productieprocessen maken van het metaal nog steeds een begeerd goed”, verduidelijkt hij. “Omdat de intrinsieke waarde wereldwijd wordt erkend, zal de glans van goud bovendien nooit helemaal verdwijnen – ook al is het geen veilige haven meer – maar onderdeel van een gebalanceerde portefeuille.”

Posted in financiën | Reacties uitgeschakeld voor Goud verliest van zijn glans als een veilige haven

Afrika kan supermacht op gebied van duurzaamheid worden

Posted by managing21 on augustus 22nd, 2025

Afrika voldoet aan alle voorwaarden om op het gebied van duurzaamheid een supermacht te worden. Dat heeft António Guterres, secretaris-generaal van de Verenigde Naties, tijdens de Tokyo International Conference on African Development (TICAD) gezegd. Guterees riep daarbij op tot meer investeringen in duurzame energie op het Afrikaanse continent, dat bijzonder rijk is aan hulpbronnen.

“We moeten financiering en technologie mobiliseren, zodat de natuurlijke rijkdommen van Afrika ook aan de Afrikaanse bevolking ten goede komen”, benadrukte Guterees. “We moeten op het Afrikaanse continent een bloeiende sector voor hernieuwbare energie en productie opbouwen. De ontwikkeling van duurzame energie in Afrika zal de energieprijzen verlagen, de toeleveringsketens diversifiëren en de decarbonisatie voor iedereen versnellen.”

China heeft het voorbije decennium zwaar in Afrika geïnvesteerd. Chinese bedrijven tekenden op het Afrikaanse continent deals ter waarde van honderden miljarden dollars voor de financiering van havens, spoorwegen, wegen en andere projecten die in het Belt & Road Initiative van de Chinese premier Xi Jinping kaderen. Nieuwe leningen drogen echter op en ontwikkelingslanden worstelen met een golf aan schulden bij zowel China als internationale particuliere kredietverstrekkers. Ook de westerse hulp aan Afrikaanse landen is gekrompen, onder meer door de ontmanteling van het Amerikaanse ontwikkelingsagentschap onder president Donald Trump.

Guterres waarschuwde dat de schulden de ontwikkeling niet mogen verdrinken. Hij wierp op dat Afrika meer goedkope financiering – met lage rentes en langere terugbetalingstermijnen – ter beschikking moet krijgen en grotere leenmogelijkheden van multilaterale ontwikkelingsbanken nodig heeft. Hij pleitte daarnaast voor meer investeringen in klimaatoplossingen. “Afrika beschikt over alle troeven – van de beschikbaarheid van zon en wind tot de aanwezigheid van cruciale mineralen die nieuwe technologieën aandrijven – om op het gebied van duurzaamheid een supermacht te worden”, beklemtoonde hij.

De Japanse premier Shigeru Ishiba kondigde aan dat zijn land over een periode van drie jaar tijd in Afrika dertigduizend mensen een opleiding in kunstmatige intelligentie wil aanbieden. Hij wil ook de lancering van een Japans-Afrikaans Economisch Partnerschap onderzoeken. Ishiba maakte tevens gewag van een distributienetwerk dat Afrikaanse landen met naties rond de Indische Oceaan zou verbinden, onder meer met scheepvaartroutes, handelsnetwerken of logistieke infrastructuur.

De Zuid-Afrikaanse president Cyril Ramaphosa en zijn Keniaanse collega William Ruto benadrukten dat ontwikkelingshulp voor Afrika door partnerships rond investeringen zou moeten worden vervangen.

Posted in grondstoffen, handel | Reacties uitgeschakeld voor Afrika kan supermacht op gebied van duurzaamheid worden

Vliegtuig in Europa meestal nog altijd goedkoper dan trein

Posted by managing21 on augustus 22nd, 2025

In Europa is reizen met het vliegtuig meestal nog altijd goedkoper dan met de trein. Dat is de conclusie van een onderzoek van de natuurorganisatie Greenpeace, gebaseerd op een analyse van 109 internationale en 33 binnenlandse routes in eenendertig landen.

“Hoewel treinreizen iets competitiever zijn geworden, blijft vliegen in Europa vaak nog altijd de goedkoopste optie te zijn”, stipt Greenpeace aan. Het onderzoek toonde dat op 54 procent van de grensoverschrijdende verbindingen reizen met het vliegtuig goedkoper was dan met de trein. Bij de binnenlandse trajecten was de trein bij 70 procent van de verbindingen goedkoper.

Het rapport toont wel enkele opvallende prijsverschillen. Op de route tussen Barcelona en Londen kostte een vliegticket slechts 14,99 euro, terwijl voor het goedkoopste treinticket op hetzelfde traject 389 euro moest worden betaald. Daarmee was de trein op de verbinding tussen Barcelona en Londen 25 keer duurder dan het vliegtuig. Vergelijkbare verschillen werden gevonden op de verbinding tussen London en Bratislava (waar de trein 23 keer duurder was dan het vliegtuig), tussen Parijs en Kopenhagen (22 keer duurder) en tussen Madrid en Brussel (11,5 keer duurder).

Daarentegen liggen de treinprijzen in Centraal-Europa en Oost-Europa, vooral in de Baltische staten en Polen, aanzienlijk lager. De route tussen Vilnius en Warsaw bleek voor de treinreizigers het goedkoopst. Een treinticket kostte op die verbinding slechts 25 euro, tegenover 337 euro voor een verplaatsing met het vliegtuig. Andere betaalbare treinverbindingen werden gevonden op de routes tussen Praag en Boedapest, Berlijn en Praag en Riga en Vilnius, die op nagenoeg alle dagen goedkoper waren dan vliegen.

Litouwen kent de laagste treintarieven. Ook in Polen en Slovenië haalt het treinvervoer goede scores. In die landen bleek de trein op respectievelijk 89 procent en 80 procent van de routes goedkoper dan het vliegtuig. Frankrijk is voor het spoorvervoer het minst prijsvriendelijk, want op 95 procent van de routes in het land bleek het vliegtuig goedkoper dan de trein. Ook Spanje (92 procent), het Verenigd Koninkrijk (90 procent) en Italië (88 procent) blijken het vliegtuig bijzonder gunstig gestemd te zijn.

Fiscale voordelen

“Er is wel een positieve trend merkbaar”, benadrukte Greenpeace. “In 2023 was op slechts 27 procent van de onderzochte routes in Europa de trein goedkoper dan het vliegtuig. Dat aandeel is inmiddels tot 41 procent opgelopen. Die verbetering kon vooral worden gerealiseerd door een vermindering van het aantal extreem goedkope vluchten, terwijl bij de trein een meer gematigde prijsstijging kon worden opgemerkt.”

Greenpeace wijt de onevenwichtige prijsniveaus aan de belastingvoordelen die vaak aan de luchtvaartmaatschappijen worden teogekend, terwijl de spoorbedrijven met hoge kosten worden geconfronteerd. “De klimaatcrisis verergert, maar toch blijft het Europese belastingsysteem de meest vervuilende manier van reizen bevoordelen”, betoogt Herwig Schuster, expert vervoer bij Greenpeace.

De natuurorganisatie vraagt dat de Europese Unie bijzondere treintickets, die voordelig zijn en klimaatvriendelijk reizen stimuleren, op de markt zou brengen. Dit zou reizigers kunnen stimuleren om vaker voor het spoorvervoer te kiezen, aangezien de prijs voor de trein aantrekkelijker wordt in vergelijking met vliegtickets.

Daarnaast vraagt Greenpeace ook betere grensoverschrijdende verbindingen. Veel internationale treinroutes blijken nog bijzonder omslachtig en worden vaak gekenmerkt door lange reistijden, de verplichting om vaak over te stappen en slecht aangesloten verbindingen. “Door het netwerk te verbeteren en directe verbindingen tussen de verschillende lidstaten van de Europese Unie aan te bieden, wordt treinreizen praktischer en sneller, waardoor het spoorvervoer aantrekkelijker wordt dan de luchtvaart”, stippen de onderzoekers nog aan.

Maar ook wil Greenpeace dat een einde wordt gemaakt aan luchtvaartsubsidies. Op dit moment krijgen vliegtuigmaatschappijen in Europa belastingvoordelen en subsidies – onder meer op brandstoffen of de luchthavenbelasting – waardoor de luchtvaart kunstmatig goedkoop wordt gehouden. Greenpeace pleit ervoor deze subsidies te stoppen, zodat vliegen eerlijker wordt geprijsd en treinkaartjes concurrerender worden. Uit een peiling blijkt bovendien dat negen van de tien Europese burgers ontevreden zijn over de huidige transportmogelijkheden tussen de verschillende lidstaten van de Europese Unie.

Posted in Mobility | Reacties uitgeschakeld voor Vliegtuig in Europa meestal nog altijd goedkoper dan trein